Straatnamen Andere gemeenten,
Eerder in Houten, Nieuwe Hollandse Waterlinie en Overig
(wijzigingen voorbehouden er kunnen geen rechten aan deze lijst ontleend worden)
Gebruik Ctrl + F voor het zoeken naar je straatnaam.
Straatnamen Andere gemeenten
Straatnamen in andere gemeenten m.b.t. tot Houten
Gemeente Utrecht
Het gebied ten zuiden/zuidoosten van Utrecht stad, het SHH onderzoeksgebied als het gaat om de beschrijving van gronden en vroegere straten die eens bij de gemeente Houten behoorde. Of straten die iets met het vroegere Houten te maken hadden. |
De historische banden in de openbare ruimte De geschiedenis van Houten houdt niet op bij de huidige gemeentegrenzen. Wie met een historisch oog door de regio reist, ontdekt dat de sporen van het Houtense verleden diep verankerd liggen in de openbare ruimte van de omliggende steden en dorpen. Door de eeuwen heen hebben oude landgoederen, adellijke families, historische boerderijen en verdwenen ambachten hun stempel gedrukt op het landschap. Wanneer naburige steden uitbreidden en voormalig Houtens grondgebied annexeerden, of wanneer zij zochten naar namen die de regionale identiteit eerden, werd er steevast gegrepen naar de rijke historie van de Kromme Rijnstreek. Deze pagina belicht de tastbare herinneringen aan Houten die vandaag de dag nog altijd schitteren op de straatnaambordjes van andere gemeenten. De meest prominente en omvangrijke verzameling van Houtense straatnamen buiten de eigen gemeentegrenzen is te vinden in de aangrenzende gemeente Utrecht. Vooral in de naoorlogse wijken in het zuidelijke stadsdeel, zoals Hoograven, Tolsteeg en Lunetten, is de historische Houtense invloed op de stedenbouwkundige kaart overweldigend. Dit is historisch gezien geen toeval. In het midden van de jaren vijftig annexeerde de groeiende provinciehoofdstad grote delen van de omliggende gemeenten om de enorme woningnood te bestrijden. Het landelijke en agrarische karakter van de gronden die toen werden bebouwd, werd door de Utrechtse straatnamencommissie zorgvuldig bewaard in de naamgeving van de nieuwe straten, lanen en pleinen. Gebruikte bronnen: Het Utrechts Archief (Archief van de Dienst Openbare Werken van de gemeente Utrecht, besluiten van de straatnamencommissie 1950-1960), Register van besluiten van het College van Burgemeester en Wethouders van Utrecht inzake de wijkindeling en naamgeving in Utrecht-Zuid. Van verdwenen kastelen tot oude plantsoenen Wie vandaag de dag door Utrecht Zuid wandelt of rijdt, passeert de ene na de andere directe verwijzing naar het Houtense erfgoed. Straten en plantsoenen werden vernoemd naar middeleeuwse kastelen, adellijke huizen en oude ridderhofsteden die ooit de trots waren van Houten, Schalkwijk en Tull en 't Waal. Denk hierbij aan de statige Schonauwensingel, de Scherpenburglaan, het Oud-Wulvenplantsoen en de Wijnesteinlaan. Zelfs de grotere verkeersaders, zoals de drukbezochte 't Goylaan en het 't Goyplein, danken hun naam rechtstreeks aan het Houtense platteland. Op deze manier reist de Houtense historie dagelijks mee met de duizenden weggebruikers in de domstad en blijven de eeuwenoude banden tussen Houten en Utrecht in de openbare ruimte springlevend. Bron: samengevat met Google Gemini AI. |
1. 't Goybrug - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 9 november 1955. 't Goybrug is genoemd naar het dorp 't Goy in de gemeente Houten. Gelegen ten oosten van de plaats Houten. Een historische schakel in de naoorlogse wijk De 't Goybrug is een karakteristieke en historische verkeersbrug in de Utrechtse wijk Hoograven. De brug werd rond dinsdag 1954 ontworpen en aangelegd door de Dienst Openbare Werken als onderdeel van het ambitieuze stedenbouwkundige uitbreidingsplan voor Nieuw-Hoograven. Binnen de wijkstructuur ligt de brug direct onder de centrale verkeersas van de 't Goylaan. Waar de laan het grotere autoverkeer door de stad leidt, zorgt de 't Goybrug op een lager niveau voor een vloeiende, fijnmazige verbinding voor het lokale verkeer binnen de woonbuurten van Utrecht Zuid. vanwege deze architectonische en stedenbouwkundige waarde is de 't Goybrug officieel aangewezen als een beschermd gemeentelijk monument. Gebruikte bronnen: Het Utrechts Archief (Dienst Openbare Werken gemeente Utrecht), Monumentenlijst Gemeente Utrecht (Utrecht-Zuid), Inventarisatie naoorlogse architectuur en stedenbouw (Erfgoedvereniging Oud-Utrecht). De verbinding van de singel en de omliggende buurten De primaire functie van 't Goybrug is het overspannen en verbinden van de karakteristieke, slingerende wijksingel met zijn glooiende oevers. De brug vormt de directe fysieke schakel tussen de twee delen van deze singel: aan de westzijde het Oud-Wulvenplantsoen en aan de oostzijde de Schonauwensingel, die ter hoogte van de brug overgaat in de Scherpenburglaan. Door deze elegante toogbrug in sierbeton kunnen buurtbewoners, fietsers en voetgangers zich gemakkelijk van de ene naar de andere zijde van de groene waterpartij verplaatsen. Gebruikte bronnen: Topografische stadskaarten en straatnamenregisters van de gemeente Utrecht (Wijkbureau Zuid). Het kruispunt met de Linschotensingel en Wijnesteinlaan Gebruikte bronnen: Besluit College van B&W gemeente Utrecht inzake erfgoed en monumentenstatus Utrecht-Zuid. Bron samengevat met Google Gemini AI. |
2. 't Goylaan - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 9 november 1955. 't Goybrug is genoemd naar het dorp 't Goy in de gemeente Houten. Gelegen ten oosten van de plaats Houten. Een vitale stadsboulevard in Utrecht Zuid De 't Goylaan is een van de meest beeldbepalende en drukste verkeersaders in het zuidelijke stadsdeel van Utrecht. Deze brede laan doorsnijdt de wijk Zuid en vormt een onmisbare schakel voor de bewoners van de omliggende subwijken, met name Hoograven en Tolsteeg. Waar de laan aan de oostzijde begint bij het bekende verkeersknooppunt van het 't Goyplein, strekt hij zich in westelijke richting uit tot aan de t-splitsing met de Europalaan en de Croeselaan. Hierdoor functioneert de 't Goylaan als de centrale as die de zuidelijke woonwijken verbindt met de belangrijkste invalswegen van de stad en het centrum van Utrecht. Gebruikte bronnen: Gemeente Utrecht (Wijkactieprogramma Utrecht Zuid), Geografische kaarten van de gemeente Utrecht (Wijkindeling Hoograven/Tolsteeg). De verbinding met de stedelijke infrastructuur Als strategische verdeelweg staat de 't Goylaan in directe verbinding met verschillende cruciale routes. Aan het oostelijke uiteinde sluit de laan aan op het 't Goyplein, waarmee automobilisten direct toegang hebben tot de Waterlinieweg richting stadion Galgenwaard en de rijkswegen A27 en A28, evenals de route naar de A12 via Laagraven. Aan de westelijke zijde biedt de aansluiting op de Europalaan een directe route naar het kantorenpark Kanaleneiland en de snelweg A12 bij Utrecht-Centrum. Onderweg kruist de laan bovendien belangrijke lokale wegen, zoals de Constant Erzeijstraat en de Hoogravenseweg, waardoor de laan de omliggende buurten perfect ontsluit voor zowel bestemmingsverkeer als het openbaar vervoer. Gebruikte bronnen: GVU/U-OV Lijnennetkaarten, Structuurvisie Utrecht (Verkeer & Infrastructuur), Kadastrale kaarten Utrecht. Van naoorlogse verkeersader tot groene stadsboulevard De geschiedenis van de 't Goylaan is nauw verweven met de naoorlogse uitbreiding van Utrecht. In de jaren vijftig en zestig werd de laan ruim opgezet om de grootschalige nieuwbouw in Hoograven en Tolsteeg te ontsluiten en het snelgroeiende autoverkeer ruim baan te geven. Decennialang bestond de laan uit twee brede rijstroken per richting, gescheiden door een middenberm. Gebruikte bronnen: Het Utrechts Archief (Historische stedenbouwkundige plannen Hoograven 1950-1960), Evaluatierapport Herinrichting 't Goylaan (Gemeente Utrecht, 2018), Raadsbrief Evaluatie en Aanvullende Maatregelen 't Goylaan (Gemeente Utrecht, voorjaar 2024). Verkeersdruk en de balans tussen leefbaarheid en bereikbaarheid De 't Goylaan verwerkt dagelijks een enorme stroom aan voertuigen, met intensiteiten die variëren tussen de vijftien- en eenentwintigduizend motorvoertuigen per etmaal. Een groot deel van deze stroom bestond van oudsher uit doorgaand verkeer dat de laan misbruikte als binnendoorroute tussen de snelwegen aan de westkant en de oostkant van de stad. Door de herinrichting en het actieve ontmoedigingsbeleid van de gemeente probeert men dit doorgaande verkeer zoveel mogelijk te dwingen om de Ring Utrecht te gebruiken. Tijdens de spitsuren blijft de laan echter een kwetsbaar punt waar het verkeer gemakkelijk vastloopt. Het stadsbestuur monitort de situatie continu om de delicate balans tussen een goede bereikbaarheid van de wijk en een gezonde, veilige leefomgeving voor de omwonenden te bewaken. Gebruikte bronnen: Verkeersmodel Utrecht (Verkeersintensiteiten per etmaal), Milieuzone- en Luchtkwaliteitsrapportages Gemeente Utrecht, Mobiliteitsplan Utrecht 2040. Bron samengevat met Google Gemini AI |
3. 't Goyplein - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op maandag 25 september 1972. 't Goybrug is genoemd naar het dorp 't Goy in de gemeente Houten. Gelegen ten oosten van de plaats Houten. Een cruciaal knooppunt in Utrecht Zuid Het 't Goyplein vormt een van de meest herkenbare en vitale knooppunten in het zuidelijke deel van de stad Utrecht. Dit grote plein ligt precies op de grens van twee karakteristieke woonwijken, namelijk het historische Hoograven en het later gebouwde Lunetten. Het functioneert hierdoor niet alleen als een fysieke scheidslijn, maar juist ook als de belangrijkste toegangspoort voor de inwoners van deze stadsdelen om de rest van Utrecht en de regio te bereiken. Gebruikte bronnen: Gemeente Utrecht (Wijkactieprogramma Utrecht Zuid), Geografische kaarten van de gemeente Utrecht (Wijkindeling Hoograven/Lunetten). De verbinding tussen stad en snelweg Gebruikte bronnen: Structuurvisie Utrecht (Verkeer & Infrastructuur), Kadastrale en topografische kaarten van de regio Utrecht (Provincie Utrecht). De geschiedenis en de transformatie tot stadsboulevard De oorsprong van het plein ligt in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. Nadat het gebied Hoograven in het midden van de jaren vijftig door de gemeente Utrecht werd geannexeerd van de buurgemeente Jutphaas, kwam de woningbouw in een stroomversnelling. Om al het nieuwe autoverkeer te faciliteren, werd het 't Goyplein destijds ontworpen als een ruim en traditioneel verkeersplein. In de loop der decennia werd het plein een vast ankerpunt in de wijk, mede door de plaatsing van het markante kunstwerk De Follie van het Goyplein in de jaren negetig, bestaande uit de iconische rode piramide met de omgekeerde boom. Na de eeuwwisseling veranderde de visie op stedelijke mobiliteit. Dit leidde in het midden van de jaren tien tot een ingrijpende herinrichting, waarbij de aansluitende 't Goylaan werd versmald van twee rijstroken naar één rijstrook per richting. Het doel was om de barrièrewerking te verminderen en een groenere, leefbaardere stadsboulevard te creëren waar fietsers en voetgangers veiliger konden oversteken. Omdat deze aanpassing in de jaren daarna zorgde voor hardnekkige opstoppingen op het plein zelf en in de omliggende straten, heeft de gemeente recentelijk in het voorjaar van 2024 de kruispunten opnieuw aangepakt. Door de introductie van dynamische doseerlichten wordt het verkeer nu beter gereguleerd en stapsgewijs doorgelaten. Gebruikte bronnen: Het Utrechts Archief (Historische stedenbouwkundige plannen Hoograven 1954), Kunst in de Openbare Ruimte Utrecht (KORU), Evaluatierapport Herinrichting 't Goylaan (Gemeente Utrecht, 2018), Raadsbrief Evaluatie en Aanvullende Maatregelen 't Goylaan en 't Goyplein (Gemeente Utrecht, voorjaar 2024). De verkeersintensiteit en de druk op de wijk Het 't Goyplein en de aansluitende 't Goylaan behoren tot de drukst bereden stedelijke verdeelwegen in dit deel van Utrecht. Dagelijks verwerken de rijstroken van de 't Goylaan vele duizenden motorvoertuigen, waarbij uit onderzoek bleek dat een aanzienlijk deel hiervan puur doorgaand verkeer betreft dat de weg als afsnijdroute naar de Ring Utrecht gebruikt. De aansluitende Waterlinieweg is met tienduizenden voertuigen per etmaal zelfs een van de drukste stroomwegen aan de rand van de stad. Tijdens de ochtend- en avondspits bereikt het plein regelmatig de grens van zijn capaciteit. De gemeente Utrecht zet daarom actief in op slim verkeersmanagement en alternatieve routes via de snelwegen om de verkeersdruk op het 't Goyplein te beheersen en de leefbaarheid in de aangrenzende woonwijken te beschermen. Gebruikte bronnen: Verkeersmodel Utrecht (Verkeerintensiteitsmetingen motorvoertuigen per etmaal), Mobiliteitsplan Utrecht 2040, Milieuzone- en Luchtkwaliteitsrapportages Gemeente Utrecht. Bron samengevat met Google Gemini AI |
4. Honswijkpolder - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 26 september 2001. Wie door de moderne Utrechtse Vinex-locatie Leidsche Rijn reist, verwacht daar misschien niet direct herinneringen aan het verre Houtense rivierenlandschap tegen te komen. Toch ligt er in het stadsdeel Vleuten-De Meern een tastbaar stukje Houtense geschiedenis verscholen in het straatnamenregister. In de wijk Leidsche Rijn bevindt zich namelijk de straat Honswijkerpolder. Deze straat ligt in de officiële buurt Vleuterweide-West, in een specifiek gedeelte dat in de volksmond ook wel bekendstaat als de subbuurt De Polders. Bij de inrichting van deze nieuwe woonwijk koos de Utrechtse straatnamencommissie ervoor om de openbare ruimte thematisch in te richten en de straten te vernoemen naar historische Nederlandse polders. Gebruikte bronnen: Gemeente Utrecht (Wijk- en buurtindeling Leidsche Rijn / Vleuten-De Meern), Straatnamenregister van de gemeente Utrecht. De historische oorsprong langs de Lek Achter de naam van deze moderne Utrechtse straat schuilt een eeuwenoud agrarisch gebied uit de gemeente Houten. De straat is namelijk rechtstreeks vernoemd naar de daadwerkelijke, historische Honswijkerpolder. Dit is het uitgestrekte poldergebied dat van oudsher gelegen is bij het oude boerendorp Honswijk, gesitueerd aan de noordelijke oever van de Lek in de voormalige gemeente Tull en 't Waal (tegenwoordig onderdeel van de gemeente Houten). Het gebied staat bekend om zijn rijke landschappelijke en militaire historie, mede door de aanwezigheid van het monumentale Fort Honswijk en de omliggende inundatievelden van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Gebruikte bronnen: Wie door de moderne Utrechtse Vinex-locatie Leidsche Rijn reist, verwacht daar misschien niet direct herinneringen aan het verre Houtense rivierenlandschap tegen te komen. Toch ligt er in het stadsdeel Vleuten-De Meern een tastbaar stukje Houtense geschiedenis verscholen in het straatnamenregister. In de wijk Leidsche Rijn bevindt zich namelijk de straat Honswijkerpolder. Deze straat ligt in de officiële buurt Vleuterweide-West, in een specifiek gedeelte dat in de volksmond ook wel bekendstaat als de subbuurt De Polders. Bij de inrichting van deze nieuwe woonwijk koos de Utrechtse straatnamencommissie ervoor om de openbare ruimte thematisch in te richten en de straten te vernoemen naar historische Nederlandse polders. Gebruikte bronnen: Gemeente Utrecht (Wijk- en buurtindeling Leidsche Rijn / Vleuten-De Meern), Straatnamenregister van de gemeente Utrecht. De historische oorsprong langs de Lek Achter de naam van deze moderne Utrechtse straat schuilt een eeuwenoud agrarisch gebied uit de gemeente Houten. De straat is namelijk rechtstreeks vernoemd naar de daadwerkelijke, historische Honswijkerpolder. Dit is het uitgestrekte poldergebied dat van oudsher gelegen is bij het oude boerendorp Honswijk, gesitueerd aan de noordelijke oever van de Lek in de voormalige gemeente Tull en 't Waal (tegenwoordig onderdeel van de gemeente Houten). Het gebied staat bekend om zijn rijke landschappelijke en militaire historie, mede door de aanwezigheid van het monumentale Fort Honswijk en de omliggende inundatievelden van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Gebruikte bronnen: Stichting Houtense Hodoniemen (SHH Documentatie topografische historie Tull en 't Waal), Historische Atlas van de Kromme Rijnstreek. Een brug tussen oost en west Met het vernoemen van de straat in Vleuterweide-West naar deze specifieke polder is er een bijzondere infrastructurele brug geslagen tussen het uiterste oosten en het uiterste westen van de huidige gemeente Utrecht en haar omliggende regio. Waar de echte Honswijkerpolder al eeuwenlang symbool staat voor rust, fruitteelt en het open rivierengebied van Houten, herinnert de straatnaam in Leidsche Rijn de hedendaagse stadsbewoners dagelijks aan de diepe historische en geografische wortels van de provincie Utrecht. Het laat zien hoe de geschiedenis van het Houtense platteland voortleeft in de moderne stedelijke uitbreidingen van de domstad. Een brug tussen oost en west Met het vernoemen van de straat in Vleuterweide-West naar deze specifieke polder is er een bijzondere infrastructurele brug geslagen tussen het uiterste oosten en het uiterste westen van de huidige gemeente Utrecht en haar omliggende regio. Waar de echte Honswijkerpolder al eeuwenlang symbool staat voor rust, fruitteelt en het open rivierengebied van Houten, herinnert de straatnaam in Leidsche Rijn de hedendaagse stadsbewoners dagelijks aan de diepe historische en geografische wortels van de provincie Utrecht. Het laat zien hoe de geschiedenis van het Houtense platteland voortleeft in de moderne stedelijke uitbreidingen van de domstad. Gebruikte bronnen: Besluit van de Straatnamencommissie van de gemeente Utrecht inzake thematische naamgeving Vleuterweide Bron samengevat met Google Gemini AI |
De straat Honswijkerpolder in Vleuten West. |
5. Adriaen Beyerkade - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op dinsdag 12 augustus 1930. |
Het Erfgoed van Adriaen Beyer: Van de Utrechtse Vrijwoningen tot de Houtense Landerijen Adriaen Beyer Hendriksz. en zijn echtgenote Allijdt Jansdr. de Bruyn, gegoede inwoners van de stad Utrecht, stonden aan de wieg van een van de meest hardnekkige charitatieve instellingen van de stad. Hoewel hun nalatenschap in Utrecht vooral zichtbaar bleef in steen en sociale zorg, strekte hun vermogen zich diep uit in het Utrechtse achterland. In de zestiende eeuw bezat Adriaen Beyer vele landerijen en de monumentale boerderij De Steenen Poort in Houten. De opbrengsten van deze Houtense bezittingen vormden de financiële motor achter hun Utrechtse liefdadigheidsproject. De Fundatie en de Stichting van de Beyers Kameren Tussen 1577 en 1594 legde het echtpaar in een viertal testamenten de basis voor hun fundatie. In hun vroege testamenten (1577 en 1581) wezen zij de armen aan als universele erfgenamen, waarbij het beheer na hun dood in handen zou komen van executeurs-testamentair Caspar van den Berg en Aart Ram. In 1587, het jaar waarin Alijdt overleed, werd bepaald dat het opgebouwde vermogen niet geliquideerd mocht worden; het moest in stand worden gehouden om structurele inkomsten voor de armenzorg te genereren. In het laatste testament van Adriaen uit 1594 werd de uiteindelijke visie concreet: de stichting van twaalf 'Godskameren' of vrijwoningen binnen de stad Utrecht, waar arme mensen kosteloos mochten wonen. Naast huisvesting ontvingen de bewoners jaarlijks een toelage van ƒ 20,-, die grotendeels in natura (weit, boter, kaas en turf) werd uitgekeerd. Bloedverwanten van het stichterselijk echtpaar kregen bij de toewijzing altijd voorrang. Na het overlijden van Adriaen Beyer op vrijdag 1 juli 1596 traden de executeurs in functie. Zij kochten in 1597 grond van het Agnietenklooster aan de huidige Lange Nieuwstraat. In 1598 kwamen de twaalf camera's gereed, met in het midden een speciale executeurskamer voor de bestuursvergaderingen. In 1652 werd het complex uitgebreid met nog twee woningen aan de Agnietenstraat. De Steenen Poort te Houten: De Bron van de Inkomsten De boerderij De Steenen Poort, gelegen aan de Warinenpoort in de huidige Houtense wijk Tiellandt, herinnert aan de uitgestrekte bezittingen van Beyer. Mogelijk bestond de omgrachte boerderij al in de veertiende eeuw onder de naam Bovit. Het bijbehorende, karakteristieke bakstenen poortgebouw met trapgevels en een rieten dak stamt uit de zentiende eeuw. In de vijftiende en zestiende eeuw kende Houten ongeveer vijftien van dergelijke poortgebouwen, die fungeerden als statussymbool voor rijke boeren en bescherming boden tegen landlopers. De voorkant van de boerderij keek uit op de Houtensewetering, de waterweg waarlangs agrarische producten direct naar de stad Utrecht werden afgevoerd om te worden omgezet in klinkende munt voor de fundatie. De geschiedenis van De Steenen Poort kent markante momenten:
De Adriaen Beyerkade in Utrecht Als eerbetoon aan deze zestiende-eeuwse filantroop heeft de stad Utrecht later een straat naar hem vernoemd: de Adriaen Beyerkade. De huizen aan de Adriaen Beyerkade weerspiegelen de typische Utrechtse stadsuitbreiding uit het interbellum.
Bijzonderheden en Geschiedenis Historisch gezien is de locatie van de kade nauw verbonden met de verdediging en de infrastructurele transformatie van Utrecht:
Bron samengevat met Google Gemini AI Bronnen: HUA, 755 en Wikipedia. |
📜 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭 𝐨𝐯𝐞𝐫 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐢𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🏙️ 𝐍𝐢𝐞𝐮𝐰𝐞 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐁𝐞𝐩𝐚𝐥𝐢𝐧𝐠𝐞𝐧 In het besluit zijn de volgende specifieke straatnamen en trajecten vastgesteld, inclusief de verplichte bijschriften voor de aan te brengen naambordjes: • De straat loopende van de Jacob van den Borghstraat naar de Van der Hondestraat krijgt de naam Thomas van Nykerckenstraat. Op het naambordje dient als bijschrift te worden vermeld dat 𝐓𝐡𝐨𝐦𝐚𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐍𝐲𝐤𝐞𝐫𝐜𝐤𝐞𝐧 deken van het kapittel van St. Jan was, overleden in 1556. • De weg loopende van het noordelijk uiteinde van de Van der Hondestraat naar het noordelijk uiteinde van de Willem Arntszkade krijgt de naam Adriaen Beyerkade. Op het naambordje dient als bijschrift te worden vermeld dat 𝐀𝐝𝐫𝐢𝐚𝐞𝐧 𝐁𝐞𝐲𝐞𝐫 de stichter was van de Beyerskameren, overleden in 1596. ✉️ 𝐃𝐢𝐬𝐭𝐫𝐢𝐛𝐮𝐭𝐢𝐞 𝐞𝐧 𝐔𝐢𝐭𝐯𝐨𝐞𝐫𝐢𝐧𝐠 👥 𝐁𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐅𝐮𝐧𝐜𝐭𝐢𝐨𝐧𝐚𝐫𝐢𝐬𝐬𝐞𝐧 • Secretaris 𝐉.𝐇.𝐂.𝐯.𝐝. 𝐁𝐞𝐫𝐠 • Burgemeester 𝐅𝐨𝐜𝐤𝐞𝐦𝐚 𝐀𝐧𝐝𝐫𝐞𝐚𝐞 |
𝐎𝐟𝐟𝐢𝐜𝐢ë𝐥𝐞 𝐍𝐚𝐚𝐦𝐬𝐰𝐢𝐣𝐳𝐢𝐠𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐄𝐞𝐫𝐬𝐭𝐞 𝐀𝐥𝐠𝐞𝐦𝐞𝐧𝐞 𝐁𝐞𝐠𝐫𝐚𝐚𝐟𝐩𝐥𝐚𝐚𝐭𝐬 𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 Op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟓 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟑𝟑 besloten Burgemeester en Wethouders van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 om de drie algemene begraafplaatsen officieel een naam te geven: Burgemeester en Wethouders van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭; Overwegende, dat het wenselijk is aan de algemeene begraafplaatsen in deze Gemeente een naam te geven; Gelezen het bericht van den Gemeentearchivarius; 𝐁 𝐄 𝐒 𝐋 𝐔 𝐈 𝐓 𝐄 𝐍 : de volgende namen te geven: 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟓 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟑𝟑. Bron: HUA, 1007-3. Samengesteld Google AI Gemini. |
6. Balijebrug - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op vrijdag 21 november 1958. De Balijebrug is gelegen in de Nederlandse stad Utrecht. Ze overspant het Merwedekanaal. Over land verbindt ze de Balijelaan met de Koningin Wilhelminalaan. Het is een brede brug die anno 2017 twee rijstroken telt voor autoverkeer, een rijstrook heeft voor busverkeer en verder voorzien is van fietspaden en trottoirs. Op de brug stond tot ruwweg 2004 een brugwachtershuisje. Aan de westkant van de brug bevindt zich de machinekamer en het contragewicht. Het oostelijke landhoofd is voorzien van twee schuilkelders. Bron: Wikipedia Balijebrug (Merwedeknaal) De naam van de Balijebrug is op deze website opgenomen omdat het verwijst naar de Ridderlijke Duitse Orde Balije van Utrecht. Gevestigd aan de Springweg 25 in de binnenstad van Utrecht. Het is een oude kapittel orde die vanaf de late middeleeuwen tot heden nog diverse grond had en bezit in de gemeente Houten. Zoals diverse percelen vlakbij de Tuurdijk in 't Goy. |
𝐃𝐞 𝐨𝐯𝐞𝐫𝐝𝐫𝐚𝐜𝐡𝐭 𝐯𝐚𝐧 𝐠𝐫𝐨𝐧𝐝𝐞𝐧 𝐚𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐑𝐢𝐣𝐧 𝐒𝐩𝐨𝐨𝐫𝐰𝐞𝐠 Op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟔 𝐦𝐞𝐢 𝟏𝟖𝟒𝟐 vond in Utrecht de overdracht plaats van diverse percelen grond ten behoeve van de aanleg van de spoorweg. De akte betreft een verkoop door het stedelijk bestuur van Utrecht aan de Staat, vertegenwoordigd door de administratie van de Rijn Spoorweg. De definitieve overschrijving in de openbare registers van het kantoor van hypotheken te Utrecht vond plaats op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟗 𝐦𝐞𝐢 𝟏𝟖𝟒𝟐. 🚂 𝐃𝐞 𝐛𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐩𝐚𝐫𝐭𝐢𝐣𝐞𝐧 • 𝐇𝐞𝐭 𝐒𝐭𝐞𝐝𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤 𝐁𝐞𝐬𝐭𝐮𝐮𝐫 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, handelend als verkoper van de percelen. • 𝐉. 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐏𝐨𝐥𝐥, tevens betrokken bij de ondertekening namens het bestuur. 𝐎𝐛𝐣𝐞𝐜𝐭𝐠𝐞𝐠𝐞𝐯𝐞𝐧𝐬 𝐞𝐧 𝐤𝐚𝐝𝐚𝐬𝐭𝐫𝐚𝐥𝐞 𝐝𝐞𝐭𝐚𝐢𝐥𝐬 De transactie omvat verschillende percelen gelegen in de 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐂𝐚𝐭𝐡𝐚𝐫𝐢𝐣𝐧𝐞, 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭. De percelen zijn kadastraal bekend onder 𝐒𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐃 met de volgende nummers en oppervlakten: 📍 • 𝐏𝐞𝐫𝐜𝐞𝐞𝐥 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟐𝟑: groot twee bunders een en veertig roeden zestig ellen. • 𝐏𝐞𝐫𝐜𝐞𝐞𝐥 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟐𝟑 betreft het vroegere kerkhofje buiten Catharijne zondige overledenen. Zoals moordenaars, zelfmoordenaar. Treinstation Utrecht Centraal en winkelcentrum Hoog Catharijne The Mall is dus eigenlijk op een vroegere zondige plaats gebouwd. • 𝐏𝐞𝐫𝐜𝐞𝐞𝐥 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟐𝟕𝟔: groot zeven en twintig roeden. 𝐅𝐢𝐧𝐚𝐧𝐜𝐢𝐞̈𝐥𝐞 𝐚𝐟𝐰𝐢𝐤𝐤𝐞𝐥𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐯𝐨𝐨𝐫𝐰𝐚𝐚𝐫𝐝𝐞𝐧 De totale som voor de eigendomsoverdracht en de verschuldigde schadevergoedingen bedraagt ƒ 𝟏𝟎.𝟎𝟐𝟎,𝟖𝟎 (voluit geschreven: 𝐭𝐢𝐞𝐧 𝐝𝐮𝐢𝐳𝐞𝐧𝐝 𝐭𝐰𝐢𝐧𝐭𝐢𝐠 𝐠𝐮𝐥𝐝𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐭𝐚𝐜𝐡𝐭𝐢𝐠 𝐜𝐞𝐧𝐭). De administratie van de Rijn Spoorweg was met toestemming van het stadsbestuur reeds in het bezit getreden van de gronden, gebaseerd op een staat van taxatie die op 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟔 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟖𝟑𝟗 was goedgekeurd. 💰 Bron: HUA, 1294. Getranscribeerd met Google AI Gemini
|
De Ontwikkeling van de Utrechtse wijk Lunetten Het Ontstaan en de Ontwikkeling van de Wijk Lunetten De Utrechtse wijk Lunetten neemt binnen de stedelijke transformaties van de twintigste eeuw een volstrekt unieke positie in. Gelegen aan de zuidoostzijde van de stad Utrecht, ingeklemd tussen zware infrastructuurlijnen en rijke historische relictstructuren, verrees in de jaren zeventig en tachtig een woonwijk die tot op de dag van vandaag geldt als een van de meest uitgesproken voorbeelden van kleinschalige, mensgerichte stedenbouw. Het gebied waar de wijk op verrees, kende eeuwenlang een agrarische bestemming en maakte tot de grenswijziging van vrijdag 1 januari 1954 voor een belangrijk deel bestuurlijk deel uit van de polder Maarschalkerweerd en omliggende gerechten, waaronder grondgebied dat grensde aan de voormalige gemeente Houten. De totstandkoming van Lunetten was echter verre van rimpelloos. Het planproces werd gekenmerkt door een ongekende dynamiek tussen de gemeentelijke overheid, stedenbouwkundigen en actieve actiegroepen van toekomstige bewoners. Deze wisselwerking resulteerde in een Woonerf-wijk waarin niet de auto, maar de voetganger, de fietser, het vele groen en de sociale cohesie centraal kwamen te staan. De Historische Oorsprong van de Naam en het Landschap De naam van de wijk verwijst direct naar de achttiende- en negentiende-eeuwse militaire verdedigingswerken die in het gebied zijn aangelegd. Een 'lunette' is een halvemaanvormig verdedigingswerk dat onderdeel uitmaakte van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Tussen 1819 en 1826 werden in de Polder Maarschalkerweerd vier van deze halfronde forten opgeworpen om de hoger gelegen doorgangen (accessen) in het inundatiegebied te verdedigen: de Lunetten I, II, III en IV. Eeuwenlang bleef het gebied rondom deze forten vrij van grootschalige bebouwing. Dit had alles te maken met de Kringenwet van 1853, die strenge bouwbeperkingen oplegde rondom militaire verdedigingswerken. Binnen de eerste kring rond de forten mocht uitsluitend in hout worden gebouwd, zodat de gebouwen in tijden van oorlogssituaties snel verbrand of afgebroken konden worden om een vrij schootsveld te garanderen. Deze militaire status bleef tot ver in de twintigste eeuw gehandhaafd. Hierdoor bleef het drassige polderlandschap met zijn slagenverkaveling, weteringen en boerderijen verrassend lang intact, direct onder de rook van de snelgroeiende stad Utrecht. Het Stedenbouwkundig Dilemma en de Druk van de Woningnood In de jaren zestig van de twintigste eeuw kampte de stad Utrecht met een acute en aanhoudende woningnood. De naoorlogse geboortegolf en de trek naar de stad vereisten een grootschalige versnelling van de woningbouw. Na de oplevering van grootschalige, hoogstedelijke uitbreidingswijken zoals Overvecht en Kanaleneiland richtte de gemeentelijke blik zich op de poldergronden aan de zuidoostzijde van de stad. De geografische ligging van het terrein bracht echter enorme stedenbouwkundige complexiteiten met zich mee. Het gebied werd aan vrijwel alle zijden omsloten door barrières. Aan de noord- en westzijde vormden de spoorlijnen richting 's-Hertogenbosch (Staatslijn H) en Arnhem (Rhijnspoorweg) fysieke scheidingslijnen. Aan de zuidzijde verrees in de jaren zeventig de Rijksweg A12, die een diepe snede door het aloude landschap trok en de historische verbindingen richting Houten en de Koppeldijk doorsneed. Aanvankelijk circuleerden er binnen de gemeentelijke diensten grootschalige, modernistische uitbreidingsplannen. In de geest van de tijdsgeest van de late jaren zestig werd er gedacht aan hoogbouw, strakke snelwegverbindingen dwars door de wijk en een rationele, grootschalige verkaveling. De omslag in de maatschappelijke opvattingen over stedenbouw in de vroege jaren zeventig zou het lot van Lunetten echter in een heel andere richting sturen. Participatie en Bewonersverzet: De Geboorte van een 'Bloemkoolwijk' Toen de eerste gemeentelijke ontwerpen voor Lunetten aan het begin van de jaren zeventig wereldkundig werden gemaakt, stootten deze op fel verzet van maatschappelijk betrokken burgers, stedenbouwkundigen en toekomstige bewooners. Georganiseerd in de Werkgroep Lunetten eisten zij een radicale herziening van de plannen. Men wilde geen herhaling van de anonieme hoogbouw uit de jaren zestig, maar een menselijke maat, lage bebouwing, het behoud van het aanwezige groen en een verkeersluwe inrichting. Deze participatiegolf leidde tot een uniek experiment in de Utrechtse stedenbouw. Onder leiding van de gemeentelijke stedenbouwkundige Pedro Townsend en in intensief overleg met de actiegroepen werd het Masterplan voor Lunetten ingrijpend herzien. Het plan transformeerde van een strakke, orthogonale structuur naar het prototype van wat later de 'bloemkoolwijk' zou worden genoemd. De opzet werd gekenmerkt door een kronkelende hoofdstructuur (de Ring) waar binnenin kleinschalige woonerven werden geprojecteerd. Auto's werden zoveel mogelijk geweerd uit de woonstraten en teruggedrongen naar de randen en parkeerhoven. Het hart van de wijk werd gereserveerd voor voetgangers, fietsers, speelvoorzieningen en openbaar groen. De Eerste Paal en de Bouwfases (1974–1988) In 1974 ging de eerste spade in de grond en werd het poldergebied bouwrijp gemaakt. Het drassige terrein vereiste een ingrijpende voorbelasting met grote hoeveelheden zand om de bodem voldoende draagkracht te geven voor woningbouw en infrastructuur. De Eerste Fase (Het Noordelijke en Westelijke Deel) Vanaf 1976 verrezen de eerste woningen rondom het noordelijke deel van de wijk. Hier werd op grote schaal geëxperimenteerd met het concept van het woonerf. Aaneengesloten eengezinswoningen met schuine daken, verspringende rooilijnen en houten gevelelementen wisselden elkaar af. De straten werden ontworpen zonder traditionele trottoirs; de straat werd een gemeenschappelijke verblijfsruimte voor mens en spel. Het Centrale Hart en het Park In de eerste helft van de jaren tachtig schoof de bouw op naar het centrum van de wijk. Een cruciale beslissing binnen het stedenbouwkundig ontwerp was het behoud van de historische fortenstructuur. De fortengordel van de Lunetten I, II, III en IV en de omliggende inundatiekanalen werden niet gedempt of volgebouwd, maar geïntegreerd in een centraal parkgebied: het Beatrixpark. Dit uitgestrekte groene hart werd de drager van de wijk, waarin historische militair-historische relictstructuren naadloos samensmolten met moderne recreatieve functies. De Zuidelijke Uitbreidingsfase In de latere jaren tachtig werd het zuidelijke deel van de wijk gerealiseerd, grenzend aan het spoor en de A12. Hier verrezen naast eengezinswoningen ook kleinschalige appartementencomplexen en maatschappelijke voorzieningen. Om de bewoners te beschermen tegen het geluid van de drukke A12 en het spoorwegnet, werden aan de randen van de wijk forse geluidswallen en afschermende bebouwingsstructuren opgetrokken. De Geïntegreerde Infrastructuur en Kunstwerken De geïsoleerde ligging van Lunetten tussen spoorlijnen en snelwegen dwong de ontwerpers tot het bedenken van inventieve infrastructurele oplossingen om de wijk te verbinden met de rest van de stad en het omliggende buitengebied. Een belangrijk ijkpunt in de bereikbaarheid van de wijk was de opening van het Station Utrecht Lunetten in 1980. Dit voorstadstation aan de spoorlijn Utrecht – 's-Hertogenbosch gaf de bewoners een directe en snelle OV-verbinding met het stadscentrum en de regio. Voor het langzame verkeer werden hoogwaardige fiets- en voetgangersverbindingen aangelegd. Richting het zuiden werd de aloude historische route van de Koppeldijk hersteld door de bouw van de betonnen Koppelbrug (1986–1987) over de A12, die de wijk rechtstreeks verbond met het Houtense buitengebied. Aan de oost- en noordzijde werden onderdoorgangen onder de spoorlijnen gerealiseerd, waaronder de kunstwerken die later aan de basis zouden staan van routes zoals het Maarschalkerweerdpad. Architectuur, Sociale Mix en Groene Identiteit De architectuur in Lunetten reflecteert de maatschappelijke idealen van de jaren zeventig en tachtig. Er werd bewust gekozen voor een grote diversiteit aan woningtypen. Woningbouwcorporaties en particuliere ontwikkelaars bouwden zij aan zij, waardoor sociale huurwoningen en koopwoningen intensief door elkaar werden gemengd. Dit bevorderde een gemengde sociale opbouw van de wijkbevolking. Visueel wordt de wijk gekenmerkt door het gebruik van warme bouwmaterialen: rode en bruine bakstenen, baksteenelementen in het straatwerk, houten kozijnen en overvloedige beplanting. De openbare ruimte werd zo ingericht dat de natuur overal dichtbij was. Bomen, hagen en waterpartijen scheiden de woonerven en zorgen voor een luw en besloten woonklimaat. Een Geslaagd Stedenbouwkundig Experiment Wanneer men terugblikt op de bouw van Lunetten vanaf de jaren zeventig, kan geconcludeerd worden dat de wijk is uitgegroeid tot een van de meest succesvolle voorbeelden van kleinschalige post-naoorlogse stedenbouw in Nederland. Ondanks de complexe ligging ingeklemd tussen zware infrastructuur, is er een luwe, groene en sociale woonomgeving gecreëerd. De combinatie van het behouden militaire erfgoed in het Beatrixpark, de verkeersluwe woonerven, de uitstekende OV-ontsluiting en de actieve betrokkenheid van de bewoners vanaf het allereerste uur, maakt Lunetten tot een iconische wijk in de geschiedenis van de Utrechtse stadsontwikkeling. Het vormt een tastbaar monument van een periode waarin de menselijke Maat en participatie zegevierden over grootschalige betonarchitectuur. |
De straatnaam Beatrixpark is bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op vrijdag 28 november 1980. De naam werd gegeven ter gelegenheid van de troonsbestijging van toenmalig Koningin Beatrix in het voorjaar van 1980. Eerder in 1977 werd het park het Lunettenpark genoemd in 1977. |
7. Beatrixpark - De straatnaam Beatrixpark is bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op vrijdag 28 november 1980. Het Beatrixpark is een groene oase in de Utrechtse wijk Lunetten, gelegen rondom de historische forten Lunet III en Lunet IV. Het park wordt begrensd door de spoorlijnen richting 's-Hertogenbosch en Arnhem/Duitsland aan de noordzijde, en de Waterlinieweg aan de west- en noordkant. Aan de zuidzijde vind je de Brennerbaan, het Vlieland en het Houtensepad. Dwars door het park loopt het Houtensepad. Dit fietspad heeft een rijke geschiedenis: vroeger was dit de provinciale verbindingsroute tussen de stad Utrecht, Houten en de veerponten bij Culemborg en Beusichem. |
De straatnaam Park Lunetten is bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op dinsdag 13 december 1977. Later in 1980 werd het park het Beatrixpark genoemd in het kader van de troonsbestijging van toenmalig koningin Beatrix der Nederlanden. |
𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐕𝐞𝐫𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫𝐢𝐧𝐠 𝐧𝐚𝐛𝐢𝐣 𝐝𝐞 𝐌𝐲𝐭𝐲𝐥𝐬𝐜𝐡𝐨𝐨𝐥 📍🏛️ Op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟕 𝐣𝐮𝐧𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟐 stuurde de adjunct-direkteur van de Dienst Bouw- en Woningtoezicht van de 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 (afdeling W.T., kenmerk 707) een officieel voorstel aan het college van Burgemeester en Wethouders van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 📝✉️. Aanleiding voor dit schrijven was de bouw van een nieuw 𝐠𝐞𝐛𝐨𝐮𝐰𝐞𝐧𝐜𝐨𝐦𝐩𝐥𝐞𝐱 behorende bij de Mytylschool, gelegen nabij de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝 🏫🏗️. Om de bereikbaarheid en vindbaarheid van dit nieuwe 𝐠𝐞𝐛𝐨𝐮𝐰𝐞𝐧𝐜𝐨𝐦𝐩𝐥𝐞𝐱 te garanderen, werd vanaf de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝 een openbare weg aangelegd 🛣️. Aangezien deze weg op de situatie-tekening met een gele kleur stond aangegeven en naar de 𝐡𝐨𝐟𝐬𝐭𝐞𝐝𝐞 "𝐃𝐞 𝐆𝐫𝐨𝐭𝐞 𝐊𝐮𝐢𝐥" leidde, deed de dienst het voorstel om de straatnaam 𝐖𝐞𝐠 𝐧𝐚𝐚𝐫 𝐝𝐞 𝐆𝐫𝐨𝐭𝐞 𝐊𝐮𝐢𝐥 vast te stellen 🏡🌾. Deze benaming sloot volgens het advies uitstekend aan bij overige straatnamen in de directe omgeving, zoals de 𝐖𝐞𝐠 𝐧𝐚𝐚𝐫 𝐑𝐡𝐢𝐣𝐧𝐚𝐮𝐰𝐞𝐧, de 𝐌𝐞𝐫𝐞𝐯𝐞𝐥𝐝𝐬𝐞𝐰𝐞𝐠 en de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐢𝐧𝐬𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝 🍃🌳. [Stempel: GEMEENTE UTRECHT - INGEKOMEN - 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟖 𝐣𝐮𝐧𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟐 - No. 2794 Ken A 2] Straatnaamgeving/vernummering. Nabij de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝 is een 𝐠𝐞𝐛𝐨𝐮𝐰𝐞𝐧𝐜𝐨𝐦𝐩𝐥𝐞𝐱 in aanbouw behorende bij de Mytylschool 🏫. Vanaf de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝 is een openbare weg aangelegd, welke naar dit 𝐠𝐞𝐛𝐨𝐮𝐰𝐞𝐧𝐜𝐨𝐦𝐩𝐥𝐞𝐱 leidt. Ten behoeve van de vindbaarheid van deze gebouwen dient mijns inziens een aparte straatnaam te worden vastgesteld 🗺️. Indien uw college zich hiermede kan verenigen, dan ware de hoofddirekteur van de dienst Openbare Werken op te dragen tot het doen plaatsen van een straatnaambord, zulks in overleg met mijn dienst 🪧. Het zal hierbij noodzakelijk zijn het 𝐩𝐞𝐫𝐜𝐞𝐞𝐥 𝐉𝐚𝐚𝐠𝐩𝐚𝐝 𝐎 𝟗𝟒 te vernummeren in 𝐖𝐞𝐠 𝐧𝐚𝐚𝐫 𝐝𝐞 𝐆𝐫𝐨𝐭𝐞 𝐊𝐮𝐢𝐥 𝟏𝟗 🏠. De hieraan verbonden kosten zullen ± ƒ 3,50 bedragen 💶. De adjunct-direkteur, [Handtekening] n.i. Bijlage : 1 [Stempel: Ter inzage aan: Burg. / Secr. (B&W) / Gezien 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟖 𝐣𝐮𝐧𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟐]
Het besluit is opgemaakt en goedgekeurd overeenkomstig het oorspronkelijke exemplaar te 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟓 𝐣𝐮𝐥𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟐 🖊️ door De Secretaris van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭. Bron: HUA, 1007-3. Samengesteld met Gemini Google AI. |
7. Blauwe-Vogelweg - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op donderdag 5 juli 1962. De weg is genoemd naar de onderwijsinstelling voor gehandicapte die eraan gelegen is De blauwe vogel (Originele titel: L'Oiseau bleu) is een symbolistisch theaterstuk, in 1908 voor het Moskouse Kunsttheater geschreven door de Belgische schrijver en Nobelprijswinnaar Maurice Maeterlinck, op een moment dat het symbolisme in Europa zijn hoogtepunt had gehad, maar dat het in Rusland in opmars was. |
Het stuk gaat over twee arme houthakkerskinderen, Tyltyl en Mytyl die, als ze 's avonds in hun bed liggen, bezoek krijgen van fee Bérylune die hen opdraagt De Blauwe Vogel te vinden voor haar dochtertje dat ernstig ziek is en gelukkig wil zijn. Om hen te helpen bij hun zoektocht krijgen ze een groene hoed met een diamant erop. Door in een bepaalde richting aan de diamant te draaien, kunnen de kinderen de ziel van alle dingen aanschouwen en met een andere draai de toekomst en met nog een andere draai het verleden. Met deze hoed op vertrekken ze op hun zoektocht die onder andere door het Land van de Herinnering, Het Paleis van de Nacht, Het Bos, Het Paleis van Gelukkigheid, het kerkhof en Het Koninkrijk van de Toekomst leidt. Verschillende keren denken de kinderen de vogel gevonden te hebben, maar het dier sterft telkens of verandert van kleur. |
Uiteindelijk ontwaken ze na hun lange reis in hun bedden uit een droom. De kinderen houden de reis en al hun belevenissen voor waar en blijven zoeken naar De Blauwe Vogel. Als hun oude buurvrouw binnenkomt herkennen de kinderen in haar de fee Bérylune. Het dochtertje van de buurvrouw is ook ernstig ziek en ze vraagt al heel lang naar de vogel van Tyltyl. Tyltyl merkt op dat zijn vogel eigenlijk redelijk blauw is en vol vreugde van zijn vondst geeft hij deze mee aan de buurvrouw, voor haar dochtertje. Het dochtertje geneest miraculeus nadat ze de vogel in ontvangst genomen heeft. In 2006 maakte de Nederlandse Stichting voor het gehandicapte kind en Stichting Kalmoes en Kaneel een muziektheaterstuk van dit verhaal. Bron: Wikipedia - De Blauwe Vogel De weg ligt in het gebied Maarschalkerweerd wat van 1 januari 1858 tot 31 december 1953 onderdeel was van de gemeente Houten. Nadat het gebied bij de gemeente Utrecht werd geannexeerd. Van 1818 tot 31 december 1857 was Maarschalkerweerd onderdeel van de toenmalige gemeente Oud-Wulven. Deze gemeente ging op 1 januari 1858 tezamen met de gemeente Schonauwen op in de toen nieuw te vormen gemeente Houten. |
De Balijelaan is een doorgaande verkeersweg met aan weerszijden fietspaden in beide richtingen. Nabij de bushalte Balijelaan bevindt zich in het midden van de weg een busbaan. Direct langs de huizen lopen smallere ventwegen die deels lager gelegen zijn dan de hoofdweg. Aanvankelijk had de Balijelaan een breed middenplantsoen en alleen de huidige ventwegen. Na de de aanleg van de Balijebrug in 1959 is deze vervangen door rijbanen om verkeer in de richting van de nieuwe wijk Kanaleneiland mogelijk te maken. |
In de straat staan vooral huizen die tussen 1925 en 1935 zijn gebouwd. Sommige panden hebben kenmerken van de Amsterdamse School, zoals het blok Balijelaan 30-44, ontworpen door architectenbureau B. Oosterom. Veel huizen zijn onderverdeeld in een benedenwoning en een of twee bovenwoningen, waarbij de bovenwoningen de toevoeging 'bis' of 'bis-A' bij het huisnummer hebben. |
Nabij de Rijnlaan, Croeselaan en Vondellaan bevinden zich enkele winkels, horecagelegenheden en bedrijven die aansluiten op het winkelgebied Rivierenwijk Rijnlaan. Bron: Wikipedia Balijelaan. De naam van de Balijebrug is op deze website opgenomen omdat het verwijst naar de Ridderlijke Duitse Orde Balije van Utrecht. Gevestigd aan de Springweg 25 in de binnenstad van Utrecht. Het is een oude kapittel orde die vanaf de late middeleeuwen tot heden nog diverse grond had en bezit in de gemeente Houten. Zoals diverse percelen vlakbij de Tuurdijk in 't Goy. |
📜 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 – 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 🏙️ |
8. De Boeijelaan - Genoemd naar de nabij gelegen boerderij De Boeije (Weg naar Rhijnauwen 2 rn 2b). Vele eeuwen in het onroerend bezit geweest van de familie die op het nabij gelegen landgoed Nieuw-Amelisweerd woonde. 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐁𝐨𝐞𝐢𝐣𝐞𝐥𝐚𝐚𝐧 𝐭𝐮𝐬𝐬𝐞𝐧 𝐝𝐞 𝐓𝐨𝐮𝐥𝐨𝐮𝐬𝐞𝐥𝐚𝐚𝐧 𝐞𝐧 𝐝𝐞 𝐖𝐞𝐠 𝐧𝐚𝐚𝐫 𝐑𝐡𝐢𝐣𝐧𝐚𝐮𝐰𝐞𝐧 🛣️📍 Bij het besluit is tevens vastgelegd dat ten behoeve van geautomatiseerde bestanden en officiële instanties de straatcode 𝟎𝟏𝟖𝟎𝟕 wordt gebruikt, evenals de specifieke schrijfwijze 𝐃𝐄 𝐁𝐎𝐄𝐈𝐉𝐄𝐋𝐀𝐀𝐍 💻. Een afschrift van dit gemeentelijke besluit is verstuurd naar alle daarvoor in aanmerking komende instanties ✉️. 𝐒𝐚𝐦𝐞𝐧𝐬𝐭𝐞𝐥𝐥𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭𝐯𝐨𝐫𝐦𝐢𝐧𝐠 📋 • 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 (bestuursorgaan dat het besluit heeft vastgesteld) 🏛️ Bron Bron: HUA, 1338. Samengesteld met Google Gemini AI. |
9. Bosch van Drakesteinlaan - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 18 november 1953. Zie voor de uitleg over de Bosch van Drakesteinlaan de pagina Familie Bosch van Drakestein - Nieuw Amelisweerd |
|
Bouwaanvraag en Advies voor Woningbouw aan het Houtensche Pad 🏗️ mislukt door Strikte Rooilijnregels 📏 In het voorjaar van 1899 diende 𝐁. 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐢𝐣𝐤, werkzaam als ambtenaar van de Waterstaat te Utrecht, een officieel verzoek in bij het college van Burgemeester en Wethouders van Utrecht. Hij maakte op 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟔 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟖𝟗𝟗 zijn voornemen kenbaar om een reeks van 15 woningen te bouwen op een terrein aan de oostzijde van het Houtensche Pad. Om deze 𝐰𝐨𝐧𝐢𝐧𝐠𝐞𝐧 van een behoorlijke afwatering en voorzieningen te voorzien, verzocht hij toestemming om het huishoudelijk water aan te sluiten op het gemeenteriool in de Koningsweg en de woningen te koppelen aan de leiding van de Waterleiding. Bij zijn aanvraag voegde 𝐁. 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐢𝐣𝐤 een eerder besluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟖𝟔. Daarin was hem reeds vergunning verleend om op 21 meter afstand van de Algemeene Begraafplaats te bouwen. Desondanks leidde de nieuwe aanvraag in 1899 tot een uitgebreide ambtelijke toetsing door de Inspecteur over het bouwen. Uit zijn advies van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟖 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟖𝟗𝟗 bleek dat het bepalen van de juiste rooilijn ten opzichte van de begraafplaatshaag en de openbare weg in strijd was met recentere regelgeving. Hierdoor werd geadviseerd de bouwvergunning alsnog te weigeren. • 𝐁. 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐢𝐣𝐤 (Aanvrager, ambtenaar van de Waterstaat) • 𝐉𝐚𝐜𝐨𝐛 𝐝𝐞 𝐊𝐨𝐜𝐤 (Vertegenwoordiger namens Gedeputeerde Staten van Utrecht) 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐀𝐝𝐫𝐞𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐁. 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐢𝐣𝐤 📑 Aan de Heeren Burgemeester en Wethouders der Gemeente Utrecht 🏛️ Dat hij op een gedeelte van zijn terrein gelegen aan en ten oosten van het Houtensche Pad, hetwelk terrein kadastraal bekend is onder 𝐧°. 𝟐𝟕𝟕 van 𝐬𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐁 der 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐓𝐨𝐥𝐬𝐭𝐞𝐞𝐠, wenscht te bouwen eenige woningen 🏠, zooals die, wat tal en inrichting betreft, op de hierbijgaande calque in duplo zijn aangegeven; Dat hij die woningen voor den afvoer van gootsteen- en ander huishoudelijk water zou wenschen in verbinding te brengen met het in den Koningsweg liggende gemeenteriool 🚰, en voorts die woningen aan de in het Houtensche pad liggende buis der Waterleiding zal aansluiten; Dat hij in verband met art: 1 van de Verordening op het bouwen en slopen in deze Gemeente, de daarbij bedoelde schriftelijke kennisgeving bij deze aan Uw College aanbiedt 📜. 𝐁. 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐢𝐣𝐤 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭 𝐯𝐚𝐧 𝐆𝐞𝐝𝐞𝐩𝐮𝐭𝐞𝐞𝐫𝐝𝐞 𝐒𝐭𝐚𝐭𝐞𝐧 ⚖️ Afschrift N°. 27 Utrecht, 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟖𝟔 De Gedeputeerde Staten der Provincie Utrecht 🏛️; Gezien het adres van 𝐁. 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐢𝐣𝐤, ambtenaar van den Waterstaat te Utrecht, waarin hij te kennen geeft dat hij een gedeelte van zijne perceelen kadastraal bekend als 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐓𝐨𝐥𝐬𝐭𝐞𝐞𝐠, 𝐬𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐀 𝐧°𝐬 𝟏𝟒𝟖𝟐 𝐞𝐧 𝟏𝟒𝟖𝟑, gelegen ten Oosten van den Croeseweg der 2e Klasse n° 1 van Utrecht naar Schalkwijk 🛣️, wenscht te exploiteeren als bouwterrein, welk gedeelte gelegen is op een afstand van ± 21 meters van de algemeene begraafplaats 🪦, en verzoekt dat aan hem vergunning moge worden verleend om zijne terreinen tot boven vermeld doel te bezigen; Gelezen het ambtsbericht van Burgemeester en Wethouders van Utrecht van den 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟓 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟖𝟔 𝐧°. 𝟏𝟔𝟖 en dat van den Heer Inspecteur voor het Geneeskundig Staatstoezicht voor Gelderland en Utrecht van den 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟔 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟖𝟔 𝐧°. 𝟒𝟑𝟑; Overwegende dat uit laatstvermeld ambtsbericht blijkt dat uit een hygienisch oogpunt geen bezwaren tegen de inwilliging van het verzoek bestaan, mits dat bij de te bouwen woningen geen drinkwaterputten 🪵 op minder afstand van 35 meters van de begraafplaats worden gemaakt; Aan den adressant de gevraagde vergunning te verleenen, onder voorwaarde dat bij de te bouwen woningen geen drinkwaterputten op minder afstand dan 35 meters van de begraafplaats mogen worden gemaakt 🚫. En zal deze beschikking gezonden worden aan Burgemeester en Wethouders van Utrecht ter kennisneming en uitreiking aan den adressant en in afschrift worden meegedeeld aan den Inspecteur voor het Geneeskundig Staatstoezicht voor Gelderland en Utrecht. Voor eenluidend afschrift, Utrecht 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟔 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟖𝟗𝟗, 𝐁. 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐢𝐣𝐤. 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐀𝐦𝐛𝐭𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤 𝐀𝐝𝐯𝐢𝐞𝐬 𝐞𝐧 𝐑𝐚𝐚𝐝 🔍 Bij kantbeschikking van Burgemeester en Wethouders van 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟔 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟖𝟗𝟗 𝐧°. 𝟏𝟐𝟗𝟓 A.R., is bijgaand adres van 𝐁. 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐢𝐣𝐤 gesteld in handen van den Inspecteur over het bouwen, tot het geven van bericht en raad. Kennisgeving van het voornemen tot het stellen van 15 gebouwen aan het Houtenschepad, op den grond kadastraal 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐓𝐨𝐥𝐬𝐭𝐞𝐞𝐠, 𝐬𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐁 𝐧°. 𝟐𝟕𝟕, met eene waterloozing op het Gemeenteriool in den Koningsweg. Bericht en raad van den Inspecteur over het bouwen 👷♂️: Hij heeft evenwel van die vergunning geen gebruik gemaakt, en vraagt nu ingevolge art. 1 der Bouwverordening de beschikking om op het meergemelde terrein 15 woningen te mogen bouwen overeenkomstig het door hem overgelegde bouwplan 📐, waaruit blijkt dat de rooilijn is ontworpen op 21 M. uit de meest Westelijk gelegen haag langs de Oostzijde van de Algemeene Begraafplaats. Wordt nu ingevolge dat besluit aan adressant uitgereikt eene beschikking als bedoeld in Art. 1 der Bouwverordening, dan zou hem worden toegestaan, hetgeen aan den eigenaar van het ten Zuiden aangrenzend terrein kadastraal 𝐧°. 𝟐𝟕𝟗 is geweigerd. Door dezen laatsten is aan Gedeputeerde Staten en in hooger beroep aan H.M. de Koningin ter vergeefs vergunning gevraagd, om op dat terrein en op een gedeelte van het perceel 𝐧°. 𝟐𝟕𝟕, welk laatste nu door adressant tot aanbouw van woningen is bestemd, te mogen bouwen op ± 30 M. uit de haag staande op de Algemeene begraafplaats. Bij laatstgemeld besluit is echter in afwijking van de beschikking op het verzoek van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟖𝟔 de meest Oostelijk gelegen haag als grens van de begraafplaats aangenomen 🌳, zoodat bij het bepalen der rooilijn op 21 M. uit die grens, door adressant zou worden gebouwd op meer dan 10 M. uit den openbaren weg 🛣️, en de bij Art. 9, alinea 2 der Bouwverordening bepaalde afstand zou worden overschreden. Wordt alzoo aan adressant eene bouwbeschikking uitgereikt naar aanleiding van de hem bij Besluit van Gedeputeerde Staten van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟖𝟔, 𝐧°. 𝟐𝟕 verleende vergunning, dan zou een zoodanig besluit in strijd zijn met Uw Besluit van 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟕 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟖𝟗𝟗, 𝐧°. 𝟏𝟏𝟐 E, met de besluiten van Gedeputeerde Staten van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟗 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟖𝟗𝟔, 𝐧°. 𝟐𝟏 en van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟗𝟖, 𝐧°. 𝟑𝟕, en met het Koninklijk Besluit van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟔 𝐚𝐮𝐠𝐮𝐬𝐭𝐮𝐬 𝟏𝟖𝟗𝟔, 𝐧°. 𝟑𝟖, welke besluiten alle betrekking hebben op den aanbouw van woningen op de perceelen kadastraal 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐓𝐨𝐥𝐬𝐭𝐞𝐞𝐠, 𝐬𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐁 𝐧°𝐬 𝟐𝟕𝟕 𝐞𝐧 𝟐𝟕𝟗. Tenzij door het besluit van Gedeputeerde Staten van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟖𝟔, 𝐧°. 𝟐𝟕 onherroepelijk vaststaat, dat adressant ook nu nog zal mogen bouwen op 21 Meter uit de grens der Begraafplaats, zooals die bij dat Besluit is aangenomen, adviseer ik om de beschikking bedoeld in Art. 1 der Bouwverordening niet te verleenen ❌ op grond van de overweging dat zal worden gebouwd in strijd met Art. 9 alinea 2 dier verordening. De Inspecteur voornoemd, 𝐌. 𝐖𝐞𝐞𝐛𝐞𝐫𝐬 Bron: HUA, 1007-3. Samengesteld Google Gemini AI. |
Straatnaambesluit met bijhorende tekening van het Oude Houtensepad uit 1976. |
10. Heemstedelaan - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 9 november 1955. Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 27 februari 2008. De Heemstedelaan in Hoograven is genoemd naar de ambachtsheerlijkheid, buitenplaats, en kasteel Heemstede in Houten. Zie hiervoor meer historische achterliggende informatie de pagina's: Familie Heijmeijer van Heemstede, Phanos, Lisman en Lisman Familie Munnicks van Cleeff van de Grote en de Kleine Koppel van Maarschalkerweerd |
𝐍𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐀𝐥𝐠𝐞𝐦𝐞𝐧𝐞 𝐁𝐞𝐠𝐫𝐚𝐚𝐟𝐩𝐥𝐚𝐚𝐭𝐬𝐞𝐧 𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞c𝐡𝐭 Op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟓 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟑𝟑 🏛️ hebben Burgemeester en Wethouders van de gemeente 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 een officieel besluit genomen over de benaming van de algemene begraafplaatsen binnen de gemeente. 🪦 Overwegende dat het wenselijk is om de algemene begraafplaatsen een duidelijke naam te geven, en gelezen het bericht van de gemeentearchivaris, is besloten om de volgende namen toe te kennen: • Aan de eerste algemene begraafplaats de naam "𝐒𝐨𝐞𝐬𝐭𝐛𝐞𝐫𝐠𝐞𝐧". Een afschrift van dit besluit wordt verzonden aan de directeur der gemeentebegraafplaatsen, de gemeentearchivaris, de gemeenteontvanger, de afdeeling openbare werken, en de afdeeling Financiën en Verificatie tot naricht. 📜 Tevens gaat een afschrift naar de directeur der gemeentewerken met de opdracht om over de wijze waarop deze benamingen ter plaatse zullen worden aangebracht een voorstel bij het College in te dienen. ✉️ 𝐂𝐨𝐫𝐫𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐁𝐞𝐧𝐚𝐦𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐨𝐨𝐫 𝐝𝐞 𝐄𝐞𝐫𝐬𝐭𝐞 𝐀𝐥𝐠𝐞𝐦𝐞𝐧𝐞 𝐁𝐞𝐠𝐫𝐚𝐚𝐟𝐩𝐥𝐚𝐚𝐭𝐬 𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🪦🏛️ Op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟗 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟑𝟒 is door het college van burgemeester en wethouders een officieel gemeentelijk besluit genomen ten aanzien van de benaming van de eerste algemene begraafplaats in 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭. 📑 Bij een eerder genomen besluit op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟓 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟑𝟑 (onder nummer 505/3 A.2.) werd aan de eerste algemene begraafplaats oorspronkelijk de naam "Soesbergen" toegekend. 🖊️ Na heroverweging is echter gebleken dat de schrijfwijze van deze benaming niet juist was en derhalve gecorrigeerd moest worden. Het college heeft daarop formeel besloten om het besluit aan te passen: de naam "Soesbergen" wordt gewijzigd en dient voortaan officieel te worden gelezen als "Soestbergen". 🌲🏛️ Om te zorgen voor een correcte verwerking binnen de gemeentelijke organisatie, is vastgelegd dat een afschrift van dit besluit wordt toegezonden aan de directeur van de gemeentebegraafplaatsen, de gemeente-archivaris, de gemeente-ontvanger, de afdeling openbare werken, de afdeling financiën & verificatie, en de directeur van de gemeentewerken. 📜📬 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞𝐛𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭 📝 Burgemeester en Wethouders van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, 🏛️ Hun vorenomschreven besluit van 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟓 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟑𝟑, nr 505/3 A.2. voor zooveel dit betreft de benaming van de eerste algemene begraafplaats te wijzigen en in plaats van "Soesbergen" te lezen "Soestbergen". 🌲 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟗 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟑𝟒. 📅 De Secretaris, De Burgemeester, 𝐖𝐢𝐣𝐳𝐢𝐠𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐁𝐞𝐧𝐚𝐦𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐄𝐞𝐫𝐬𝐭𝐞 𝐀𝐥𝐠𝐞𝐦𝐞𝐧𝐞 𝐁𝐞𝐠𝐫𝐚𝐚𝐟𝐩𝐥𝐚𝐚𝐭𝐬 𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🪦🏛️ Op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟗 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟑𝟒 namen Burgemeester en Wethouders van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 een officieel besluit 📜 met betrekking tot de naamgeving van de eerste algemene begraafplaats in de gemeente. Eerder, op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟓 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟑𝟑 (besluit nummer 505/3 A.Z.), was aan deze begraafplaats de naam 𝐒𝐨𝐞𝐬𝐛𝐞𝐫𝐠𝐞𝐧 gegeven ⚰️. Na nader onderzoek bleek echter dat deze schrijfwijze niet juist was en dat een correctie noodzakelijk was ✏️. Het college heeft daarop besloten om de benaming officieel te wijzigen, zodat in plaats van 𝐒𝐨𝐞𝐬𝐛𝐞𝐫𝐠𝐞𝐧 voortaan de juiste naam 𝐒𝐨𝐞𝐬𝐭𝐛𝐞𝐫𝐠𝐞𝐧 gelezen en gehanteerd dient te worden 🌳. Om te zorgen dat alle betrokken diensten van deze correctie op de hoogte zijn, is een afschrift van het besluit ter notificatie toegezonden aan diverse functionarissen en afdelingen 📑. Het gaat hierbij onder meer om: Het besluit is te 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 vastgesteld op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟗 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟑𝟒 en ondertekend door secretaris 𝐉. 𝐝𝐞 𝐋𝐚𝐧𝐠𝐞 en burgemeester 𝐓𝐞𝐫 𝐏𝐞𝐥𝐤𝐰𝐢𝐣𝐤 ✍️. Bron: HUA, 1007-3. Samengesteld Google Gemini AI. |
𝐕𝐞𝐫𝐛𝐞𝐭𝐞𝐫𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐆𝐚𝐧𝐬𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 𝐞𝐧 𝐝𝐞 𝐡𝐢𝐬𝐭𝐨𝐫𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞 𝐏𝐚𝐝 🛣️📜 Het tweede gedeelte van de Gansstraat 🛣️, één van de oude toevoerwegen naar de stad 🏙️, wordt momenteel grondig onderhanden genomen. Niet alleen wordt er een asfaltwegdek aangebracht, maar ook de straat wordt verbreed. De sloot, die reeds meer dan honderd jaar langs het oude kerkhof ligt 🪦, is reeds met zand volgestort en het nieuw verkregen land zal deels bij de straat gevoegd worden. Hierdoor krijgt dit deel van de Gansstraat een gemiddelde breedte van 15 meter, met een rijweg van 9 meter 🚗, een parkeerstrook van 2,50 meter 🅿️ en een nieuw trottoir van 3 meter 🚶. De parkeerstrook zal voornamelijk dienst moeten doen voor het opstellen van de begrafenisstoeten ⚰️. Tussen het nieuwe trottoir en de begraafplaats komt een glooiende berm die met groen beplant zal worden, terwijl natuurlijk een afrastering wordt aangebracht 🌿. In de loop van dit najaar hoopt men met de werkzaamheden gereed te komen 🍂. 𝐖𝐞𝐫𝐤 𝐢𝐧 𝐧𝐚𝐣𝐚𝐚𝐫 𝐠𝐞𝐫𝐞𝐞𝐝 🚜 De Gansstraat is een gedeelte van de nieuwe linker Rijndijk 🌊, de oorspronkelijke linker Rijndijk is de Abstederdijk 🏡 en werd aangelegd vóór 1348. Tegelijk werd een doorgraving gemaakt tussen de Oud-Wulvense Wetering bij het Huis van Bewaring 🏰 en de Oude Gracht, waardoor een hinderlijke Rijnbocht afgesneden werd ✂️. Eigenlijk draagt het gedeelte van de Kromme Rijn tussen Fort Vossegat 🏰 en de stad ten onrechte die naam, omdat het water tussen dat fort en het Huis van Bewaring feitelijk de uitmonding van de Oud-Wulvense Wetering is 🌊. Het stuk van daar tot de stad een gegraven stuk is, dat beter "Nieuwe Rijn" geheten zou kunnen hebben 💧. 𝐕𝐫𝐨𝐞𝐠 𝐤𝐧𝐨𝐨𝐩𝐩𝐮𝐧𝐭 🔀 In het smalle deel van de Gansstraat heeft eeuwenher een belangrijk verkeersknooppunt gelegen 🐎. Daar takte namelijk de weg naar De Bilt 🌲 af. De plek waar dat was, is heden ten dage nog nauwkeurig te vinden, er is zelfs nog een stukje van die oude weg naar De Bilt over: De Kerksteeg ⛪, een smal kort straatje dat op de Kromme Rijn uitkomt. Het is het begin van die weg geweest. De naam "Kerksteeg" slaat dan ook niet op de naburige Zuiderkerk, doch op het kerkje in De Bilt, waar de weg naar toe liep 🛣️. Het vriendelijke kerkje in dat dorp, eerlang gewijd aan 𝐒𝐭. 𝐍𝐢𝐜𝐨𝐥𝐚𝐚𝐬, gaf dus de naam aan dit Utrechtse straatje ⛪. Terzijde willen wij opmerken dat de Abstederdijk, die aan de overzijde van de Kromme Rijn juist in het verlengde van de Kerksteeg ligt, benevens de Nicolaasweg (weg naar de 𝐒𝐭. 𝐍𝐢𝐜𝐨𝐥𝐚𝐚𝐬𝐤𝐞𝐫𝐤 in De Bilt) eveneens onderdelen van die oude Biltse Steenweg zijn 🛣️. De Gansstraat zelve heeft, ondanks modernisatie van wegdek en bebouwing 🏗️, nog altoos een stukie van de vorige eeuw bewaard. De kleine huisjes 🏘️, die er ten dele nog staan, herinneren nog aan de tijd toen op de hoek van de Laan van Soestbergen de korenmolen "De Gans" stond 🌾. Op een hoog molenerf stond daar de grote molen 💨, die zo ingericht was dat men er met kar en paard 🐴 aan de voorzijde in kon rijden en hem aan de achterzijde weer verlaten kon. Vooral de onrit met een zwaar beladen kar 🛒 was moeilijk en de paarden moesten altijdt tot het uiterste aangezet worden om boven te komen 🐴. Naast de molen lag de ouderwetse hoefsmederij van 𝐕𝐚𝐧 𝐝𝐞𝐫 𝐇𝐮𝐫𝐤 🔨. Daar werden de paarden, net als op de dorpen, nog wel geschiedt, buiten onder een klein afdakje beslagen 🐴. Omstreeks 1920 werd "De Gans" gesloopt, nadat reeds enige jaren de omloop gedeeltelijk verwijderd was. De hoefsmederij verdween een tiental jaren later 🔨. 𝐎𝐮𝐝-𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🏰 Op de hoek van Gansstraat en oud-Utrecht, dat binnen enige weken eveneens belangrijk zal veranderen. Hier toch bevond zich tot omtrent 1895 een Gemeentelijke tol op het Houtense Pad 🪙. Juist wanneer men eertijds die weg op wilde gaan versperde een tolboom de doorgang 🚧. Veel was men er niet kwijt, want voor een hondekar met hond plus baas moest 3 cent neergeteld worden 🐕. Een tarief voor auto's en bromfietsen was er niet 🚗, want die voertuigen maakten de wegen toen nog niet onveilig ⚠️. Het tolhuis staat heden ten dage nog langs de sloot 🏠, terwijl de hele entourage van dit gebouwtje nog precies eender is als in de dagen toen tolbaas 𝐖𝐞𝐞𝐫𝐝𝐞𝐧𝐛𝐮𝐫𝐠 zijn hand op hield 🪙. 's Avonds was het bij dit tolhuis evenwel niet pluis, want daar spookte de vrouw van een vroegere tolbaas als "heks" 🧙♀️ in de omgeving rond! Zij zorgde ervoor dat het eendenkroos in de sloot er bij maanlicht net zo uitzag als een vlak voetpad 🌕. Zó echt en bedrieglijk leek het, dat menigeen pardoes in de modder ging 🌊 en "kopje-onder" in de modder ging 💩. Een andere keer liet zij een hele wagen met varkens 🐖 in de sloot duikelen, zodat de dieren luid knorrend naar buiten vlogen en hun heil zochten in een wilde ren over het kerkhof 🪦. De werkelijkheid was, dat het nog wel eens geschiedde dat een voerman teveel aan Bacchus geofferd had 🍷 en daardoor de wagen tegen de palen van het tolhek aanstuurde 🚗, waardoor het ding een slag-om maakte en de sloot in duikelde 🌊. Zeker is het dat de zogenaamde "heks" een doodgoed mensje was 👵, die niemand kwaad deed. Tolbaas 𝐖𝐞𝐞𝐫𝐝𝐞𝐧𝐛𝐮𝐫𝐠 heeft zich van alle spookverhalen nooit iets aangetrokken en woonde tot zijn laatste dag (hij werd 85 jaar) in het huisje 🏠. Wanneer straks de sloot gedempt zal zijn 🚜, komt het huisje meer in het verkeer te liggen en zal de gemoedelijke rust, die er nu nog van uit gaat, verdwenen zijn 🤫. Zoals eenmaal de molen weg ging en de notenboom naast de uitspanning en de modderpoel, die zich vroeger in de Gansstraat naast de bestrating bevond 🌳. In de plaats daarvan zal straks de Gansstraat een waardige toegangsweg tot de nieuwe woonwijken worden 🏙️, die langs de Kromme Rijn gaan verrijzen 🌊. Bron: Delpher.nl. Samengesteld met Google Gemini AI. |
Plattegrond van de stad Utrecht met directe omgeving; met weergave van het stratenplan, verdedigingswerken, waaronder de dwangburcht Vredenburg,, wegen, watergangen en belangrijke bebouwing in 1565-1570. De plattegrond is afkomstig uit: R. Fruin. Nederlandsche steden in de 16e eeuw; Plattegronden van Jacob van Deventer, 1916-1923. Van Deventer tekende de stad Utrecht vrij abstract als het om de buitengrenzen en wegen gaat. Het is ook maar de vraag of het Houtensepad ook daadwerkelijk eens op de Oosterkade aansloot in de zestiende eeuw. Dit moet beruste op een foute of abstracte intekening door Van Deventer. |
Plattegrond van de stad Utrecht met directe omgeving; met weergave van het stratenplan, verdedigingswerken, waaronder de dwangburcht Vredenburg,, wegen, watergangen en belangrijke bebouwing in 1565-1570. De plattegrond is afkomstig uit: R. Fruin. Nederlandsche steden in de 16e eeuw; Plattegronden van Jacob van Deventer, 1916-1923. Van Deventer tekende de stad Utrecht vrij abstract als het om de buitengrenzen en wegen gaat. Het is ook maar de vraag of het Houtensepad ook daadwerkelijk eens op de Oosterkade aansloot in de zestiende eeuw. Dit moet beruste op een foute of abstracte intekening door Van Deventer. Hier met Windows Paint en Android AI zogenaamd het Houtensepad wel op de juiste plek aan de Gansstraat ingetekend in de zestiende eeuw. |
Kaart van vijf perceelen land op Westraven, behorende aan de fundatie van Pallas, getekend door D. van Groenouw in 1665. Bovenaan aansluitend op de Gansstraat het Houtensepad ingetekend. |
𝐄𝐫𝐟𝐩𝐚𝐜𝐡𝐭 𝐯𝐚𝐧 𝐞𝐞𝐧 𝐩𝐞𝐫𝐜𝐞𝐞𝐥 𝐛𝐨𝐮𝐰𝐥𝐚𝐧𝐝 𝐚𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐌𝐚𝐜-𝐚𝐝𝐚𝐦𝐬𝐰𝐞𝐠 𝐭𝐮𝐬𝐬𝐜𝐡𝐞𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 𝐞𝐧 𝐒𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐰𝐢𝐣𝐤 📜🌾 Op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟏 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟖𝟒𝟏 is in het hypotheekregister overgeschreven een akte van erfpacht, aangegaan en ondertekend te Utrecht op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟑𝟏 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟒𝟎 📝. Bij deze overeenkomst verklaarde 𝐉𝐚𝐧 𝐋𝐚𝐦𝐛𝐞𝐫𝐭𝐮𝐬 𝐇𝐞𝐧𝐝𝐫𝐢𝐤 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐚𝐦, in zijn kwaliteit als administrator van de Fundatie van Maria van Pallaes, na verkregen approbatie van Gedeputeerde Staten van Utrecht (bij resolutie van 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟓 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟒𝟎 nr. 12), in erfpacht te geven voor de tijd van 99 achtereenvolgende jaren, ingaande op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐣𝐮𝐥𝐢 𝟏𝟖𝟒𝟎 🗓️. De erfpachters, allen handelend in hun kwaliteit als commissarissen van de Mac-adamsweg tussen Utrecht en Schalkwijk, zijn 🛣️: • 𝐆𝐲𝐬𝐛𝐞𝐫𝐭 𝐂𝐚𝐫𝐞𝐥 𝐂𝐨𝐫𝐧𝐞𝐥𝐢𝐬 𝐉𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐋𝐲𝐧𝐝𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐒𝐚𝐧𝐝𝐞𝐧𝐛𝐮𝐫𝐠 • 𝐏𝐢𝐞𝐭𝐞𝐫 𝐀𝐧𝐭𝐡𝐨𝐧𝐢𝐞 𝐇𝐢𝐧𝐥𝐨𝐩𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐒𝐭𝐞𝐫𝐤𝐞𝐧𝐛𝐮𝐫𝐠 • 𝐉𝐚𝐧 𝐖𝐢𝐥𝐥𝐞𝐦 𝐇𝐞𝐧𝐝𝐫𝐢𝐤 𝐁𝐨𝐬𝐜𝐡 • 𝐉𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐊𝐨𝐜𝐤 Het betreft de afgestane en afgebakende grond ter grootte van zes Nederlandse roeden van een perceel 𝐛𝐨𝐮𝐰𝐥𝐚𝐧𝐝, behorende aan de Fundatie van Maria van Pallaes 🌾. Het object is gelegen onder den geregte van Tolsteeg, nabij de Burgerlijke begraafplaats te Utrecht 🪦. Kadastraal staat het perceel bekend als gemeente 𝐓𝐨𝐥𝐬𝐭𝐞𝐞𝐠, sectie 𝐀, nummer 𝟒𝟓𝟕 (gedeeltelijk) 📐. 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 📄 Deel 22 N° 39 📖 Overschrijving van den Elfden Jannuary 1800 Eenenveertig 𝐃 𝐁 Deel 2 N 1221. Het voorgeschrevene in Erfpacht uitgegevene behoort aan de Fundatie van Maria van Pallaes, waarvan de bewijzen van Eigendom niet voorhanden zijn, hebbende echter de bedoelde Fundatie daarvan sedert onheugelijke Jaren het ongestoord en vreedzaam bezit en genot gehad 🏛️. En zulks teneinde gemelde Heeren Commissarissen van den voorschreven grond het volle genot hebben, daarop een Tolhuis met aanbehooren kunnen oprigten 🏡, of daarop zoodanige andere bekommeringen bepotingen en beplanting doen als deze ve of hunne opvolgers zullen goedvinden, mitsgaders alle zoodanige algemeene regten uitoefenen, als aan den Eigendom van den grond zijn verknocht, zonder echter verstaan te worden eenige directen eigendom op den gemelden grond te hebben verkregen, als welke uitdrukkelijk door den Erfpachtgever q.q. wordt gereserveerd bij deze. En is wijders deze uitgifte in erfpacht nog geschied onder alle zoodanige verpligtingen als door de Wet aan Erfpachtgevers en Erfpachtnemers is opgelegd; onder uitdrukkelijke bepaling overigens dat de Erfpachters q.q. derzelver Successeuren, of de genen wien dit inder tijd mogt aangaan, de bevoegdheid en het regt zullen hebben om bij het expireeren van deze erfpachtjaren den ondersverpelijkten Erfpacht te mogen afkoopen tegen den Penning Twintig (ƒ 240,-) 💰, en dus doende door het verstrekken van die Som, zich ineens dealloos durende possessie van den voorgeschreven Erfpachtgrond te verzekeren, onder voorwaarde echter, dat inzoodanig geval de kosten op die afkoop en overdragt vallende voor rekening zullen zijn van het bestuur indertijd over den Schalkwijkscheweg 🛣️, even als de kosten van dit Erfpacht Contract, welke door de erfpachters zullen worden gelasten gedragen. De rentmeester der Fundatie van Maria van Pallas geteekend: 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐚𝐦 Commissarissen van den Schalkwijkschen weg geteekend: • 𝐆𝐲𝐬𝐛𝐞𝐫𝐭 𝐂𝐚𝐫𝐞𝐥 𝐂𝐨𝐫𝐧𝐞𝐥𝐢𝐬 𝐉𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐋𝐲𝐧𝐝𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐒𝐚𝐧𝐝𝐞𝐧𝐛𝐮𝐫𝐠 Geregistreerd Twee bladen 📑 Den 𝐳𝐨𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟕 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟖𝟒𝟏 🗓️ De Ontvanger geteekend: 𝐑𝐨𝐲𝐚𝐚𝐫𝐝𝐬 Conform het Origineel De Hypotheekbewaarder: 𝐁𝐥𝐚𝐮𝐰 🖋️ Bron: HUA, 1294. |
11. Houtensepad - De Oorsprong van het Houtensezandpad – Een Historische Ontginningsas Het Houtensezandpad, de route die zich uitstrekte van de Koppeldijk in Tolsteeg tot aan de Koningsweg, wordt in veel historische publicaties onterecht gereduceerd tot een 17e-eeuws verschijnsel. Men refereert vaak aan de ordonnanties van de Staten van Utrecht uit 1632, waarin zij opdracht gaven tot het 'bezanden' van wegen om ze in natte seizoenen begaanbaar te houden voor karrenverkeer. Echter, dit besluit was slechts een infrastructurele onderhoudsmaatregel voor een route die in de kern al eeuwen bestond als een essentiële verbinding in het landschap. Het Houtensezandpad: Van Middeleeuwse Afsnijding tot Historische Levensader Wie vandaag de dag door het landschap tussen Utrecht en Houten reist, doorkruist een gebied dat door de eeuwen heen constant in beweging is geweest. Waar nu spoorlijnen, fietstunnels en moderne wijken het beeld bepalen, ligt een eeuwenoud landschappelijk raadsel verborgen. Een van de boeiendste elementen daarin is het Houtensezandpad (historisch vaak aangeduid als het Houtensche Pad). Veel historische publicaties grijpen voor de oorsprong van deze weg snel terug naar de bekende ordonnanties van de Staten van Utrecht uit 1632. Daarin werd opdracht gegeven tot het 'bezanden' van wegen om ze in natte seizoenen begaanbaar te houden voor karrenverkeer. Maar landschapsgenetisch onderzoek toont een heel ander – en veel ouder – verhaal dat ons terugvoert naar de hoge middeleeuwen. De Oorspronkelijke Route: Over de Stroomruggen (ca. 1000) Rond het jaar 1000 zag het landschap ten zuiden van Utrecht er volkomen anders uit. De Oudwulverbroekwetering was toen nog een grillige, freatische Rijnarm. Om droog van de stad Utrecht naar Houten, Oud-Wulven en Heemstede te reizen, zocht men de hoogste en meest stabiele ondergrond op. Die route liep via de oeverwallen en stroomruggen: vanaf de Gansstraat over de Koppeldijk/Rijndijk en de Oud Wulfseweg. Dit was de primaire hoofdader. Pas met de afdamming van de Kromme Rijn bij Wijk bij Duurstede in 1122 verloor de oude geul haar natuurlijke toevoer, waarna deze strak gekanaliseerd en vergraven werd tot de Oudwulverbroekwetering om het drassige broekland af te wateren. De Grote Verkaveling en het Ontstaan van het Zandpad (13e/14e eeuw) Hier zien we de sleutel tot de ware ouderdom van het Houtensezandpad:
Het pad is dus ontstaan in de 13e of 14e eeuw als een slimme 'afsnijding'. De oude route via de Koppeldijk was kronkelig en in natte tijden langs het lage broekland vaak onbegaanbaar. Het Zandpad bood een snellere, directere verbinding over de wat hoger gelegen zand- en stroomruggen. Toen de Staten van Utrecht in 1632 besloten de weg te bezanden, ging het dan ook niet om de aanleg van een nieuwe weg, maar om noodzakelijk onderhoud aan een al eeuwenoude, populaire afsnijding! Modernisering, Tolheffing en de Komst van het Spoor (19e Eeuw) In de 19e eeuw transformeerde het landelijke pad naar een moderne provinciale weg. Bij Koninklijk Besluit van 13 maart 1821 werd de weg aangewezen als provinciale weg van de tweede klasse. In 1839 werd de route onder leiding van een commissie (met onder meer G.C.C.J. baron van Lynden en P. Hinlopen van Sterkenburg) opgewaardeerd tot een verharde grindweg van 4,20 meter breed. Om de kostbare aanleg en het onderhoud te dekken, werd er vanaf 1841 tol geheven. Bekende tolgaarders zoals Thomas L. den Hertog (1856-1883) en Anthonie Weerdenburg (1883-1908) werden markante figuren in de lokale gemeenschap. Pas rond 1907 werd de tol afgeschaft. ---- Het Houtensepad: Van Aloude Polderweg tot Registratie-erfenis 1. De Oorsprong: Een Eeuwenoude Verbinding Het Houtensepad vormt al eeuwenlang een historische verbinding vanuit de polder Maarschalkerweerd richting het grondgebied van Houten. De naam leefde generaties lang als een informele 'eigen naam' in de volksmond en de polderadministratie, zonder dat er ooit een formeel gemeentelijk straatnaambesluit aan te pas was gekomen. In de archieven is te zien hoe de weg op een situatietekening voor nieuwbouw ten zuiden van het pad aan de Schaapstraat e.o. op 12 februari 1881 al voluit werd aangeduid als het 'Houtensche pad'. 2. De Spellinghervorming en het Document uit 1953 Na de Tweede Wereldoorlog onderging de Nederlandse taal een grote modernisering. Met de wettelijke verankering van de spelling-Marchant in 1947 werd de stomme -ch aan het einde van bijvoeglijke naamwoorden afgeschaft. Woorden als Houtensch veranderden officieel in Houtens.
Dit document uit augustus 1953 vormt de administratieve vastlegging van de overgang waarbij de verouderde spelling Houtenschepad definitief werd geschrapt en fysiek op de straatnaamborden werd vervangen door de gemoderniseerde vorm: Houtensepad. 3. Het Raadsel van de Foutieve BAG-datum (1948) Bij modern historisch en archivistisch onderzoek door Stichting Houtense Hodoniemen kwam in het gemeentelijk straatnaamregister en de Landelijke Voorziening BAG (Basisregistratie Adressen en Gebouwen) een opmerkelijke datum naar boven. De BAG vermeldde namelijk dat de naam Houtensepad op donderdag 4 maart 1948 door Burgemeester en Wethouders zou zijn vastgesteld onder documentnummer 406/463 AZ. Uit grondige raadpleging van de originele notulen van B&W en de archieven bij Het Utrechts Archief (toegangen 1007-3 en 1338) bleek deze registratie echter aantoonbaar onjuist:
4. Formele Adreswijziging in 1976 Het oudst bekende en enige officiële besluit waarin de naam Houtensepad formeel in een gemeentelijk besluit opduikt, stamt uit woensdag 16 juni 1976. Met dit besluit werd de adressering van een boerderij nabij station Utrecht Lunetten formeel gewijzigd van Rijndijk naar Houtensepad. Dit besluit bevestigt evenwel dat het Houtensepad op dat moment al een bestaand pad en straatnaam was waaraan een adres werd gekoppeld. 5. De Stand van Zaken bij de BAG-beheerder Navraag bij de afdeling Administratie en BAG van de gemeente Utrecht bracht definitieve helderheid over de status van de straatnaam. Omdat het Houtensepad van oudsher een 'eigen naam' is gebleven, is er in de geschiedenis nooit een primair, formeel straatnaambesluit voor afgegeven. Hoewel de geregistreerde datum van 4 maart 1948 historisch gezien naar een verkeerd document verwijst, kan deze foutieve datum in de BAG Viewer niet worden aangepast. De BAG is immers juridisch en technisch ingericht om de actuele, vergunde situatie te borgen en kan geen besluitdatums registreren die ouder zijn dan de laatst ingevoerde status. Conclusie Het Houtensepad blijft een treffend voorbeeld van hoe een eeuwenoude volksnaam via de bordenvervanging uit het B&W-stuk van 24 augustus 1953 (kenmerk 406/694 A.Z.) en een adreswijziging in 1976 is doorgegroeid in de moderne administratie. Het toont de spanning tussen de historische werkelijkheid en moderne administratieve systemen: in het archief leeft het Houtensepad als een eeuwenoude polderweg zonder primair vaststellingsbesluit, terwijl de BAG een administratieve fictie. Middeleeuwse ontginning in Tolsteeg, Hoograven en De Koppel In de 10e en 11e eeuw begon het drassige veen- en kleigebied ten zuiden van de stad Utrecht drastisch te veranderen. Onder regie van de Utrechtse bisschoppen werd het woeste slagenlandschap stapsgewijs ontgonnen. De verkaveling van Tolsteeg, Hoograven en De Koppel werd gekenmerkt door een strak en gestructureerd patroon van langgerekte, smalle kavels (het zogeheten cope-systeem). Haaks op de ontginningsbasis — zoals de Kromme Rijn en de latere Vaartsche Rijn — werden diepe weteringen en scheidingssloten gegraven om de natte veengrond te ontwateren. Het gebied ten westen van de huidige spoorlijn kenmerkte zich door een bijzonder hoge slootdichtheid vanwege het zeer natte terrein. Het ontstaan van het Houtensezandpad (12e en 13e eeuw) Dwars door de strakke slagenverkaveling in het zuidwesten van de ambachtsheerlijkheid Buiten Tolsteeg ontstond in de 12e en 13e eeuw een cruciale landschappelijke verbinding: het Houtensezandpad (later ook bekend als het Houtensepad).
Hoewel de route in de 17e eeuw ingrijpend werd verhard en verbreed — en in de 20e eeuw grotendeels opging in de stedelijke infrastructuur van Lunetten en Hoograven — vormde dit 12e-eeuwse zandpad eeuwenlang de belangrijkste zuidelijke levensader vanuit Utrecht richting het Houtense platteland. uit 1948 in stand houdt. Verbinding Utrecht, Houten, Culemborgse Veer, Beusichemse Veer De doorgaande verbindingswegen vanuit Utrecht naar het zuiden en zuidoosten (17e tot 20e eeuw) Van de zeventiende tot ver in de twintigste eeuw vormden de routes door het Houtense platteland de belangrijkste verkeersaders vanuit de stad Utrecht richting de Betuwe, Gelderland en Noord-Brabant. In de archieven en ambtelijke correspondentie van de Staten van Utrecht — en later de Provinciale Waterstaat van Utrecht — stonden deze vaste tracés bekend onder kenmerkende aanduidingen als Utrecht, Houten, Schalkwijk, Culemborgs Veer en Houten, Beusichems Veer. Pas halverwege de twintigste eeuw verdween deze specifieke benaming uit het jargon van de wegenbouwers. De twee cruciale veerverbindingen Voordat de aanleg van moderne rijkssnelwegen de regio veranderde, waren de oeververbindingen over de Lek bepalend voor de routekeuze van paard en wagen en, later, de eerste generatie automobielen:
Van zandweg tot asfalteerwerk Ook het wegonderhoud langs deze historische tracés veranderde sterk door de eeuwen heen:
MacAdamweg Macadamwegen in Houten In 1840 veranderde het Houtense wegennet ingrijpend door de invoering van een nieuwe verhardingstechniek. De oude zandweg van Utrecht naar Culemborg werd verhard met grind en omgevormd tot een zogeheten macadamweg. Bij deze enkele jaren daarvoor uitgevonden methode werd de weg opgebouwd uit drie lagen grindkorrels. Een fundament van grove grindstenen vormde de basis, waarna twee lagen met kleinere grindkorrels stevig over de onderlaag werden gewalst. Tegelijkertijd werden de bestaande duikers en bruggen langs het tracé vernieuwd. Utrecht – Culemborg De aanleg van de weg startte in 1840 door aannemer A. v.d. Heuvel uit Maartensdijk. Om het project te financieren, schreef de provincie een geldlening uit onder particulieren. Elk jaar loste de provincie een deel van deze lening af, waardoor de weg stapsgewijs in provinciaal bezit kwam. Daarnaast werd er tol geheven om inkomsten te genereren uit het gebruik van de weg. In 1841 werd het traject officieel opgeleverd. Op 1 januari 1907 was de volledige geldlening afgelost en ging de weg definitief over in handen van de provincie Utrecht. Verdere verharding in het landschap Volgens de topografische kaart van 1868 waren inmiddels diverse doorgaande tracés in Houten verhard:
Verkeersdrukte en modernisering in de 20e eeuw Tegen 1933 nam de hoeveelheid verkeer door de dorpskern van Houten sterk toe. Om de dorpskom te ontlasten, werd de doorgaande route verlegd naar het westen van het dorp, via het tracé van de huidige Poort en de Prins Bernhardweg. In dezelfde periode zijn grote delen van de weg hersteld vanwege ernstige spoorvorming. Rond de periode van de Tweede Wereldoorlog werd de macadamlaag definitief vervangen door een modern asfaltdek. Bron: Oudhouten.nl Tollen 📜 𝐃𝐞 𝐆𝐞𝐬𝐜𝐡𝐢𝐞𝐝𝐞𝐧𝐢𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐓𝐨𝐥𝐡𝐞𝐟𝐟𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐝𝐞 𝐓𝐨𝐥𝐠𝐚𝐚𝐫𝐝𝐞𝐫𝐬𝐰𝐨𝐧𝐢𝐧𝐠 Het document beschrijft de historische context rondom de financiering en exploitatie van de weg tussen Houten en Waardenburg. In de beginjaren waren de tolgelden, aangevuld met een bescheiden provinciale subsidie, voldoende om de renten, kosten van aflossing van de onderhandse lening (negotiatie) en de operationele kosten van de Commissie te dekken. Dit veranderde echter ingrijpend na de ingebruikname van de spoorlijn van Utrecht over Houten naar Waardenburg op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟔𝟖. Door de komst van de vele stations en halteplaatsen tussen deze genoemde plaatsen nam het wegverkeer sterk af. Hierdoor daalden de opbrengsten van de tollen aanzienlijk, waardoor de Commissie steeds grotere moeite kreeg om de exploitatie van de weg sluitend te houden. Uiteindelijk besloot de provincie in het jaar 1905 om de weg weer in provinciaal beheer en exploitatie te nemen. Tegelijkertijd werd het besluit genomen om de Commissie te liquideren en de tollen te Houten en te Schalkwijk op te heffen. Dit gebeurde met ingang van 𝐳𝐚𝐭𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟎𝟕. Het toenmalige tolhuis werd vervolgens met ingang van 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐦𝐞𝐢 𝟏𝟗𝟎𝟖 opgeheven. Het wegvak vanaf de Gansstraat tot aan de spoorwegovergang, inclusief het voormalige tolhuis, werd daarna overgedragen aan de gemeente Utrecht. 🏡 𝐃𝐞 𝐁𝐞𝐰𝐨𝐧𝐞𝐫𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐓𝐨𝐥𝐠𝐚𝐚𝐫𝐝𝐞𝐫𝐬𝐰𝐨𝐧𝐢𝐧𝐠 • 𝐓𝐡𝐨𝐦𝐚𝐬 𝐝𝐞 𝐖𝐢𝐭 Aanleg spoorweg Rhijnspoorweg en de Staatslijn H De Spoorwegrevolutie rond het Houtensepad In de negentiende eeuw veranderde de aanleg van het Nederlandse spoorwegnet de omgeving ten zuiden van Utrecht ingrijpend. Eeuwenoude landelijke tracés, zoals het Houtensepad, zagen hun omgeving en verloop in korte tijd ingrijpend transformeren. De Rhijnspoorweg (1839–1845) De eerste grote ingreep was de aanleg van de Rhijnspoorweg door de Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij (NRS). Dit spoor werd tussen 1839 en 1845 aangelegd en verbond Amsterdam via Utrecht en Arnhem met de Duitse grens. Een deel van dit tracé werd aangelegd op het grondgebied van de toenmalige Houtense buurtschap Oud-Wulven. Spoorlijn Lunetten – Hilversum en het Eerste Station Lunetten In 1874 voegde de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij (HIJSM) hier nog een belangrijke verbinding aan toe: de spoorlijn van Hilversum naar Utrecht (de Oosterspoorweg), die ter hoogte van het huidige Lunetten op het netwerk aansloot. Ter hoogte van deze strategische spoorwegsplitsing verrees het eerste Station Lunetten. Omdat het gebied binnen de strenge bepalingen van de Kringenwet van de nabijgelegen Forten Lunetten viel, mochten gebouwen in eerste instantie vaak slechts in hout of als tijdelijke vakwerkconstructies worden neergezet. Dienstwoningen, Baanwachterswoningen en Arbeidershuisjes Om de intensieve exploitatie, het onderhoud en de beveiliging op dit drukke knooppunt in goede banen te leiden, verrees in de directe nabijheid een verscheidenheid aan spoorwegbebouwing:
Deze verzameling spoorwegwoningen en de bundeling van spoorbanen veranderden de eens zo rustige, drassige polderomgeving van het Houtensepad voorgoed in een levendig en karakteristiek infrastructuurknooppunt. Sluiting Spoorwegovergang Houtensepad 📰 𝐊𝐫𝐚𝐧𝐭𝐞𝐧𝐛𝐞𝐫𝐢𝐜𝐡𝐭: 𝐇𝐮𝐢𝐬 𝐚𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 𝐠𝐞𝐤𝐫𝐚𝐚𝐤𝐭 Het historische krantenartikel uit het 𝐄𝐜𝐡𝐭 𝐍𝐢𝐞𝐮𝐰𝐬𝐛𝐥𝐚𝐝 van 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟑 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟕𝟒 schetst een gedetailleerd beeld van de naderende sloop van woningen aan het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 te 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭. De ingrijpende verandering is het directe gevolg van de geplande sluiting van de dubbele overweg ter plaatse. Terwijl de plannen voor herinrichting definitief vormkrijgen, hebben vier jonge Utrechtse krakers bezit genomen van een van de reeds dichtgespijkerde panden om een statement te maken tegen de woningnood en de vernietiging van bruikbare woonruimte. 🚂 𝐃𝐞 𝐠𝐞𝐩𝐥𝐚𝐧𝐝𝐞 𝐬𝐥𝐨𝐨𝐩 𝐞𝐧 𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐨𝐯𝐞𝐫𝐰𝐞𝐠 Volgens het verslag staat het onomstotelijk vast dat de huizen die gesitueerd zijn tussen de dubbele overweg aan het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 nog in het lopende jaar 𝟏𝟗𝟕𝟒 zullen worden afgebroken. De 𝐍𝐞𝐝𝐞𝐫𝐥𝐚𝐧𝐝𝐬𝐞 𝐒𝐩𝐨𝐨𝐫𝐰𝐞𝐠𝐞𝐧 (𝐍𝐒) hebben de intentie uitgesproken om de overwegbomen per 𝐳𝐨𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟒 definitief te sluiten. Dit besluit hangt samen met het feit dat er door de intensivering van het treinverkeer op de trajecten van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 naar 𝐀𝐫𝐧𝐡𝐞𝐦 en 𝐃𝐞𝐧 𝐁𝐨𝐬𝐜𝐡 (en omgekeerd) steeds vaker treinen passeren, waardoor de spoorbomen vaker gesloten dan geopend zijn. Dit zorgt voor grote verkeershinder en gevaarlijke situaties. Het specifieke huis dat door de jongeren is gekraakt, bevindt zich precies op de hoek, direct tegen de spoorlijn 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭–𝐃𝐞𝐧 𝐁𝐨𝐬𝐜𝐡 aan. Tot voor enkele maanden werd deze hoekwoning nog bewoond door de familie 𝐃𝐞 𝐉𝐨𝐧𝐠, waarna het door de eigenaar of instanties volledig werd dichtgespijkerd in afwachting van de definitieve sloophamer. 🚧 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤𝐞 𝐩𝐥𝐚𝐧𝐧𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐢𝐧𝐳𝐚𝐠𝐞 Het ingediende voorstel van de 𝐆𝐞𝐝𝐞𝐩ute𝐞𝐫𝐝𝐞 𝐒𝐭𝐚𝐭𝐞𝐧 van de 𝐏𝐫𝐨𝐯𝐢𝐧𝐜𝐢𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 ligt op het moment van publicatie, vanaf deze week tot en met 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟏 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟗𝟕𝟒, ter inzage voor het publiek in het stadhuis van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭. Het plan behelst de realisatie van een nieuwe rijwiel- en voetgangerstunnel die een stuk verderop zal worden aangelegd om de verbinding te waarborgen. Automobilisten zullen na de sluiting van de overwegen echter definitief moeten omrijden. Bezwaarschriften tegen dit provinciale en gemeentelijke voornemen kunnen tot de genoemde sluitingsdatum schriftelijk worden ingediend bij de 𝐏𝐫𝐨𝐯𝐢𝐧𝐜𝐢𝐚𝐥𝐞 𝐒𝐭𝐚𝐭𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, gevestigd aan de 𝐀𝐜𝐡𝐭𝐞𝐫 𝐒𝐭. 𝐏𝐢𝐞𝐭𝐞𝐫 𝟐𝟎. Voor de meeste bewoners van het getroffen gedeelte van het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 is inmiddels vervangende woonruimte gevonden, waardoor de panden leeg kwamen te staan en gereed werden gemaakt voor de uiteindelijke afbraak. 🏠 𝐕𝐞𝐫𝐳𝐞𝐭 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐤𝐫𝐚𝐤𝐞𝐫𝐬: '𝐃𝐨𝐨𝐝𝐳𝐨𝐧𝐝𝐞' De vier Utrechtse jongeren kwamen op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠𝐚𝐯𝐨𝐧𝐝 𝟖 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟕𝟒 in actie en trokken het hoekpand binnen. Een van de woordvoerders van de groep, de jonge kraker 𝐇𝐮𝐦𝐩𝐡𝐫𝐞𝐲 𝐓𝐚𝐮𝐫𝐚𝐧, verklaart tegenover de verslaggever dat zij aanvankelijk van plan waren om de houten platen over de ramen tot 𝐳𝐨𝐧𝐝𝐚𝐠𝐨𝐜𝐡𝐭𝐞𝐧𝐝 𝟏𝟎 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟕𝟒 te laten zitten om geen onnodige aandacht te trekken. naderhand hebben zij de barricades echter volledig verwijderd. Al snel op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠𝐨𝐜𝐡𝐭𝐞𝐧𝐝 𝟏𝟏 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟕𝟒 kregen de krakers bezoek van twee rechercheurs van de spoorwegrecherche en op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠𝐨𝐜𝐡𝐭𝐞𝐧𝐝 𝟏𝟐 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟕𝟒 verscheen de 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭𝐬𝐞 𝐩𝐨𝐥𝐢𝐭𝐢𝐞 aan de deur. De politie was op zoek naar een weggelopen meisje, maar deze werd in het pand niet aangetroffen. Medekraker 𝐋𝐮𝐮𝐝 𝐊𝐫𝐨𝐮𝐰𝐞𝐥, die op nummer 9 zijn intrek heeft genomen, noemt de voorgenomen sloop een absolute 'doodzonde'. Hij benadrukt hoe ontzettend moeilijk het in deze tijd is voor jongeren om aan een fatsoenlijke kamer te komen. Het initiatief om dit pand aan het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 te kraken is bovendien afgestemd met het 𝐉𝐨𝐧𝐠𝐞𝐫𝐞𝐧 𝐀𝐝𝐯𝐢𝐞𝐬 𝐂𝐞𝐧𝐭𝐫𝐮𝐦 (𝐉𝐀𝐂). De krakers zijn van plan om in samenwerking met het 𝐉𝐀𝐂 te overleggen of ook de andere, aangrenzende dichtgespijkerde woning naast het seinhuis gekraakt kan worden voor bewoning. Het 𝐉𝐀𝐂 heeft inmiddels toegezegd ervoor te zorgen dat gas en licht weer op korte termijn aangesloten zullen worden via het storten van een vereiste borgsom. 💬 𝐌𝐨𝐭𝐢𝐯𝐚𝐭𝐢𝐞 𝐞𝐧 𝐫𝐞𝐚𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐬𝐩𝐨𝐨𝐫𝐰𝐞𝐠𝐞𝐧 De jongeren, die samen met twee meisjes het pand bewonen, geven aan dat het om een uitstekend bewoonbaar huis gaat waarin zij prima kunnen verblijven. Zij hopen dat het pand nog jaren mag blijven staan, al zien de vooruitzichten er gezien de sloopplannen somber uit. Kraker 𝐇𝐮𝐦𝐩𝐡𝐫𝐞𝐲 vergelijkt de woning met hun eerdere, veel slechtere ervaringen in de binnenstad van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, waar zij onder andere woonden aan de 𝐋𝐚𝐧𝐠𝐞 𝐑𝐨𝐬𝐞𝐧𝐝𝐚𝐚𝐥 en in de 𝐊𝐚𝐩𝐞𝐥𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭. Hij vraagt zich hardop af waarom het nodig was om het stationsbuurtje af te breken ten behoeve van 𝐇𝐨𝐨𝐠 𝐂𝐚𝐭𝐡𝐚𝐫𝐢𝐣𝐧𝐞 als er vervolgens goede huizen zoals deze aan het spoor worden gesloopt. De 𝐍𝐞𝐝𝐞𝐫𝐥𝐚𝐧𝐝𝐬𝐞 𝐒𝐩𝐨𝐨𝐫𝐰𝐞𝐠en hebben in een officiële reactie laten weten op korte termijn in gesprek te willen gaan met de krakers van het hoekpand. De spoorwegen handhaven echter hun standpunt dat de overwegen bij voorkeur per 𝐳𝐨𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟒 dicht moeten en dat de huizen daarna onherroepelijk afgebroken dienen te worden. Alvorens dit definitief kan gebeuren, moeten de 𝐏𝐫𝐨𝐯𝐢𝐧𝐜𝐢𝐚𝐥𝐞 𝐒𝐭𝐚𝐭𝐞𝐧 en de gemeenteraad van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 eerst hun formele goedkeuring aan de plannen hechten. 👥 𝐎𝐯𝐞𝐫𝐳𝐢𝐜𝐡𝐭 𝐯𝐚𝐧 𝐯𝐞𝐫𝐦𝐞𝐥𝐝𝐞 𝐛𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐩𝐞𝐫𝐬𝐨𝐧𝐞𝐧 • 𝐃𝐞 𝐉𝐨𝐧𝐠 (familie en voormalige bewoners van het hoekpand aan het Houtensepad) ---- S𝐚𝐦𝐞𝐧𝐰𝐞𝐫𝐤𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐨𝐨𝐫 𝐝𝐞 𝐚𝐚𝐧𝐥𝐞𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐟𝐢𝐞𝐭𝐬- 𝐞𝐧 𝐯𝐨𝐞𝐭𝐠𝐚𝐧𝐠𝐞𝐫𝐬𝐭𝐮𝐧𝐧𝐞𝐥 𝐧𝐚𝐛𝐢𝐣 𝐡𝐞𝐭 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 🚲 Het project omvat de aanleg van een nieuw fiets- en voetpad dat in het verlengde van de Laan van Soestbergen naar de Opaalweg loopt 🗺️. Om deze nieuwe verbinding optimaal te laten functioneren, worden de kosten voor de aansluiting van de tunnel op de Opaalweg en de Laan van Soestbergen volledig gedragen door de spoorwegmaatschappij, zoals nauwkeurig is ingetekend met een rode kleur op de projecttekening met dossiernummer 𝟏𝟎.𝟖𝟓𝟓-𝟒 📍. De gemeente Utrecht neemt op haar beurt specifiek de kosten voor de verbinding tussen de tunnel en het Tolsteegplantsoen voor haar rekening, welke zijn vastgesteld op een bedrag van ƒ 24.000,- 💰. Het gaat hierbij om de objecten gelegen aan het Houtensepad met de huisnummers 𝟕, 𝟗, 𝟖𝟐, 𝟖𝟒 en 𝟖𝟔. De spoorwegmaatschappij zal zelf trachten vervangende huisvesting te regelen voor de bewoners van deze percelen, eventueel door de gerichte aankoop van andere panden. De medewerking van de gemeente blijft hierbij strikt beperkt tot het verlenen van de benodigde woon- en sloopvergunningen 🏗️. Alle betrokken partijen streven ernaar dat deze 𝐰𝐨𝐧𝐢𝐧𝐠𝐞𝐧 volledig ontruimd zijn op het moment dat de overwegen definitief worden opgeheven, zodat de tijdelijke particuliere overpaden kunnen vervallen. Mocht de ontruiming onverhoopt vertraging oplopen, dan behoudt de gemeente zich het recht voor om op het punt van beveiliging van het overpad nader op de situatie terug te komen. Tevens is overeengekomen dat bepaalde artikelen met betrekking tot de wegewet uiterlijk op 𝐳𝐨𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟒 zullen vervallen ⏳. • 𝐂𝐨𝐥𝐥𝐞𝐠𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 (vertegenwoordiging van de gemeente en verstrekker van de vergunningen) 🏛️ D𝐞 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐒𝐨𝐞𝐬𝐭𝐛𝐞𝐫𝐠𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐝𝐞 𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐨𝐯𝐞𝐫𝐰𝐞𝐠𝐞𝐧 𝐢𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 🚂 Op 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟑 boog het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 zich over een belangrijk infrastructuurproject onder afdelingsnummer 𝐎𝐖/𝐒𝐎. en dossiernummers 𝟖𝟐𝟓𝟎, 𝟑𝟐𝟔𝟓, 𝟑𝟑𝟐𝟐, 𝟒𝟑𝟗𝟖. 📂 Het onderwerp van deze vergadering betrof de aanleg van een tunnel bij de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐒𝐨𝐞𝐬𝐭𝐛𝐞𝐫𝐠𝐞𝐧 en de daarmee samenhangende opheffing en sluiting van de overwegen in het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝. 🚧 Het advies dat voorlag, had betrekking op een brief van de 𝐍.𝐒. (Nederlandse Spoorwegen) van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟓 𝐣𝐮𝐥𝐢 𝟏𝟗𝟕𝟑 met een bijbehorende gewijzigde ontwerp-overeenkomst omtrent de aanleg van deze tunnel voor (brom)fietsers en voetgangers onder de spoorbanen. 🚲 Enkele wethouders plaatsten hierbij de kanttekening dat de verbinding expliciet geschikt moest zijn voor voetgangers. 🚶♂️ Daarnaast werd er gekeken naar de kosten verbonden aan de gelijktijdige realisering van de 𝐁𝐚𝐝𝐞𝐧 𝐏𝐨𝐰𝐞𝐥𝐥𝐰𝐞𝐠 om een volwaardige verbinding te maken tussen de tunnel en de 𝐎𝐩𝐚𝐚𝐥𝐰𝐞𝐠. 🛣️ Tijdens de behandeling op 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟑 werd door het college besloten de zaak aan te houden. ⏳ Twee dagen later, op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟑 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟑, volgde een nadere afdoening door de aanwezige bestuurders. ✍️ In de stukken wordt benadrukt dat de gemeenteraad van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 in principe heeft gekozen voor de aanleg ter hoogte van de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐒𝐨𝐞𝐬𝐭𝐛𝐞𝐫𝐠𝐞𝐧 en de bijbehorende onttrekking van de overwegen aan het openbaar verkeer om deze definitief te sluiten. 🛑 Indien de raad tijdig akkoord gaat, ligt de beslissing van de raad inzake de af te sluiten overeenkomst en de sluiting van de spoorwegovergangen reeds besloten in de aanleg van de ondergrondse doorgang. 🚇 Er werd op gewezen dat er een financieel of juridisch risico bestaat totdat de raad een definitieve beslissing heeft genomen, maar men achtte de opname van een specifieke vrijwaringsbepaling ten gunste van de vennootschap niet noodzakelijk om eventuele aansprakelijkheid van de gemeente te voorkomen bij het definitief sluiten en onttrekken van de overwegen. ⚖️ Zodra de gewijzigde ontwerp-overeenkomst met de 𝐍.𝐒. definitief is goedgekeurd, zal er zo spoedig mogelijk een formeel voorstel aan de raad worden voorgelegd. 📑 Het besluit werd bekrachtigd en ondertekend door het dagelijks bestuur van de stad: 🏢 Bron: HUA, 1338. --- De Bokkenbuurt: Lamstraat, Bokstraat en Kariboestraat De Geschiedenis van de Bokkenbuurt De Oorsprong en de Spoorwegen Aan het eind van de negentiende eeuw verrees er in Utrecht een karakteristieke volksbuurt: de Bokkenbuurt. De wijk werd destijds mede opgebouwd met woningen die specifiek bestemd waren voor de spoorwegmedewerkers van station Lunetten, in opdracht van de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij. Toen het gemeentebestuur, gevormd door het college van burgemeester en wethouders, zich boog over de naamgeving van de nieuwe straten, besloten zij aan te sluiten bij de geschiedenis van het gebied. Omdat er in de eerdere, omliggende weiden op bescheiden schaal kleine veeteelt werd bedreven met dit soort dieren, kreeg de buurt haar dierlijke straatnamen. Geografische Ligging en Grenzen Inbedding in Utrecht-Zuid De Bokkenbuurt is tegenwoordig een buurt in de stad Utrecht, gelegen in de provincie Utrecht, en maakt officieel deel uit van de wijk Zuid. De geografische ligging van deze subwijk wordt strak begrensd door historische en moderne infrastructurele lijnen. De Spoorwegovergang en de Infrastructuur De Veranderde Verbindingen De verbinding met de rest van de stad is door de jaren heen ingrijpend gewijzigd. Tot september 1974 was er in het Houtensepad, vanuit de Watervogelbuurt, nog een spoorwegovergang naar de Bokkenbuurt die geopend was voor alle verkeer. Na de definitieve sluiting van deze overweg is de situatie veranderd; tegenwoordig ligt er ongeveer 300 meter noordelijker een fietstunnel onder het spoor door voor wandelaars en fietsers. Stadsvernieuwing en Transformatie Van Sloop naar Nieuwbouw Vaf het einde van de jaren '70 onderging de Bokkenbuurt een ingrijpende gedaanteverandering. In het kader van de stadsvernieuwing werd de historische bebouwing van de buurt bijna helemaal vervangen door nieuwbouw. Het merendeel van de oorspronkelijke huizen — zo'n tachtig woningen — werd gesloopt. Hiervoor in de plaats kwamen ruim honderd nieuwe woningen terug. Later werd er aan de buurt nog één nieuwe straat toegevoegd: de Impalastraat, waarvan de huizen voor een deel zijn ingebouwd in de geluidswal die langs de spoorlijn loopt. Belangrijke Straten in de Buurt De Bokstraat en het Houtensepad Binnen deze buurt vormt de Bokstraat een van de centrale assen. Deze straat loopt vanaf de Maansteenweg tot aan de Hertenstraat en de Gemsstraat, waar de weg in overgaat. Op de Bokstraat komen twee zijstraten uit: de Rendierstraat en de Hertenhof. Direct naast de Bokstraat ligt een belangrijk en beeldbepalend onderdeel van de buurt: de Begraafplaats Tolsteeg. Het Stratennetwerk Het volledige stratennetwerk van de hedendaagse Bokkenbuurt weerspiegelt nog altijd het historische besluit van het gemeentebestuur en bestaat uit de volgende straten, laan en hof:
Bronnen Wikipedia Bokkenbuurt en Bokstraat, samengesteld met Google Gemini AI. ---- 𝐍𝐢𝐞𝐮𝐰𝐞 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐦𝐞𝐧 𝐢𝐧 𝐝𝐞 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🏛️📜 Op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟕 𝐣𝐮𝐥𝐢 𝟏𝟖𝟗𝟗 hebben Burgemeester en Wethouders van de gemeente Utrecht 🏛️ een officiële kennisgeving uitgevaardigd voor het vaststellen van nieuwe straatnamen 🛣️ in recent aangelegde delen van de stad. In dit besluit worden zeven specifieke straten en straatgedeelten aangeduid met hun nieuwe naamgeving, met name in de omgeving van de Houtensche Vlakte, de buurt met dierennamen (zoals de Bokstraat, Reestraat en Schaapstraat) 🐐🐑 en de Indische Buurt / Lombok-omgeving (met namen als de Maetsuykerstraat en Van Imhoffstraat) 🗺️. In de akte wordt onder meer verwezen naar de hofstede bewoond door 𝐏. 𝐝𝐞 𝐁𝐫𝐮𝐢𝐣𝐧 🏡 nabij de Houtensche Vlakte. 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐊𝐞𝐧𝐧𝐢𝐬𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 🖋️📄 𝐍𝐨. 𝟗𝟖 𝐛𝐢𝐬 𝐚 𝟏º. aan de straat, loopende van den overweg van den spoorweg naar 's-Hertogenbosch 🚂 aan de Houtensche vlakte in zuidelijke richting tot aan de hofstede, bewoond door 𝐏. 𝐝𝐞 𝐁𝐫𝐮𝐢𝐣𝐧 🏡, die van 𝐁𝐨𝐤𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 🐐; 𝟐º. aan de straat, loopende van bedoelden overweg in noordoostelijke richting, evenwijdig aan den spoorweg, die van 𝐋𝐚𝐦𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 🐑; 𝟑º. aan de straat, loopende van de Bokstraat in noordwestelijke richting, die van 𝐑𝐞𝐞𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 🦌; 𝟔º. aan de eerste straat, gerekend van af de Kanaalstraat, loopende van de Jan Pieterszoon Coenstraat in westelijke richting, snijdende de Pieter Bothstraat, vervolgens in noordwestelijke richting, snijdende de Johannes Camphuijsstraat en daarna in westelijke richting tot aan den Ouden Rijn (Leidsche kade) die van 𝐌𝐚𝐞𝐭𝐬𝐮𝐲𝐤𝐞𝐫𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 🗺️; 𝟕º. aan de tweede straat, gerekend van de Kanaalstraat af, loopende van de Jan Pieterszoon Coenstraat in oostelijke richting naar de Lombokstraat en in westelijke richting tot de Pieter Bothstraat, die van 𝐕𝐚𝐧 𝐈𝐦𝐡𝐨𝐟𝐟𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 🗺️. Utrecht 📍, 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟕 𝐣𝐮𝐥𝐢 𝟏𝟖𝟗𝟗 Burgemeester en Wethouders voornoemd, De Secretaris ✍️ De Burgemeester 👑 Bron: HUA, 1007-1. Samengesteld met Google Gemini AI. ---- 𝐖𝐨𝐧𝐢𝐧𝐠𝐛𝐨𝐮𝐰 𝐞𝐧 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐚𝐚𝐧𝐥𝐞𝐠 𝐚𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐜𝐡𝐞 𝐏𝐚𝐝
Op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟔 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟏𝟏 besprak de Commissie van Fabricage de aanvraag (ingekomen op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟓 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟏𝟏 na het adres van 𝐳𝐨𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟒 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟏𝟏). Belangrijkste bespreekpunten waren:
𝐁𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐏𝐞𝐫𝐬𝐨𝐧𝐞𝐧
Bron: HUA, 1007-3. Samengesteld met Google Gemini AI. ---- Overnamen Houtensepad: van Provincie Utrecht maar gemeente Utrecht 📜 𝐎𝐯𝐞𝐫𝐝𝐫𝐚𝐜𝐡𝐭 𝐯𝐚𝐧 𝐏𝐫𝐨𝐯𝐢𝐧𝐜𝐢𝐚𝐥𝐞 𝐖𝐞𝐠𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐎𝐧𝐝𝐞𝐫𝐡𝐨𝐮𝐝𝐬𝐥𝐚𝐬𝐭𝐞𝐧 𝐚𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🏛️📑 🗓️ 𝐃𝐚𝐭𝐮𝐦𝐬 𝐞𝐧 𝐁𝐞𝐬𝐭𝐮𝐮𝐫𝐥𝐢𝐣𝐤𝐞 Besluitvorming Het traject van afstemming en besluitvorming voltrok zich via de volgende cruciale momenten en vergaderingen: • 𝐳𝐚𝐭𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟑 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟗: De initiële verzoeksbrief inzake het overdragen van gedeelten van Provinciale weg nr. 𝟐𝟐 tussen de Liesbosbrug en de gemeentegrens. 🏢 𝐁𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐁𝐞𝐬𝐭𝐮𝐮𝐫𝐝𝐞𝐫𝐬 𝐞𝐧 𝐅𝐮𝐧𝐜𝐭𝐢𝐨𝐧𝐚𝐫𝐢𝐬𝐬𝐞𝐧 In de overlegstructuur en ondertekening van de provinciale en gemeentelijke besluiten staan de volgende personen vermeld: 🗺️ 𝐎𝐦𝐬𝐜𝐡𝐫𝐢𝐣𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐎𝐯𝐞𝐫𝐠𝐞𝐝𝐫𝐚𝐠𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐠𝐯𝐚𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐏𝐞𝐫𝐜𝐞𝐞𝐥𝐬𝐠𝐞𝐠𝐞𝐯𝐞𝐧𝐬 De overdracht betreft specifieke wegvakken, bermen, slootkanten en bijbehorende kunstwerken binnen de gemeente Utrecht: b. Het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 (gedeelte van provinciale weg nr. 𝟖), strekkende van de bij het Rijk (Oorlog) in onderhoud zijnde brug over de Fortgracht van de Lunetten (even ten zuiden van de Oude Liesbosweg) tot 𝟑𝟑𝟐 meter ten noorden van het viaduct over rijksweg nr. 𝟏𝟐, met een totale lengte van 𝟏𝟒𝟔𝟐 meter. Omvattende de verharding, de bermen met beplanting en de naar de weg toegekeerde helften van de wederzijdse bermsloten. 🌳 💰 𝐅𝐢𝐧𝐚𝐧𝐜𝐢ë𝐥𝐞 𝐑𝐞𝐠𝐞𝐥𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐀𝐟𝐤𝐨𝐨𝐩𝐬𝐨𝐦𝐦𝐞𝐧 Voor de overdracht van de onderhoudslasten en kunstwerken zijn de volgende specifieke financiële voorwaarden en afkoopsommen vastgesteld: • Voor de onderhoudskosten van de wegvakken van de Utrechtse straatweg, het Houtensepad en de Koningsweg ontvangt de gemeente een jaarlijkse vergoeding van maximaal ƒ 𝟑.𝟎𝟎𝟎,- per kilometer, zolang deze op het provinciaal wegenplan voorkomen. 💶 • Ter zake van de algehele bevrijding van de onderhoudslast van de Weg langs de Vecht en de daarin gelegen vaste brug over de Klopvaart is een eenmalige afkoopsom vastgesteld van ƒ 𝟐𝟏𝟓.𝟓𝟎𝟎,- (gekapitaliseerd tegen de penning 𝐗𝐗𝐕). 💵 • Alle in de overdracht begrepen weggedeelten en bijbehorende kunstwerken die eigendom zijn van de provincie worden aan de gemeente Utrecht overgedragen voor het symbolische bedrag van ƒ 𝟏,- in totaal. 🪙 🏛️ 𝐇𝐢𝐬𝐭𝐨𝐫𝐢𝐬𝐜𝐡𝐞 𝐀𝐧𝐚𝐥𝐲𝐬𝐞 𝐞𝐧 𝐒𝐚𝐦𝐞𝐧𝐯𝐚𝐭𝐭𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭𝐬𝐞 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞𝐫𝐚𝐚𝐝𝐬- 𝐞𝐧 𝐍𝐨𝐭𝐚𝐫𝐢ë𝐥𝐞 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭𝐞𝐧 📌 𝐈𝐧𝐥𝐞𝐢𝐝𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐂𝐨𝐧𝐭𝐞𝐱𝐭 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐎𝐯𝐞𝐫𝐝𝐫𝐚𝐜𝐡𝐭 In de tweede helft van de twintigste eeuw vond er in de gemeente Utrecht een omvangrijke herstructurering en optimalisatie plaats van het eigendom en beheer van diverse provinciale infrastructuurwerken, wegen en omliggende gronden. Om te zorgen voor een logisch en efficiënt beheer van de wegenstructuur en aanpalende terreinen binnen de gemeentegrenzen, traden het gemeentebestuur van Utrecht en het provinciaal bestuur van Utrecht met elkaar in overleg over de eigendomsoverdracht van onder meer gedeelten van de Utrechtsestraatweg, het Houtensepad en de gronden nabij de Koningsweg. De formele besluitvorming hiervoor werd in gang gezet door een voorstel van het College van Burgemeester en Wethouders van Utrecht op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟐 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟐 (Gedrukt Verslag 1962, nr. 10). In deze voordracht werd voortgebouwd op eerdere raadsbesluiten uit 𝐭𝐮𝐞𝐬𝐝𝐚𝐲 𝟐𝟕 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟗 en 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟏 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟏. Het officiële besluit van de gemeenteraad van Utrecht werd genomen in de openbare raadsvergadering van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟓 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟐. Dit raadsbesluit werd vervolgens bekrachtigd en goedgekeurd door het college van Gedeputeerde Staten van Utrecht op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟓 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟔𝟐 (No. 1689 D.M.). De uiteindelijke notariële en financiële afhandeling vond plaats ten stadhuize van Utrecht op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟏 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟔, waarna het definitieve gemeentelijke uitvoeringsbesluit werd opgesteld op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟏 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟔. 🗺️ 𝐆𝐞𝐝𝐞𝐭𝐚𝐢𝐥𝐥𝐞𝐞𝐫𝐝𝐞 𝐎𝐛𝐣𝐞𝐜𝐭- 𝐞𝐧 𝐊𝐚𝐝𝐚𝐬𝐭𝐫𝐚𝐥𝐞 𝐆𝐞𝐠𝐞𝐯𝐞𝐧𝐬 De overgedragen onroerende goederen omvatten diverse weggedeelten, paden en aanliggende percelen in de kadastrale gemeente Utrecht. In de akten en bijbehorende raadsbesluiten worden de perceelnummers en oppervlakten zeer specifiek aangeduid: 1. Utrechtsestraatweg (Tekening nr. A 13.005) Het gedeelte van de Utrechtsestraatweg, zoals aangegeven op de bijbehorende tekening met een gele kleur. Dit omvat de volgende kadastrale percelen: • Kadastraal bekend gemeente Utrecht, 𝐒𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐑, 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟕𝟖 (geheel) • Kadastraal bekend gemeente Utrecht, 𝐒𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐑, 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟕𝟗 (gedeeltelijk, in de latere notariële akte aangeduid als nummer 239 gedeeltelijk) Deze percelen van de Utrechtsestraatweg hebben tezamen een totale grootte van 𝟎,𝟏𝟑,𝟕𝟎 𝐡𝐚 (1.370 m²). 3. Koningsweg en Aanpalende Strook Grond Bij de notariële afhandeling op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟏 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟔 werd tevens een gedeelte van de Koningsweg met een aangrenzende strook grond overgedragen, behorende tot het besluit van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟏 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟏: 👥 𝐁𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐏𝐚𝐫𝐭𝐢𝐣𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐀𝐦𝐛𝐭𝐞𝐧𝐚𝐫𝐞𝐧 Voor de totstandkoming, vertegenwoordiging en notariële bekrachtiging van deze overdrachten staan de volgende ambtelijke functionarissen en notarissen vermeld in de stukken: 💰 𝐅𝐢𝐧𝐚𝐧𝐜𝐢ë𝐥𝐞 𝐁𝐞𝐩𝐚𝐥𝐢𝐧𝐠𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐊𝐨𝐨𝐩𝐩𝐫𝐢𝐣𝐬 Aangezien deze eigendomsoverdrachten een publieke taakverschuiving en beheersoverdracht betreffen tussen de Provincie Utrecht en de Gemeente Utrecht, zijn voor de transacties symbolische koopprijzen vastgesteld: 📜 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐎𝐟𝐟𝐢𝐜𝐢ë𝐥𝐞 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭𝐞𝐧 Gemeenteraadsbesluit Utrecht (𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟓 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟐): Gelezen de voordracht van Burgemeester en Wethouders van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟐 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟐 (Gedr. Verz. 1962, nr. 10); BESLUIT: I. van de provincie Utrecht tegen een koopprijs van ƒ 𝟐,- in totaal alle rechten van eigendom over te nemen, welke zij kan doen gelden op: a. de gedeelten van de Utrechtsestraatweg, welke op de bij dit besluit behorende tekening nr. A 13.005 met een gele kleur zijn aangegeven, kadastraal bekend gemeente Utrecht, 𝐒𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐑, 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟕𝟖 geheel en 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟕𝟗 gedeeltelijk, en tezamen groot 0.13.70 ha; b. het gedeelte van het Houtensepad, hetwelk op de eveneens bij dit besluit behorende tekening nr. A 13.007 met een gele kleur is aangegeven, kadastraal bekend gemeente Utrecht, 𝐒𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐔, 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫𝐬 𝟏𝟔 en 𝟑𝟒, beide geheel, en 𝐒𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐎, 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟐𝟐𝟔 gedeeltelijk, tezamen groot 1.14.30 ha; Aldus besloten in de openbare vergadering van de Raad, gehouden op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟓 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟐. BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN UTRECHT Overwegende, dat op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟏 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟔 ten Stadhuize, voor 𝐦𝐫. 𝐉. 𝐇𝐨𝐟𝐬𝐭𝐞𝐝𝐞, notaris alhier, is verleden de akte inzake de aankoop door de gemeente van de provincie Utrecht, van: b. een gedeelte van het Houtensepad, kadastraal bekend gemeente Utrecht, 𝐒𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐔, 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫𝐬 𝟏𝟔 en 𝟑𝟒 en 𝐒𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐎, 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟐𝟐𝟔 gedeeltelijk, in totaal groot 11.430 m², en twee gedeelten van de Utrechtsestraatweg, kadastraal bekend gemeente Utrecht, 𝐒𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐑, 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟕𝟖 geheel en 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟐𝟑𝟗 gedeeltelijk, tezamen groot 1.370 m², ter uitvoering van de raadsbesluiten van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟏 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟏, nr. 6468 O.W. en 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟓 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟐, nr. 171 O.W., goedgekeurd door de Gedeputeerde Staten der provincie Utrecht, bij beschikking van onderscheidenlijk 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟏 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟏 (en 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝓓 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟔𝟐); Overwegende, dat daarbij door de gemeente is betaald een koopprijs van ƒ 𝟑,- in totaal; Nieuwbouwwijk Lunetten en inpassing van het Houtensepad Aanleg nieuwe provinciale verbinding, Utrecht, Nieuwegein - Houten 🚌 𝐃𝐞 𝐍𝐢𝐞𝐮𝐰𝐞 𝐖𝐞𝐠 𝐓𝐮𝐬𝐬𝐞𝐧 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧 𝐄𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 𝐈𝐧 𝐆𝐞𝐛𝐫𝐮𝐢𝐤 𝐆𝐞𝐧𝐨𝐦𝐞𝐧 Door de ingebruikname van deze nieuwe verkeersader reed de lijndienst van de 𝐍𝐕 𝐕𝐞𝐫𝐞𝐧𝐢𝐠𝐝 𝐒𝐭𝐫𝐞𝐞𝐤𝐯𝐞𝐫𝐯𝐨𝐞𝐫 𝐖𝐞𝐬𝐭𝐧𝐞𝐝𝐞𝐫𝐥𝐚𝐧𝐝 vanaf die bewuste maandag niet langer via de oude, vertrouwde 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭𝐬𝐞𝐰𝐞𝐠 en het historische 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 om Utrecht te bereiken. In plaats daarvan werd een geheel nieuwe route geïntroduceerd die via de zogeheten 𝐄𝐧𝐠𝐞𝐥𝐞𝐧𝐛𝐨𝐜𝐡𝐭 zou gaan rijden. Dit betekende een aanzienlijke modernisering en stroomlijning van het regionale busvervoer tussen de groeiende gemeente Houten en de nabijgelegen domstad. 🚌 📍 𝐃𝐞 𝐀𝐚𝐧𝐠𝐞𝐩𝐚𝐬𝐭𝐞 𝐑𝐨𝐮𝐭𝐞𝐬 𝐄𝐧 𝐇𝐚𝐥𝐭𝐞𝐬 𝐈𝐧 𝐃𝐞 𝐒𝐭𝐚𝐝 Binnen de gemeentegrenzen van Utrecht bracht de routewijziging de nodige aanpassingen met zich mee voor de reizigers. De oude route, die liep via het traject 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝, 𝐋𝐚𝐦𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭, 𝐎𝐩𝐚𝐚𝐥𝐰𝐞𝐠 en de 𝐒𝐚𝐟𝐟𝐢𝐞𝐫𝐥𝐚𝐚𝐧, werd vanaf 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟔 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟒 definitief gewijzigd. De bussen verplaatsten hun traject naar de 𝐏𝐫𝐨𝐯𝐢𝐧𝐜𝐢𝐚𝐥𝐞𝐰𝐞𝐠 𝐒 𝟏𝟑 – 𝐒 𝟏𝟗, om vervolgens langs de 𝐆𝐫𝐨𝐞𝐧𝐭𝐞𝐧𝐯𝐞𝐢𝐥𝐢𝐧𝐠 via 𝐋𝐚𝐚𝐠𝐫𝐚𝐯𝐞𝐧 naar het verkeersplein 𝐑𝐢𝐣𝐤𝐬𝐰𝐞𝐠 𝟏𝟐 onder Nieuwegein-Utrecht te koersen. Vanaf dat knooppunt werd een gedeelte van 𝐑𝐢𝐣𝐤𝐬𝐰𝐞𝐠 𝟏𝟐 gevolgd tot aan de cruciale afslag naar de 't 𝐆𝐨𝐲𝐥𝐚𝐚𝐧. 🗺️ Voor reizigers met de bestemming Centraal Station veranderde er eveneens het een en ander wat betreft de stopplaatsen. De route richting het Utrechtse hoofdstation liep voortaan vanaf de 𝐆𝐨𝐲𝐥𝐚𝐚𝐧 via de 𝐂𝐨𝐧𝐬𝐭𝐚𝐧𝐭 𝐄𝐫𝐳𝐞𝐢𝐣𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭, met strategische haltes bij de 𝐓𝐨𝐥𝐬𝐭𝐨𝐲𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 (in de tekst vermeld als 𝐕𝐮𝐥𝐭𝐨𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭), de 𝐒𝐦𝐚𝐫𝐚𝐠𝐝𝐩𝐥𝐞𝐢𝐧, de 𝐁𝐫𝐢𝐥𝐣𝐚𝐧𝐭𝐥𝐚𝐚𝐧, de 𝐁𝐚𝐝𝐞𝐧 𝐏𝐨𝐰𝐞𝐥𝐥𝐰𝐞𝐠 en de 𝐕𝐨𝐧𝐝𝐞𝐥𝐥𝐚𝐚𝐧. Hierbij werden belangrijke stoppunten aangedaan zoals de 𝐀𝐜𝐚𝐝𝐞𝐦𝐢𝐬𝐜𝐡 𝐙𝐢𝐞𝐤𝐞𝐧𝐡𝐮𝐢𝐬 en de 𝐍𝐢𝐜. 𝐁𝐞𝐞𝐭𝐬𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭, waarna de bus via het 𝐖𝐢𝐥𝐥𝐞𝐦𝐬𝐩𝐥𝐚𝐧𝐭𝐬𝐨𝐞𝐧, de halte 𝐖𝐢𝐥𝐥𝐞𝐦𝐬𝐯𝐢𝐚𝐝𝐮𝐜𝐭 en het 𝐌𝐨𝐫𝐞𝐞𝐥𝐬𝐞𝐩𝐚𝐫𝐤 het 𝐒𝐭𝐚𝐭𝐢𝐨𝐧𝐬𝐩𝐥𝐞𝐢𝐧 bereikte. 🚉 Door deze grootschalige routewijziging kwamen de oude, vertrouwde bushaltes bij de 𝐋𝐚𝐦𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 en op de 𝐒𝐚𝐟𝐟𝐢𝐞𝐫𝐥𝐚𝐚𝐧 definitief te vervallen. De krant merkte destijds op dat het in de uitdrukkelijke bedoeling lag dat er in de nabije toekomst een gloednieuwe halte bij de 𝐆𝐫𝐨𝐞𝐧𝐭𝐞𝐧𝐯𝐞𝐢𝐥𝐢𝐧𝐠 in Utrecht in gebruik genomen zou gaan worden, om zo de bereikbaarheid van dit economische knooppunt te optimaliseren. 🍏 🚗 𝐓𝐞 tij𝐝𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤𝐞 𝐌𝐚𝐚𝐭𝐫𝐞𝐠𝐞𝐥𝐞𝐧 𝐕𝐨𝐨𝐫 𝐇𝐞𝐭 𝐀𝐮𝐭𝐨𝐯𝐞𝐫𝐤𝐞𝐞𝐫 𝐄𝐧 𝐅𝐢𝐞𝐭𝐬𝐞𝐫𝐬 Tot die tijd werden fietsers en bromfietsers nadrukkelijk geadviseerd en verplicht om nog gebruik te blijven maken van de 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭𝐬𝐞𝐰𝐞𝐠 en het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝. Ondertussen liepen er op de achtergrond uitgebreide onderzoeken naar het eventueel invoeren van een alternatieve tweewielerroute via het gebied rond het 𝐁𝐥𝐚𝐮𝐰𝐞 𝐇𝐮𝐢𝐬 (in de tekst geschreven als 𝐁𝐥𝐚𝐢𝐣𝐰𝐞 𝐇𝐮𝐢𝐬). Om deze infrastructurele plannen verder te bespreken en te toetsen, stond er in de week van publicatie een officiële hoorzitting gepland in het 𝐏𝐫𝐨𝐯𝐢𝐧𝐜𝐢𝐞𝐡𝐮𝐢𝐬. 🏛️ Het tweede krantenbericht, gedateerd op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟕 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞 r 𝟏𝟗𝟕𝟒, bevestigde met een bijbehorende foto nogmaals dat de nieuwe weg tussen Houten en Utrecht inderdaad vanaf de voorafgaande maandagmiddag volledig was opengesteld voor het rijdende verkeer. De begeleidende tekst onderstreepte dat de bussen van 𝐖𝐞𝐬𝐭𝐧𝐞der𝐥𝐚𝐧𝐝 vanaf dat moment definitief via de 𝐄𝐧𝐠𝐞𝐥𝐞𝐧𝐛𝐨𝐜𝐡𝐭 bij 𝐋𝐚𝐚𝐠𝐫𝐚𝐯𝐞𝐧 reden, in plaats van de historische routes over de 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭𝐬𝐞𝐰𝐞𝐠 en het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 te handhaven. 📸 Naamgeving: Houtensepad, Meerkoetstraat en het Oude Houtensepad ✉️ 𝐄𝐞𝐧 𝐕𝐥𝐨𝐞𝐢𝐞𝐧𝐝 𝐞𝐧 𝐇𝐢𝐬𝐭𝐨𝐫𝐢𝐬𝐜𝐡 𝐒𝐚𝐦𝐞𝐧𝐯𝐚𝐭𝐭𝐞𝐧𝐝 𝐕𝐞𝐫𝐡𝐚𝐚𝐥 𝐨𝐯𝐞𝐫 𝐡𝐞𝐭 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 Op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟓 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟔 werd een zeer gedetailleerde en dringende brief opgesteld door een betrokken en trotse burger uit Utrecht 🏛️. Deze brief was rechtstreeks gericht aan het 𝐂𝐨𝐥𝐥𝐞𝐠𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 𝐝𝐞𝐫 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭. De aanleiding voor dit schrijven was een voorgenomen besluit van de gemeente om de historische straatnaam van het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 ingrijpend te wijzigen in de 𝐌𝐞𝐞𝐫𝐤𝐨𝐞𝐭𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭. Dit voornemen stuitte op hevig verzet en diepe onvrede onder de lokale bewoners van deze karakteristieke buurt 🏡. De opsteller van de brief introduceert zichzelf als een zeventigjarige, geboren en getogen 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭𝐞𝐫 die al sinds zijn geboorte woonachtig is aan het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝. Vanuit deze diepe historische betrokkenheid reageert hij op een eerdere formele brief van de gemeente Utrecht met kenmerk 𝐍𝐫. 𝟒𝟗𝟒𝟗 𝐈𝐈 𝐀𝐙, die gedateerd was op 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟑 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟔. De gemeente had destijds een enquête ingesteld onder de bewoners van de percelen aan het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝, maar volgens de briefschrijver was de opzet daarvan verre van representatief en kon de uitkomst ervan gerust als een "farce" worden beschouwd. Om de werkelijke stem van de buurt te laten horen, was er in de tussentijd door de buurtbewoners zelf al actie ondernomen 📊. Onder leiding van een daadkrachtige woordvoerster werd er namelijk een onafhankelijk buurtonderzoek op poten gezet. De resultaten van deze eigen 'huis-aan-huis-enquête' lieten een totaal ander beeld zien dan de ambtelijke cijfers deden vermoeden. Waar de gemeente sprak over een bepaalde verhouding, toonde het buurtinitiatief aan dat een overtuigende meerderheid van de bewoners fel tegen de naamswijziging was gekant. De bewoners voelden absoluut geen enkele binding met een naam als de 𝐌𝐞𝐞𝐫𝐤𝐨𝐞𝐭𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 en wilden de historische identiteit van hun vertrouwde pad ten koste van alles beschermen 🌳. In het lopende verhaal legt de schrijver op een levendige manier uit waarom de naam 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 zo cruciaal is voor de cultuurhistorie van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭. Aan de linkerzijde van dit pad (komende vanaf de 𝐆𝐚𝐧𝐬𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭) bevinden zich riante en relatief nieuwe woonhuizen die in uitstekende staat verkeren. Aan de rechterzijde sieren maar liefst twee monumenten de omgeving. Het meest in het oog springende monument is het zogeheten "𝐎𝐮𝐝𝐞 𝐓𝐨𝐥𝐡𝐮𝐢𝐬", een prachtig historisch overblijfsel van 'oud Utrecht' dat onlosmakelijk met het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 is verbonden. Het schrappen van de straatnaam zou volgens de briefschrijver beijkomen op een visuele en historische 'begrafenis' van dit eeuwenoude erfgoed 🚂. Daarnaast huisvest het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 diverse actieve ondernemers met uitgebreide internationale relaties en bevindt zich er het alom bekende lokale dierenasiel. De schrijver wijst er fijntjes op dat eventuele saneringsplannen en stadsvernieuwing zich veel beter kunnen richten op de nabijgelegen 𝐋𝐚𝐦𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭. De woningen aan de 𝐋𝐚𝐦𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 verkeren in een aanzienlijk slechtere hygiënische en sanitaire staat (waarbij zelfs basale sanitaire voorzieningen en wc's tekortschieten) en voldoen absoluut niet aan de eisen van moderne behuizing. Het is dan ook volstrekt onlogisch om de naam van het goed onderhouden en historische 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚d op te offeren 🚧. Om het college van 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 tegemoet te komen, sluit de brief af met zeven zeer concrete en constructieve suggesties om de oriëntatie in de wijk te waarborgen zonder historische schade aan te richten. Zo wordt geopperd om het specifieke weggedeelte van de 𝐋𝐚𝐦𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 vanaf het benzine-servicestation 𝐋𝐮𝐧𝐞𝐭𝐭𝐞𝐧 tot aan de straathoek tegenover de afgesloten spoorwegovergang simpelweg om te dopen tot de "𝐕𝐞𝐫𝐥𝐞𝐧𝐠𝐝𝐞 𝐋𝐚𝐦𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭". Op deze manier blijven de historische stadskaarten van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 gespaard van ingrijpende wijzigingen, worden onnodige gemeentelijke kosten voorkomen en blijft het karakter van het 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧𝐬𝐞𝐩𝐚𝐝 onverkort behouden voor de toekomst 🗺️. 👤 𝐁𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐏𝐞𝐫𝐬𝐨𝐧𝐞𝐧 𝐯𝐞𝐫𝐦𝐞𝐥𝐝 𝐢𝐧 𝐝𝐞 𝐂𝐨𝐫𝐫𝐞𝐬𝐩𝐨𝐧𝐝𝐞𝐧𝐭𝐢𝐞 Hieronder volgt het overzicht van de personen die expliciet in het document worden genoemd, strikt weergegeven volgens de gevraagde opsommingslijst: • 𝐌. 𝐁𝐨𝐭𝐡𝐨𝐟-𝐯. 𝐁𝐞𝐞𝐬𝐭 🔍 𝐊𝐚𝐝𝐚𝐬𝐭𝐫𝐚𝐥𝐞 𝐞𝐧 𝐓𝐨𝐩𝐨𝐠𝐫𝐚𝐟𝐢𝐬𝐜𝐡𝐞 𝐎𝐦𝐬𝐜𝐡𝐫𝐢𝐣𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐎𝐛𝐣𝐞𝐜𝐭 Aangezien dit specifieke document een ambtelijk bezwaarschrift/correspondentiebrief betreft en geen notariële leveringsakte of hypotheekakte nummer 4, zijn er in de tekst geen formele kadastrale secties, perceelnummers of titels van herkomst en eerdere verkrijging opgenomen. Wel bevat het document uiterst gedetailleerde geografische en topografische aanduidingen van de betreffende onroerende goederen en de openbare ruimte:
|
|
|
Gezicht op de voorgevel van het huis Oude Houtensepad 2 van de familie Bothof in otober 1982 ("Het Witte Huis") te Utrecht. |
𝐕𝐞𝐫𝐤𝐨𝐨𝐩 𝐯𝐚𝐧 𝐞𝐞𝐧 𝐒𝐭𝐮𝐤𝐣𝐞 𝐁𝐨𝐮𝐰𝐥𝐚𝐧𝐝 𝐧𝐚𝐛𝐢𝐣 𝐡𝐞𝐭 𝐓𝐨𝐥𝐡𝐮𝐢𝐬 𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 Op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟑𝟎 𝐣𝐮𝐧𝐢 𝟏𝟖𝟒𝟐 📜 werd te Utrecht een onderhandse verkoopakte opgesteld ✍️. Namens de 𝐅𝐮𝐧𝐝𝐚𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐫𝐢𝐚 𝐯𝐚𝐧 𝐏𝐚𝐥𝐥𝐚𝐞𝐬 trad op 𝐉𝐚𝐧 𝐋𝐚𝐦𝐛𝐞𝐫𝐭𝐮𝐬 𝐇𝐞𝐧𝐝𝐫𝐢𝐤 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐚𝐦, administrateur van de fundatie, als gemachtigde op grond van Zijner Majesteits besluit van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟒 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟖𝟒𝟐 nummer 104 🏛️. Hij verkocht een 𝐬𝐭𝐮𝐤𝐣𝐞 𝐛𝐨𝐮𝐰𝐥𝐚𝐧𝐝 🌾 gelegen tegenover het Tolhuis aan het begin van de Houtenscheweg 🛣️, nabij de Algemeene Burgerlijke Begraafplaats te Utrecht 🪦. Het verkochte object betreft een 𝐬𝐭𝐮𝐤𝐣𝐞 𝐛𝐨𝐮𝐰𝐥𝐚𝐧𝐝, kadastraal bekend in de 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, 𝐒𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐀, 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟒𝟓8, 𝐠𝐫𝐨𝐨𝐭 𝐞𝐥𝐟 𝐫𝐨𝐞𝐝𝐞𝐧 𝐭𝐢𝐞𝐧 𝐞𝐥𝐥𝐞𝐧 📐. Ten aanzien van de titel van herkomst behoort het perceel toe aan de 𝐅𝐮𝐧𝐝𝐚𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐫𝐢𝐚 𝐯𝐚𝐧 𝐏𝐚𝐥𝐥𝐚𝐞𝐬, welke daarvan sedert onheugelijke jaren het ongestoord bezit en genot heeft gehad en uitgeoefend 📜. Op dit perceel werd in 1844 het Witte Huis gebouwd aan het Oude Houtensepad 2. De verkoop is geschied aan 𝐉𝐚𝐜𝐨𝐛𝐮𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐢𝐣𝐤, opzigter van den Schalkwijkschen weg, voor de som van ƒ 200,- 💰. De akte is op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟖 𝐣𝐮𝐥𝐢 𝟏𝟖𝟒𝟐 ingeschreven in het register van de hypotheekbewaarder 📑. De koper neemt de verponding en verdere lasten over na 31 december 1842 📅. Tevens verbindt de koper zich om op het terrein geen nadelige handel, bedrijf of nering uit te oefenen, op straffe van een boete ten behoeve van de algemene armen van Utrecht 🏛️. 𝐁𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐏𝐞𝐫𝐬𝐨𝐧𝐞𝐧 • Koper: 𝐉𝐚𝐜𝐨𝐛𝐮𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐢𝐣𝐤, opzigter van den Schalkwijkschen weg. Het Utrechts Archief , toegang 1294 deel 38, folio 24. Samengesteld met Google Gemini AI. ---- 𝐎𝐯𝐞𝐫𝐝𝐫𝐚𝐜𝐡𝐭 𝐯𝐚𝐧 𝐞𝐞𝐧 𝐒𝐭𝐮𝐤𝐣𝐞 𝐁𝐨𝐮𝐰𝐥𝐚𝐧𝐝 𝐚𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐓𝐨𝐥𝐬𝐭𝐞𝐞𝐠 𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🌾📜 Op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟒𝟔 vond te Utrecht de overschrijving plaats van een notariële akte van verkoop en overdracht 🏛️. De heer 𝐦𝐫. 𝐏𝐢𝐞𝐭𝐞𝐫 𝐕𝐞𝐫𝐥𝐨𝐫𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐓𝐡𝐞𝐦𝐚𝐚𝐭, in zijn kwaliteit als rentmeester-generaal van de Ridderlijke Duitsche Orde Balije van Utrecht, handelde ter zake namens deze eerwaarde orde ⚔️. Hij was hiertoe naar behoren geautoriseerd bij akte verleden op 𝐬𝐚𝐭𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟔 𝐦𝐞𝐢 𝟏𝟖𝟒𝟔 voor 𝐦𝐫. 𝐆. 𝐉. 𝐇. 𝐒𝐭𝐞𝐯𝐞𝐧𝐬 te Utrecht ✍️. Het verkochte object betreft een perceel 𝐛𝐨𝐮𝐰𝐥𝐚𝐧𝐝 gelegen buiten de Tolsteeg onder de 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, bekende in het kadaster als 𝐒𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐀, 𝐧𝐮𝐦𝐦𝐞𝐫 𝟒𝟔𝟐, met een grootte van 𝟏𝟒 𝐫𝐨𝐞𝐝𝐞𝐧 𝟐𝟎 𝐞𝐥𝐥𝐞𝐧 (oftewel 𝟎 𝐡𝐞𝐜𝐭𝐚𝐫𝐞𝐧, 𝟏 𝐚𝐫𝐞 𝐞𝐧 𝟒𝟐 𝐜𝐞𝐧𝐭𝐢𝐚𝐫𝐞𝐧) 📐. 𝐁𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐏𝐞𝐫𝐬𝐨𝐧𝐞𝐧 👥 • 𝐕𝐞𝐫𝐤𝐨𝐩𝐞𝐫 (𝐠𝐞𝐦𝐚𝐜𝐡𝐭𝐢𝐠𝐝𝐞): 𝐦𝐫. 𝐏𝐢𝐞𝐭𝐞𝐫 𝐕𝐞𝐫𝐥𝐨𝐫𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐓𝐡𝐞𝐦𝐚𝐚𝐭, in kwaliteit van rentmeester-generaal van de Ridderlijke Duitsche Orde Balije van Utrecht 🏛️ 𝐓𝐢𝐭𝐞𝐥 𝐯𝐚𝐧 𝐇𝐞𝐫𝐤𝐨𝐦𝐬𝐭 𝐞𝐧 𝐁𝐞𝐩𝐚𝐥𝐢𝐧𝐠𝐞𝐧 📜 Ten aanzien van de titel van herkomst verklaarde de heer verkoper in zijn genoemde kwaliteit dat het verkochte perceel vanouds behoorde aan de Ridderlijke Duitsche Orde Balije van Utrecht 🏰. De oorspronkelijke eigendomstitel was echter in het ongerede geraakt. Desalniettemin werd uitdrukkelijk verklaard dat de gemelde Orde reeds sedert heugenis van mensen het ongestoord bezit en genot van het perceel 𝐛𝐨𝐮𝐰𝐥𝐚𝐧𝐝 heeft gehad ⏳. De verkoop werd gesloten onder de volgende specifieke voorwaarden en bepalingen: • 2. Alle kosten vallende op de eigendomsoverdracht kwamen geheel ten laste van de koper 💸. De koopsom van ƒ 371,- werd door de verkoper in goede orde ontvangen, waarvoor aan de koper finale kwitantie werd verleend. Aldus opgemaakt en ondertekend te Utrecht op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟒𝟔 door 𝐦𝐫. 𝐏𝐢𝐞𝐭𝐞𝐫 𝐕𝐞𝐫𝐥𝐨𝐫𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐓𝐡𝐞𝐦𝐚𝐚𝐭 en 𝐉𝐚𝐜𝐨𝐛 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐢𝐣𝐤 🖋️. De overschrijving in de registers van hypotheken te Utrecht vond plaats op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟖𝟒𝟔 om 12.00 uur. Bron: HUA, 1294, 79.46. Samengesteld met Google Gemini AI. |
Plattegrond van de stad Utrecht met directe omgeving; met weergave van het stratenplan met straatnamen (ged.), wegen, spoorlijnen, watergangen, bruggen, belangrijke gebouwen en plantsoenen. Uitsneden van de rechteronderkant van de sporen bij Lunetten in 1870. |
Verticale luchtfoto van het Fort Lunetten met de Rijksweg 22 (later de Waterlinieweg) te Utrecht. Het noorden is boven. Met de Staatslijn H en de Rhijnspoorweg bij Lunetten. |
Kaart van de staatspoorweg van Utrecht naar Boxtel (gedeelte binnen de gemeente Utrecht, tussen het station van de Rijnspoorweg en de Rijndijk), met het Houtensepad in 1866. |
Kaart van het zuidelijke emplacement van N.S.-station Utrecht C.S en directe omgeving met de te verleggen en te verhogen sporen tot en met het Houtensepad. |
In groen gearceerd de Koningsweg die in 1962 van de provincie Utrecht (Provinciale Waterstaat van Utrecht) overging naar de gemeente Utrecht. |
Een gedeelte van het Houtensepad, Mereveldseweg, Utrechtsestraatweg en de Laan van Maarschalkerweerd die in onderhoud overging begin jaren '60 in onderhoud en eigendom naar de gemeente Utrecht. |
In groen gearceerd de Koningsweg die in 1962 van de provincie Utrecht (Provinciale Waterstaat van Utrecht) overging naar de gemeente Utrecht. |
In groen gearceerd de Houtensepad die in 1962 van de provincie Utrecht (Provinciale Waterstaat van Utrecht) overging naar de gemeente Utrecht. |
12. Houtenseweg - Beschrijving uit de notulen van de gemeenteraad Houten uit 1929: "𝟱. 𝗱𝗲 𝗛𝗼𝘂𝘁𝗲𝗻𝘀𝗰𝗵𝗲 𝘄𝗲𝗴, de provinciale weg 𝗨𝘁𝗿𝗲𝗰𝗵𝘁-𝗛𝗼𝘂𝘁𝗲𝗻 van de grens der gemeente 𝗨𝘁𝗿𝗲𝗰𝗵𝘁 by "𝗗𝗲 𝗞𝗼𝗽𝗽𝗲𝗹" gaande tot de brug over de 𝗪𝗮𝘆𝗲𝗻𝘀𝗰𝗵𝗲 𝘄𝗲𝘁𝗲𝗿𝗶𝗻𝗴, deze brug inbegrepen." Bij besluit van van de gemeenteraad van de gemeente Houten vastgesteld op woensdag 13 maart 1929. De Houtenseweg is per vrijdag 1 januari 1954 overgegaan van de gemeente Houten (Oud-Wulven/Maaarschalkerweerd) naar de gemeente Utrecht. Dit in verband met de gemeenteannexatie en grenscorrectie met omliggende gemeenten. Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht ingetrokken op dinsdag 12 januari 1982. (Kenmerkn. 12-1-182, nr. 5480 I AZ) Bronnen: RAZU: 109. HUA, 1338. |
𝐇𝐚𝐧𝐝𝐡𝐚𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐚𝐦 𝐖𝐚𝐲𝐞nsedijk 𝐧𝐚 𝐆𝐫𝐞𝐧𝐬𝐰𝐢𝐣𝐳𝐢𝐠𝐢𝐧𝐠 🗺️📍 Door een wijziging van de gemeentegrenzen tussen de gemeenten 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧 en 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 is een specifiek weggedeelte, bekend als de 𝐖𝐚𝐲𝐞𝐧𝐬𝐞𝐝𝐢𝐣𝐤, binnen het grondgebied van de gemeente 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 komen te liggen 🚜🛤️. Om duidelijkheid te behouden over de adressering en straatnaamgeving is er formeel besloten om de straatnaam van dit weggedeelte ongewijzigd te handhaven, zoals tevens is aangegeven op de bijbehorende tekening 📐📑. Op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟖 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟗 is dit besluit officieel vastgesteld in 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🏛️. Een afschrift hiervan is verzonden naar alle betrokken en in aanmerking komende instanties ✉️. • 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 (namens het college) 🏛️ • 𝐃𝐞 𝐒𝐞𝐜𝐫𝐞𝐭𝐚𝐫𝐢𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 (ondertekenaar namens het college) ✍️ Sinds 1993/1994 ligt dit gedeelte van de Wayensedijk niet meer binnen de gemeentegrenzen van de gemeente Utrecht. Bron: HUA, 1338. Samengesteld Google Gemini AI. |
Straatnaam de Kariboestraat is bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op vrijdag 28 september 1979. De Kariboestraat maakt onderdeel uit van de Bokkenbuurt aan het Houtensepad. |
13. Jongeriusstraat - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op dinsdag 17 april 1951. Geschiedenis Utrechtse familie Jongerius De familie Jongerius is diep geworteld in de Utrechtse bodem. Hun geschiedenis is nauw verbonden met de ontwikkeling van de stad, waarbij zij van generatie op generatie een prominente rol speelden in de hovenierssector, voordat zij uitgroeiden tot ondernemers van formaat. Vele diverse familieleden zijn ook actief in hetzuiden van Utrecht stad, en het Houtense Oud-Wulven. Hoveniers als basis Al in de 18e eeuw legde de familie de basis voor hun bestaan in Utrecht. De familie stond bekend als een omvangrijke katholieke hoveniersfamilie die grond bezat aan zowel de oost- als de westkant van de stad. Op deze gronden werden op grote schaal groenten als sla, kool, wortels en asperges geteeld, evenals diverse soorten fruit. Het vakmanschap werd binnen de familie van vader op zoon en van moeder op dochter doorgegeven. De opkomst van Jan Jongerius De bekendste telg uit de familie is Johannes Josephus (Jan) Jongerius (1888–1941). Hij begon zijn loopbaan in de groentehandel van zijn vader, maar bleek over een uitzonderlijke ondernemersgeest te beschikken. In 1914 startte hij als zelfstandig hovenier aan het Merwedekanaal. Betekenis en oorsprong van de naam De achternaam Jongerius is een zogeheten latinisering. In de 17e en 18e eeuw was het onder (vooral katholieke) geestelijken, academici en later ook in bepaalde families gebruikelijk om een achternaam te "verlatijnsen" om een geleerde of deftige indruk te maken. Een familiebedrijf met een bewogen geschiedenis Hoewel het bedrijf van Jan Jongerius na zijn overlijden in 1941 en het latere faillissement in 1955 uit de handen van de directe familie raakte, is de erfenis van de familie in het Utrechtse stadsgezicht bewaard gebleven. De villa en het kantoor, ooit het centrum van Jan Jongerius' zakelijke imperium, zijn vandaag de dag erkende rijksmonumenten die herinneren aan deze ondernemende Utrechtse familie. Tekst samengesteld met Google AI Gemini. |
14. Koppeldijk - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten vastgesteld op woensdag 13 maart 1929. Zie voor verdere historische uitleg over de Koppeldijk, Park De Koppel. |
|
15. Maarschalkerweerdpad - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op donderdag 27 juni 2013. Het Maarschalkerweerdpad: Een Belangrijke Verbindingsas Het Maarschalkerweerdpad vormt een cruciale en groene langzaam-verkeersroute aan de zuidoostzijde van Utrecht, op de grens van de historische poldergronden en het spoorwegnetwerk. Het pad werd als officiële straatnaam vastgesteld door het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Utrecht op donderdag 27 juni 2013. Het Tracé, de Kunstwerken en een Oude Rijnloop Het pad fungeert als gecombineerd voet- en fietspad en meandert langs infrastructurele én historische waterlijnen door het landschap: Historische Watergang: Direct ten westen van het pad — ingeklemd tussen de spoorlijnen — stroomt de historische Oudwulverbroekwetering. Deze watergang heeft een zeer oude oorsprong en volgt het fossiele beddingtracé van een oude meander/arm van de Rijn. Parallel aan De Uithoflijn: Na het passeren van de spoorwegonderdoorgangen loopt het fietspad parallel aan het tracé van de tramlijn — bekend onder de projectnaam De Uithoflijn — die de verbinding vormt naar het Utrecht Science Park. Het pad vervolgt zijn weg door het historische gebied van de Maarschalkerweerd om uiteindelijk uit te komen bij de Koningsweg. Nieuwbouw bij Station Lunetten Met de vaststelling en aanleg van het Maarschalkerweerdpad in 2013 werd een snelle en rechtstreekse fietsroute gerealiseerd van Lunetten richting het Utrecht Science Park. Bron: samengevat met Google Gemini AI. |
16. Maarschalkerweerdtunnel - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 16 juli 2014. De Maarschalkerweerdtunnel: Waar spoorweghistorie en polderlandschap elkaar kruisen Wie over het Maarschalkerweerdpad fietst of wandelt, komt langs een aantal markante punten die het verhaal van dit Utrechtse landschap vertellen. Een van de meest sprekende plekken in deze route is de Maarschalkerweerdtunnel. Dit fietspad duikt hier onder de historische Rhijnspoorweg door — de legendarische hoofdspoorlijn die Amsterdam via Utrecht en Arnhem verbindt met de Duitse grens. De komst van deze negentiende-eeuwse spoorlijn betekende destijds een ingrijpende doorsnijding van het open polderland, waardoor dergelijke onderdoorgangen onmisbaar werden om de oude verbindingen in stand te houden. Wat deze plek extra bijzonder maakt, is de specifieke ligging. De tunnel en het omliggende tracé lopen letterlijk tussen de rails door en vormen tegelijkertijd de noodzakelijke ontsluiting voor de karakteristieke boerderij De Ketel. Waar de treinen al generaties lang over de rails razen, behoudt de boerderij hiermee haar historische verbinding met de buitenwereld. Wanneer je hier stilstaat, voel je hoe lagen geschiedenis door elkaar heen lopen. Aan de ene kant is er de moderne dynamiek van de stad en het drukke spoor; aan de andere kant ademt de omgeving de sfeer van oude waterlopen zoals de nabijgelegen Oudwulverbroekwetering en de agrarische wortels van het gebied. Het maakt de Maarschalkerweerdtunnel tot veel meer dan zomaar een fietstunnel: het is een tastbaar knooppunt waar infrastructuur, landschap en erfgoed elkaar ontmoeten. |
De Vergeten Groentenbuurt in Utrecht Lunetten
De straatnamen De Lunettense Vergeten Groentenbuurt Bataatstraat, Meiraapstraat, Pastinaakstraat, Posteleinstraat, Rammenasstraat, Schorsenerenstraat |
Nieuwe Straatnamen voor 'Tussen de Rails' bij Station Utrecht Lunetten In het gebied direct tegenover Station Utrecht Lunetten — ingeklemd tussen de spoorlijnen richting Arnhem en 's-Hertogenbosch — verrijst het tijdelijke woningbouwproject 'Tussen de Rails'. Voor de herontwikkeling en de bouw van deze flexwoningen heeft het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Utrecht op woensdag 19 november 2025 (bekendgemaakt in het Gemeenteblad op maandag 24 november 2025) zeven nieuwe straatnamen officieel vastgesteld. Motivatie en Historische Achtergrond Bij het bepalen van de nieuwe namen is gekeken naar de geschiedenis en de bodemgesteldheid van het gebied: • Onderzoek in het Archief: Onderzoek in Het Utrechts Archief leverde voor deze specifieke spoorzone onvoldoende directe historische aanknopingspunten op om een specifiek lokaal thema aan te kenden. • Agrarisch Verleden: Het terrein maakt echter van oudsher deel uit van een streek met zeer vruchtbare poldergrond en een rijk agrarisch verleden. • Thema: Om aan deze vruchtbare bodem en het tuinbouwverleden van het Kromme Rijngebied te rekenen, heeft de Commissie Straatnaamgeving gekozen voor het thema 'Vergeten Nederlandse groenten'. De Zeven Nieuwe Straatnamen Het nieuwe stratennetwerk rondom het al bestaande pad Tussen de Rails omvat de volgende vastgestelde straten:
Officieel Onderschrift: Bij al deze straten wordt op de straatnaamborden het officiële onderschrift 'Vergeten Nederlandse groenten' aangebracht. Ruimtelijke Inpassing De nieuwe straten sluiten direct aan op de infrastructurele lijnen rond Station Utrecht Lunetten, de spoorbanen en het nabijgelegen Maarschalkerweerdpad. Hiermee krijgt de nieuwe woonomgeving tussen de spoorlijnen een herkenbare en groene identiteit die knipoogt naar de aloude agrarische oorsprong van het gebied. Bron: samengevat met Google Gemini AI en Officielebekendmakingen.nl. |
Plattegrond behorend o.a. bij het straatnaambesluit van 3 april 1991 m.b.t. de straatnaam Tussen de Rail in Utrecht Lunetten. |
📜 𝐎𝐟𝐟𝐢𝐜𝐢𝐞𝐞𝐥 𝐁&𝐖-𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭: 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐢𝐧 𝐝𝐞 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 📜 📍 𝐈𝐧𝐥𝐞𝐢𝐝𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐀𝐜𝐡𝐭𝐞𝐫𝐠𝐫𝐨𝐨𝐧𝐝 Op 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟑 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟗𝟗𝟏 heeft het college van Burgemeester en Wethouders van Utrecht een officieel besluit genomen onder nummer Nr. 91.5820 A.Z. inzake de straatnaamgeving binnen de gemeente Utrecht. Dit besluit omvat 13 bijlagen met bijbehorende tekeningen en plannen waarop de nieuw vastgestelde en gewijzigde straatnamen formeel zijn vastgelegd. 🏛️ 📋 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭𝐯𝐨𝐫𝐦𝐢𝐧𝐠 𝐝𝐨𝐨𝐫 𝐡𝐞𝐭 𝐂𝐨𝐥𝐥𝐞𝐠𝐞 Het college van Burgemeester en Wethouders van Utrecht heeft, overwegende dat het noodzakelijk is in verband met de stedenbouwkundige en ruimtelijke ontwikkelingen, het volgende besloten: 🏛️✨ Bron; HUA, 2080. Samengesteld met Google Gemini AI. |
Plattegrond behorend o.a. bij het straatnaambesluit van 3 april 1991 m.b.t. de straatnaam Ravelijnpad in Utrecht Lunetten. |
17. Mereveldseweg - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten vastgesteld op woensdag 13 maart 1929. Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bunnik vastgesteld op dinsdag 21 april 2015. Zie voor meer historische informatie over de Mereveldseweg: |
Straatnaamgeving Mytylweg te Utrecht📄 Op 𝐝𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟕 𝐟𝐞𝐛𝐫𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟕𝟒 hebben Burgemeester en Wethouders van Utrecht een officieel besluit genomen met kenmerk 762-b A.Z. / 262. Overwegende dat in verband met het gereedkomen van een nieuwe weg nabij de Mytylschool de straatnaamgeving dient te worden aangepast, is besloten om het nieuwe weggedeelte nabij de Mytylschool met ingang van 1 juni 1974 de naam Mytylweg te geven, zoals is aangegeven op de bij dit besluit behorende tekening. Afschrift van dit besluit is verzonden aan de daarvoor in aanmerking komende instanties, getekend namens Burgemeester en Wethouders door de Secretaris van Utrecht. Bron: HUA, 1007-3. Samengesteld met Google Gemini AI. |
18. Mytylweg - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 27 februari 1974. Een mytylschool is net als een tyltylschool een aangepaste school voor kinderen met een handicap. De namen Mytyl en Tyltyl zijn overgenomen van het sprookje l'Oiseau bleu (Blauwe Vogel), van Maurice Maeterlinck en soortnamen geworden voor lichamelijk en meervoudig gehandicapte leerlingen. Een mytylschool is regulier onderwijs in een speciaal jasje voor kinderen met een lichamelijke handicap. Deze leerlingen kunnen op een mytylschool regulier basisonderwijs volgen en ZML, vmbo- en havo-onderwijs, maar dan in een individueel bepaald lestempo. Ook is er op een mytylschool veel aandacht voor hobby's als muziek en sport. Er worden op een mytylschool bepaalde therapieën aangeboden tijdens de lessen, zodat de leerlingen daar ook niet nog eens heen hoeven na schooltijd. Wel is het zo dat deze gemiste lesuren op het voortgezet onderwijs-gedeelte van de mytylschool worden gecompenseerd met extra huiswerk. Bron: Wikipedia Mytylschool. De weg ligt in het gebied Maarschalkerweerd wat van 1 januari 1858 tot 31 december 1953 onderdeel was van de gemeente Houten. Nadat het gebied bij de gemeente Utrecht werd geannexeerd. Van 1818 tot 31 december 1857 was Maarschalkerweerd onderdeel van de toenmalige gemeente Oud-Wulven. Deze gemeente ging op 1 januari 1858 tezamen met de gemeente Schonauwen op in de toen nieuw te vormen gemeente Houten. |
De weg is genoemd naar de onderwijsinstelling voor gehandicapte die eraan gelegen is Mytylschool De Kleine Prins (Blauwe-Vogelweg 11), vroeger Ariane de Ranitz geheten. |
19. Nieuwe Houtenseweg - Voor het eerste gedeelte qua naam vastgesteld: Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 5 december 1978. Voor het tweede gedeelte qua naam vastgesteld: Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op dinsdag 12 januari 1982. 𝗗𝗲 𝗡𝗶𝗲𝘂𝘄𝗲 𝗛𝗼𝘂𝘁𝗲𝗻𝘀𝗲𝘄𝗲𝗴 (𝗨𝘁𝗿𝗲𝗰𝗵𝘁) De 𝗡𝗶𝗲𝘂𝘄𝗲 𝗛𝗼𝘂𝘁𝗲𝗻𝘀𝗲𝘄𝗲𝗴 is een belangrijke asfaltweg van circa 1,1 kilometer lang, gelegen in de Utrechtse subwijk Lunetten. De straat loopt vanaf de 𝗙𝘂𝗿𝗸𝗮𝗯𝗮𝗮𝗻 en het 𝗙𝘂𝗿𝗸𝗮𝗽𝗹𝗮𝘁𝗲𝗮𝘂 tot aan de 𝗢𝘂𝗱𝗲 𝗠𝗲𝗿𝗲𝘃𝗲𝗹𝗱𝘀𝗲𝘄𝗲𝗴 nabij de snelweg A12, die via een viaduct over de straat heen gaat. De enige zijstraat van deze weg is de 𝗭𝘄𝗮𝗿𝘁𝗲𝘄𝗼𝘂𝗱, en parallel aan het hele traject loopt de spoorlijn Utrecht - Boxtel. Tegenwoordig bevhinden zich aan de Nieuwe Houtenseweg diverse zorginstellingen en bijzondere gebouwen. Op nummer 12 is de instelling voor geestelijke gezondheidszorg 𝗔𝗹𝘁𝗿𝗲𝗰𝗵𝘁 gevestigd, en op nummer 25 is 𝗨𝗪-𝗚𝗿𝗼𝗲𝗻 te vinden. Het markante rijksmonument het Blauwe Huis bevindt zich op nummer 55 en doet tegenwoordig dienst als opvangcentrum van de Stichting Beschermende Woonvormen Utrecht (SBWU). Naast de bebouwing is er ook opvallende infrastructuur te vinden, met als hoogtepunt het 𝘃𝗶𝗮𝗱𝘂𝗰𝘁 𝗡𝗶𝗲𝘂𝘄𝗲 𝗛𝗼𝘂𝘁𝗲𝗻𝘀𝗲𝘄𝗲𝗴. Dit bouwwerk staat bekend als de 𝗹𝗮𝗻𝗴𝘀𝘁𝗲 𝗹𝗶𝗰𝗵𝘁𝗴𝗲𝘄𝗶𝗰𝗵𝘁 𝗯𝗿𝘂𝗴 𝘁𝗲𝗿 𝘄𝗲𝗿𝗲𝗹𝗱 en is ontworpen om het oude viaduct over de A27 voor het wegverkeer te vervangen. De oude brug blijft behouden en gaat in de toekomst dienstdoen als spoorbrug, wat noodzakelijk is vanwege de spoorverbreding van twee naar vier sporen in dit gebied. Bron: Wikipedia - aangepast met AI Google Gemini. |
Het eerste tijdelijke gedeelte van de Nieuwe Houtenseweg als fietspad in het najaar van 1978. |
20. Oud-Wulvenlaan - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 9 november 1955. De Oud-Wulvenlaan ligt in de Utrechtse wijk Hoograven. De eerste huizen en appartementen dateerde uit de jaren 1955-1957. Deze zijn in 2008-2009 afgebroken en vervangen voor nieuwbouw ten noorden van 't Goylaan. |
Het Oud-Wulvenplantsoen is genoemd naar het buurtschap, vroegere gemeente en ambachtsheerlijkheid Oud-Wulven. Gelegen in het noordelijk deel van de gemeente Houten aan de Oud Wulfseweg. |
21. Oud-Wulvenplantsoen - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 27 februari 2008. Het Oud-Wulvenplantsoen is genoemd naar het buurtschap, vroegere gemeente en ambachtsheerlijkheid Oud-Wulven. Gelegen in het noordelijk deel van de gemeente Houten aan de Oud Wulfseweg. Het Oud-Wulvenplantsoen ligt in de Utrechtse wijk Hoograven. De eerste huizen en appartementen dateerde uit de jaren 1955-1957. Deze zijn in 2008-2009 afgebroken en vervangen voor nieuwbouw ten noorden van 't Goylaan. |
22. Oude Houtensepad - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 22 december 1976. Voor meer historische informatie zie Houtensepad |
📝 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭 𝐞𝐧 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐦𝐞𝐧 🛣️ Burgemeester en Wethouders van Utrecht besluiten om aan de in genoemd gebied gelegen weggedeelten, zodra ze zijn aangelegd, de volgende straatnamen te verbinden: Gazellestraat, Lamstraat, Hertestraat, Hertehof, Schaapstraat, Bokstraat, Elandplein, Gemsstraat en Reestraat. Een en ander zoals is aangegeven op de bij dit besluit behorende tekening. 📅 𝐃𝐚𝐭𝐮𝐦 𝐞𝐧 𝐎𝐧𝐝𝐞𝐫𝐭𝐞𝐤𝐞𝐧𝐢𝐧𝐠 🖊️ Het besluit is vastgesteld te Utrecht op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟐 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟖. Bron: HUA, 1007-3. Samengevat met Google Gemini AI. |
23. Park De Koppel - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op dinsdag 12 januari 1982. De Ontstaansgeschiedenis van De Grote en De Kleine Koppel De toponiemen De Grote Koppel en De Kleine Koppel hebben een eeuwenoude landschappelijke en rechtshistorische oorsprong. De benaming koppel (Middelnederlands: coppel) verwijst van oudsher naar een ingesloten, omheind perceel of een gemeenschappelijke weidegrond, meestal bedoeld voor het weiden van vee. In het gebied ten zuiden van Utrecht, binnen het ontginningsraster van de polders Tolsteeg en Hoograven, ontwikkelde deze specifieke weidestreek zich in de middeleeuwen tot twee afzonderlijke agrarische eenheden. De scheidingslijn tussen deze twee gebieden werd gevormd door de Koppeldijk, een historische ontginningsdijk die van oudsher deel uitmaakte van de binnendoorroute tussen de stad Utrecht en het stroomgebied van de Lek. Ten oosten en westen van deze dijkstructuur lagen respectievelijk De Grote Koppel en De Kleine Koppel, welke samen een kenmerkend onderdeel vormden van het Kromme Rijnlandschap. De Oudst Bekende Bronnen en Eigendomsverhoudingen (1389) De oudste en meest expliciete schriftelijke vermelding van dit gebied stamt uit 1389. In archiefstukken uit dat specifieke jaar duiken De Grote Koppel en De Kleine Koppel op in verband met de grondrechten en het beheer van de Utrechtse kapittels en tijnsregisters. Eigendom en Leenrecht: De gronden behoorden oorspronkelijk tot het domein van de Utrechtse kerkelijke instellingen (het kapittelrecht), waarna delen ervan in leen of pacht werden uitgegeven aan aanzienlijke geslachten en lokale grondeigenaren. Pachters en Hofstede De Koppel: Een document uit 1389 vermeldt dat er in De Grote Koppel acht pachters actief waren. Opvallend is dat slechts één van deze acht pachters daadwerkelijk fysiek op het terrein zelf woonde. Deze bewoner bewoonde de historische hofstede De Koppel, welke geldt als de oudste en tot ver in de negentiende eeuw de enige vaste woning in dit specifieke gebied. De Houtense Enclave en de Overgang naar Utrecht In de eeuwen die volgden bleef de geografische structuur van De Grote en De Kleine Koppel grotendeels intact als agrarisch weidegebied. Bestuurlijk kende het terrein een bijzondere geschiedenis. Na de bestuurlijke herindelingen in de negentiende eeuw kwamen de gronden van De Grote Koppel en De Kleine Koppel formeel onder het gemeentebestuur van Houten te liggen. Tussen dinsdag 1 januari 1858 en donderdag 31 december 1953 vormde dit gebied een officiële Houtense enclave direct grenzend aan de stad Utrecht. Pas bij de grote gemeentelijke grenswijziging op vrijdag 1 januari 1954 werd de grond door Houten overgedragen aan de gemeente Utrecht ter facilitering van de latere stedelijke uitbreidingen en de bouw van de wijk Lunetten. De naam leefde vervolgens voort in de aanduiding van het hedendaagse Park De Koppel, dat een tastbare herinnering vormt aan de veertiende-eeuwse ontginningsstructuur. Bron: samengevat met Google Gemini AI. |
24. Schalkwijkstraat - Een der oudste Stichtsche geslachten was dat van van Schalckwijk. In 1165 reeds komt Willem van Schalkwijk voor als getuige in de brief van Keizer Frederik, waarbij geconsenteerd werd, dat de Noede (nu de Grebbe) mogt opgegraven worden, om het water van den Rijn in de Zuiderzee te lossen. Dit geslacht gaf zijnen naam aan deze steeg, vermoedelijk aangelegd door zekeren Jacob, vóór 1390, daar zij reeds in dat jaar de « Jacobsstege van Schalcwyck » genoemd werd. |
Zij was in het laatst der XVI eeuw nog schaars van huizen voorzien. Met Leeuwenbergs Gasthuis, in 1564 door Agnes van Leeuwenberch aan de Oostzijde dezer straat gesticht, tot verzorging van zieken en bijzonder van melaatschen, besloeg met het ruime veld, tot hetzelve behorende, bijna de gehele lengte der Straat; terwijl de geheele Noordzijde slechts van ééne grote hofstede voorzien was. Dit huis, of dat op de Zuidzijde van deze steeg en de Nieuwe Gracht, moet het huis van de van Schalckwycken geweest zijn: geene andere aanzienlijke hofsteden waren in die nabuurschap gelegen. |
Sedert onheugelijke jaren bevond zich aan de Noordzijde dezer steeg het Stads-Timmerhuis, het welk in onzen tijd in een daartoe ingericht lokaal Achter Klarenburg is overgebracht. De kazerne, waartoe het Leeuwenbergs-Gast-huis vroeger was ingericht, veroorzaakte veel drukte in deze steeg. Door het aanleggen van het plantsoen onderging dezelve ook eene groote verbetering, waardoor zij thans wel aanspraak op de naam van Schalkwijkstraat kan maken. Bron: Nicolaas van der Monde. |
Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op dinsdag 3 augustus 1886. Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 20 mei 2009 (BAG). |
25. Koppelbrug - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op dinsdag 21 juli 1987. De Reconstructie van de A12 en de Koppelbrug (1986–1987) In de jaren '80 veranderde het landschap rond het voormalige Houtense gebied ingrijpend. Door de snelle uitbreiding van de Utrechtse wijk Lunetten en de sterke groei van Houten nam het verkeer op de Rijksweg A12 fors toe. De snelweg vormde op dat punt een steeds grotere barrière tussen de nieuwe woonwijken en het agrarische buitengebied richting Oud-Wulven en Heemstede. Verbinding en Officiële Naamgeving De betonnen overspanning vervult een cruciale, grensoverschrijdende rol in het lokale wegennet: Bouw en Realisatie van de Betonnen Overspanning De daadwerkelijke aanleg van de Koppelbrug vond plaats in 1986, waarna het kunstwerk in 1987 officieel werd opengesteld voor het publiek. Een Onmisbare Schakel Met de ingebruikname van de betonnen Koppelbrug in 1987 werd de barrière die de A12 door het landschap had getrokken, op duurzame wijze overbrugd. Tot op de dag van vandaag stelt dit kunstwerk uit de jaren '80 fietsers en wandelaars in staat om het aloude historische tracé van de Koppeldijk tussen Utrecht en Houten veilig te blijven volgen. Samengesteld met Google Gemini AI. |
26. Koppeldijk - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten vastgesteld op woensdag 13 maart 1929. Zie voor verdere historische uitleg over de Koppeldijk, Park De Koppel. |
27. Seychellenpad - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op vrijdag 3 februari 1984. Het Seychellenpad in Utrecht Lunetten: Een tropisch eilandeneiland in het Utrechtse polderland Wat zijn de Seychellen? De Seychellen zijn een eilandstaat in de Indische Oceaan, ten noordoostrn van Madagaskar. Deze eilandengroep staat wereldwijd bekend om haar adembenemende natuur, witte stranden, granieten rotsen en unieke flora en fauna, zoals de beroemde Coco de Mer. In de cartografie en de Nederlandse straatnamenmakerij van de 20e eeuw werd dit gebied – net als vele andere overzeese eilanden en eilandgroepen – gebruikt als vernoeming voor nieuwe woonwijken en verbindingsroutes. Het tracé en de Koppelbrug over de A12 Het Seychellenpad is een belangrijk fiets- en wandelpad in het zuidelijkste puntje van Utrecht Lunetten. Vanaf dit punt steekt de route via de Koppelbrug de drukke rijksweg A12 over. Deze snelweg, die de levensader vormt tussen Den Haag, Utrecht, Arnhem en de Duitse grens, vormt hier een grote fysieke scheiding in het landschap. Dankzij de Koppelbrug worden Utrecht Lunetten en de gemeente Houten echter naadloos met elkaar verbonden. Wanneer men over dit pad reist, ervaart men een fascinerende geografische overgang: Waar de namen in de wijkzelf je even meevoeren naar verre tropische oorden, brengt de Koppeldijk je direct terug naar de historische polders van Houten. Het Seychellenpad vormt zo letterlijk en figuurlijk de brug tussen ver weg en dichtbij; een stukje lokale infrastructuur met een wereldse naam. |
28. Schonauwensingel - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 9 november 1955. De Schonauwensingel in Hoograven: Groene woonerven op historische grond Wie door de Utrechtse wijk Hoograven wandelt, proeft op veel plekken nog de sfeer van de wederopbouwperiode. Tussen de straten bevindt zich een waterrijk en groen lint dat direct herinnert aan een rijk middeleeuws verleden: de Schonauwensingel. Deze singel en de omliggende straten vormen een tastbare schakel tussen de moderne stadsuitbreidingen van de jaren vijftig en de eeuwenoude geschiedenis van de regio. Ligging en bouwperiode (1955-1957) De Schonauwensingel is prachtig ingebed in de wijk Hoograven. De singel en de omliggende bebouwing worden globaal begrensd door de Rijnhuizenlaan aan de noordzijde en de Scherpenburglaan aan de zuidzijde. Aan de oostkant sluit het gebied direct aan op het Oud-Wulvenplantsoen en de Oud-Wulvenlaan – namen die eveneens diep geworteld zijn in de lokale streekgeschiedenis. De woningen en kenmerkende appartementengebouwen rondom de singel werden gerealiseerd in de periode 1955-1957. In deze hoogtijdagen van de wederopbouw werd hard gewerkt om de woningnood in Utrecht te lenigen. De architectuur uit deze jaren kenmerkt zich door een stedenbouwkundige opzet waarin licht, lucht en groen centraal stonden; de Schonauwensingel vervulde daarin een centrale, waterrijke rol. Kasteel Schonauwen: Een middeleeuwse woontoren met aanzien De naam 'Schonauwen' is ontleend aan het historische kasteel Schonauwen, dat tot op de dag van vandaag bewaard is gebleven. Van het oorspronkelijke middeleeuwse complex staat met name de robuuste veertiende-eeuwse woontoren nog fier overeind. Het geslacht Van Schonauwen behoorde tot de aanzienlijke ridderschap in het Sticht Utrecht. Het kasteel fungeerde eeuwenlang als een belangrijk lokaal steunpunt en was nauw betrokken bij de ontginning en geschiedenis van het rivierengebied. Dat dit tastbare stuk middeleeuws erfgoed er nog altijd staat, maakt de naamgeving van de singel in Hoograven extra bijzonder: het legt een directe brug van een bestaand monument naar de twintigste-eeuwse stadswijk. De ambachtsheerlijkheid en voormalige gemeente Schonauwen Niet alleen het kasteel, maar ook de bestuurlijke eenheden droegen deze naam. Vroeger vormde dit gebied een zelfstandige ambachtsheerlijkheid Schonauwen, een feodale bestuursvorm waarin de ambachtsheer lokaal rechtspraak en bestuur uitoefende. Later werd dit bestuursverband omgevormd tot een zelfstandige plattelandsgemeente. Lang hield deze zelfstandigheid stand: pas per 1 januari 1858 werd de gemeente Schonauwen definitief opgeheven en toegevoegd aan de gemeente Houten. Van poldergrond tot stadssingel Wanneer men vandaag de dag over de Schonauwensingel loopt, is het haast niet voor te stellen dat hier ooit uitgestrekte open poldergronden lagen die vielen onder de historische gronden van Hoograven. Toch is de geschiedenis nooit ver weg. Doordat stedenbouwkundigen in de jaren vijftig historische namen kozen voor de nieuwe straten en singels, leeft het erfgoed van de streek voort in het hart van Utrecht. De Schonauwensingel is daardoor veel meer dan een waterrijke ader in een wederopbouwwijk; het is een plek waar de twintigste-eeuwse stadsbouw en de middeleeuwse geschiedenis elkaar ontmoeten. 🏛️💧 |
29. Tussen de Rails - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 3 april 1991. |
Station Utrecht Lunetten Station Utrecht Lunetten is een voorstadshalte aan de spoorlijn Utrecht - Boxtel, aan de rand van de Utrechtse wijk Lunetten. Het eerste station Lunetten werd geopend op 10 juni 1874 en gesloten op 15 mei 1932. In die periode was het een speciaal overstapstation. Reizigers van de treinmaatschappij Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij (HSM) uit de richting Hilversum konden overstappen op treinen van de Staatsspoorwegen (SS) richting 's-Hertogenbosch en vice versa. Het station had geen in- en uitgang naar de straat, het was alleen mogelijk om van de ene naar de andere trein over te stappen. Het station was gebouwd door de SS. Het stationsgebouw was een simpel houten onderkomen. Dit was het gevolg van het militaire belang van de omgeving. Nabij het station bevonden zich de forten van Lunetten op de Houtense Vlakte. Het station kon zo, indien nodig, snel worden afgebroken. Hoewel het station reeds in 1932 werd gesloten, heeft het stationsgebouw nog tot 1978 bestaan. De sluiting van het station was het gevolg van het aanleggen van een verbinding tussen de HSM-lijn uit Hilversum en de NCS-lijn uit Amersfoort in 1921. Hierdoor konden de treinen uit Hilversum doorrijden naar Utrecht Centraal. Het nut van de stop in Lunetten verdween daarmee. Voorstadshalte Lunetten Op 28 september 1980 werd één kilometer zuidelijk van de oude halte een nieuw station geopend met de naam Utrecht Lunetten. Utrecht Lunetten was op dat moment een van de kleine stations waar de NS geen loketten hadden. In de jaren 90 heeft er tijdelijk een plaatskaartenkantoor bestaan. Dit werd gevestigd in een noodgebouw op het stationsplein. Na de ontwikkeling van de kaartautomaat was het snel gedaan met de bemanning. Het gebouwtje is gesloopt in de voorbereidingen voor de spooruitbreiding. Door de groei van de wijk Lunetten steeg het belang van het station. Het aantal in- en uitstappende forenzen groeide. Ook onderwijsinstellingen in de nabijheid van het station hadden extra reizigers tot gevolg. Uitbreiding naar vier sporen Vanwege de uitbreiding van twee naar vier sporen moest station Utrecht Lunetten opnieuw op de schop. Het station, dat bestond uit twee perrons ter weerszijden van de beide sporen, werd omgevormd tot een eilandperron, gelegen tussen de middelste twee van de vier sporen. Voor de spooruitbreiding werd gebruik gemaakt van het al aanwezige viaduct van de Nieuwe Houtenseweg. Voor deze weg werd een nieuwe brug over de A27 gebouwd. Omdat het eilandperron niet te dicht bij de twee viaducten over de A27 kon liggen, kwam het nieuwe station 250 meter noordelijker te liggen. Daar kwam een nieuwe ruime onderdoorgang voor fietsers en voetgangers, tevens is dit de toegang tot het eilandperron. De krappe tunnel onder het oude station kon hierdoor vervallen. Het nieuwe station was op 30 mei 2016 gereed, het noodperron aan de westzijde van het spoor verviel toen. Dienstregeling Na de heropening van het station in 1980 bood de NS een halfuurdienstregeling. De treinen richting Geldermalsen hadden afwisselend 's-Hertogenbosch, Eindhoven en Tiel als eindbestemming. Hoewel de NS tussen Utrecht en Geldermalsen een kwartierdienst rijdt, had het station lange tijd slechts een halfuurdienstregeling. Een extra stop in Lunetten was in de dienstregeling niet mogelijk, zonder daarbij een ander station over te slaan en op het traject naar Geldermalsen is Lunetten qua in- en uitstappers het kleinste station. Vanaf 25 augustus 2008 stopte er wel in beide richtingen vier keer per uur een trein. Met ingang van de dienstregeling 2014 (ingaande op 15 december 2013) stopten de treinen uit Tiel wegens capaciteitsgebrek op het spoor niet meer in Utrecht Lunetten, waardoor richting Utrecht Centraal er een halfuurdienst reed, terwijl in tegenovergestelde richting wel een kwartierdienst gereden werd. Op 13 juli 2015 werd ook deze kwartierdienst omgezet in een halfuurdienst, zodat alleen nog treinen van en naar 's-Hertogenbosch op station Utrecht Lunetten stoppen. Doordat de goederentreinen op andere tijden en sporen kunnen rijden, stoppen met ingang van de dienstregeling 2016 per 13 december 2015 weer in beide richtingen ieder kwartier treinen op Utrecht Lunetten.[6] Overgenomen van Wikipedia - Station Utrecht Lunetten |
Straatnaambesluit van de gemeente Utrecht van het college van burgemeester en wethouders op dinsdag 17 april 1984. |
30. Zwarte Woud - In deze straat in de Utrechtse wijk Lunetten bevinden zich het Afval Scheidingsstation Lunetten, Christelijke Middelbare school De Passie en de Sporthal Lunetten. Vele delen van deze wijk zijn genoemd naar Europese gebieden in ander EU landen. Het Zwarte Woud (Duits: Schwarzwald) is een dichtbebost gebied en middelgebergte in het zuidwesten van Duitsland, gelegen in de deelstaat Baden-Württemberg, aan de Rijn en aan de Franse grens. Het is in oppervlakte het grootste middelgebergte in Duitsland. Geologisch is het verwant aan de Vogezen, die aan de Franse kant van de Rijn liggen. De hoogste top van het Zwarte Woud is de Feldberg met een hoogte van 1493 meter boven NAP. Het Zwarte Woud is het grootste bosgebied in Duitsland en bestaat hoofdzakelijk uit dennen- en sparrenbomen. Het Zwarte Woud staat bekend als een van de populairste toeristenbestemmingen in Duitsland. Een klein deel in het noorden wordt beschermd als Nationaal Park Schwarzwald; verder bestaat het Woud uit twee (minder streng beschermde) natuurparken: Natuurpark Zuidelijke Zwarte Woud en Natuurpark Zwarte Woud midden/noord. De Romeinen noemden het dichtbeboste gebergte met zijn kenmerkende donkere naaldbomen Silva Nigra - "het Zwarte of Donkere Woud of ondoordringbare woud", dat voor hen onheilspellend en bijna ondoordringbaar was. Het Duitse woord Schwarzwald werd voor de eerste keer in een document van het Zwitserse klooster St. Gallen uit het jaar 868 gebruikt. Overgenomen: Wikipedia Commons - Zwarte Woud Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op dinsdag 17 april 1984. |
Straatnaambesluit (bijbehorende plattegrond) van de gemeente Utrecht van het college van burgemeester en wethouders op dinsdag 17 april 1984. |
𝐎𝐟𝐟𝐢𝐜𝐢ë𝐥𝐞 𝐍𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐍𝐢𝐞𝐮𝐰𝐞 𝐁𝐫𝐮𝐠 𝐨𝐯𝐞𝐫 𝐡𝐞𝐭 𝐌𝐞𝐫𝐰𝐞𝐝𝐞𝐤𝐚𝐧𝐚𝐚𝐥 🌉 𝐒𝐚𝐦𝐞𝐧𝐯𝐚𝐭𝐭𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐀𝐜𝐡𝐭𝐞𝐫𝐠𝐫𝐨𝐧𝐝 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭 📜 Op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟖 🗓️ hebben Burgemeester en Wethouders van de gemeente Utrecht 🏛️ een formeel besluit genomen over het verlenen van een naam aan een nieuw te bouwen brug. De brug over het Merwedekanaal 🌊, die de fysieke verbinding vormt tussen de Balijelaan 🛣️ en de Koningin-Wilhelminalaan 🛣️, is officieel aangeduid met de naam Balijebrug 🌉. 𝐕𝐨𝐥𝐥𝐞𝐝𝐢𝐠𝐞 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐃𝐨𝐜𝐮𝐦𝐞𝐧𝐭 📄 Nr. 5767 A.Z. Benaming brug (Balijebrug) Burgemeester en Wethouders van Utrecht; Overwegende, dat aan een nieuw te bouwen brug over het Merwedekanaal 🌊 een naam dient te worden gegeven; UTRECHT, 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟖 🗓️. Burgemeester en Wethouders voornoemd, Overeenkomstig het oorspronkelijke, De Secretaris, [Handtekening] 𝐕𝐞𝐫𝐧𝐢𝐞𝐮𝐰𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐕𝐚𝐬𝐭𝐬𝐭𝐞𝐥𝐥𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭- 𝐞𝐧 𝐁𝐫𝐮𝐠𝐧𝐚𝐦𝐞𝐧 𝐢𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🏛️📍 Op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟑 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟏𝟐 heeft het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Utrecht een belangrijk besluit genomen over het officieel vaststellen en veranderen van diverse straat- en brugnamen in de stad. 🗺️ Officieuze of verouderde benamingen van straten, brugen en vaarten zijn hierbij definitief herzien om meer eenduidigheid te scheppen in het stadsbeeld. ✍️ • Het adviesbericht van de Directeur der Gemeentewerken van 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟎 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟏𝟐 (nummer 74). 🛠️ • Het ingekomen rekest van 𝐀. 𝐝𝐞 𝐑𝐢𝐣𝐤, dat op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟖 𝐚𝐮𝐠𝐮𝐬𝐭𝐮𝐬 𝟏𝟗𝟏𝟏 door het gemeentebestuur werd ontvangen. ✉️ 𝐍𝐢𝐞𝐮𝐰𝐞 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐦𝐞𝐧 𝐯𝐨𝐨𝐫 𝐓𝐮𝐢𝐧𝐝𝐨𝐫𝐩-𝐎𝐨𝐬𝐭 𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🏙️📍 In het noordelijk gedeelte van het uitbreidingsplan Tuindorp-Oost te 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🇳🇱 is door het college van Burgemeester en Wethouders een besluit genomen over het vaststellen en wijzigen van diverse straatnamen. Om de structuur in de wijk te verduidelijken, is ervoor gekozen om de naam van een gedeelte van de Rauwenhofflaan te wijzigen en verschillende nieuwe straten van een naam te voorzien 🗺️. Het besluit omvat de volgende straatnaamgevingen en routewijzigingen 🛣️: • De naam van het gedeelte van de Rauwenhofflaan, gelegen tussen de Eykmanlaan en de Prof. Jordanlaan, wordt gewijzigd in Eykmanlaan. • Aan de straat met uitlopers, aansluitende aan het hierbovengenoemde straatgedeelte en lopende aanvankelijk in oostelijke, later in noord-oostelijke richting, wordt eveneens de naam Eykmanlaan gegeven. • Aan de straat, lopende vanaf de ombuiging van de Eykmanlaan in een flauwe bocht in zuid-oostelijke richting, wordt de naam Kapteynlaan gegeven. • Aan de straat, lopende vanaf een punt, gelegen ongeveer 25 meter ten noord-westen van het eind van de Prof. Jordanlaan, aanvankelijk lopende in zuid-oostelijke, later in zuidelijke richting tot de Kapteynlaan, wordt de naam Winklerlaan gegeven. • Aan de straat, gelegen ten zuid-oosten van de Eykmanlaan en lopende vanaf de Winklerlaan in zuid-westelijke richting tot de Kapteynlaan, wordt de naam Lamérislaan gegeven. Afschrift van dit besluit wordt gezonden aan een groot aantal betrokken diensten, instanties en functionarissen om hen op de hoogte te stellen van deze wijzigingen 📜. Hieronder vallen onder meer de chefs van de afdelingen der gemeentesecretarie, de hoofdcommissaris van politie 👮♂️, de directeur van de bouw- en woningdienst 🏗️, de hoofddirecteur van het gemeentelijk energie- en vervoerbedrijf 🚌, de directeur van de reinigings-, markt- en havendienst 🧹, en de directeur van de gemeentelijke geneeskundige en gezondheidsdienst 🏥. Daarnaast ontvangen ook de Armenraad, de directeur van de dienst voor sociale zaken, de directeur van de gemeentelijke volkscredietbank 🏦, de commandant van de brandweer 🚒, de gemeenteontvanger, het hoofd bescherming bevolking, de dienst draadomroep der P.T.T. 📻, de directeur van het postkantoor ✉️, de directeur van het telefoondistrict 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 📞, en de inspecteur van de belastingen 1ste afdeling een afschrift van dit besluit. Verder worden de inspecteur der invoerrechten en accijnzen 💶, de bewaarder van de hypotheken, het kadaster en de scheepsbewijzen 🏛️, de hoofdlandmeter van het kadaster - hoofd van de landmeetkundige dienst te 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, de directie van de Utrechtse Waterleiding Maatschappij 🚰, de directie van het Prov. en Gem. Utrechts Stroomleveringsbedrijf N.V. ⚡, de hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat in de directie 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🛣️, en de directeur van het gemeentelijk huisvestingsbureau op de hoogte gebracht. Tot slot gaat er een exemplaar naar de secretaris van de Huuradviescommissie, de voorzitter van de Raad van Arbeid, de beheerder van het Nieuw-Archief 📂, de secretaris van de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 en omstreken, het Sociaal Charitatief Centrum, de Kerkvoogdij van de Nederlands Hervormde Gemeente ⛪ en aan de hoofddirecteur van openbare werken 🏗️. Aan de laatstgenoemde is tevens uitdrukkelijk verzocht zorg te dragen voor het verwijderen van de oude borden en het aanbrengen van de nieuwe straatnaamborden 🪧. 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐇𝐞𝐫𝐧𝐨𝐞𝐦𝐢𝐧𝐠𝐞𝐧 𝐢𝐧 𝐝𝐞 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🗺️📍 In de periode van eind 𝟏𝟗𝟔𝟖 tot begin 𝟏𝟗𝟔𝟗 heeft het stadsbestuur van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 diverse besluiten, voorstellen en adviezen uitgewerkt voor de naamgeving, hernoeming en het laten vervallen van straatnamen in diverse delen van de gemeente. 🏛️ Dit proces omvatte zowel ambtelijke nota's van de afdeling Kabinet en Algemene Zaken, afstemming met de buurgemeente 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐭𝐞𝐧𝐬𝐝𝐢𝐣𝐤-𝐔, als officiële besluiten van Burgemeester en Wethouders van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭. 📝✨ 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐅𝐨𝐫𝐭 𝐁𝐥𝐚𝐮𝐰𝐤𝐚𝐩𝐞𝐥 𝐞𝐧 𝐄𝐲𝐤𝐦𝐚𝐧𝐥𝐚𝐚𝐧 🏰🛣️ Op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟔 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟖 stuurden Burgemeester en Wethouders van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 een brief aan het College van Burgemeester en Wethouders der gemeente 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐭𝐞𝐧𝐬𝐝𝐢𝐣𝐤-𝐔. ✉️ Hierin werd geconstateerd dat de weg rond de noordzijde van fort 𝐁𝐥𝐚𝐮𝐰𝐤𝐚𝐩𝐞𝐥 officieel geen naam had, maar in de volksmond 𝐒𝐢𝐧𝐠𝐞𝐥𝐰𝐞𝐠 werd genoemd. 🌳 De gemeente 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 gaf aan voornemens te zijn het op haar grondgebied gelegen gedeelte van deze weg de naam 𝐁𝐚𝐬𝐭𝐢𝐨𝐧𝐰𝐞𝐠 te geven, en verzocht 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐭𝐞𝐧𝐬𝐝𝐢𝐣𝐤 om voor hun gedeelte hetzelfde te bevorderen. 🤝 • Aan het plein, gelegen aan het zuidelijk beginpunt van de 𝐄𝐲𝐤𝐦𝐚𝐧𝐥𝐚𝐚𝐧, de naam 𝐄𝐲𝐤𝐦𝐚𝐧𝐩𝐥𝐞𝐢𝐧 te geven. 🏙️ 𝐀𝐦𝐛𝐭𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤𝐞 𝐍𝐨𝐭𝐚 𝐞𝐧 𝐕𝐨𝐨𝐫𝐬𝐭𝐞𝐥𝐥𝐞𝐧 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 📋🏘️ In een eerdere ambtelijke nota en advies van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟎 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟖 (nr. 5487, afdeling K. en A.Z., afkomstig van de Chef Kabinet en Algemene Zaken) werden aan Burgemeester en Wethouders diverse concrete straatnaamvoorstellen gedaan: 🏙️ • Het weggedeelte tussen de 𝐏𝐨𝐦𝐩𝐨𝐞𝐧𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 en de 𝐇𝐨𝐠𝐞𝐥𝐚𝐧𝐝𝐞𝐧 𝐖.𝐙. op te splitsen in 𝐏𝐨𝐦𝐩𝐨𝐞𝐧𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭 (tot het verlengde van de noordelijke gevellijn) en 𝐇𝐨𝐠𝐞𝐥𝐚𝐧𝐝𝐞𝐧 𝐖.𝐙. 🎃 • In verband met gelijkluidendheid met andere dreefnamen op 𝐎𝐯𝐞𝐫𝐯𝐞𝐜𝐡𝐭 de volgende namen te wijzigen: 𝐆𝐡𝐚𝐧𝐚𝐝𝐫𝐞𝐞𝐟 wordt 𝐒𝐞𝐧𝐞𝐠𝐚𝐥𝐝𝐫𝐞𝐞𝐟, 𝐉𝐚𝐠𝐮𝐚𝐫𝐝𝐫𝐞𝐞𝐟 wordt 𝐘𝐚𝐯𝐚𝐫𝐢𝐝𝐫𝐞𝐞𝐟, en 𝐋𝐢𝐦𝐚𝐝𝐫𝐞𝐞𝐟 wordt 𝐐𝐮𝐢𝐭𝐨𝐝𝐫𝐞𝐞𝐟. 🌍 Bron: HUA, 1007-3. Samengesteld met Google AI. |
Gemeente Bunnik (buitengebied)
1. Houtenseweg - De weg van Odijk naar Houten wordt in 1412 aangeduid als “die wech die men opgaet ende rijt te Houten”. De naam Boutsweg wordt in 1422 voor het eerst vermeld en blijft tot de zeventiende eeuw de meest gangbare. |
Voor het Odijkse deel duikt in 1683 de naam Houtenseweg op, maar ook Boutsweg blijft dan nog lange tijd gebruikelijk. De naam werd na de afschaffing van de wijkindeling in de gemeente Odijk in 1953 aangebracht op een straatnaambord en daarmee officieel. Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bunnik vastgesteld op dinsdag 17 maart 2009. |
2. Mereveldseweg - De Mereveldseweg is in de 8e eeuw ontstaan net zoals de vele wegen zoals we die nu kennen in het Kromme-Rijngebied. Al in de 14e eeuw wordt de Mereveldseweg genoemd in de oudste archieven. De weg heet naar het gebied waarin de weg ligt, de oude ontginningseenheid Meerveld. In 1900 was de opening van de stopplaats 'Meerveldsche weg' aan de Rhijnspoorweg: de spoorlijn Utrecht-Arnhem. |
In 1942 werd de A12 over de Mereveldseweg aangelegd bij boerderij Het Blauwe Huis. Daar was ook een spoorwegovergang aan de spoorlijn Utrecht - Den Bosch. Ook was er een overweg in de Marsdijk. Deze beide overwegen werden naar het zuiden verplaatst in een overweg, net ten zuiden van de huidige spoortunnel. Hiervoor werd de Mereveldseweg omgelegd en verlengd tot de Fortweg. |
Vanwege uitbreidingsplannen van gemeente Utrecht werd in 1953 veel land geannexeerd door Utrecht. Zo ook de Mereveldseweg; deze behoorde bij gemeente Bunnik vanaf het viaduct van de A12 tot op een paar honderd meter tot de Koningsweg (die paar honderd meter behoorden tot gemeente Houten en heette toen Waaijenscheweg). |
In 1964 zijn de gemeenten Bunnik, Odijk en Werkhoven samengevoegd. Toen werden er kleine stukjes grond tussen Bunnik en Houten uitgewisseld. Zo kwam het hele gedeelte van de Mereveldseweg ten zuiden van de A12 en ten oosten van de spoorlijn in de nieuwe gemeente Bunnik te liggen. |
3. Rijsbruggerweg - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bunnik vastgesteld op maandag 21 september 1964. |
Gemeente Nieuwegein (buitengebied)
1. Ellispad - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 20 juni 2017. |
Precieze locatie van het Heemsteedsepad en het Overeindsepad in Nieuwegein, als toeloop naar de Nieuwe Heemsteedsebrug. |
2. Heemsteedsepad - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 28 april 2020. Het Heemsteedsepad is genoemd naar het kasteel en de vroegere ambachtsheerlijkheid Heemstede in Houten. Het Overeindsepad is genoemd naar de oude ontginningseenheid Overeind in de vroegere gemeente Jutphaas. |
📜 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞𝐛𝐥𝐚𝐝 𝐍𝐢𝐞𝐮𝐰𝐞𝐠𝐞𝐢𝐧 𝐧𝐫. 𝟏𝟑𝟑𝟗𝟔𝟐 🏛️ 𝐎𝐟𝐟𝐢𝐜𝐢ë𝐥𝐞 𝐤𝐞𝐧𝐧𝐢𝐬𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐍𝐢𝐞𝐮𝐰𝐞𝐠𝐞𝐢𝐧 📍 𝐓𝐨𝐞𝐠𝐞𝐤𝐞𝐧𝐝𝐞 𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭- 𝐞𝐧 𝐩𝐚𝐝𝐧𝐚𝐦𝐞𝐧 In het gebied Rijnhuizen zijn de volgende officiële straatnamen toegekend: Voorts zijn specifieke namen toegekend aan de fietspaden die leiden richting de Heemsteedsebrug en de Overeindseweg: 🏡 𝐖𝐢𝐣𝐤- 𝐞𝐧 𝐛𝐮𝐮𝐫𝐭𝐢𝐧𝐝𝐞𝐥𝐢𝐧𝐠 |
3. De Knoest - |
3. De Kroon - |
4. Heemsteedsebrug/Heemstederbrug (Plofsluis) - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 9 oktober 2007. Plofsluis De Plofsluis of keersluis bij Jutphaas is een onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. De Plofsluis diende om bij oorlogsdreiging snel het Amsterdam-Rijnkanaal af te dammen om te voorkomen dat het water uit de omliggende gebieden bij inundatie via het kanaal zou wegstromen. In 1934 begon men met de bouw van het Amsterdam-Rijnkanaal, dat een verruiming en gedeeltelijke vervanging van het Merwedekanaal inhield. Door de aanleg zou een hiaat in de Waterlinie ontstaan. De Plofsluis vormde hiervoor een oplossing, die aan de ene kant het scheepvaartverkeer niet zou hinderen en aan de andere kant het kanaal snel zou kunnen afsluiten. De Plofsluis is in principe een bijzondere keersluis, die niet toegankelijk is voor autoverkeer, en wordt blijkens het naambordje ook Heemstederbrug genoemd. Het is wereldwijd de enige grootschalige keersluis die door ontploffing geactiveerd wordt.[2] Wel bestaan er kleinere constructies volgens hetzelfde werkingsprincipe, de zogenaamde plofduikers. Boven het Amsterdam-Rijnkanaal ligt een reeks van vijf betonnen compartimenten met een relatief zwakke bodem. In de bakken kon ongeveer 40.000 ton zand, grind of puin worden opgeslagen.[3] Bij oorlogsdreiging werd de bodem opgeblazen, waardoor de inhoud in het Amsterdam-Rijnkanaal zou storten. Het kanaal werd hierdoor afgesloten en het inundatiewater kon niet wegstromen. De sluis is zo ontworpen, dat de zijkanten zouden blijven staan bij de ontploffing, zodat de bodem hersteld kon worden om de sluis nogmaals te gebruiken. Hij is uiteindelijk nooit geactiveerd. De sluis is ongeveer 70 meter lang, 40 meter breed en 8,5 meter hoog. De bodem lag circa 6 meter boven het kanaalpeil. Het bouwwerk kent één centrale, langgerekte, afgeronde betonnen brugpijler met aan weerszijden een doorvaartopening en eveneens zware betonnen landhoofden. In 1937 werd met de bouw van deze sluis begonnen. De sluis was nog niet klaar toen de Tweede Wereldoorlog in Nederland uitbrak, maar hij is in 1942 voltooid met hulp van de Duitse bezetters. Bij de plofsluis werden vier gietstalen koepelkazematten met afwachtingsruimte en een wanddikte van 17 centimeter gebouwd voor de verdediging van het werk. Het Amsterdam-Rijnkanaal werd in 1952 voltooid. Gaandeweg bleek dat de vernauwing van het kanaal bij de plofsluis een obstakel vormde voor moderne binnenvaartschepen. Vanwege de kosten die gemoeid zouden zijn met het afbreken van de constructie werd in 1981 het kanaal ter plaatse om de sluis heen gegraven.[4] Een deel van de Batterijen aan de Overeindseweg, een ouder verdedigingswerk in de Nieuwe Hollandse Waterlinie, is hierbij verdwenen. De plofsluis is nog steeds te zien boven het Amsterdam-Rijnkanaal ter hoogte van Nieuwegein en staat bij de scheepvaart ook wel bekend als "het betonnen blok". 2-Kegelschepen dienen om bij de sluis te mogen overnachten eerst een ligplaats te reserveren en als dat niet is gebeurd mogen er 1-kegelschepen ligplaats nemen en overnachten. Sinds februari 1978 heeft schietsportvereniging Ultrajectum de beschikking over deze locatie waar enkele overdekte schietbanen zijn gerealiseerd. Overgenomen van Wikipedia - Plofsluis |
'Gemaal Vuylcop-West', op de hoek van de Turbinepad en de Vuilcopsekanaal te Nieuwegein. |
5. Heemsteedsekanaaldijk - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 8 september 1981. De Heemsteedsekanaaldijk in Nieuwegein is in de periode 1979-1981 aangelegd in het kader van de verbreding van het Amsterdam-Rijnkanaal ten oosten van de Plofsluis. Deze historische sluis maakt deel uit van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Dankzij deze kanaalverbreding kon de binnenscheepvaart ten oosten van de Plofsluis varen in plaats van eronderdoor. In 2015 is de kanaaldijk opnieuw aangepast ten behoeve van de aanleg van de Nieuwe Heemsteedsebrug. |
De Vuilcopsekanaal te Nieuwegein, rechts het Amsterdam Rijnkanaal en de gemeente Houten. |
6. Houtenseweg - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 8 september 1981. De Houtenseweg is in 1973-1974 aangelegd door de Provinciale Waterstaat van Utrecht als vervanging van de oude provinciale weg tussen Houten en Utrecht. De weg sluit in het westen aan op de Laagravenseweg en in het oosten op de Koppeldijk, ter hoogte van de gemeentegrens met Houten.
|
Straatnaambord 'Houtense Wetering' bij het Sluispad Noord te Nieuwegein. |
Houtense Wetering - De status van de naamgeving rond de Houtense Wetering in Nieuwegein Ligging en geografische structuur
Verkeerssituatie en barrières Inzet van de Stichting Houtense Hodoniemen De onduidelijkheid over de officiële registratie laat zien hoe belangrijk een juiste administratieve vastlegging is voor het openbaar gebied. De Stichting Houtense Hodoniemen houdt hierover actief contact met de gemeente Nieuwegein om ervoor te zorgen dat deze straatnaam op termijn alsnog officieel wordt erkend en vastgelegd. |
De 'Houtense Wetering' gezien vanaf het Mobilisatiedok/Vuilcop op het bedrijventerrein Het Klooster te Nieuwegein. |
Toegang tot de (straat) 'Houtense Wetering' vanaf de Sluispad Noord te zien te Nieuwegein. Het 'karrespoor' is vanaf het Sluispad afgesloten met een zandwal. Dit karrespoor maakte oorspronkelijk deel uit van de de Vuilcop. |
In de negentiende eeuw werd een gedeelte van de Knoesterpolder en de Hoonkade van Baron Van Brienen van de Groote Lindt (wonend in Clingendaal te Wassenaar en Amsterdam). In 1936 kocht Rijkswaterstaat vele landerijen aan voor de aanleg van het Amsterdam-Rijnkanaal ter hoogte van het Houtense Heemstede. Voor de Hoonkade/Klein Vuilcop met landerijen betaalde Rijkswaterstaat aan de familie 𝐝'𝐀𝐥𝐬𝐚𝐜𝐞 𝐝𝐞 𝐇𝐞́𝐧𝐢𝐧 𝐋𝐢𝐞́𝐭𝐚𝐫𝐝 (nazaten van Baron Van Brienen) ƒ 𝟐𝟔.𝟖𝟎𝟏,𝟏𝟒,- 💰. Het perceel Object: De gemeente 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧 sectie 𝐅 nummer 𝟏𝟖, groot 𝟐𝟐𝟑 𝐚𝐫𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝟗 𝐜𝐞𝐧𝐭𝐢𝐚𝐫𝐞𝐧 (weiland) 🗺️ was een onderdeel van de Hoonkade, de doorgaande weg uit de middeleeuwen tussen Houten, Heemstede en Vreeswijk/Jutphaas. Grootse Grondoverdracht voor de Rijkswaterstaat 🌾 Op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟑 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟑𝟔 vond een belangrijke eigendomsoverdracht plaats ten behoeve van de aanleg van het scheepvaartkanaal van Amsterdam naar de Boven-Rijn (het latere Amsterdam-Rijnkanaal) 🌊. De overeenkomst werd gesloten tussen de Staat der Nederlanden en de erfgenamen van een adellijke familie, vertegenwoordigd door hun administrateur. De verkoop omvat diverse percelen 𝐰𝐞𝐢𝐥𝐚𝐧𝐝𝐞𝐧, bouwland, water, een 𝐡𝐮𝐢𝐬 met 𝐬𝐜𝐡𝐮𝐮𝐫 en erf gelegen in de gemeente 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧, die noodzakelijk waren voor de realisatie van deze grootschalige infrastructuur 🚧. Het totale transactiebedrag bedroeg ƒ 26.801,14,- waarnaast uitgebreide afspraken werden gemaakt over grensscheidingen, afrasteringen en het aanbrengen van draaihekken ten behoeve van het achterblijvende landgebruik 🚜. • Koper: 𝐌.𝐂.𝐅.𝐂. 𝐇𝐞𝐢𝐣𝐧𝐢𝐧𝐠, Hoofdingenieur van de Rijkswaterstaat in het district Amsterdam-Boven-Rijn II te Utrecht, handelend namens en ten behoeve van het Rijk 💼 • Object: De gemeente 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧 sectie 𝐅 nummer 𝟏𝟐, groot 𝟏𝟗𝟎 𝐚𝐫𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝟔𝟕 𝐜𝐞𝐧𝐭𝐢𝐚𝐫𝐞𝐧 (weiland) 🗺️ • Object: De gemeente 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧 sectie 𝐆 nummer 𝟒𝟓, groot 𝟏𝟖𝟔 𝐚𝐫𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝟏 𝐜e𝐧𝐭𝐢𝐚𝐫𝐞 (weiland) 🗺️ Bron: HUA, 1294, 835.1. Samengesteld met Google AI Gemini. |
Straatnaambord 'Vuilcop' te Niewegein. |
7. Klein Vuilcop of Hoonkade - (historisch) De Hoonkade: Een Verwenen Straatnaam langs de Hoonwetering Een Historisch Toponiem langs het Water In de geschiedenis van de Houtense straatnaamgeving neemt de Hoonkade een bijzondere plaats in. De naam verwijst rechtstreeks naar haar geografische ligging langs de Hoonwetering, het aloude weteringstelsel dat door het Houtense polderlandschap meandert. De Bestuurlijke Besluitvorming rondom de Hoonkade Aan de hand van gemeentelijke documenten en correspondentie valt de administratieve geschiedenis van de Hoonkade nauwkeurig te reconstrueren:
Van Hoonkade naar Heemsteedseweg Met het ingaan van het jaar 1986 verdween de Hoonkade definitief als adres uit het gemeentelijke straatnamenregister van Houten. Het tracé ging vanaf dat moment integraal deel uitmaken van de Heemsteedseweg, die de verbinding vormt richting de historische buitenplaats en het kasteelterrein Heemstede. In 2014 is een gedeelte van de Heemsteedseweg veranderd in de naam Heemsteedsepad. Hoewel de fysieke bordjes van de Hoonkade uit het straatbeeld zijn verdwenen, blijft de herinnering aan deze straatnaam bewaard in de gemeentelijke archieven. Het herinnert aan de tijd dat de wegen in de Houtense polders primair werden getypeerd door de weteringen en kades waarlangs zij waren aangelegd. |
Rijnhuizen: Van kantoorpark naar bruisende woonwijk Waar voorheen de auto en kantoorpanden de dienst uitmaakten, verrijst nu een nieuwe, groene woonwijk in Nieuwegein: Rijnhuizen. Dit gebied, dat tot voor kort bekendstond als een bedrijventerrein met veel kantoorbebouwing uit de jaren '70 en '80, ondergaat een spectaculaire transformatie. Een rijke historie als fundament De keuze om van dit terrein een woonwijk te maken, komt voort uit de ambitie om het gebied weer tot leven te wekken en een betere balans te vinden tussen wonen, werken en recreëren. Rijnhuizen is namelijk meer dan alleen een bedrijventerrein; het is een plek met een diepe historische worteling. Met monumenten zoals Kasteel Rijnhuizen (bekend sinds 1370) en Fort Jutphaas in het hart van de wijk, was het een logische stap om deze rijke geschiedenis als uitgangspunt te nemen voor de nieuwe ontwikkeling. Het resultaat is een wijk waar architectuur en groen samenkomen en waar bewoners de geschiedenis van Nieuwegein in hun eigen achtertuin kunnen ervaren. De transformatie richt zich op het creëren van een hoogwaardige woonomgeving met veel ruimte voor parken, water en duurzame architectuur. Het project wordt in de volksmond vaak 'Mooi Rijnhuizen' genoemd. Het is inmiddels uitgegroeid tot een volwaardige woonwijk waar op termijn in totaal zo’n 2.500 tot 3.000 woningen worden gerealiseerd. Of je nu zoekt naar een plek in een getransformeerd kantoorpand of een moderne nieuwbouwwoning: de diversiteit aan woningen maakt Rijnhuizen tot een unieke toevoeging aan de stad. De wijk is volop in beweging en ontwikkelt zich tot een fijne plek waar mensen niet alleen werken, maar vooral prettig met elkaar wonen. |
Straatnaambord Laan van Heemstede |
9. Laan van Heemstede - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 29 augustus 2023. De Laan van Heemstede maakt deel uit van het transformatiegebied Rijnhuizen in Nieuwegein. In dit voormalige kantorenpark, dat voorheen bekendstond als Plettenburg, vindt een grootschalige herontwikkeling plaats naar een gemengde woon- en werkwijk. Ontwikkeling en architectuurOmdat Rijnhuizen een transformatiegebied is, is er geen sprake van één enkele ontwikkelingsmaatschappij voor de gehele wijk. In plaats daarvan wordt de wijk ontwikkeld door verschillende private partijen die verenigd zijn in de coöperatie Club Rhijnhuizen. Deze partijen werken nauw samen met de gemeente Nieuwegein en de provincie Utrecht aan de realisatie van de gebiedsvisie "Mooi Rijnhuizen". Voor specifieke projecten in de wijk worden per locatie verschillende architectenbureaus en ontwikkelaars aangesteld. Hoewel er in het gebied Rijnhuizen meerdere woningbouwprojecten worden gerealiseerd door diverse marktpartijen, wordt er in de directe omgeving van Nieuwegein ook gebouwd aan projecten zoals Common Ground in City West (niet te verwarren met Rijnhuizen), waar ontwikkelaar Vink Bouw en Arons en Gelauff Architecten verantwoordelijk voor zijn. Let op: In de wijk Rijnhuizen zelf worden individuele projecten (zoals herenhuizen of getransformeerde panden) door verschillende ontwikkelaars en architecten vormgegeven, in lijn met de kwalitatieve ambities van de gebiedscoöperatie. Heemstede is een kleine woonplaats, op de grens van de gemeentes Houten en Nieuwegein, in de Nederlandse provincie Utrecht. Het is vooral bekend van het Kasteel Heemstede. Heemstede is gelegen tussen het Amsterdam-Rijnkanaal, de rijksweg 27, en de provinciale wegen 409 en 408. De bebouwing is geconcentreerd aan de Heemsteedseweg, de Heemsteedsekanaaldijk en de Overeindseweg. Rond Heemstede bevinden zich veel fruitkwekerijen. Bij afslag 'Houten' van de rijksweg ligt een negen holes golfbaan, de Nieuwegeinse Golfclub. Bron: Wikipedia Bron samengevat met Google Gemini AI |
Overzicht van Kasteel Heemstede in zijn omgeving |
Straatnaambord Laan van Leijenburg |
10. Laan van Leijenburg - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 29 augustus 2023. |
Onderdeel van de heerlijkheid Schonauwen op 6 december 1720 |
Kasteel of Burcht de Leijenburg Overgenomen van Oudhouten.nl De schrijver Abraham Jacob van der Aa meldt in 1847 in zijn Aardrijkskundig Woordenboek der Nederlanden de volgende zin over de gemeente Schonauwen: “Men treft er in het zuiden der gem. de bouwvallen van het kast. Schonauwen aan, en in het noorden een stukje gronds en eene gracht, waarop vroeger het huis Leijenburg beeft gestaan.” Uit deze tekst blijkt dat sprake is van een huis Leijenburg in het noorden van Schonauwen. In 1749 en 1793 wordt het transport van een huis (boerderij) Leijenburg met grond gemeld. Momenteel is deze boerderij niet meer aanwezig. De naam Leijenburg Leijenburg was in de Late Middeleeuwen een heerlijkheid in de buurt van Herwijnen. Aan de noordkant van de Waal lag een slot, gebouwd in 1341 door Jan I van Heukelum. Hij is getrouwd met Clementia van Beusichem van Schonauwen en wordt heer van Leijenburg genoemd. Rond 1433 komt de naam “van Leijenbergh van Schonauwen” niet meer voor. Kasteel en gerecht Schonauwen zijn dan in bezit van Van Zuylen. In 1493 wordt het huis genoemd. Deric Tant gemachtigde van Peter Tant sijn soen doet ontwaren Bron samengevat met Google Gemini AI Er dan dus sprake van een huis (kasteel/woontoren) EN een boerderij. In 1531 spreekt het Hof van Utrecht over een geschil over 5 morgen grond dat de naam Leijenberg draagt.2 In 1596 is er sprake van land en wordt niet over het huis gesproken.3 Op een kaart uit 1628 van Hendricus Hondius staat het huis Leijenburg niet meer ingetekend. Bij opgravingen in 2012 langs de Staart (aanleg fietstunnel) zijn enkele losse kloostermoppen4 gevonden. Mogelijk zijn deze afkomstig van het huis Leijenburg. |
Straatnaambord Laan van Marckenburg |
11. Laan van Marckenburg - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 29 augustus 2023. |
Kasteel Marckenburg: Een kortstondige vesting in de grenslanden Vlakbij het huidige Schalkwijk ligt het terrein van het voormalige kasteel Marckenburg (ook wel bekend als Merckenburg, Markenburg of Merkenburg). De restanten van dit kasteel bevinden zich aan het Marckenburgspad in Schalkwijk, op slechts 500 meter afstand van het kasteel Ten Goye. Het is waarschijnlijk dat Marckenburg in de 13e eeuw werd gesticht door een lid van de invloedrijke familie Ten Goye, die in dit gebied de macht in handen had. De strijd tegen de Bisschop De geschiedenis van het kasteel nam een dramatische wending nadat de familie Ten Goye in 1335 in mannelijke lijn was uitgestorven. De erfdochter, Margriet Ten Goye, trouwde met Hendrik van Vianen, waardoor het kasteel in handen van dit geslacht kwam. In 1347 werd Hendrik van Vianen door bisschop Jan van Arkel aangesteld als een van de zes voogden over het Sticht Utrecht, voor de periode dat de bisschop in het buitenland verbleef. Bij de terugkeer van de bisschop in 1352 werden deze voogden echter abrupt van hun ambt ontheven. Hendrik van Vianen en twee andere voogden accepteerden dit besluit niet en bonden de strijd aan met de bisschop. Kort na het begin van dit conflict stierf Hendrik, waarna zijn zoon Gijsbrecht de strijd vastberaden voortzette. Belegering en ondergang De strijd leidde in mei 1353 tot een belegering van Marckenburg door de troepen van de bisschop. Volgens de overlevering duurde de belegering negen weken, waarbij de bisschop de hongerende bewoners van het kasteel psychisch probeerde te breken door voor hun ogen een steur te laten bereiden en opeten. Na de inname werd het kasteel door de bisschop verwoest. Het terrein vandaag Hoewel het kasteel al bijna zeven eeuwen uit het landschap is verdwenen, is het kasteelterrein aan het Marckenburgspad in Schalkwijk nog steeds herkenbaar als een beschermd archeologisch monument. Bodemweerstandsmetingen hebben aangetoond dat het kasteel op een rechthoekig eiland stond. Vandaag de dag is de locatie vrij toegankelijk voor wandelaars; een picknicktafel op het voormalige kasteelterrein markeert de plek waar ooit de ridders van het geslacht Ten Goye en Van Vianen hun stempel op de geschiedenis drukten. Bron samengevat met Google Gemini AI |
Straatnaambord Laan van Schonauwen |
12. Laan van Schonauwen - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 29 augustus 2023. De geschiedenis van de ambachtsheerlijkheid Schonauwen en het bijbehorende kasteel is nauw verweven met de ontwikkeling van het polderlandschap ten zuidoosten van Utrecht. Het is een verhaal van macht, strategische ligging en de geleidelijke transformatie van een middeleeuws machtscentrum naar een rustiek landgoed. Schonauwen: Een heerlijkheid met eeuwenoude wortels De ambachtsheerlijkheid Schonauwen vormde een belangrijke bestuurlijke eenheid binnen het Nedersticht. Een ambachtsheerlijkheid was destijds meer dan alleen grondbezit; de heer had het recht op de lokale rechtspraak en het bestuur. De geschiedenis van Schonauwen begint in de 13e eeuw, toen het gebied in de invloedssfeer van het Utrechtse kapittel en invloedrijke lokale geslachten kwam te liggen. Het Kasteel als machtscentrum Kasteel Schonauwen werd in de 13e of 14e eeuw gesticht als een versterkte woonplaats. Gelegen op een strategische plek in het uiterwaardengebied nabij Houten, diende het kasteel als de zetel van de heer van Schonauwen. In de middeleeuwen was het kasteel een indrukwekkend bouwwerk, omringd door grachten, wat noodzakelijk was in een tijd van voortdurende twisten tussen de Utrechtse bisschop en de lokale adel. De bewoners van het kasteel behoorden tot de adel die nauw verbonden was met de bisschoppelijke politiek. Door de eeuwen heen wisselde de heerlijkheid regelmatig van eigenaar, vaak door vererving of door verkoop wanneer een familie uitstierf of in financiële problemen raakte. Van vesting naar buitenplaats Naarmate de eeuwen vorderden en de militaire noodzaak van een zwaar verdedigbaar kasteel afnam, veranderde de functie van Schonauwen. In de 17e en 18e eeuw werden veel versterkingen gesloopt om plaats te maken voor een comfortabeler landhuis, passend bij de toenmalige smaak van de Utrechtse elite. De zware muren en verdedigingstorens verdwenen of werden geïntegreerd in een meer open architectuur die uitkeek over de tuinen en de polder. Het terrein in het heden Vandaag de dag herinnert de naam Schonauwen ons nog aan dit verleden. Waar ooit het kasteel de omgeving domineerde, resteert nu een terrein dat archeologisch en historisch van grote waarde is. De grachten en het omliggende landschap dragen nog de sporen van de middeleeuwse verkaveling en de oude structuur van de heerlijkheid. Het gebied rondom de locatie van het kasteel is tegenwoordig een rustpunt in het landschap van Houten. Voor wandelaars en historici blijft het een plek waar de middeleeuwse geschiedenis – van ambachtsheerlijke rechtspraak tot adellijke intriges – tastbaar blijft onder het gras van de Utrechtse polders. Bron samengevat met Google Gemini AI |
Kasteel Schonauwen in 1750 |
13. Nieuwe Heemsteedsebrug - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 9 oktober 2007. De Nieuwe Heemstedschebrug en de nabijgelegen Plofsluis vormen een opmerkelijk en gelaagd infrastructureel ensemble op het snijvlak van Nieuwegein, Houten en Utrecht. Gelegen over het Amsterdam-Rijnkanaal, markeert deze locatie de ontmoeting tussen moderne transportroutes, agrarische historie en ingenieus militair erfgoed van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Historische Context en Verbinding De naam van de brug verwijst direct naar het aloude Kasteel Heemstede en de bijbehorende hofstede en poldergronden aan de oostzijde van het kanaal. Eeuwenlang vormde de Heemsteedseweg een belangrijke verbindingsas in het polderlandschap tussen Jutphaas (het huidige Nieuwegein) en Houten. Met de uitdieping en verbreiding van het Merwedekanaal tot het moderne Amsterdam-Rijnkanaal in de twintigste eeuw werd deze historische verbinding doorsneden. Om de oversteek voor het lokale verkeer, de landbouw en het langzame verkeer te herstellen, was een grootschalige overspanning noodzakelijk. De huidige Nieuwe Heemstedschebrug fungeert als een cruciale schakel die het Nieuwegeinse grondgebied bij Jutphaas en de Nedereindseweg verbindt met de Houtense poldergronden rondom Heemstede. De Plofsluis: Een Uniek Militair Kunstwerk Direct naast de brug ligt een van de meest imposante verdedigingswerken van de Nieuwe Hollandse Waterlinie: de Plofsluis (officieel het Keersluiskanaal of de Keersluis Jutphaas).
Verbreiding van het Kanaal en de Nieuwe Brug Bij de grote verbreding van het Amsterdam-Rijnkanaal in de jaren tachtig werd het kanaal rond de Plofsluis omgelegd. De Plofsluis, die te nauw was voor de moderniserende binnenvaart, werd behouden als rijksmonument en ligt sindsdien in een afgesneden kanaalarm. Om het verbrede Amsterdam-Rijnkanaal te overspannen, werd de Nieuwe Heemstedschebrug gebouwd. Deze stalen boogbrug biedt niet alleen ruim baan voor het scheepvaartverkeer onder de overspanning, maar dient tevens als een panoramisch uitzichtpunt over zowel de dynamische scheepvaart op het kanaal als het stille, historische massief van de Plofsluis. UNESCO Werelderfgoed en Huidige Functie Tegenwoordig vormen de Nieuwe Heemstedschebrug en de Plofsluis een vaste waarde binnen de recreatieve infrastructuur van de regio. De brug en de omliggende kades maken integraal deel uit van het UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies. Fietsers en wandelaars die van Nieuwegein richting Houten of het Linieland van de Kromme Rijn trekken, steken via deze indrukwekkende brug het kanaal over. Waar de Plofsluis herinnert aan de ingenieus bedachte militaire verdediging van de jaren dertig, staat de Nieuwe Heemstedschebrug symbool voor de eigentijdse verbinding tussen de gemeenten en het behoud van het historische landschap. Bron samengevat met Google Gemini AI |
De (straat) Schalkwijksewetering gezien in oostelijke richting bij het Sluispad Noord te Nieuwegein. |
14. Schalkwijksewetering - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente De Schalkwijksewetering is in de twaalfde eeuw gegraven voor de ontwatering van het vroegere moeras aldaar gelegen. |
15. Turbinepad - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 9 maart 2010. De Turbinepad is een vrijliggend fiets- en wandelpad in Nieuwegein, gelegen aan de westzijde van de rijksweg A27 en direct naast bedrijventerrein Het Klooster. Opvallend aan de ligging is dat het Turbinepad, samen met de Vuilcop, kadastraal op het grondgebied van de gemeente Houten ligt (sectie I, perceelnummer 2). Route en aansluitingen
Naamgeving De naam van het pad verwijst naar de drie beeldbepalende windturbines die langs deze route staan en duurzame elektriciteit leveren aan het Nederlandse stroomnet. Samengesteld met Google AI Gemini. |
16. Vuilcop - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 6 september 1983. Het buurtschap Vuilcop, gelegen in het huidige Nieuwegein ten zuiden van het Amsterdam-Rijnkanaal, kent een boeiende geschiedenis die nauw verweven is met de aanleg van dit kanaal. De realisatie van het Amsterdam-Rijnkanaal tussen 1933 en 1952 was een grootschalig werkgelegenheidsproject dat het landschap in de regio ingrijpend veranderde. Voor het tracé tussen Jutphaas en Wijk bij Duurstede werd in de jaren 30 de basis gelegd, waarbij grote hoeveelheden grond werden verzet. Het kanaal fungeerde als een fysieke barrière die bestaande polders en gemeentegrenzen doorsneed. Deze ingreep zorgde ervoor dat bepaalde percelen en gebieden geïsoleerd raakten of van hun oorspronkelijke verbindingen werden afgesneden, wat mede leidde tot de vorming van het buurtschap Vuilcop in zijn specifieke hoedanigheid. De bestuurlijke indeling van dit gebied was in de loop der decennia onderhevig aan significante wijzigingen. Tot 1 januari 1962 maakte het gebied deel uit van de toenmalige gemeente Houten, waarbij het kanaal het gebied in die periode al in tweeën had gesplitst, wat voor de nodige logistieke uitdagingen zorgde voor de lokale bewoners en boeren. In het kader van gemeentelijke herindelingen in de regio kwam het zuidelijke deel, waaronder het gebied rond Vuilcop, vanaf 1 januari 1962 toe aan de gemeente Jutphaas. Met de latere vorming van de nieuwe gemeente Nieuwegein, een fusie van de gemeenten Jutphaas en Vreeswijk, ging het beheer vanaf 1 januari 1971 over naar deze nieuwe gemeente. Binnen dit gebied stond de straatnaam ook bekend als Klein Vuilkop. De ligging van deze weg vormt een verbinding waarbij deze in het zuiden aansluit op de Hoonkade en in het noorden overgaat in de Vuilcopsekanaaldijk. Ten westen van Vuilcop bevindt zich bovendien het kasteelterrein van het oude Heemstede, een locatie die tot 2014 in het bezit was van de familie Van Heijmeijer van Heemstede. Het buurtschap herinnert zo aan een tijd waarin infrastructuur niet alleen een technische verbinding vormde, maar ook de bestuurlijke en sociale kaart van de regio blijvend veranderde. De aanleg van het kanaal, de daaropvolgende verbredingen in de jaren 60 en de bijbehorende kunstwerken, zoals bruggen, hebben het gebied rond Vuilcop gevormd tot wat het vandaag de dag is. Bron samengevat met Google Gemini AI |
Historisch overzicht: Straten, Waterwegen en Naamgeving (Jutphaas/Nieuwegein)
Waterwegen en Infrastructuur
Diverse Historische Aantekeningen
|
Dit overzicht biedt de uitleg en de historische achtergrond van de straatnaam Klein Vuilcop. Deze specifieke naamgeving is officieel vastgesteld door de gemeenteraad van Vreeswijk op vrijdag 22 december 1950. |
De Vuilcop in Nieuwegein, voor 1 januari 1962 heette het gedeelte rechts de Vuilcop, links (gem. Houten) de Heemsteedseweg. |
Besluit van burgemeester en wethouders van Jutphaas van dinsdag 29 mei 1962 over de naamgeving van onder andere de "Vuilcop" (Heemsteedseweg) na de grenswijziging met Houten op maandag 1 januari 1962, en de Prof. Dr. Hesselaan. 𝗕𝗨𝗥𝗚𝗘𝗠𝗘𝗘𝗦𝗧𝗘𝗥 𝗘𝗡 𝗪𝗘𝗧𝗛𝗢𝗨𝗗𝗘𝗥𝗦 𝗩𝗔𝗡 𝗝𝗨𝗧𝗣𝗛𝗔𝗔𝗦; Gezien het advies van het Hoofd van de Dienst van Gemeentewerken Jutphaas-Vreeswijk van vrijdag 11 mei 1962. a. aan het gedeelte van de Heemsteedseweg, voor zover deze weg voor de grenswijziging van maandag 1 januari 1962 met de gemeente Houten binnen het grondgebied van deze gemeente was gelegen de naam te geven van "Vuilcop"; b. aan een straat gelegen tussen de Emmalaan en de Rijnstraat in het verlengde van de Julianastraat de naam te geven van Prof. Dr. Hesselaan; c. aan de straten, aangegeven op de bij dit besluit behorende tekening de daarop vermelde namen te geven. De secretaris, Bron samengevat met Google Gemini AI |
Brief van het college van Burgemeester en Wethouders van Jutphaas uit juli 1962 betreffende de naamswijziging van de Heemsteedseweg naar Vuilcop en de bijbehorende hernummering van de woningen. Deze wijziging was het gevolg van de grenswijziging met de gemeente Houten op maandag 1 januari 1962. Transcriptie van de brief: GEMEENTE JUTPHAAS JUTPHAAS, juli 1962. Bij deze delen wij U mede, dat ons College heeft besloten de straatnaam "Heemsteedseweg" voor zover deze weg vóór de grenswijziging van maandag 1 januari 1962 binnen het grondgebied der gemeente Houten was gelegen, de naam te geven van "Vuilcop" De huisnummers zijn dientengevolge alsvolgt gewijzigd: Heemsteedseweg: 26 gewijzigd in Vuilcop no 1. 28 " " no 3. 30 " " no 5. 𝗗𝗲 𝗼𝘃𝗲𝗿𝗻𝘂𝗺𝗺𝗲𝗿𝗶𝗻𝗴 𝘇𝗮𝗹 𝘃𝗮𝗻 𝗴𝗲𝗺𝗲𝗲𝗻𝘁𝗲𝘄𝗲𝗴𝗲 𝗴𝗲𝘀𝗰𝗵𝗶𝗲𝗱𝗲𝗻. Bron samengevat met Google Gemini AI. |
Straatnaamwijziging Klein Vuilcop Bron samengevat met Google Gemini AI. |
Wijziging Klein Vuilcop in Vuilcop met ingang van 1 maart 1984. |
𝐂𝐨𝐫𝐫𝐞𝐬𝐩𝐨𝐧𝐝𝐞𝐧𝐭𝐢𝐞 𝐨𝐯𝐞𝐫 𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐦𝐞𝐧 𝐧𝐚𝐛𝐢𝐣 𝐡𝐞𝐭 𝐋𝐞𝐤𝐤𝐚𝐧𝐚𝐚𝐥 𝐢𝐧 𝐍𝐢𝐞𝐮𝐰𝐞𝐠𝐞𝐢𝐧 ✉️ 𝐀𝐜𝐡𝐭𝐞𝐫𝐠𝐫𝐨𝐧𝐝 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐃𝐨𝐜𝐮𝐦𝐞𝐧𝐭 📜 Het betreft hier een officiële correspondentiebrief van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente 𝐍𝐢𝐞𝐮𝐰𝐞𝐠𝐞𝐢𝐧. De brief is gedateerd op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟓 𝐟𝐞𝐛𝐫𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟖𝟏 en is formeel verzonden op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟗 𝐟𝐞𝐛𝐫𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟖𝟏. Het schrijven dient als antwoord op een eerdere brief van 𝐑𝐢𝐣𝐤𝐬𝐰𝐚𝐭𝐞𝐫𝐬𝐭𝐚𝐚𝐭 𝐃𝐢𝐫𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 met betrekking tot de benaming van diverse paden, een tunnel en een dijk in de nabijheid van het 𝐋𝐞𝐤𝐤𝐚𝐧𝐚𝐚𝐥. 𝐃𝐞𝐭𝐚𝐢𝐥𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐁𝐫𝐢𝐞𝐟𝐰𝐢𝐬𝐬𝐞𝐥𝐢𝐧𝐠 🚢 𝐕𝐚𝐬𝐭𝐠𝐞𝐬𝐭𝐞𝐥𝐝𝐞 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐦𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐁𝐞𝐩𝐚𝐥𝐢𝐧𝐠𝐞𝐧 🗺️ • De tunnel gelegen in de 𝐖𝐞𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐁𝐢𝐧𝐧𝐞𝐧𝐯𝐚𝐚𝐫𝐭 heeft officieel de naam 𝐒𝐜𝐡𝐢𝐩𝐩𝐞𝐫𝐬𝐭𝐮𝐧𝐧𝐞𝐥 gekregen. • Ten aanzien van de naam 𝐕𝐮𝐲𝐥𝐜𝐨𝐩𝐬𝐞𝐤𝐚𝐧𝐚𝐚𝐥𝐝𝐢𝐣𝐤 wordt verduidelijkt dat de correcte en reeds langdurig gehanteerde schrijfwijze voor het aanliggende gebied 𝐕𝐮𝐢𝐥𝐜𝐨𝐩 is. 𝐎𝐯𝐞𝐫𝐳𝐢𝐜𝐡𝐭 𝐯𝐚𝐧 𝐁𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐏𝐞𝐫𝐬𝐨𝐧𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐈𝐧𝐬𝐭𝐚𝐧𝐭𝐢𝐞𝐬 👤 Samengesteld Google Gemini AI. |
Plattegrond van wijziging van de adressen van Klein Vuilcop naar Vuilcop. |
17. Vuilcopsekanaaldijk - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein vastgesteld op dinsdag 30 oktober 1979. De Vuilcopsekanaaldijk in Nieuwegein: Een Historische Lijn langs het Amsterdam-Rijnkanaal Ontsluiting van het Polderland De Vuilcopsekanaaldijk is de kade aan de zuidelijke kant van het Amsterdam-Rijnkanaal in de gemeente Nieuwegein. De dijk werd aangelegd voor de opbouwkundige en agrarische ontsluiting van de omliggende landerijen en de polder Vuilcop (historisch nauw verbonden met de kom van Schalkwijk en Houten).
De Aanleg van het Amsterdam-Rijnkanaal (1935–1952)
Het Beraad over de Straatnaamgeving in Jutphaas
Functie langs het Kanaal Als kade aan de zuidzijde van het Amsterdam-Rijnkanaal vervult de Vuilcopsekanaaldijk in de gemeente Nieuwegein tot op de dag van vandaag een duidelijke functie in de lokale infrastructuur. Terwijl het scheepvaartverkeer over de brede vaarweg trekt, vormt de kade een directe herinnering aan de ingrijpende transformatie van het Stichtse landschap in het midden van de twintigste eeuw. Samengesteld met Google Gemini AI. Bronnen: HUA - eigenkennis. |
18. Helmichkade - De Helmichkade: een eeuwenoude kadeweg op de grens van Houten en Laagraven Op de grens tussen de Houtense gebied De Grote Koppel en de Kleine Koppel en het Utrechtse/Nieuwegeinse Laagraven ligt een historische kade die door de eeuwen heen een belangrijke functie vervulde. Eens stond deze verbindingsweg, gelegen in het verlengde van de Waijensedijk, volksmondig bekend als de Helmichkade. Oorsprong en naamgeving In middeleeuwse bronnen uit de vijftiende en zestiende eeuw duikt de weg op onder de naam Hellenburgerkade. Het woorddeel 'Hel' verwijst hier naar het lage, moerassige land langs de Ravensewetering. Ook de streeknaam Laagraven (evenals het nabijgelegen Hoograven) kent een oude oorsprong: het is vermoedelijk afgeleid van het Oudnederlandse Ravenne, wat 'zwart veen' betekent. Landschappelijke veranderingen in de 20e eeuw Ten noorden van de Helmichkade vonden in de jaren '60 ingrijpende werkzaamheden plaats. Er werd een omvangrijke zandafgraving gerealiseerd om funderingsmateriaal te winningen voor de nieuw te bouwen groenten- en fruitveiling van de gemeente Utrecht (de Veiling Utrecht, later bekend als Centraal Bureau van de Tuinbouwveilingen / The Greenery). Transformatie naar een moderne weg In 1973 verdween het oorspronkelijke karakter van de kade definitief uit het landschap. In het kader van de aanleg van de Houtenseweg en de Utrechtseweg — de nieuwe verbindingsassen tussen Houten, Utrecht en (vanaf 1981) Nieuwegein — legde de Provinciale Waterstaat van Utrecht hier een verharde weg aan. Ten zuiden van het oude kadetracé werd deze nieuwe wegverbinding in september 1974 officieel in gebruik genomen. Samengesteld met Google Gemini AI. Bron: eigenkennis. |
Sam |
Straatnamen Eerder in Houten
2. Jaagpad - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten vastgesteld op woensdag 13 maart 1929. Op 1 januari 1954 is et Jaagpad geannexeerd door de gemeente Utrecht van de gemeente Houten, net als het hele gebied Maarschalkerweerd. Zij behoorde eerder van 1 januari 1818 tot 31 december 1858 tot de gemeente Oud-Wulven, deelgebied de Maarschalkerweerd, De Grote Koppel en De Kleine Koppel. Van 1 januari tot 31 december 1953 tot het grondgebied van de gemeente Houten. Voor meer informatie over de geschiedenis van de Koningsweg in Utrecht, zie de volgende twee pagina's:
Het Jaagpad was tot april 1964 in beheer en eigendom van familie Bosch van Drakestein (Nieuw-Amelisweerd) |
3. Koningsweg - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten vastgesteld op woensdag 13 maart 1929. Op 1 januari 1954 is de Koningsweg geannexeerd door de gemeente Utrecht van de gemeente Houten, net als het hele gebied Maarschalkerweerd. Zij behoorde eerder van 1 januari 1818 tot 31 december 1858 tot de gemeente Oud-Wulven, deelgebied de Maarschalkerweerd, De Grote Koppel en De Kleine Koppel. Van 1 januari tot 31 december 1953 tot het grondgebied van de gemeente Houten. Voor meer informatie over de geschiedenis van de Koningsweg in Utrecht, zie de volgende twee pagina's:
|
4. Koppeldijk - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten vastgesteld op woensdag 13 maart 1929. Zie voor verdere historische uitleg over de Koppeldijk, Park De Koppel. |
𝐕𝐚𝐬𝐭𝐬𝐭𝐞𝐥𝐥𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐦𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐛𝐫𝐮𝐠𝐠𝐞𝐧 𝐫𝐨𝐧𝐝 𝐡𝐞𝐭 𝐬𝐭𝐚𝐝𝐢𝐨𝐧 🏟️ Op 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟑𝟔 📅 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht 🏛️ besloten om officiële namen toe te kennen aan enkele nieuw aangelegde 𝐬𝐭𝐫𝐚𝐭𝐞𝐧 🛣️, 𝐩𝐥𝐞𝐢𝐧𝐞𝐧 📍, 𝐛𝐫𝐮𝐠𝐠𝐞𝐧 🌉 en een 𝐠𝐫𝐚𝐜𝐡𝐭 💧 in de nabijheid van het stadion 🏟️. • 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝𝐬𝐞𝐛𝐫𝐮𝐠, toegekend aan de brug over de 𝐊𝐫𝐨𝐦𝐦𝐞 𝐑𝐢𝐣𝐧 🌉 • 𝐒𝐭𝐚𝐝𝐢𝐨𝐧𝐠𝐫𝐚𝐜𝐡𝐭, toegekend aan het nieuw gegraven 𝐠𝐫𝐚𝐜𝐡𝐭 🛶 Van dit officiële besluit wordt afschrift gezonden aan diverse departementen, hoofden van diensten en inspecties binnen de gemeente Utrecht 🗂️, zodat alle administratieve handelingen en kaarten direct kunnen worden aangepast aan de nieuwe situatie ✍️. Bron: HUA, 1007-3. Samengesteld met Google Gemini AI. |
𝐍𝐢𝐞𝐮𝐰𝐞 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐚𝐦 𝐯𝐨𝐨𝐫 𝐡𝐞𝐭 𝐒𝐭𝐚𝐝𝐢𝐨𝐧𝐠𝐞𝐛𝐢𝐞𝐝 𝐢𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🏛️🏟️ Op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟏 𝐦𝐞𝐢 𝟏𝟗𝟖𝟐 is in 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 📍 een officieel besluit genomen met betrekking tot de straatnaamgeving rondom het stadion ⚽. Het gemeentebestuur heeft daarom besloten om de straatnaam Stadionplein te veranderen in Herculesplein 🏛️. Deze nieuwe naam geldt tevens voor de omringende weggedeelten zoals aangegeven op de bijbehorende tekening 🗺️. Een afschrift van dit besluit is verzonden aan de betrokken instanties ✉️. Bron: HUA, 1338. Samengesteld met Google Gemini AI. |
𝑾𝐞𝐫𝐤𝐯𝐞𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐟𝐟𝐢𝐧𝐠𝐬𝐯𝐨𝐨𝐫𝐬𝐭𝐞𝐥𝐥𝐞𝐧 𝐢𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 Het college van Burgemeester en Wethouders van Utrecht heeft een uitgebreide voordracht voorgelegd aan de gemeenteraad met betrekking tot het verlenen van financiële credieten voor omvangrijke werkverschaffingsprojecten. Op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟖 𝐣𝐮𝐥𝐢 𝟏𝟗𝟑𝟐 bericht de krant De Standaard over deze plannen die moeten zorgen voor een actieve aanpak van de werkgelegenheid in de regio. 🏗️ Het eerste initiatief betreft een voorgesteld crediet van ƒ 297.268,- voor de realisatie van een bad- en zweminrichting met bijbehorende speelweide. Dit project is geprojecteerd op het terrein gelegen tussen de Boisotstraat en de Vecht. De geraamde kosten voor de zweminrichting bedragen ƒ 211.604,- en voor de speelweide ƒ 85.664,-. 🏊♂️ Het tweede voorstel van Burgemeester en Wethouders heeft betrekking op de aanleg van het sportpark "Maarschalkerweerd", waarvoor een bedrag van ƒ 242.400,- is uitgetrokken. Dit ontwerp omvat enerzijds de bouw van een groot wedstrijdsportveld omgeven door een sintel-atletiekbaan, een aarden wal met wielerbaan en tribunes voor zowel zit- als staanplaatsen. Anderzijds voorziet het plan in de aanleg van vier gewone voetbalvelden. Beide openbare werken zijn uitdrukkelijk ingesteld als werkverschaffing. ⚽ Samengesteld met Google AI Gemini. |
🏛️ 𝐁𝐄𝐍𝐀𝐌𝐈𝐍𝐆 𝐍𝐈𝐄𝐔𝐖𝐄, 𝐆𝐄𝐌𝐄𝐄𝐍𝐓𝐄𝐋𝐈𝐉𝐊 𝐒𝐏𝐎𝐑𝐓𝐓𝐄𝐑𝐑𝐄𝐈𝐍 𝐀𝐀𝐍 𝐃𝐄𝐍 𝐊𝐎𝐍𝐈𝐍𝐆𝐒𝐖𝐄𝐆 📰 𝐄𝐞𝐧 𝐨𝐮𝐝𝐞 𝐧𝐚𝐚𝐦 𝐢𝐧 𝐞𝐞𝐫𝐞 𝐡𝐞𝐫𝐬𝐭𝐞𝐥𝐝 Naar verluidt hebben Burgemeester en Wethouders van de gemeente Utrecht besloten om aan het nieuw aangelegde en eerstdags in gebruik te stellen sportterrein aan den Koningsweg een historische en eervolle benaming te geven. Het terrein, dat tot dusverre vernoemd was naar de aldaar gelegen hofstede op een gedeelte waarvan de sportvelden zijn aangelegd — te weten Sportterrein „De Groote Kuil” —, krijgt de officiële benaming „Sportterrein Maarschalkerweerd”. 🌳 𝐇𝐢𝐬𝐭𝐨𝐫𝐢𝐬𝐜𝐡𝐞 𝐚𝐜𝐡𝐭𝐞𝐫𝐠𝐫𝐨𝐮𝐧𝐝 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐠𝐞𝐛𝐢𝐞𝐝 Het grondgebied in de grote bocht van den Kromme Rijn, waarin het sportpark is gelegen, behoorde in de middeleeuwen tot de ambachtsheerlijkheid Maarschalkerweerd. Na het jaar 1813 werd deze heerlijkheid samen met andere zogeheten „gerechten” tot één geheel verenigd. Dit had tot gevolg dat de historische naam sedertdien vrijwel in vergetelheid is geraakt. 🏛️ 𝐒𝐚𝐦𝐞𝐧𝐰𝐚𝐫𝐤𝐢𝐧𝐠 𝐦𝐞𝐭 𝐝𝐞 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧 Om te voorkomen dat de herinnering aan de vroegere heerlijkheid van zo'n eerbiedwaardige ouderdom geheel te loor zou gaan, hebben Burgemeester en Wethouders van Utrecht — in overeenstemming tevens met een kenbaar gemaakte wens van het gemeentebestuur van Houten, op wier grondgebied het sportterrein is gelegen — van deze gelegenheid gebruikgemaakt om den ouden naam „Maarschalkerweerd” weder in eere te herstellen. 👥 𝐁𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐢𝐧𝐬𝐭𝐚𝐧𝐭𝐢𝐞𝐬 𝐞𝐧 𝐛𝐞𝐬𝐭𝐮𝐮𝐫𝐝𝐞𝐫𝐬 • 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 • 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞𝐛𝐞𝐬𝐭𝐮𝐮𝐫 𝐯𝐚𝐧 𝐇𝐨𝐮𝐭𝐞𝐧 Samengesteld met Google AI Gemini. |
5. Laan van Maarschalkerweerd - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten vastgesteld op woensdag 13 maart 1929. De Historie en Transformatie van de Laan van Maarschalkerweerd De Laan van Maarschalkerweerd vormt een van de meest bepalende groene en sportieve assen aan de zuidoostzijde van Utrecht. Waar het gebied tegenwoordig een centrale rol speelt in de sportinfrastructuur van de stad, ligt er een eeuwenoud agrarisch polderlandschap aan ten grondslag. De polder Maarschalkerweerd kent een rijke geschiedenis die nauw verbonden is met de waterhuishouding van de Kromme Rijn en de uitbreidingsbehoeften van de stad Utrecht. The streek vormde van oudsher de overgang tussen de stedelijke dynamiek van de Domstad en het landelijke buitengebied richting Houten. De transformatie van drassige weidegrond naar een multifunctioneel sport- en recreatiepark is het resultaat van gerichte overheidsuitbreidingen, grondaankopen en grootschalige infrastructuurprojecten in de twintigste eeuw. Het Adellijk Grondbezit van Van Rappard en Roëll Tot het begin van de twintigste eeuw werd de polder Maarschalkerweerd gekenmerkt door grootschalig grondbezit in handen van adellijke geslachten. De uitgestrekte gronden en hofsteden aan de west- en noordzijde van het gebied behoorden voor een belangrijk deel toe aan de vooraanstaande families Van Rappard en Roëll, die nauw gelieerd waren aan de nabijgelegen landgoederen Amelisweerd en Rhijnauwen. Deze agrarische percelen werden voornamelijk verpacht aan lokale veehouders en hielden de eeuwenoude verkavelingsstructuur van het polderlandschap in stand. Rond de jaren 1910 en 1911 vond er een beslissende wending plaats toen grote delen van deze adellijke eigendommen overgingen naar de gemeente Utrecht. De stad had de gronden dringend nodig voor het veiligstellen van de drinkwatervoorziening en het creëren van een groene buffer- en recreatiezone voor de snelgroeiende stadsbevolking. De Aanleg en de Werkverschaffing in de Jaren Dertig De daadwerkelijke fysieke vormgeving van de Laan van Maarschalkerweerd en het omliggende terrein kreeg gestalte tijdens de economische crisis van de jaren dertig van de vorige eeuw. Om de massale werkloosheid te bestrijden, zette de overheid grootschalige werkverschaffingsprojecten op die werden uitgevoerd onder leiding van de Nederlandsche Heidemaatschappij. De Ontwikkeling van het Sportpark en de Historische Verenigingen Na de realisatie van de infrastructuur in de jaren dertig groeide de Laan van Maarschalkerweerd uit tot het sportieve hart van de regio. De ruime opzet en de groene omgeving trokken een grote verscheidenheid aan sportclubs aan, die hier hun trainingsvelden en accommodaties inrichtten. Het Huidige Sportlandschap langs de Laan Vandaag de dag biedt de Laan van Maarschalkerweerd onderdak aan een indrukwekkende concentratie van moderniseerde sportfaciliteiten. De meest bepalende en omvangrijkste bewoner langs de laan is de omnivereniging SV Kampong, die is uitgegroeid tot een van de grootste sportverenigingen van Nederland met vooraanstaande takken in hockey, voetbal, cricket, tennis en squash. Naast Kampong heeft de atletieksport een prominente plek met de aanwezigheid van het Atletiekstadion Maarschalkerweerd, waar verenigingen zoals AV Hellas en Utrecht Atletiek hun thuisbasis hebben en nationale wedstrijden worden georganiseerd. Ook tennissportverenigingen zoals ULTC Idunn en verschillende accommodaties voor honk- en softbal zijn rotsvaste waarden langs de laan, waarmee het terrein zijn status als regionaal sportcentrum behoudt. De Komst van De Uithoflijn naar het Utrecht Science Park In de eenentwintigste eeuw kreeg de zone rond de Laan van Maarschalkerweerd opnieuw te maken met een grote infrastructurele ingreep door de aanleg van een hoogwaardige tramverbinding. Om de enorme reizigersstromen tussen Station Utrecht Centraal en het Utrecht Science Park op te vangen, werd gekozen voor de realisatie van de tramlijn onder de projectnaam De Uithoflijn (tramlijn 22). Het tracé van De Uithoflijn werd zo ingepast dat het langs de randen van het gebied Maarschalkerweerd en de Koningsweg meandert. De aanleg vereiste ingrijpende aanpassingen aan de wegenstructuur, fietspaden en kruisingen in de directe nabijheid van de Laan van Maarschalkerweerd. Tegenwoordig vormt de laan een harmonieuze schakel tussen het historische sportpark, de moderne tram- en fietsinfrastructuur en de aangrenzende natuur- en kennisgebieden van de stad. |
6. Sportpark De Grote Kuil - Zie voor uitleg hieronder. 7. Sportpark Maarschalkerweerd - Sportpark Maarschalkerweerd is een sportaccommodatie in de Nederlandse stad Utrecht. Het in of bij de buurt Maarschalkerweerd gelegen sportpark is in de jaren 1930 aangelegd en stond ook wel bekend als Sportpark De Groote Kuil. Het is de drukste sportpark van Utrecht. Wekelijks zijn er 7000 sporters actief. Het bevat vandaag de dag onder meer een atletiekbaan, 8 tennisbanen en 16 voetbal- en 7 hockeyvelden. Sportverenigingen die gebruikmaken van het sportpark zijn (onder andere) atletiekverenigingen U-Track, AV Phoenix, Hellas Utrecht, FC Utrecht en SV Kampong. Sinds 1967 is er een cricketcomplex waar verschillende internationale wedstrijden gehouden zijn. In bredere zin ligt Sportpark Maarschalkerweerd in een gebied waarin zich ook bijvoorbeeld Stadion Galgenwaard en Zwembad Krommerijn bevinden. Bron: Wikipedia Commons - Sportpark Maarschalkerweerd 8. Traiectum Sportcampus Utrecht - Traiectum Sportcampus Utrecht: Het Lopende Sport- en Innovatiehart van Utrecht-Oost De Historische Naamgeving en Oorsprong De naam Traiectum grijpt direct terug op de aloude Romeinse oorsprong van de stad Utrecht. Waar Traiectum ruim tweeduizend jaar geleden de doorwaadbare plaats aan de Rijn aanduidde, staat het woord vandaag de dag symbool voor een dynamisch ontmoetingspunt in Utrecht-Oost. De Traiectum Sportcampus bundelt de krachten van vooraanstaande Utrechtse sportverenigingen, onderwijsinstellingen en maatschappelijke organisaties rondom het historische sportgebied van Maarschalkerweerd en de Galgenwaard. Een Unieke Samenwerking in Maarschalkerweerd De sportcampus beslaat een omvangrijk gebied rondom de Herculeslaan en het sportpark Maarschalkerweerd. Het stelt verenigingen en breedtesport in staat om faciliteiten, kennis en innovatie met elkaar te delen. Tot de kernpartners en gebruikers behoren onder meer:
Verbinding tussen Breedtesport, Topsport en Onderwijs Traiectum Sportcampus is meer dan alleen een verzameling sportvelden en sporthallen. Het fungeert als een levendig lab waar sportinfrastructuur wordt gekoppeld aan maatschappelijke thema's:
Schakel tussen Stad en Groen Gelegen aan de rand van de stad – nabij de Kromme Rijn en de Amelisweerd – vormt de Traiectum Sportcampus een groene, sportieve poort tussen de stedelijke dynamiek van Utrecht en het landelijke Stichtse polderlandschap. Het is een plek waar dagelijks honderden sporters, van jong talent tot recreant, samenkomen om de Utrechtse sportgeest voort te zetten. Samengesteld met Google AI Gemini. |
Mozaïekpaneel met de afbeelding van de waanzin van Heracles (Hercules furens), afkomstig uit de Villa Torre de Palma nabij Monforte, 3e-4e eeuw na Christus, Nationaal Archeologisch Museum van Lissabon, Portugal. Toen Hercules volwassen was geworden en een groot krijger was, trouwde hij met Megara. Ze kregen twee kinderen. Hercules en Megara waren erg gelukkig, maar hun leven liep anders dan in de film. Hera stuurde Hercules een vlaag van waanzin die hem zo woedend maakte dat hij Megara en de kinderen vermoordde. Toen Hercules weer bij zinnen kwam en besefte wat hij had gedaan, vroeg hij de god Apollo om hem van deze smet te verlossen. Apollo droeg de held bepaalde taken op als straf voor zijn misdaden, zodat het kwaad uit zijn geest zou worden verdreven. |
𝐕𝐞𝐫𝐩𝐥𝐚𝐚𝐭𝐬𝐢𝐧𝐠 𝐊𝐰𝐞𝐤𝐞𝐫𝐢𝐣 𝐞𝐧 𝐁𝐨𝐮𝐰 𝐌𝐞𝐝𝐢𝐬𝐜𝐡-𝐅𝐲𝐬𝐢𝐬𝐜𝐡 𝐈𝐧𝐬𝐭𝐢𝐭𝐮𝐮𝐭 𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 Op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟕 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 is door het bestuur van de Gezondheidsorganisatie T.N.O. en het college van 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 een raadsvoorstel ingediend voor de verplaatsing van de gemeentelijke kwekerij en de aanleg van een nieuwe kwekerij aan de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝 🌿. T.N.O. heeft verzocht om een bouwterrein aan te kopen ter vestiging van een nieuw instituut voor medische fysica 🏥. Het terrein van de huidige gemeentelijke kwekerij aan de 𝐊𝐫𝐮𝐢𝐬𝐯𝐚𝐚𝐫𝐭 wordt hiervoor zeer geschikt geacht vanwege de onmiddellijke nabijheid van het Stads- en Academisch Ziekenhuis 🏥. Het plan omvat tevens de bouw van een houten en stenen 𝐥𝐨𝐨𝐝𝐬 met een vloeroppervlakte van 𝟑𝟎𝟎 𝐦𝟐 voor opslag van gereedschappen, maaimachines en tractoren, evenals een schaftlokaal, kantoorruimte en toiletvoorzieningen 🛠️. De totale inrichtingskosten van de kwekerij zijn geraamd op ƒ 100.000,- 💰. Met ingang van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 worden de terreinen met een oppervlakte van 𝟏,𝟕𝟖 𝐡𝐚 tegen een vergoeding van ƒ 1,50 per m² (totaal ƒ 26.700,-) en 𝟎,𝟑𝟎 𝐡𝐚 (30 aren) (totaal ƒ 4.500,-) overgedragen en overgeboekt naar het grondbedrijf en de algemene dienst 📜. 𝐆𝐫𝐨𝐧𝐝𝐨𝐯𝐞𝐫𝐝𝐫𝐚𝐜𝐡𝐭 𝐚𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝 𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🌳📍 Op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟕 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 heeft de Raad der 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🏛️ kennisgenomen van de voordracht van Burgemeester en Wethouders met betrekking tot de overboeking van gronden aan de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬chalk𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝. Het besluit omvat een aanpassing in de begroting en de interne overdracht van twee perceelgedeelten van het gemeentelijk grondbedrijf naar respectievelijk het bedrijf der gemeentewerken en de algemene dienst. 📋✨ Het eerste perceelgedeelte betreft een 𝐭𝐞𝐫𝐫𝐞𝐢𝐧 aan de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝, op de bijbehorende tekening nr. 6324 C met een rode kleur aangegeven 🔴. Dit object is 𝐤𝐚𝐝𝐚𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐥 𝐛𝐞𝐤𝐞𝐧𝐝 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, 𝐬𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐎, 𝐧𝐫. 𝟏𝟕𝟑 𝐠𝐞𝐝., 𝐠𝐫𝐨𝐨𝐭 (𝟏 𝐡𝐞𝐜𝐭𝐚𝐫𝐞, 𝟕𝟖 𝐚𝐫𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝟎 𝐜𝐞𝐧𝐭𝐢𝐚𝐫𝐞𝐧). Met ingang van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 is dit terrein tegen een vergoeding van ƒ 26.700,- overgedragen van het grondbedrijf naar het bedrijf der gemeentewerken. 🛠️🏗️ • 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 (indieners van de voordracht) 🏛️ • 𝐑𝐚𝐚𝐝 𝐝𝐞𝐫 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 (besluitvormend orgaan) 📜 𝐕𝐄𝐑𝐁𝐄𝐓𝐄𝐑𝐁𝐋𝐀𝐃.✏️ In de derde alinea moet het vermelde onder b. als volgt gelezen worden: "ter regeling van deze uitgave in de gemeentebegroting, de begroting voor gemeentewerken en de begroting voor het grondbedrijf, alle voor het dienstjaar 1955, de besluiten te nemen, welke in ontwerp in de leeskamer ter inzage zijn gelegd;" 📑 Het hieronder volgende ontwerp-besluit strekt ter vervanging van het aan de achterzijde van de voordracht afgedrukte. 📄 Nr 1177 O.W. 🏷️ Overboeking grond Laan van Maarschalkerweerd. 🛣️ Gelet op artikel 170 der gemeentewet en op de Verordening op het beheer van het gemeentelijk grondbedrijf; ⚖️ 𝐁𝐄𝐒𝐋𝐔𝐈𝐓: ✨ I. het op de bij dit besluit behorende tekening nr 6324 C met een rode kleur aangegeven 𝐭𝐞𝐫𝐫𝐞𝐢𝐧 aan de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝, 𝐤𝐚𝐝𝐚𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐥 𝐛𝐞𝐤𝐞𝐧𝐝 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, 𝐬𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐎, 𝐧𝐫. 𝟏𝟕𝟑 𝐠𝐞𝐝., 𝐠𝐫𝐨𝐨𝐭 (𝟏 𝐡𝐞𝐜𝐭𝐚𝐫𝐞, 𝟕𝟖 𝐚𝐫𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝟎 𝐜𝐞𝐧𝐭𝐢𝐚𝐫𝐞𝐧), met ingang van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 tegen een vergoeding van ƒ 26.700,- van het grondbedrijf naar het bedrijf der gemeentewerken over te brengen; 🔴💰 II. het op deze tekening met een groene kleur aangeduide 𝐭𝐞𝐫𝐫𝐞𝐢𝐧 aan de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝, 𝐤𝐚𝐝𝐚𝐬𝐭𝐫𝐚𝐚𝐥 𝐛𝐞𝐤𝐞𝐧𝐝 𝐚𝐥𝐬𝐯𝐨𝐫𝐞𝐧, 𝐠𝐫𝐨𝐨𝐭 (𝟎 𝐡𝐞𝐜𝐭𝐚𝐫𝐞𝐧, 𝟑𝟎 𝐚𝐫𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝟎 𝐜𝐞𝐧𝐭𝐢𝐚𝐫𝐞𝐧), met ingang van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 tegen een vergoeding van ƒ 4.500,- van het grondbedrijf naar de algemene dienst over te brengen; 🟢💰 Aldus besloten in de openbare vergadering van de Raad, gehouden op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟕 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓. 📅 𝐃𝐞 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫, 🎩 Op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟕 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 is tijdens een openbare vergadering besloten om gronden aan de Laan van Maarschalkerweerd in te zetten voor het realiseren van een nieuwe kwekerij 🌳. Voor de realisatie van dit project worden terreinen binnen de 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 overgedragen van het grondbedrijf naar respectievelijk het bedrijf der gemeentewerken en de algemene dienst 🚜. Het betreft onder meer een terrein dat op de bijbehorende tekening met een rode kleur is aangegeven, kadastraal bekend als 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, 𝐬𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐎, 𝐧𝐫. 𝟏𝟕𝟑 𝐠𝐞𝐝𝐞𝐞𝐥𝐭𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤, 𝐠𝐫𝐨𝐨𝐭 𝟏 𝐡𝐞𝐜𝐭𝐚𝐫𝐞 𝐞𝐧 𝟕𝟖 𝐚𝐫𝐞𝐧. Dit perceel wordt met ingang van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 overgedragen tegen een vergoeding van ƒ 26.700,- 💰. Daarnaast gaat het om een met een groene kleur aangegeven terrein aan dezelfde laan,eveneens kadastraal bekend als 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, 𝐬𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐎, 𝐧𝐫. 𝟏𝟕𝟑 𝐠𝐞𝐝𝐞𝐞𝐥𝐭𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤, 𝐠𝐫𝐨𝐨𝐭 𝟑𝟎 𝐚𝐫𝐞𝐧. Dit gedeelte wordt voor een vergoeding van ƒ 4.500,- overgeheveld naar de algemene dienst 🏛️. Burgemeester en wethouders zijn gemachtigd om de verdere nodige handelingen te verrichten 📝. 📜 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 Nr 18.290 O.W. Nr 1177 O.W. B E S L U I T : I. het op de bij dit besluit behorende tekening nr 6324 C met een rode kleur aangegeven terrein aan de Laan van Maarschalkerweerd, kadastraal bekend 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, 𝐬𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐎, 𝐧𝐫. 𝟏𝟕𝟑 𝐠𝐞𝐝𝐞𝐞𝐥𝐭𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤, 𝐠𝐫𝐨𝐨𝐭 𝟏 𝐡𝐞𝐜𝐭𝐚𝐫𝐞 𝐞𝐧 𝟕𝟖 𝐚𝐫𝐞𝐧, met ingang van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 tegen een vergoeding van ƒ 26.700,- van het grondbedrijf naar het bedrijf der gemeentewerken over te brengen; 🌲 III. Burgemeester en Wethouders te machtigen het verder nodige te verrichten. ✨ 📜 𝐆𝐫𝐨𝐧𝐝𝐨𝐯𝐞𝐫𝐝𝐫𝐚𝐜𝐡𝐭 𝐚𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝 𝐢𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 Op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟕 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 🏛️ heeft de Raad der 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 een formeel besluit genomen over een interne overboeking van gronden 🗺️ gelegen aan de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝. Dit besluit volgde op een voordracht van Burgemeester en Wethouders van 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟕 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓. Het betreft herverkavelingen en overdrachten tussen verschillende gemeentelijke diensten om de ruimtelijke indeling en het beheer efficiënt te stroomlijnen ⚙️. Het besluit omvat twee specifieke terreinen die op de bijbehorende tekening nr. 6324 C staan aangegeven 🎨: Het tweede perceel betreft eveneens 𝐠𝐫𝐨𝐧𝐝 / 𝐭𝐞𝐫𝐫𝐞𝐢𝐧 🌿, met een groene kleur aangegeven op de tekening, eveneens kadastraal bekend als 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, 𝐬𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐎, 𝐧𝐫. 𝟏𝟕𝟑 𝐠𝐞𝐝., 𝐠𝐫𝐨𝐨𝐭 (𝟑𝟎 𝐚𝐫𝐞𝐧). Dit gedeelte wordt eveneens per 𝐭𝐮𝐞𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 overgedragen van het grondbedrijf naar de algemene dienst 🏛️ voor een bedrag van ƒ 4.500,- 💵. De Burgemeester en Wethouders zijn gemachtigd om alle nodige verdere handelingen te verrichten 🖋️. Het besluit is door Gedeputeerde Staten van Utrecht goedgekeurd op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟐 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 🏛️ en officieel binnengekomen bij de gemeente Utrecht op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟏 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 📩. 📋 𝐎𝐯𝐞𝐫𝐳𝐢𝐜𝐡𝐭 𝐯𝐚𝐧 𝐁𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐏𝐞𝐫𝐬𝐨𝐧𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐈𝐧𝐬𝐭𝐚𝐧𝐭𝐢𝐞𝐬 • 👤 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 (𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐭𝐞𝐤𝐞𝐧𝐚𝐚𝐫): 𝐂.𝐉.𝐀. 𝐝𝐞 𝐑𝐚𝐧𝐢𝐭𝐳 📜 𝐆𝐫𝐨𝐧𝐝𝐨𝐯𝐞𝐫𝐝𝐫𝐚𝐜𝐡𝐭 𝐚𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝 𝐢𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 Op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟕 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 🏛️ heeft de Raad der 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 een formeel besluit genomen over een interne overboeking van gronden 🗺️ gelegen aan de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝. Dit besluit volgde op een voordracht van Burgemeester en Wethouders van 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟕 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓. Het betreft herverkavelingen en overdrachten tussen verschillende gemeentelijke diensten om de ruimtelijke indeling en het beheer efficiënt te stroomlijnen ⚙️. Het besluit omvat twee specifieke terreinen die op de bijbehorende tekening nr. 6324 C staan aangegeven 🎨: Het tweede perceel betreft eveneens 𝐠𝐫𝐨𝐧𝐝 / 𝐭𝐞𝐫𝐫𝐞𝐢𝐧 🌿, met een groene kleur aangegeven op de tekening, eveneens kadastraal bekend als 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, 𝐬𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐎, 𝐧𝐫. 𝟏𝟕𝟑 𝐠𝐞𝐝., 𝐠𝐫𝐨𝐨𝐭 (𝟑𝟎 𝐚𝐫𝐞𝐧). Dit gedeelte wordt eveneens per 𝐭𝐮𝐞𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 overgedragen van het grondbedrijf naar de algemene dienst 🏛️ voor een bedrag van ƒ 4.500,- 💵. De Burgemeester en Wethouders zijn gemachtigd om alle nodige verdere handelingen te verrichten 🖋️. Het besluit is door Gedeputeerde Staten van Utrecht goedgekeurd op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟐 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 🏛️ en officieel binnengekomen bij de gemeente Utrecht op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟏 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 📩. Overboeking grond Laan van Maarschalkerweerd 🛣️. De Raad der 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🏛️ Gelet op artikel 170 der gemeentewet en op de Verordening op het beheer van het gemeentelijk grondbedrijf; B E S L U I T : I. het op de bij dit besluit behorende tekening nr. 6324 C. met een rode kleur aangegeven terrein 🔴 aan de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝, kadastraal bekend 𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, 𝐬𝐞𝐜𝐭𝐢𝐞 𝐎, 𝐧𝐫. 𝟏𝟕𝟑 𝐠𝐞𝐝., 𝐠𝐫𝐨𝐨𝐭 (𝟏 𝐡𝐞𝐜𝐭𝐚𝐫𝐞 𝐞𝐧 𝟕𝟖 𝐚𝐫𝐞𝐧), met ingang van 𝐭𝐮𝐞𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟓 tegen een vergoeding van ƒ 26.700,- van het grondbedrijf naar het bedrijf der gemeentewerken over te brengen; III. Burgemeester en Wethouders te machtigen het verder nodige te verrichten 📝. Bron: HUA, 1338. Samengesteld Google Gemini AI. |
Links de jhr. Hendrik Bosch van Drakestein, bewoner van landgoed Nieuw-Amelisweerd en recht jhr. Schimmelpenninck van der Oye, in ca. 1900-1910. |
📜 𝐕𝐞𝐫𝐩𝐚𝐜𝐡𝐭𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐣𝐚𝐜𝐡𝐭 𝐨𝐩 𝐝𝐞 𝐡𝐨𝐟𝐬𝐭𝐞𝐝𝐞𝐧 „𝐃𝐞 𝐆𝐫𝐨𝐨𝐭𝐞 𝐊𝐮𝐢𝐥” 𝐞𝐧 „𝐌𝐞𝐫𝐞𝐯𝐞𝐥𝐝” 📰 Dit bericht over de gemeenteraadsvergadering is afkomstig uit het 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭𝐬𝐜𝐡 𝐚𝐫𝐜𝐡𝐢𝐞𝐟 - 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭𝐬𝐜𝐡 𝐞𝐧 𝐏𝐫𝐨𝐯𝐢𝐧𝐜𝐢𝐚𝐚𝐥 𝐞𝐧 𝐒𝐭𝐞𝐝𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤 𝐃𝐚𝐠𝐛𝐥𝐚𝐝 van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐 𝐦𝐞𝐢 𝟏𝟗𝟏𝟐. 🌾 De gemeente heeft besloten om over te gaan tot de onderhandse verpachting van het jachtrecht op de twee gemeentelijke hofsteden „𝐃𝐞 𝐆𝐫𝐨𝐨𝐭𝐞 𝐊𝐮𝐢𝐥” en „𝐌𝐞𝐫𝐞𝐯𝐞𝐥𝐝”. 📜 Na de eigendomsovergang heeft hij zich tot Burgemeester en Wethouders (𝐁. 𝐞𝐧 𝐖.) gewend met het verzoek om de door hem sedert jaren uitgeoefende jacht te mogen behouden. Hij stelt hierbij voor om een jaarlijkse pachtsom te betalen van ƒ 100,-. 🍃 Volgens het college van 𝐁. 𝐞𝐧 𝐖. is dit voorgestelde bedrag ruimschoots voldoende, aangezien het terrein niet bijzonder groot is en evenmin rijk is aan wild. 🤝 Het college heeft daarom aan de gemeenteraad voorgesteld om tegen de genoemde som van ƒ 100,- de jacht officieel aan hem te verpachten, en wel voor een periode van zes opeenvolgende jaren. Het voorstel is door de raad goedgekeurd. Bron: Delpher.nl Samengesteld met Google Gemini AI. |
9. Lanen van Nieuw-Ameliseerd - Het Ontwerp en de Aanleg van de Lanen van Nieuw-Amelisweerd De monumentale lanenstructuur van het landgoed Nieuw-Amelisweerd vormt een van de oudste en best bewaarde voorbeelden van historische park- en tuinarchitectuur langs de Kromme Rijn. De aanleg van de strakke zichtassen en het kruisende lanenpatroon vloeit voort uit de zeventiende- en achttiende-eeuwse transformatie van het aloude ridderhofstadterrein naar een formele buitenplaats. De Periode van Aanleg van de Zichtaslanen De basis voor de kenmerkende vak- en lanenstructuur van Nieuw-Amelisweerd werd gelegd in de periode na het Rampjaar van 1672 en is gedurende de achttiende eeuw nader uitgebouwd:
De Werkelijke Bewoners en Eigenaren in de Achttiende Eeuw Voor Nieuw-Amelisweerd waren in de zeventiende en achttiende eeuw de navolgende adellijke personen en families de daadwerkelijke eigenaren en beheerders: 1. Familie Van Utenhove (Tot 1767) Na het huwelijk van Martha Maria Huygens met Hendrik van Utenhove in de zeventiende eeuw kwam het goed in handen van de familie Van Utenhove. Na de verwoestingen van 1672 zette deze familie de eerste stappen voor de herinrichting van het landgoed.
2. Henri Maximilien de Saint-Simon (Markies de St. Simon) Na het overlijden van Hendrik van Utenhove hertrouwde zijn weduwe, Maria Jacoba Cornelia gravin van Efferen, met de Franse edelman Henri Maximilien markies de Saint-Simon. Hij werd daarmee de nieuwe heer en beheerder van Nieuw-Amelisweerd. Onder het bewind van de Markies de St. Simon onderging het landgoed ingrijpende vernieuwingen:
aan het einde van de achttiende eeuw ging het goed over op de Franse edelman Henri-Jean-Gabriel de Rouvroy markies de Saint-Simon, waarna het in 1808 door Koning Lodewijk Napoleon werd aangekocht. Monumentale Status van het Lanenstelsel Het lanenpatroon van Nieuw-Amelisweerd kenmerkt zich door kaarsrechte dubbele lanen die elkaar haaks kruisen, met de centrale zichtas gericht op het hoofdgebouw. Vanwege de hoge ouderdom, de zeldzame gaafheid en de nauwe samenhang met het rivierlandschap van de Kromme Rijn is de parkaanleg met haar historische zichtaslanen en het Markiezenbos beschermd als rijksmonument. Samengesteld met Google Gemini AI. |
Uit de 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭𝐬𝐜𝐡𝐞 𝐂𝐨𝐮𝐫𝐚𝐧𝐭 van 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟖 𝐣𝐮𝐥𝐢 𝟏𝟗𝟑𝟐 met als hoofdtitel 𝐖𝐄𝐑𝐊𝐕𝐄𝐑𝐒𝐂𝐇𝐀𝐅𝐅𝐈𝐍𝐆 𝐃𝐎𝐎𝐑 𝐃𝐄 𝐆𝐄𝐌𝐄𝐄𝐍𝐓𝐄. Hieronder volgt een uitgebreid en vloeiend samenvattend verhaal van de inhoud van dit historische gemeentelijke besluit en plan voor arbeidsverschaffing. 𝐖𝐞𝐫𝐤𝐯𝐞𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐟𝐟𝐢𝐧𝐠𝐬𝐩𝐥𝐚𝐧𝐧𝐞𝐧 𝐢𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭: 𝐙𝐰𝐞𝐦𝐢𝐧𝐫𝐢𝐜𝐡𝐭𝐢𝐧𝐠, 𝐒𝐩𝐞𝐞𝐥𝐰𝐞𝐢𝐝𝐞 𝐞𝐧 𝐒𝐩𝐨𝐫𝐭𝐩𝐚𝐚𝐫𝐤 𝐨𝐩 𝐡𝐞𝐭 𝐊𝐨𝐧𝐢𝐧𝐠𝐬𝐰𝐞𝐠-𝐭𝐞𝐫𝐫𝐞𝐢𝐧 In het voorjaar van 1931 heeft het college van Burgemeester en Wethouders van Utrecht besloten om de ernstige werkloosheid te bestrijden door diverse gemeentelijke werken in werkverschaffing uit te voeren. Hoewel al een reeks projecten is opgestart, worden op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟖 𝐣𝐮𝐥𝐢 𝟏𝟗𝟑𝟐 twee nieuwe omvangrijke plannen aan de gemeenteraad voorgelegd: de aanleg van een bad- en zweminrichting met speelweide in het Ondiep, en de stichting van een groot sportpark aan de Koningsweg. Het raadsvoorstel van wethouder 𝐋. 𝐒𝐩𝐮𝐫𝐞𝐧𝐛𝐮𝐫𝐠 benadrukt dat de situatie rond de werkloosheid zo spoedig mogelijk om nieuwe projecten vraagt. Door tussenkomst van de voorzitter van de Raad van Arbeid, tevens secretaris van het Plaatselijk Arbeidssecretariaat, is er aangedrongen op snelle raadsbehandeling om te voorkomen dat nog meer werklozen zonder ondersteuning komen te zitten. De financiële omstandigheden maken het weliswaar niet mogelijk om meteen het oorspronkelijke grote stadionschema uit te voeren, maar door te kiezen voor een soberder opzet kan toch aan een aanzienlijk aantal werklozen werk worden geboden. • 𝐝𝐢𝐫𝐞𝐜𝐭𝐞𝐮𝐫 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞𝐰𝐞𝐫𝐤𝐞𝐧 🏊♂️ 𝐃𝐞 𝐙𝐰𝐞𝐦𝐢𝐧𝐫𝐢𝐜𝐡𝐭𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐒𝐩𝐞𝐞𝐥𝐰𝐞𝐢𝐝𝐞 𝐢𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐎𝐧𝐝𝐢𝐞𝐩 Het zwembadcomplex wordt gesitueerd op een terrein achter de Marnixlaan, tussen de Roišteinstraat en de Vecht. De keuze voor deze locatie is ingegeven door de sterke bevolkingstoename in het noordwestelijke stadsdeel en de behoefte aan openluchtrecreatie. Het bad wordt opgedeeld in twee afzonderlijke afdelingen (voor vrouwen en voor mannen): ⚽ 𝐇𝐞𝐭 𝐒𝐩𝐨𝐫𝐭𝐩𝐚𝐚𝐫𝐤 '𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝' 𝐚𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐊𝐨𝐧𝐢𝐧𝐠𝐬𝐰𝐞𝐠 Het tweede grote project betreft het terrein 'Maarschalkerweerd' aan de Koningsweg, gelegen onder de gemeente Houten. Dit terrein is reeds eerder opgekropt en gedraineerd, maar krijgt nu een volwaardige inrichting met: • Een overdekte houten tribune voor circa 1.000 zitplaatsen, waarin tevens kleedgelegenheden, waschtafels met douches, buffetten en ruimtes voor de directie zijn ondergebracht. • Parkeergelegenheid nabij de Vosseweg voor circa 100 automobielen en overdekte wielstallingen. 💰 𝐅𝐢𝐧𝐚𝐧𝐜𝐢𝐞𝐞𝐥 𝐎𝐯𝐞𝐫𝐳𝐢𝐜𝐡𝐭 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐫𝐤𝐠𝐞𝐥𝐞𝐠𝐞𝐧𝐡𝐞𝐢𝐝 Bron: Delpher.nl Samengesteld met Google Gemini AI. |
🏛️ 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞𝐳𝐚𝐤𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐉𝐚𝐜𝐡𝐭𝐯𝐞𝐫𝐩𝐚𝐜𝐡𝐭𝐢𝐧𝐠 In de krantenberichten over gemeentelijke aangelegenheden zijn diverse ingekomen stukken bij de Raad ter inzage gelegd in de Leeskamer van het Stadhuis. 📄 📋 𝐈𝐧𝐠𝐞𝐤𝐨𝐦𝐞𝐧 𝐬𝐭𝐮𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐛𝐢𝐣 𝐝𝐞𝐧 𝐑𝐚𝐚𝐝 🦌 𝐕𝐞𝐫𝐩𝐚𝐜𝐡𝐭𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐣𝐚𝐜𝐡𝐭
B. en W. stellen voor deze jacht weder voor 6 jaar te verpachten aan jhr. 𝐁𝐨𝐬𝐜𝐡 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐫𝐚𝐤𝐞𝐬𝐭𝐞𝐢𝐧 tegen een pachtsom van ƒ 100,- per jaar. 🎯 Samengesteld Google AI Gemini. |
🏛️ 𝐑𝐚𝐚𝐝𝐬𝐯𝐞𝐫𝐠𝐚𝐝𝐞𝐫𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 📰 Overzicht van de Raadsvergadering Op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟎 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 (bijeenkomst van de Gemeenteraad van Utrecht) opende burgemeester 𝐉. 𝐏. 𝐅𝐨𝐜𝐤𝐞𝐦𝐚 𝐀𝐧𝐝𝐫𝐞𝐚𝐞 om 11½ uur de vergadering. De notulen van de vorige vergadering werden voorgelezen en ongewijzigd goedgekeurd. Bij den aanvang der vergadering waren 30 leden aanwezig. Er was op dat moment één vacature. Met kennisgeving afwezig waren de heren 𝐁𝐨𝐨𝐦𝐬𝐦𝐚, 𝐒𝐞𝐫𝐭𝐨𝐧, 𝐯𝐚𝐧 𝐒𝐩𝐚𝐧𝐣𝐞 en 𝐋𝐚𝐬𝐞𝐮𝐫. 📜 Ingekomen Stukken: Vermindering Jacht Onder de ingekomen stukken werd een adres behandeld met betrekking tot de jachtrechten op gronden onder Houten. • 𝐉. 𝐋. 𝐏. 𝐁𝐨𝐨𝐬𝐜𝐡 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐫𝐚𝐤𝐞𝐬𝐭𝐞𝐢𝐧 In het verzoek wijst 𝐉. 𝐋. 𝐏. 𝐁𝐨𝐨𝐬𝐜𝐡 𝐯𝐚𝐧 𝐃𝐫𝐚𝐤𝐞𝐬𝐭𝐞𝐢𝐧 de Raad erop dat hij van de Gemeente Utrecht in huur heeft voor ƒ 1.100,- per jaar de jacht op de landerijen behoorende tot de hofsteden de Groote Kuil en die op het Meerenveld, bewoond door 𝐯𝐚𝐧 𝐋𝐚𝐚𝐫. Samengesteld met Google Gemini AI. |
7. Marsdijk - Deze Marsdijk tussen Vechten en Mereveld ontleent zijn naam aan de hofstede De Mars, later verbasterd tot De Mast, vermeld sinds 1474. De naam Marsdijk of Marsweg komt pas voor sinds 1596, terwijl dan ook de naam Groenedijk gebruikt wordt (1568). De oude naam is Borchtweg of Borgweg - die in 1547 voorkomt, maar dan waarschijnlijk al oud is - genoemd naar Wiltenburg, dat gelegen was ongeveer ter plaatse van het fort Vechten. Wiltenburg was de ruïne van het Romeinse castellum bij Vechten, waarin de bisschop van Utrecht sinds de achtste eeuw het exploitatiecentrum van zijn domein Vechten had gevestigd. |
Een poging in de twaalfde eeuw om in de Wiltenburg een Norbertijnerabdij te stichten, leed schipbreuk. Wiltenburg bleef een gehucht. De Marsdijk werd ten gevolge van de aanleg van het fort Vechten in 1870 omgelegd en volgt sindsdien de bochtige fortgracht. De naam werd na de afschaffing van de wijkindeling in de gemeente Bunnik in 1925 aangebracht op een straatnaambord en daarmee officieel. Vastgesteld op 17 maart 2009 door het college van gemeente Bunnik. |
8. Mereveldseweg - Zie straatnamenlijst Bunnik of de pagina Bosch van Drakestein - Reconstructie Gebouwen Mereveldseweg. |
9. Rijksweg A12 - 1938 |
10. Rijndijk - (Rijndijkje) Zie voor verdere uitleg over de historie van de Rijndijk de Munnicks van Cleeff pagina. |
Boerderij De Ketel te Utrecht Lunetten werd qua straatnaam omgezet van zijn adressering van Rijndijk naar Houtensepad op 16 juni 1976. |
Boerderij De Ketel te Utrecht Lunetten werd qua straatnaam omgezet van zijn adressering van Rijndijk naar Houtensepad op 16 juni 1976. Bijbehorende wijzigingstekening. |
11. Stadionlaan of Stadionweg - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op vrijdag 18 september 1936. |
12. Herculeslaan - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op maandag 29 april 1957. |
De Herculeslaan, het Herculesplein en de Herculesbrug: Van Sportief Erfgoed tot Infrastructuurschakel De Mythologische Oorsprong van de Naam De naam Hercules gaat terug op de bekende held uit de Griekse en Romeinse mythologie (in het Grieks Herakles). Hercules stond bekend om zijn bovenmenselijke kracht, moed en het volbrengen van de beroemde twaalf werken. Vanwege deze eigenschappen is hij door de eeuwen heen een geliefd symbool geworden binnen de sportwereld, waar kracht en uithoudingsvermogen centraal staan. De Utrechtse Sportvereniging Hercules en Stadion Galgenwaard In Utrecht dankt de Herculeslaan en het Herculesplein hun benaming direct aan de Utrechtse Cricket- & Voetbalvereniging Hercules (vanaf 1981 bekend als de Utrechtse Sport-Vereniging Hercules).
Het aangrenzende Stadion Galgenwaard werd in de periode 1936–1967 intensief gebruikt door het eerste voetbalelftal van Hercules. Ligging bij Maarschalkerweerd en de Regionale Verbindingsfunctie De Herculeslaan, het Herculesplein en de Herculesbrug liggen direct aangrenzend aan het historische gebied Maarschalkerweerd, dat in het verleden tot de gemeente Houten behoorde voordat het door grenswijzigingen bij Utrecht werd gevoegd. Naast hun sportieve en historische betekenis vervullen deze wegen een cruciale infrastructurele rol. Sinds het eind van de jaren '60 de Gansstraat werd afgesloten als doorgaande weg richting Houten en Wijk bij Duurstede, fungeert de zone rond de Herculeslaan als een belangrijke hoofdverbindingsas tussen Utrecht-Zuidoost, Bunnik en Wijk bij Duurstede. Zo transformeerde het gebied van een sportieve enclave tot een onmisbare schakel in het regionale wegennet. Samengesteld met Google AI Gemini en bron: Het Utrechts straatnamenboek, Erik Tigelaar. |
13. Herculesbrug - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op maandag 29 april 1957. ⚽ 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬' 𝐧𝐚𝐚𝐦 𝐛𝐥𝐢𝐣𝐟𝐭 𝐯𝐨𝐨𝐫 𝐚𝐥𝐭𝐢𝐣𝐝 𝐚𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 𝐯𝐞𝐫𝐛𝐨𝐧𝐝𝐞𝐧 🏆 𝐄𝐞𝐫𝐛𝐞𝐭𝐨𝐨𝐧 𝐚𝐚𝐧 𝐃𝐫𝐢𝐞ë𝐧𝐭𝐳𝐞𝐯𝐞𝐧𝐭𝐢𝐠𝐣𝐚𝐫𝐢𝐠𝐞 𝐒𝐩𝐨𝐫𝐭𝐯𝐞𝐫𝐞𝐧𝐢𝐠𝐢𝐧𝐠 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬 𝐢𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 Op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟗 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟗𝟓𝟕 werd er verslag gedaan van een indrukwekkende en stijlvolle receptie ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van de Utrechtse voetbal- en cricketvereniging Hercules. Het feest vond plaats in het Jaarbeursrestaurant, waar de Nederlandse sportwereld in grote getale bijeenkwam. Het meest opmerkelijke gebaar van de middag werd gemaakt door burgemeester 𝐂. 𝐉. 𝐃. 𝐝𝐞 𝐑𝐚𝐧𝐢𝐭𝐳. Hij maakte namens het Utrechtse gemeentebestuur bekend dat de naam Hercules voor altijd aan de stad verbonden zal blijven. De 𝐒𝐭𝐚𝐝𝐢𝐨𝐧𝐥𝐚𝐚𝐧, gelegen tussen het viaduct en de 𝐊𝐫𝐨𝐦𝐦𝐞𝐫𝐢𝐣𝐧, wordt namelijk omgedoopt tot de 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐥𝐚𝐚𝐧. Daarnaast zal de nieuw te bouwen brug over de 𝐊𝐫𝐨𝐦𝐦𝐞𝐫𝐢𝐣𝐧 de naam 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐛𝐫𝐮𝐠 dragen. 🏛️ Burgemeester 𝐂. 𝐉. 𝐃. 𝐝𝐞 𝐑𝐚𝐧𝐢𝐭𝐳, die vergezeld werd door wethouder 𝐃𝐞𝐫𝐤𝐬, sprak vol lof over de vereniging en richtte zich speciaal tot Hercules-praeses 𝐉. 𝐏. 𝐖. 𝐁𝐨𝐥. Ook de voorzitter van de KNVB, ir. 𝐇. 𝐇𝐨𝐩𝐬𝐭𝐞𝐫, noemde Hercules een ware steunpilaar van de bond en benadrukte dat de club helpt om de jeugd op te leiden in een geest van hechte vriendschap. Verschillende zusterverenigingen zoals DOS en Elinkwijk lieten hun waardering blijken. Zo sprak de heer 𝐏. 𝐌𝐚𝐜𝐤𝐚𝐚𝐲 namens DOS en schonk de heer 𝐉. 𝐋𝐢𝐭𝐭𝐞𝐥 van Elinkwijk een wandbord. Namens het NUD overhandigden de heren 𝐇. 𝐒𝐩𝐢𝐣𝐤𝐞𝐫 en 𝐉. 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞𝐫 𝐆𝐞𝐞𝐫 een speciale editie in blauw druk aan alle bestuursleden. 📜 Andere aanwezigen en sprekers op deze feestelijke dag waren onder meer 𝐌. 𝐖𝐞𝐥𝐥𝐞 namens de afdeling Utrecht KNVB, 𝐇𝐚𝐫𝐫𝐢𝐞 𝐌𝐨𝐦𝐦𝐞𝐫𝐬 namens 'De Zwaluwen', dr. 𝐉𝐨𝐧𝐠𝐡 namens de Medische Sportkeuring, de heer 𝐕𝐚𝐧 𝐆𝐞𝐞𝐥𝐞𝐧 voor de Stichting van Lichamelijke Oefening, en garnizoenscommandant jhr. 𝐉. 𝐉. 𝐆. 𝐀𝐥𝐭𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐨𝐧 𝐆𝐞𝐮𝐬𝐚𝐮. Tevens waren 𝐓. 𝐇𝐞𝐧𝐝𝐫𝐢ksen, 𝐇. 𝐄𝐧𝐠𝐞𝐥𝐬𝐦𝐚𝐧, 𝐌𝐨𝐞𝐤𝐞 𝐌𝐨𝐥 en 𝐊𝐚𝐫𝐞𝐥 𝐋𝐨𝐭𝐬𝐲 aanwezig om felicitaties over te brengen. Mevrouw 𝐁𝐫𝐨𝐜𝐱-𝐉𝐨𝐨𝐬𝐭𝐞𝐧, die reeds in 1885 het vaandel voor Hercules vervaardigde, was eveneens present. 🏅 📝 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐊𝐫𝐚𝐧𝐭𝐞𝐧𝐚𝐫𝐭𝐢𝐤𝐞𝐥 De burgemeester, die was vergezeld door wethouder mr. 𝐃𝐞𝐫𝐤𝐬, deelde mede, dat het gemeentebestuur hierdoor de vereniging wilde eren, die de typisch Utrechtse goede sfeer vertegenwoordigt, die zulk een speciaal cachet heeft en die de sport alleen nog voor de sport („en niet voor de knikkers”) beoefent. Na een speciaal woord tot de 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬-praeses, de heer 𝐉. 𝐏. 𝐖. 𝐁𝐨𝐥, te hebben gericht, sprak de heer 𝐃𝐞 𝐑𝐚𝐧𝐢𝐭𝐳 de wens uit, dat 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬 onsterfelijk zal zijn en nog vele goede werken tot stand zal brengen. De heer 𝐁𝐨𝐥 offreerde de heer 𝐃𝐞 𝐑𝐚𝐧𝐢𝐭𝐳 een cassette met 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬-speltjes. 🏅 𝐒𝐭𝐞𝐮𝐧𝐩𝐢𝐥𝐚𝐚𝐫 DOS en Elinkwijk bleken nog niet vergeten te zijn, dat 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬 bij het ontstaan van deze verenigingen de helpende hand heeft geboden. De heer 𝐏. 𝐌𝐚𝐜𝐤𝐚𝐚𝐲 meende zelfs te weten, dat DOS de oudste supportersclub van 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬 wordt genoemd. Hij deelde mede, dat in het 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬-paviljoen een gebrandschilderd raam zal worden aangebracht. De heer 𝐉. 𝐋𝐢𝐭𝐭𝐞𝐥 sprak namens Elinkwijk en bood een wandbord aan. 🖼️ 𝐎𝐮𝐝𝐞 𝐥𝐢𝐞𝐟𝐝𝐞 Vele leden die in vroeger jaren op de voorgrond traden, kwamen het huidige bestuur complimenteren. Ook mevr. 𝐁𝐫𝐨𝐜𝐱-𝐉𝐨𝐨𝐬𝐭𝐞𝐧, die in 1885 het vaandel voor 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬 vervaardigde, was aanwezig en natuurlijk ontbraken de onverwoestbare supporters 𝐓. 𝐇𝐞𝐧𝐝𝐫𝐢𝐤𝐬𝐞𝐧 en 𝐇. 𝐄𝐧𝐠𝐞𝐥𝐬𝐦𝐚𝐧 evenmin. Zij boden, mede namens andere supporters, enkele fraaie vlaggen en nylon-doelnetten aan. 🚩 Er waren natuurlijk heel veel cadeaus en bloemen. Ballen, vlaggen, tekeningen, vaantjes, een voetbalspel (van „Moeke” 𝐌𝐨𝐥) en vele andere geschenken vulden de bestuurstafel steeds meer. 💐 De heer 𝐌. 𝐖𝐞𝐥𝐥𝐞 sprak namens de afdeling Utrecht KNVB, 𝐇𝐚𝐫𝐫𝐢𝐞 𝐌𝐨𝐦𝐦𝐞𝐫𝐬 voor „De Zwaluwen”, dr. 𝐉𝐨𝐧𝐠𝐡 namens de Medische Sportkeuring en de heer 𝐕𝐚𝐧 𝐆𝐞𝐞𝐥𝐞𝐧 voor de Stichting van Lichamelijke Oefening. Hoofdcommissaris 𝐑. 𝐖. 𝐯𝐚𝐧 𝐄𝐢𝐣𝐤 en de garnizoenscommandant jhr. 𝐉. 𝐉. 𝐆. 𝐀𝐥𝐭𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐨𝐧 𝐆𝐞𝐮𝐬𝐚𝐮 waren er, afgevaardigden van studentencorporaties en natuurlijk de vertegenwoordigers van vele, vele cric-ket- en voetbalverenigingen uit Utrecht en omgeving, ja, uit geheel ons land. 🏏 Ook 𝐊𝐚𝐫𝐞𝐥 𝐋𝐨𝐭𝐬𝐲 was aanwezig, maar die sprak pas 's avonds tijdens het reünistendiner. Voorzitter 𝐁𝐨𝐥 had voor al die gelukwensen en toespraken steeds de passende repliek. Bron: Delpher.nl. Samengesteld met Google AI Gemini. |
𝐃𝐞 𝐍𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐥𝐚𝐚𝐧 𝐞𝐧 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐛𝐫𝐮𝐠 𝐢𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 ⚽🌉 In het voorjaar van 1957 stond de Utrechtse sportwereld in het teken van een bijzondere mijlpaal: het 75-jarig bestaan van Voetbalvereniging "Hercules" ⚽. Ter gelegenheid van dit jubileum besloot het gemeentebestuur van Utrecht hulde te brengen aan de vereniging door een straatnaam en een brugnaam aan te passen. Op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟓 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟓𝟕 diende de Chef van de afdeling Algemene Zaken (onder nummer 2072) een advies in bij het college van Burgemeester en Wethouders 🏛️. Het voorstel behelsde om het gedeelte van de Stadionlaan, gelegen tussen de noordwestelijke zijde van het viaduct en de Kromme Rijn, om te dopen tot "Herculeslaan". Als logisch gevolg hiervan zou de in de Stadionlaan gelegen "Stadionbrug" voortaan de naam "Herculesbrug" dragen 🌉. Het college van Burgemeester en Wethouders van Utrecht ging op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟐 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟓𝟕 akkoord met dit advies 📝. Vervolgens werd op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟗 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟗𝟓𝟕 het officiële besluit genomen en op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐦𝐞𝐢 𝟏𝟗𝟓𝟕 verzonden naar een breed scala aan instanties en overheidsdiensten, waaronder de Hoofdcommissaris van Politie, de brandweer 🚒, het postkantoor ✉️, het kadaster, de Kamer van Koophandel en de directie van Voetbalvereniging "Hercules" ⚽. Tevens werd verzocht om op de betreffende locatie de nieuwe naambordjes aan te brengen 🪧. Drie jaar later, in de zomer van 1960, kwam de Herculesbrug opnieuw ter sprake in de gemeentelijke besluitvorming 🏗️. In een voorstel van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟓 𝐧𝐨𝐯𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟓𝟗 (nr. 5750 O.W.) was reeds aan de gemeenteraad medegedeeld dat het voornemen bestond om de te herbouwen Maarschalkerweerdbrug over de Krommerijn (een oude baileybrug) eveneens de naam "Herculesbrug" te geven. Om de juiste hoogte en breedte van de oprit van de nieuwe brug te kunnen realiseren, moest de nabijgelegen bestaande Herculesbrug echter worden gesloopt 🔨. Op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟓 𝐚𝐮𝐠𝐮𝐬𝐭 𝟏𝟗𝟔𝟎 adviseerde de Chef van de afdeling Kabinet en Algemene Zaken (onder nummer 3826) om over te gaan tot het benoemen van de nieuw te bouwen brug als "Herculesbrug" 🌉. Dit advies werd op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟑𝟎 𝐚𝐮𝐠𝐮𝐬𝐭 𝟏𝟗𝟔𝟎 officieel goedgekeurd door het college van Burgemeester en Wethouders 🏛️. 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐝𝐨𝐜𝐮𝐦𝐞𝐧𝐭 𝟏: 𝐍𝐨𝐭𝐚 𝐞𝐧 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭 𝐁. 𝐞𝐧 𝐖. (𝐚𝐮𝐠𝐮𝐬𝐭𝐮𝐬 𝟏𝟗𝟔𝟎) 📋 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐝𝐨𝐜𝐮𝐦𝐞𝐧𝐭 𝟐: 𝐍𝐨𝐭𝐚 𝐚𝐚𝐧 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 (𝟐𝟓 𝐚𝐮𝐠𝐮𝐬𝐭𝐮𝐬 𝟏𝟗𝟔𝟎) 📄 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐝𝐨𝐜𝐮𝐦𝐞𝐧𝐭 𝟑: 𝐎𝐟𝐟𝐢𝐜𝐢𝐞𝐞𝐥 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞𝐛𝐞𝐬𝐭𝐮𝐮𝐫 (𝟐𝟗 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟗𝟓𝟕) 📜 B E S L U I T E N : 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐝𝐨𝐜𝐮𝐦𝐞𝐧𝐭 𝟓: 𝐀𝐝𝐯𝐢𝐞𝐬 𝐂𝐡𝐞𝐟 𝐀𝐥𝐠𝐞𝐦𝐞𝐧𝐞 𝐙𝐚𝐤𝐞𝐧 (𝟏𝟓 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟓𝟕) 📑 Advies: dd. 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟓 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟓𝟕 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐝𝐨𝐜𝐮𝐦𝐞𝐧𝐭 𝟔: 𝐀𝐠𝐞𝐧𝐝𝐚- 𝐞𝐧 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭𝐞𝐧𝐛𝐥𝐚𝐝 𝐁. 𝐞𝐧 𝐖. (𝟐𝟐 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟓𝟕) 📅 Afdeling: A.Z. 🌉 𝐎𝐟𝐟𝐢𝐜𝐢ë𝐥𝐞 𝐍𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐛𝐫𝐮𝐠 𝐨𝐯𝐞𝐫 𝐝𝐞 𝐊𝐫𝐨𝐦𝐦𝐞𝐫𝐢𝐣𝐧 Op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟓 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟎 hebben Burgemeester en Wethouders van Utrecht een officieel besluit genomen met betrekking tot een in aanbouw zijnd infrastructuurproject 🏗️. Het betreft de nieuw gebouwde 𝐛𝐫𝐮𝐠 over de 𝐊𝐫𝐨𝐦𝐦𝐞𝐫𝐢𝐣𝐧, gelegen tussen de 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐥𝐚𝐚𝐧 en de 𝐋𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝. Een afschrift van dit raads- en collegebesluit is toegezonden aan diverse gemeentelijke en provinciale diensten, afdelingschefs en instellingen. Hieronder bevonden zich onder meer de hoofdcommissaris van politie 👮, de directeuren van de bouw- en woningdienst, het energie- en vervoerbedrijf, de reinigings-, markt- en havendienst, de gezondheidsdienst, het postkantoor ✉️, de brandweer 🚒, de Rijkswaterstaat, alsmede de kerkvoogdij van de Nederlands Hervormde Gemeente. Aan de hoofddirecteur van openbare werken is verzocht zorg te dragen voor het aanbrengen van de nodige naamborden 🪧. Het besluit is bekendgemaakt aan de Gemeenteraad van Utrecht en ondertekend overeenkomstig het oorspronkelijke exemplaar door de Secretaris van Utrecht. Burgemeester en Wethouders van Utrecht. 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐝𝐨𝐜𝐮𝐦𝐞𝐧𝐭 𝟐 dat in verband met het bouwen van deze nieuwe brug de 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐛𝐫𝐮𝐠 en de 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝𝐛𝐫𝐮𝐠 komen te vervallen; Besluiten: Afschrift van dit besluit zal worden gezonden aan de chefs van de afdelingen der gemeentesecretarie, de hoofdcommissaris van politie 👮, de directeur van de bouw- en woningdienst, de hoofddirecteur van het gemeentelijk energie- en vervoerbedrijf, de directeur van de reinigings-, markt- en havendienst, de directeur van de gemeentelijke geneeskundige en gezondheidsdienst, de Armenraad, de directeur van de dienst voor sociale zaken, de directeur van de gemeentelijke volkscredietbank, de commandant van de brandweer 🚒, de gemeenteontvanger, het hoofd bescherming bevolking, de dienst draadomroep der P.T.T. 📻, de directeur van het postkantoor ✉️, de directeur van het telefoondistrict Utrecht, de inspecteur van de belastingen 1ste afdeling, de inspecteur der invoerrechten en accijnzen, de bewaarder van de hypotheken, het kadaster en de scheepsbewijzen, de hoofdlandmeter van het kadaster-hoofd van de landmeetkundige dienst te Utrecht, de directie van de Utrechtse Waterleiding Maatschappij, de directeur van het Waterleidingbedrijf Midden Nederland, het Hulpbureau Zuilen, de directie van het Prov. en Gem. Utrechts Stroomleveringsbedrijf N.V., de hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat in de directie Utrecht, de directeur van het gemeentelijk huisvestingsbureau, de secretaris van de Huuradviescommissie, de voorzitter van de Raad van Arbeid, de beheerder van het Nieuw-Archief 📂, de secretaris van de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Utrecht en omstreken, het Sociaal Charitatief Centrum, de Kerkvoogdij van de Nederlands Hervormde Gemeente en aan de hoofddirecteur van openbare werken met het verzoek aan laatstgenoemde te doen zorgdragen voor het aanbrengen van de nodige naamborden 🪧. UTRECHT, 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟓 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟎. Bronnen: HUA en Delpher.nl. Bron: Delpher.nl. Samengesteld met Google AI Gemini. |
14. Herculesplein - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op vrijdag 21 mei 1982. 𝐄𝐞𝐫𝐛𝐞𝐭𝐨𝐨𝐧 𝐚𝐚𝐧 𝐕𝐨𝐞𝐭𝐛𝐚𝐥𝐯𝐞𝐫𝐞𝐧𝐢𝐠𝐢𝐧𝐠 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬 𝐢𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 ⚽📍 Ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van de 𝐕𝐨𝐞𝐭𝐛𝐚𝐥𝐯𝐞𝐫𝐞𝐧𝐢𝐠𝐢𝐧𝐠 "𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬" hebben 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟗 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟗𝟓𝟕 een officieel besluit genomen om twee belangrijke infrastructurele elementen in de stad te hernoemen. 🏛️📜 𝐎𝐟𝐟𝐢𝐜𝐢𝐞𝐞𝐥 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭 𝐯𝐚𝐧 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 📑 𝐍𝐚𝐚𝐦𝐬𝐰𝐢𝐣𝐳𝐢𝐠𝐢𝐧𝐠 𝐧𝐚𝐚𝐫 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐥𝐚𝐚𝐧 𝐞𝐧 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐛𝐫𝐮𝐠 𝐢𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 ⚽🏛️ 𝐒𝐚𝐦𝐞𝐧𝐯𝐚𝐭𝐭𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭 📜 Op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟗 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟗𝟓𝟕 hebben 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 een formeel besluit genomen ter gelegenheid van het 𝟕𝟓-𝐣𝐚𝐫𝐢𝐠 𝐛𝐞𝐬𝐭𝐚𝐚𝐧 van de 𝐕𝐨𝐞𝐭𝐛𝐚𝐥𝐯𝐞𝐫𝐞𝐧𝐢𝐠𝐢𝐧𝐠 "𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬" 🎉. Dit jubileum vormde de directe aanleiding om de straatnaam van het gedeelte van de 𝐒𝐭𝐚𝐝𝐢𝐨𝐧𝐥𝐚𝐚𝐧, gelegen tussen de noordwestelijke zijde van het viaduct en de 𝐊𝐫𝐨𝐦𝐦𝐞𝐫𝐢𝐣𝐧 🌊, officieel te wijzigen in 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐥𝐚𝐚𝐧 🛣️. Tevens is bij dit besluit de naam van de 𝐒𝐭𝐚𝐝𝐢𝐨𝐧𝐛𝐫𝐮𝐠 gewijzigd in 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐛𝐫𝐮𝐠 🌉. Het besluit is bekrachtigd door de 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 en overeenkomstig het oorspronkelijke ondertekend door 𝐃𝐞 𝐒𝐞𝐜𝐫𝐞𝐭𝐚𝐫𝐢𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 ✍️. 𝐓𝐫𝐚𝐧𝐬𝐜𝐫𝐢𝐩𝐭𝐢𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭 📑 Nr. 2072 A.Z. 📄 Straatnaam 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐥𝐚𝐚𝐧. 𝐃𝐞 𝐒𝐞𝐜𝐫𝐞𝐭𝐚𝐫𝐢𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭, ✍️ 𝐍𝐚𝐚𝐦𝐬𝐰𝐢𝐣𝐳𝐢𝐠𝐢𝐧𝐠 𝐭𝐞𝐫 𝐄𝐫𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝟕𝟓-𝐣𝐚𝐫𝐢𝐠 𝐁𝐞𝐬𝐭𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐕𝐨𝐞𝐭𝐛𝐚𝐥𝐯𝐞𝐫𝐞𝐧𝐢𝐠𝐢𝐧𝐠 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬 ⚽🏛️ Op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟗 𝐚𝐩𝐫𝐢𝐥 𝟏𝟗𝟓𝟕 📅 is door het college van Burgemeester en Wethouders van Utrecht een besluit genomen ter gelegenheid van het 75-jarig jubileum van Voetbalvereniging "Hercules" ⚽. Dit feestelijke jubileum vormde de directe aanleiding om het gedeelte van de Stadionlaan, gelegen tussen de noordwestelijke zijde van het viaduct en de Kromme Rijn 🌊, te wijzigen in de naam "Herculeslaan" 🛣️. Tevens is hierbij besloten om de naam van de "Stadionbrug" officieel te wijzigen in "Herculesbrug" 🌉. getekend namens Burgemeester en Wethouders van Utrecht, overeenkomstig het oorspronkelijke, door de Secretaris van Utrecht ✍️. 🌉 𝐍𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐧𝐢𝐞𝐮𝐰𝐞 𝐛𝐫𝐮𝐠 𝐨𝐯𝐞𝐫 𝐝𝐞 𝐊𝐫𝐨𝐦𝐦𝐞 𝐑𝐢𝐣𝐧 Het college van Burgemeester en Wethouders van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 heeft een besluit genomen over het verlenen van een officiële naam aan een nieuwe brug 🌉. Deze in aanbouw zijnde brug ligt over de Krommerijn, precies tussen de Herculeslaan en de Laan van Maarschalkerweerd. Met de bouw van deze overspanning komen de eerdere benamingen 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐛𝐫𝐮𝐠 en 𝐌𝐚𝐚𝐫𝐬𝐜𝐡𝐚𝐥𝐤𝐞𝐫𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝𝐛𝐫𝐮𝐠 definitief te vervallen ❌. Er is besloten om aan de vorenbedoelde nieuwe brug officieel de naam 𝐇𝐞𝐫𝐜𝐮𝐥𝐞𝐬𝐛𝐫𝐮𝐠 te geven 🏷️. Een afschrift van dit gemeentelijke besluit wordt toegezonden aan een groot aantal instanties en afdelingen binnen de gemeente, waaronder de politie 👮, de bouw- en woningdienst, het energie- en vervoerbedrijf 🚌, de brandweer 🚒, P.T.T. 📮, de rijkswaterstaat en diverse andere diensten. Aan de hoofddirecteur van openbare werken is verzocht om zorg te dragen voor het aanbrengen van de nodige naamborden 🪧. Vastgesteld te 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 op 𝐦𝐚𝐚𝐧𝐝𝐚𝐠 𝟓 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟎 📅. Bron: HUA, 1007-3. Samengesteld met Google Gemini AI. |
12. Waterlinieweg - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 23 juni 1993. De Historie en Transformatie van de Waterlinieweg De Waterlinieweg vormt een van de meest bepalende en gelaagde verkeersaders aan de oost- en zuidoostzijde van de stad Utrecht. Tegenwoordig fungeert de weg primair als een drukke stedelijke verdeelweg die het verkeer tussen de Zuidstedelijke Ring, De Uithof, Rijnsweerd en de binnenstad stroomlijnt. De historische oorsprong van deze brede autoweg reikt echter terug tot de eerste helft van de twintigste eeuw. De weg werd oorspronkelijk ontworpen als een hoogwaardige regionale doorgaande hoofdverbinding en fungeerde jarenlang als de directe fysieke en functionele voorganger van de latere Rijksweg A27. De stedenbouwkundige en infrastructurele ontstaansgeschiedenis van de Waterlinieweg is doordrenkt van rijksstrategische planning, militaire restricties en langdurige discussies over het doortrekken van de snelwegstructuur richting Hilversum en Amsterdam. Om de geografische inpassing van de Waterlinieweg goed te begrijpen, dient men te kijken naar de historische gemeentegrenzen in het gebied ten zuidoosten van Utrecht. Tot de grote gemeentelijke herindeling van vrijdag 1 januari 1954 liepen de grenzen tussen de stad Utrecht en de omliggende plattelandsgemeenten volstrekt anders dan tegenwoordig. Het tracé van de huidige Waterlinieweg doorsneed nabij de spoorlijnen en de polder Maarschalkerweerd landerijen die bestuurlijk niet tot de gemeente Utrecht behoorden. Het zuidelijke gedeelte van het tracé lag vóór vrijdag 1 januari 1954 op twee specifieke percelen en polderstroken die formeel deel uitmaakten van het grondgebied van de gemeente Houten (voorheen de voormalige gemeente Oud-Wulven, die in 1858 bij Houten werd gevoegd). Pas bij de ingrijpende grenswijziging op vrijdag 1 januari 1954, waarbij Utrecht grote delen van de omliggende polders annexeerde ter facilitering van naoorlogse stedelijke uitbreidingen en infrastructurele werken, werden deze Houtense percelen formeel overgeheveld naar Utrechts grondgebied. Deze historische en kadastrale grensverhouding onderstreept hoe de weg oorspronkelijk werd aangelegd door het buitengebied van de polder Maarschalkerweerd. Ontwerp en Rekening Houdend met de Nieuwe Hollandse Waterlinie De naam van de weg verwijst niet toevallig naar het militaire verdedigingsstelsel. Bij het ontwerp en de aanleg van de weg in de jaren dertig van de vorige eeuw speelde de aanwezigheid van de Nieuwe Hollandse Waterlinie een absolute hoofdrol. Het tracé van de weg werd getraceerd dwars door de liniedijk- en inundatiegebieden ten oosten van de stad, waar de beroemde fortengordel (waaronder de vier Lunetten en de forten bij Vechten, Rijnauwen en Vossegat) de stad Utrecht en het achterland moest beschermen. In die periode viel het terrein nog onder de werking en de bepalingen van de Kringenwet van 1853. Dit betekende dat alle infrastructurele ingrepen, dijklichamen en viaducten nauw afgestemd moesten worden met het Departement van Oorlog. De rijksweg mocht de defensieve werking van de waterlinie op geen enkele wijze belemmeren:
De Weg als Voorganger van Rijksweg A27 In de Rijkswegenplannen van de jaren dertig en veertig werd het tracé van de Waterlinieweg aangewezen als een cruciale schakel in het nationale snelwegennet. De weg werd ontworpen als onderdeel van de rijkswegverbinding tussen Breda, Utrecht en Hilversum. Bij de oplevering en de geleidelijke ingebruikname van de weg gold de Waterlinieweg dan ook als de officiële voorganger van de latere Rijksweg A27. Het was voor die tijd een zeer geavanceerde autoweg, ontworpen met brede rijbanen, ongelijkvloerse kruisingen en royale flauwe bochten om het doorgaande noord-zuidverkeer op hoge snelheid om de historische binnenstad van Utrecht heen te leiden. Gedurende de naoorlogse decennia verwerkte de Waterlinieweg het volledige nationale doorgaande verkeer. Zowel het personenvervoer als het zware vrachtverkeer tussen het zuiden van het land en de noordelijke en oostelijke provincies maakte gebruik van deze as. Dit leidde er al snel toe dat de capaciteit van de weg tegen haar grenzen aan liep. Het Doortrekken bij Blauwkapel en de Vertraging tot de Jaren Tachtig Hoewel de Waterlinieweg aan de zuidzijde goed aansloot op de wegen richting 's-Hertogenbosch en Arnhem, stuitte het oorspronkelijke plan aan de noordzijde op grote stedenbouwkundige en infrastructurele knelpunten. Het oorspronkelijke tracéontwerp voorzag in een directe doortrekking van de rijksweg vanaf de Waterlinieweg ter hoogte van het spoorwegknooppunt Blauwkapel rechtstreeks naar het noorden richting Hilversum en Amsterdam. 1. Fysieke en Militaire Barrières Ter hoogte van Blauwkapel ontmoetten zware fysieke infrastructurele barrières elkaar. Niet alleen het omvangrijke spoorwegknooppunt van de spoorlijnen Utrecht – Hilversum en Utrecht – Amersfoort moest worden overspannen, maar ook de historische fortificaties van het Fort op de Voordorpse Dijk en Fort Blauwkapel vormden lastige obstakels. 2. Groeiende Stedelijke Weerstand en Milieubezwaren In de jaren zestig en zeventig ontstond er in Utrecht en de omliggende gemeenten een felle maatschappelijke en politieke discussie over de inpassing van snelwegen door groenzones en dichtbevolkte woonwijken. Het doortrekken van een snelweg dwars door de landschappelijk waardevolle polders en nabij bestaande buurten stuitte op steeds grotere weerstand. 3. De Definitieve Omlegging van de A27 in de Jaren Tachtig Vanwege de aanhoudende stagnatie en de enorme verkeersoverlast op de oorspronkelijke Waterlinieweg werd de tracékeuze voor Rijksweg A27 uiteindelijk herzien. Pas in de jaren tachtig van de vorige eeuw vond de definitieve ontwarring van de knoop plaats. Er werd besloten om de Rijksweg A27 niet als directe verlenging over het oude tracé bij Blauwkapel door de stad te trekken, maar de snelweg oostelijker om de stad heen te leiden. Hierbij werd de A27 in de jaren tachtig aangelegd langs en door het gebied van Amelisweerd en Rijnsweerd, om vervolgens met een grote boog ten oosten van Maartensdijk richting Hilversum te lopen. De Hedendaagse Functie van de Waterlinieweg Na de opening van de A27 werd de Waterlinieweg overgedragen aan de gemeentelijke en regionale wegbeheerders en ingrijpend geherstructureerd. Waar de weg voorheen primair een snelwegfunctie voor de lange afstand vervulde, werd het tracé getransformeerd tot een hoogwaardige stedelijke inval- en verbindingsweg. Tegenwoordig verwerkt de Waterlinieweg dagelijks grote stromen lokaal en regionaal verkeer. De weg biedt belangrijke aansluitingen op de snelwegstructuren rond Utrecht (A12 en A27), het Utrecht Science Park, de woonwijk Lunetten, de sportcomplexen bij Maarschalkerweerd en de oostelijke stadswijken. Ondanks de vele moderniseringen, nieuwe viaducten en geluidsschermen herinnert de ruimtelijke opzet van de Waterlinieweg nog overal aan haar bijzondere verleden: een boulevardachtige autoweg die haar oorsprong heeft in de militaire strategie van de Waterlinie, gebouwd op historisch Houtens polderland, en decennialang de slagader voor het doorgaande nationale verkeer van Nederland. Erbij zetten de overnamen van diverse wegbeheerders |
📜 𝐁𝐮𝐫𝐠𝐞𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫 𝐞𝐧 𝐖𝐞𝐭𝐡𝐨𝐮𝐝𝐞𝐫𝐬-𝐛𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 Op 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟑 𝐣𝐮𝐧𝐢 𝟏𝟗𝟗𝟑 hebben Burgemeester en Wethouders van Utrecht een officieel besluit genomen over de naamgeving van een belangrijke verkeersader in de stad. Gelet op het eerdere besluit van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟖 𝐟𝐞𝐛𝐫𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟖𝟗 om in beginsel aan Rijksweg 722 de naam Waterlinieweg te geven, en na nader advies van de commissie straatnaamgeving, is de naamgeving definitief vastgesteld. 🧭 𝐎𝐟𝐟𝐢𝐜𝐢ë𝐥𝐞 𝐁𝐞𝐬𝐥𝐮𝐢𝐭𝐯𝐨𝐫𝐦𝐢𝐧𝐠 Het besluit omvat de volgende punten: ✍️ 𝐎𝐧𝐝𝐞𝐫𝐭𝐞𝐤𝐞𝐧𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐁𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐏𝐞𝐫𝐬𝐨𝐧𝐞𝐧 Het besluit is ondertekend door het college van Burgemeester en Wethouders van Utrecht door de volgende personen: Bron: HUA, 2080. Samengesteld door Google Gemini AI. |
Bijbehorende plattegrond van de naamgeving van de Waterlinieweg. |
𝐕𝐚𝐬𝐭𝐬𝐭𝐞𝐥𝐥𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐦𝐞𝐧 𝐢𝐧 𝐑𝐢𝐣𝐧𝐬𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝-𝐍𝐨𝐨𝐫𝐝 𝐭𝐞 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🗺️ In het kader van het bestemmingsplan 𝐑𝐢𝐣𝐧𝐬𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝-𝐍𝐨𝐨𝐫𝐝 in de gemeente 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 is door het college van Burgemeester en Wethouders een officieel besluit genomen over het toekennen van namen aan drie nieuw aan te leggen wegen 🛣️. Om de openbare ruimte een duidelijke structuur te geven, is gekozen voor illustere wetenschappers uit de geschiedenis 📜. Het besluit is opgesteld op 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟑𝟎 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟎 door Burgemeester en Wethouders van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭. De getranscribeerde gegevens luiden als volgt: • Toestel 262, Nr. 2824 A.Z., Straatnaamgeving Rijnsweerd-Noord. 1 bijlage. • Burgemeester en Wethouders van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭; overwegende, dat in het bestemmingsplan 𝐑𝐢𝐣𝐧𝐬𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝-𝐍𝐨𝐨𝐫𝐝 een drietal nog aan te leggen wegen zijn geprojecteerd, waaraan namen dienen te worden gegeven; 𝐁𝐄𝐒𝐋𝐔𝐈𝐓𝐄𝐍: aan bovenbedoelde wegen respectievelijk de naam 𝐀𝐫𝐜𝐡𝐢𝐦𝐞𝐝𝐞𝐬𝐥𝐚𝐚𝐧, 𝐆𝐚𝐥𝐢𝐥𝐞ï𝐥𝐚𝐚𝐧 en 𝐏𝐲𝐭𝐡𝐚𝐠𝐨𝐫𝐚𝐬𝐥𝐚𝐚𝐧 te geven, zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende tekening 📐. Afschrift van dit besluit zal worden gezonden aan de daarvoor in aanmerking komende instanties. 𝐁𝐢𝐣𝐬𝐜𝐡𝐫𝐢𝐟𝐭𝐞𝐧 𝐯𝐨𝐨𝐫 𝐒𝐭𝐫𝐚𝐚𝐭𝐧𝐚𝐚𝐦𝐛𝐨𝐫𝐝𝐞𝐧 𝐝𝐨𝐨𝐫 𝐡𝐞𝐭 𝐆𝐞𝐦𝐞𝐞𝐧𝐭𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤 𝐀𝐫𝐜𝐡𝐢𝐞𝐟 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🏷️ Na aanleiding van het besluit inzake de straatnaamgeving in 𝐑𝐢𝐣𝐧𝐬𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝-𝐍𝐨𝐨𝐫𝐝 heeft het Gemeentelijk Archief 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 de inhoudelijke bijschriften geformuleerd die op de straatnaamborden geplaatst dienen te worden 🏛️. Deze toelichtingen geven beknopt de historische betekenis weer van de naamgevers van de straten. Het officiële schrijven werd verzonden op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟕 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟎 en is bij de gemeente ontvangen op 𝐳𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟏 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟎 onder kenmerk 5457 AZ. De getranscribeerde gegevens luiden als volgt: • 𝐆𝐄𝐌𝐄𝐄𝐍𝐓𝐄𝐋𝐈𝐉𝐊 𝐀𝐑𝐂𝐇𝐈𝐄𝐅 𝐔𝐓𝐑𝐄𝐂𝐇𝐓, Alex. Numankade 199. Aan het College van Burgemeester en Wethouders, Stadhuis 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭. • Onderwerp: Straatnaamgeving in 𝐑𝐢𝐣𝐧𝐬𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝-𝐍𝐨𝐨𝐫𝐝 📍. • 𝟏) 𝐆𝐀𝐋𝐈𝐋𝐄Ï𝐋𝐀𝐀𝐍: 𝐆𝐚𝐥𝐢𝐥𝐞𝐨 𝐆𝐚𝐥𝐢𝐥𝐞ï. 1564 – 1642. Italiaans natuur- en sterrekundige 🔭. • 𝟐) 𝐀𝐑𝐂𝐇𝐈𝐌𝐄𝐃𝐄𝐒𝐋𝐀𝐀𝐍: 𝐀𝐫𝐜𝐡𝐢𝐦𝐞𝐝𝐞𝐬. 287 – 212 v.Chr. Grieks wiskundige 📐. • 𝟑) 𝐏𝐘𝐓𝐇𝐀𝐆𝐎𝐑𝐀𝐒𝐋𝐀𝐀𝐍: 𝐏𝐲𝐭𝐡𝐚𝐠𝐨𝐫𝐚𝐬. 6e eeuw v. Chr. Grieks wijsgeer en wiskundige 🧠. 𝐍𝐚𝐚𝐦𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐊𝐧𝐨𝐨𝐩𝐩𝐮𝐧𝐭 𝐑𝐢𝐣𝐧𝐬𝐰𝐞𝐞𝐫𝐝 𝐛𝐢𝐣 𝐝𝐞 𝐑𝐢𝐣𝐤𝐬𝐰𝐞𝐠𝐞𝐧 𝐀𝟐𝟖 𝐞𝐧 𝐀𝟐𝟕 • Advies: Conform voorstel besluiten. Betrokken personen uit het besluit: 𝐔𝐢𝐭𝐛𝐫𝐞𝐢𝐝𝐢𝐧𝐠 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐀𝐫𝐜𝐡𝐢𝐦𝐞𝐝𝐞𝐬𝐥𝐚𝐚𝐧 𝐢𝐧 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🛣️📍 Op 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟑 𝐦𝐚𝐚𝐫𝐭 𝟏𝟗𝟕𝟒 hebben Burgemeester en Wethouders van 𝐔𝐭𝐫𝐞𝐜𝐡𝐭 🏛️ een officieel besluit genomen met betrekking tot de straatnaamgeving 🏷️. In verband met het gereedkomen van een nieuw 𝐰𝐞𝐠𝐠𝐞𝐝𝐞𝐞𝐥𝐭𝐞 🛣️ in het verlengde van de 𝐀𝐫𝐜𝐡𝐢𝐦𝐞𝐝𝐞𝐬𝐥𝐚𝐚𝐧, is besloten om aan dit nieuwe stuk weg met ingang van 𝐳𝐚𝐭𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐣𝐮𝐧𝐢 𝟏𝟗𝟕𝟒 📅 eveneens de naam 𝐀𝐫𝐜𝐡𝐢𝐦𝐞𝐝𝐞𝐬𝐥𝐚𝐚𝐧 🗺️ te geven. Dit is vastgesteld zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende tekening 📐. Een afschrift van dit besluit zal worden gezonden aan de daarvoor in aanmerking komende instanties ✉️. Bron: HUA, 1338. Samengesteld met Google Gemini AI. |
13. Wickenburglaan - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht vastgesteld op woensdag 9 november 1955. De Wickenburglaan in Hoograven: Een Straatnaam met Historische Wortels De Ligging in de Utrechtse Wijk Hoograven De Wickenburglaan is een rustige woonstraat gelegen in de Utrechtse wijk Hoograven (Utrecht-Zuid). Deze buurt werd in de twintigste eeuw grootschalig ontwikkeld om te voldoen aan de groeiende behoefte aan naoorlogse woningbouw in de Domstad. De straat vormt een typisch onderdeel van de stedenbouwkundige opzet van Hoograven-Zuid, gekenmerkt door haar overzichtelijke wooninrichting, eengezinswoningen en groenvoorzieningen. De Herkomst van de Straatnaam In de wijk Hoograven zijn veel straten vernoemd naar historische Nederlandse kasteelterreinen, oude huizen en adellijke buitenplaatsen uit de regio. De Wickenburglaan ontleent haar naam rechtstreeks aan de aloude buitenplaats en het landgoed Wickenburgh (vroeger ook geschreven als Wickenburg, van oorsprong de middeleeuwse versterking Westenstein) in 't Goy.
Karaktereigenschappen en Woonomgeving Tegenwoordig is de Wickenburglaan in Hoograven een karakteristieke woonstraat die nauw verbonden is met de dynamiek van de wijk. De straat ligt gunstig ten opzichte van de belangrijkste wijkvoorzieningen, scholen en het Vaartsche Rijn-gebied, waardoor de historische naam verweven is geraakt met het dagelijkse buurtleven van generaties Utrechters. |
Straatnamen in de Nieuwe Hollandse Waterlinie
1. Bokke(n)pad of Paardenlaantje - |
2. Fortweg - Het Karakter van een Eeuwenoude Binnenweg Eeuwenlang vormde de oude Utrechtseweg de vertrouwde, kronkelende lintverbinding tussen het dorp Houten en de stad Utrecht. Wie vanuit Houten over deze weg richting de Domstad reisde, passeerde in het polderlandschap een specifiek en karakteristiek gedeelte van het tracé: de Fortweg. De weg ontleende haar naam direct aan het naastgelegen militaire verdedigingswerk van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, Fort 't Hemeltje. Dit fort werd tussen 1877 en 1881 opgeworpen op een strategisch punt om de doorgangen van de spoorlijn en de nabijgelegen secundaire wegen te verdedigen. Voor de bewoners van Houten, Oud-Wulven en de omliggende polders was de Fortweg simpelweg een onmisbare dagelijkse route. Het was een landelijk relict omsloten door fruitboomgaarden, meidoornheggen en langgerekte kavels, waar het verkeer het rustige tempo van het platteland volgde. De Komst van Rijksweg A27 en de Breuk in 1981 Het jaar 1981 bracht een ingrijpende en definitieve verandering in de structuur van het landschap en het historische verloop van de Fortweg. Om de enorme groei van het nationale autoverkeer op te vangen en de Utrechtse binnenstad te verlichten, werd de aanleg van Rijksweg A27 op grootschalige wijze ter hand genomen. De plannen voor deze nationale hoofdverbinding tussen Breda, Utrecht en Hilversum voorzag in een brede, kaarsrechte insnijding dwars door de aloude polderverkaveling ten westen van het spoor. In 1981 bereikten de grondwerkzaamheden de zone rond Fort 't Hemeltje. Heavy grondverzetmachines en heistellingen braken het oude wegdek van de Fortweg open en wierpen massieve zandwallen op. Het historische tracé van de Fortweg werd in 1981 fysiek in tweeën gesneden door het opkomende asfalt van de Rijksweg A27. Waar men voorheen in een vloeiende beweging langs de gracht van het fort richting Utrecht kon rijden, ontstond er een onoverbrugbare barrière van snelwegasfalt, geluidsschermen en viaductconstructies. De Hedendaagse Situatie rond Fort 't Hemeltje Door de doorsnijding in 1981 verloor de Fortweg op slag haar eeuwenoude functie als doorgaande verbindingsas tussen Houten en Utrecht. De weg werd opgesplitst in geïsoleerde, doodlopende stukken en omgelegde fiets- en wandelpaden. Tegenwoordig vormt het resterende gedeelte van de Fortweg een luw en historisch relict aan de voet van Fort 't Hemeltje. Het rustige, groene karakter van de oude polderweg staat in scherp contrast met het continue achtergrondgeluid van de direct aangrenzende A27. Het tracé herinnert op tastbare wijze aan de schaalvergroting van de Nederlandse infrastructuur in de latere twintigste eeuw, die historische dorpswegen definitief veranderde in lokale relictstructuren. |
3. Gedekte Gemeenschapsweg - De Gedekte Gemeenschapweg is een onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie en gebouwd tussen 1872 en 1879. Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten vastgesteld op dinsdag 3 juli 2012. |
De Gedekte Gemeenschapweg ligt tussen de Lunet aan de Snel en het Werk aan de Korte Uitweg in Tull en 't Waal en maakt deel uit van de Stelling van Honswijk. Het is de enige gave overgebleven gedekte weg van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. |
Het geheel bestaat uit een beschut liggende weg met parallel eraan een aarden wal over een lengte van 850 meter. Aan de andere zijde van de aarden wal loopt het inundatiekanaal. Dankzij de wal konden troepen zich in oorlogstijd veilig verplaatsen tussen Fort Honswijk, Lunet aan de Snel en het Werk aan de Korte Uitweg. |
In de aarden wal werden betonnen groepsschuilplaatsen ingericht. Vanaf 1915 zelfs van gewapend beton. In het zuidelijke deel van de |
Renovatie Na de Tweede Wereldoorlog is de Gedekte Gemeenschapweg in verval geraakt. In 2008 is de aarden wal in oorspronkelijke staat hersteld. Voor deze reconstructie is 16000 m3 grond toegevoegd. Ook is er een 2,5 meter brede gang gemaakt in de wal, om de breedte te kunnen ervaren. In 2009 is de weg door minister Gerda Verburg geopend. |
4. Groeneweg - Bij raadsvergadering door de gemeenteraad van Houten vastgesteld op 4 oktober 1962. De Historie en Betekenis van de Groeneweg De Groeneweg vormt een historisch lint op het Eiland van Schalkwijk, gelegen in het grensgebied van Tull en 't Waal en Schalkwijk. De weg ontleent haar karakter en naamgeving aan de geografische oorsprong van het oude poldertracé. In een tijd waarin de meeste landwegen in de polder niet meer waren dan slechte, onverharde klei- en modderpaden vol diepe karresporen, viel deze weg op door haar rust en luwe ligging. Doordat er nauwelijks zwaar verkeer of vee over het tracé trok, kreeg gras en ruigte ruim baan en raakte de weg rijkelijk begroeid. De opvallende groene uitstraling tussen de drassige polderpercelen leidde er in de volksmond toe dat het tracé de naam Groeneweg kreeg. De Aanleg van het Werk aan de Groeneweg (1914–1918) In de twintigste eeuw veranderde het rustige polderkarakter van de Groeneweg ingrijpend door de dreiging van de Eerste Wereldoorlog. Tijdens de algehele mobilisatie in 1914 besloot de legerleiding tot de bouw van een nieuw verdedigingswerk langs het tracé: het Werk aan de Groeneweg. Het terrein ligt op de hoger gelegen Honswijkse stroomrug. Omdat dit drogere gedeelte bij een inundatie van de Nieuwe Hollandse Waterlinie niet onder water zou lopen, vormde het een kwetsbare doorgang richting het nabijgelegen Fort Honswijk. Betonnen Schuilplaatsen en de Tweede Wereldoorlog In de periode rond de mobilisatie van 1939–1940, aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog, werd de stelling langs de Groeneweg verder gemoderniseerd. In en rond de aarden wallen werden maar liefst 55 betonnen groepsschuilplaatsen gebouwd (Type P), geschikt voor de dekking van acht tot zestien soldaten. Ook werden er gietstalen kazematten en tankversperringen geplaatst. Om te voorkomen dat het verdedigingswerk vanuit de lucht zichtbaar zou zijn voor verenningsvliegtuigen, werden op het terrein in de jaren dertig bovendien hoogstamfruitbomen aangeplant als natuurlijke camouflage. Van Militair Object naar UNESCO Werelderfgoed Na de capitulatie in 1940 werd het Werk aan de Groeneweg buiten gebruik gesteld en raakte het militaire terrein geleidelijk in rust. De grachten, betonnen schuilplaatsen en aarden wallen transformeerden in de decennia die volgden tot een waardevol natuurgebied, beheerd door Staatsbosbeheer. Tegenwoordig maakt het Werk aan de Groeneweg als onderdeel van de Stelling van Honswijk integraal deel uit van het UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies. De Groeneweg, die ooit haar naam dankte aan de eenvoudige begroeiing en de drassige karresporen, vormt heden ten dage een prachtige wandel- en fietsroute waar de geschiedenis van de polder en het militaire erfgoed van de Waterlinie samenkomen. |
5. Kalverstraat - De Kalverstraat: De Drukste Passage van Fort Honswijk Een Knipoog naar de Hoofdstad Op het indrukwekkende verdedigingscomplex van Fort Honswijk in Tull en 't Waal kwamen militairen en fortbewoners met uiteenlopende achtergronden samen. Om het uitgestrekte terrein overzichtelijk en leefbaar te houden, gaven de gelegerde manschappen de verschillende doorgangen en wegen informele namen. Een van de bekendste en meest karakteristieke benamingen op het fort is de Kalverstraat. De Exacte Ligging op het Fortterrein De Kalverstraat bevindt zich op een zeer specifieke en strategische plek binnen de fortificatie: het is de smalle tussenruimte en doorgang die is gelegen tussen het centrale torenfort en de omringende contrescarp. Beschutting en Verbinding: Deze doorgang tussen de massieve, bomvrije muren van de toren en de tegenoverliggende verdedigingswerken vervulde een cruciale rol in het dagelijkse logistieke verkeer op het fort. Intieme Sfeer: Door de hoge, dicht op elkaar staande stenen wanden aan weerszijden ontstaat er een smalle, beschutte straat die sterk afsteekt tegen de verder zo open polderomgeving buiten de fortgracht. Historische Verwijzing en Volksmond De naam is door de soldaten met een duidelijke dosis humor ontleend aan de beroemde Kalverstraat in Amsterdam. Zoals de Amsterdamse Kalverstraat van oudsher bekendstaat als een smalle, drukke en levendige doorgang waar dagelijks vele mensen doorheen bewegen, zo vormde deze corridor op Fort Honswijk een drukke wandelroute voor de manschappen die zich tussen de verschillende defensieve ruimtes verplaatsten. Dankzij de herplaatste straatnaambordjes is deze ludieke en historische volksmondnaam behouden gebleven, waardoor het militaire erfgoed van Fort Honswijk zijn menselijke gezicht behoudt. |
6. Parklaan - De Parklaan: De Statige Verbindingsas van Fort Honswijk Een Groene Knipoog op het Fortterrein Naast doorgangen met namen die verwijzen naar bekende stadsstraten en kunstwerken, beschikt het historische verdedigingscomplex van Fort Honswijk in Tull en 't Waal ook over een naam met een meer allure-achtige uitstraling: de Parklaan. Deze volksmondnaam werd door de gelegerde manschappen en fortbewoners gegeven aan een van de kenmerkende straatjes op het afgesloten militaire terrein. De Ligging tussen de Historische Fortgebouwen De Parklaan bevindt zich op een heel specifieke locatie op het binnenterrein van het fort. Het betreft het straatje en de doorgang die precies ligt tussen gebouw H en gebouw A (het karakteristieke poortgebouw). Logistieke Schakel: Als verbinding tussen het poortgebouw—de officiële toegang tot het fort—en de nabijgelegen dienst- en opslaggebouwen vormde dit straatje een belangrijke route voor al het in- en uitgaande verkeer op het terrein. Ruimtelijke Opzet: De ligging tussen de strakke, bakstenen gevels van de militaire gebouwen geeft deze doorgang een overzichtelijke en bijna statige structuur, die het terrein een geordend aanzicht verleent. Betekenis en Historische Verwijzing In de Nederlandse stedenbouwkundige traditie staat de benaming 'Parklaan' van oudsher voor een brede, royale en vaak boomrijke laan die toegang biedt tot een park, buitenplaats of groenzone.Door deze doorgang tussen het poortgebouw en gebouw H de 'Parklaan' te noemen, gaven de soldaten op Fort Honswijk met een gepaste dosis humor een vleugje grandeur aan hun alledaagse militaire werkomgeving. Het accentueerde bovendien de overgang tussen de binnenzijde van het fort en de groene, omliggende poldernatuur van het Eiland van Schalkwijk. Dankzij de herplaatste straatnaambordjes blijft de Parklaan op Fort Honswijk tot op de dag van vandaag een tastbaar en charmant onderdeel van het militaire erfgoed. |
7. Singelweg - 🏰 𝐃𝐞 𝐒𝐢𝐧𝐠𝐞𝐥𝐰𝐞𝐠 𝐨𝐦 𝐅𝐨𝐫𝐭 𝐇𝐨𝐧𝐬𝐰𝐢𝐣𝐤: 𝐄𝐞𝐧 𝐇𝐢𝐬𝐭𝐨𝐫𝐢𝐬𝐜𝐡𝐞 𝐎𝐯𝐞𝐫𝐝𝐫𝐚𝐜𝐡𝐭 𝐯𝐚𝐧 𝐌𝐢𝐥𝐢𝐭𝐚𝐢𝐫 𝐄𝐫𝐟𝐠𝐨𝐞𝐝 🌿 De 𝐒𝐢𝐧𝐠𝐞𝐥𝐰𝐞𝐠 om 𝐅𝐨𝐫𝐭 𝐇𝐨𝐧𝐬𝐰𝐢𝐣𝐤 kent een bijzondere status binnen de lokale topografie van Tull en 't Waal. Hoewel het nooit een formeel door de gemeenteraad vastgestelde straatnaam betreft, wordt deze aanduiding van oudsher consequent gebruikt in documenten van het Ministerie van Defensie en de gemeente Houten. Het betreft de historische weg- en kadestructuur die als een beschermende ring om het imposante fortterrein slingert. De weg maakt functioneel en geografisch onderdeel uit van de infrastructurele zone rond de Lekdijk, ten noorden van de rivier de Lek. Naast haar militaire defensiefunctie ten behoeve van het fort en de omliggende werken van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, vervulde en vervult de 𝐒𝐢𝐧𝐠𝐞𝐥𝐰𝐞𝐠 een belangrijke lokale rol als ontsluitingsweg voor de nabijgelegen boerderijen en agrarische percelen in het buitengebied van Tull en 't Waal. Een belangrijk en bepalend moment in de geschiedenis van deze weg vond plaats in de herfst van het jaar 1968. Op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟐 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟖 verschenen de vertegenwoordigers van de Staat der Nederlanden en de gemeente Houten voor de notaris om een omvangrijke eigendomsoverdracht van deze infrastructuur officieel te bezegelen. 📜 𝐃𝐞 𝐍𝐨𝐭𝐚𝐫𝐢ë𝐥𝐞 𝐀𝐤𝐭𝐞 𝐞𝐧 𝐝𝐞 𝐁𝐞𝐭𝐫𝐨𝐤𝐤𝐞𝐧 𝐏𝐚𝐫𝐭𝐢𝐣𝐞𝐧 ⚖️ De officiële akte van verkoop en eigendomsoverdracht werd opgemaakt en verleden ten overstaan van 𝐦𝐫. 𝐉𝐨𝐡𝐚𝐧𝐧𝐞𝐬 𝐀𝐥𝐱𝐚𝐧𝐝𝐞𝐫 𝐁𝐫𝐞𝐦𝐞𝐫, notaris ter standplaats Houten. Bij het verlijden van de akte waren als getuigen aanwezig 𝐉𝐨𝐡𝐚𝐧𝐧𝐞𝐬 𝐑𝐞𝐧𝐢𝐞𝐫 𝐌𝐚𝐫𝐢𝐚 𝐑𝐮𝐢𝐣𝐠𝐫𝐨𝐤 (kandidaat-notaris) en 𝐋𝐚𝐦𝐛𝐞𝐫𝐭 𝐇𝐞𝐫𝐦𝐚𝐧𝐮𝐬 𝐀𝐧𝐭𝐨𝐧𝐢𝐮𝐬 𝐏𝐚𝐚𝐧𝐚𝐤𝐤𝐞𝐫 (notarisklerk), allen werkzaam en wonende te Houten. • Verkoper: De Staat der Nederlanden, vertegenwoordigd door 𝐇𝐞𝐧𝐝𝐫𝐢𝐤 𝐉𝐚𝐧 𝐊𝐨𝐨𝐩𝐦𝐚𝐧𝐬, Inspecteur der Domeinen te Utrecht, handelende krachtens machtiging bij brief van de Minister van Financiën van 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟒 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟖 (nummer 8845, Directie der Domeinen, afdeling Inspecties). • Koper: De gemeente Houten, vertegenwoordigd door haar burgemeester 𝐦𝐫. 𝐅𝐫𝐚𝐧ç𝐨𝐢𝐬 𝐉𝐮𝐥𝐞𝐬 𝐖𝐢𝐥𝐥𝐢𝐞 𝐀𝐥𝐩𝐡𝐨𝐧𝐬𝐞 𝐀𝐥𝐛𝐞𝐫𝐬 𝐏𝐢𝐬𝐭𝐨𝐫𝐢𝐮𝐬, handelende ter uitvoering van de besluiten van de Raad van de gemeente Houten van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟒 𝐬𝐞𝐩𝐭𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟑 en 𝐰𝐨𝐞𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟑𝟏 𝐦𝐞𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟕, goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van de Provincie Utrecht bij besluiten van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏𝟎 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟑 (derde afdeling, nummer 2497 B/2777) en 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐝𝐚𝐠 𝟓 𝐣𝐮𝐥𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟕 (afdeling 2 B, nummer 1493/1765). 🗺️ 𝐊𝐚𝐝𝐚𝐬𝐭𝐫𝐚𝐥𝐞 𝐎𝐦𝐬𝐜𝐡𝐫𝐢𝐣𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐎𝐛𝐣𝐞𝐜𝐭𝐠𝐞𝐠𝐞𝐯𝐞𝐧𝐬 📐 De transactie omvatte twee specifiek omschreven objecten en perceelsgedeelten, die van oudsher in eigendom toebehoorden aan de Staat der Nederlanden: • Het eerste object omvat de 𝐒𝐢𝐧𝐠𝐞𝐥𝐰𝐞𝐠 om het 𝐅𝐨𝐫𝐭 𝐇𝐨𝐧𝐬𝐰𝐢𝐣𝐤 en de brug in de Korte Uitweg met aansluitende weggedeelten, inclusief de in die wegen gelegen duikers. Dit geheel is kadastraal bekend als gemeente Tull en 't Waal, sectie A, nummers 570, 905 en 908, alsmede sectie B, nummer 839, tezamen groot één hectare zes en zestig are vijftien centiare (1 ha 66 a 15 ca). 💰 𝐅𝐢𝐧𝐚𝐧𝐜𝐢ë𝐥𝐞 𝐁𝐞𝐩𝐚𝐥𝐢𝐧𝐠𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐓𝐢𝐭𝐞𝐥𝐬 𝐯𝐚𝐧 𝐇𝐞𝐫𝐤𝐨𝐦𝐬𝐭 🏛️ Ten aanzien van de eigendomsoorsprong wordt in de akte expliciet vastgelegd dat de overgedragen percelen en wegen van oudsher eigendom zijn van de Staat der Nederlanden. De overdracht van deze onroerende goederen vond plaats onder de volgende financiële en zakelijke condities: • De gemeente aanvaardde het overgedragene in bezit en genot direct bij het ondertekenen van de akte op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟐 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟖. De zakelijke belastingen en lasten kwamen met ingang van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟗 voor rekening van de gemeente Houten. 🛠️ 𝐎𝐧𝐝𝐞𝐫𝐡𝐨𝐮𝐝𝐬𝐚𝐟𝐩𝐫𝐚𝐤𝐞𝐧, 𝐏𝐚𝐜𝐡𝐭 𝐞𝐧 𝐒𝐩𝐞𝐜𝐢𝐚𝐥𝐞 𝐁𝐞𝐩𝐚𝐥𝐢𝐧𝐠𝐞𝐧 📝 In de overeenkomst werden uitgebreide bepalingen opgenomen rondom het beheer, de verlichting en bestaande pachtovereenkomsten: • Beheer en Onderhoud: De gemeente Houten nam met ingang van de akte het feitelijke beheer en onderhoud van de overgedragen objecten op zich en vrijwaarde de Staat voor alle aanspraken van derden. Voor het overnemen van deze beheer- en onderhoudstaak betaalde de Staat der Nederlanden aan de gemeente Houten een eenmalige vergoeding van ƒ 23.118,- (drieëntwintigduizend eenhonderdachttien gulden). • Verkeersverlichting: De gemeente verleende de Staat toestemming om voor rekening van de Staat verkeerslichten te plaatsen, te onderhouden, te vervangen of te verwijderen aan het begin en eindpunt van de 𝐒𝐢𝐧𝐠𝐞𝐥𝐰𝐞𝐠 rond 𝐅𝐨𝐫𝐭 𝐇𝐨𝐧𝐬𝐰𝐢𝐣𝐤, zonder dat de Staat hiervoor enige vergoeding verschuldigd zou zijn. • Recht van Opstal: Ten behoeve van de gemeente werd een recht van opstal gevestigd op dat gedeelte van het aan de Staat verblijvende perceel gemeente Schalkwijk, sectie C, nummer 457 (gevormd door het Inundatiekanaal tussen de overgedragen wegdelen), ter hoogte van de aanwezige brug. • Pachtverhoudingen: De percelen kadastraal bekend als gemeente Tull en 't Waal, sectie A, nummers 570, 905 en 908 maakten deel uit van buitengronden die voor een tijdvak van zes jaar (eindigend op 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟑𝟏 𝐝𝐞𝐜𝐞𝐦𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟕𝟒) verpacht waren aan 𝐉. 𝐯𝐚𝐧 𝐁𝐮𝐮𝐫𝐞𝐧 te Tull en 't Waal voor een pachtsom van ƒ 150,- per jaar. In verband met de overdracht werd het aan de gemeente toegekende pachtdeel voor 1968 op nihil gesteld en met ingang van 𝐝𝐢𝐧𝐬𝐝𝐚𝐠 𝟏 𝐣𝐚𝐧𝐮𝐚𝐫𝐢 𝟏𝟗𝟔𝟗 vastgesteld op ƒ 15,- per jaar. 📑 𝐊𝐚𝐝𝐚𝐬𝐭𝐫𝐚𝐥𝐞 𝐈𝐧𝐬𝐜𝐡𝐫𝐢𝐣𝐯𝐢𝐧𝐠 𝐞𝐧 𝐀𝐟𝐚𝐧𝐝𝐞𝐥𝐢𝐧𝐠 🏢 De notariële akte werd na het voorlezen untertekend door de comparanten 𝐇𝐞𝐧𝐝𝐫𝐢𝐤 𝐉𝐚𝐧 𝐊𝐨𝐨𝐩𝐦𝐚𝐧𝐬 en 𝐦𝐫. 𝐅𝐫𝐚𝐧ç𝐨𝐢𝐬 𝐉𝐮𝐥𝐞𝐬 𝐖𝐢𝐥𝐥𝐢𝐞 𝐀𝐥𝐩𝐡𝐨𝐧𝐬𝐞 𝐀𝐥𝐛𝐞𝐫𝐬 𝐏𝐢𝐬𝐭𝐨𝐫𝐢𝐮𝐬, de getuigen 𝐉𝐨𝐡𝐚𝐧𝐧𝐞𝐬 𝐑𝐞𝐧𝐢𝐞𝐫 𝐌𝐚𝐫𝐢𝐚 𝐑𝐮𝐢𝐣𝐠𝐫𝐨𝐤 en 𝐋𝐚𝐦𝐛𝐞𝐫𝐭 𝐇𝐞𝐫𝐦𝐚𝐧𝐮𝐬 𝐀𝐧𝐭𝐨𝐧𝐢𝐮𝐬 𝐏𝐚𝐚𝐧𝐚𝐤𝐤𝐞𝐫, en notaris 𝐦𝐫. 𝐉𝐨𝐡𝐚𝐧𝐧𝐞𝐬 𝐀𝐥𝐞𝐱𝐚𝐧𝐝𝐞𝐫 𝐁𝐫𝐞𝐦𝐞𝐫. Het afschrift van deze akte werd op 𝐝𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐝𝐚𝐠 𝟐𝟒 𝐨𝐤𝐭𝐨𝐛𝐞𝐫 𝟏𝟗𝟔𝟖 ter overschrijving aangeboden bij het hypotheekkantoor te Utrecht. De formele inschrijving in de kadastrale registers van de hypotheekbewaarder vond plaats in deel 2077, nummer 152 (vervolgblad 187 en 188), waarmee de overdracht van de 𝐒𝐢𝐧𝐠𝐞𝐥𝐰𝐞𝐠 en de omliggende kunstwerken definitief een feit werd. Bron: HUA, 1294, samengesteld met Google Gemini AI. |
8. Snelpad - Het Snelpad tot en met 2012 geheten in de volksmond het Bokkenpad of Paardenlaantje is een wandelpad in Tull en ’t Waal (Molenbuurt). Het pad loopt van noord naar zuid, en ligt aan de oostelijke kant van het Inundatiekanaal. (onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie) Het noordelijke deel van het pad sluit aan op de Lange Uitweg (Molenbuurt). En het zuidelijke deel sluit aan met een bruggetje bij de ingang van fort Lunet aan de Snel (Honswijk). Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten vastgesteld op dinsdag 3 juli 2012. Het Snelpad in Schalkwijk: Van Informeel Binnendoorpad tot Historische Wandelas Van Bokkenpad en Paardenlaantje naar een Officiële Straatnaam Ten oosten van het Inundatiekanaal van de Nieuwe Hollandse Waterlinie in Schalkwijk ligt een kaarsrecht wandelpad op de kade door het polderlandschap van het Eiland van Schalkwijk. Gedurende vele decennia stond deze landelijke route bij de plaatselijke bevolking en omwonenden uitsluitend bekend onder de informele volksmondnamen het Bokkenpad of het Paardenlaantje. De Herkomst van de Naam: Riviertje De Snel De officiële naamgeving van het Snelpad grijpt rechtstreeks terug op de historische geografie en de defensieve infrastructuur van de polder: * Het Riviertje De Snel: Het pad ontleent zijn naam aan De Snel, een oud lokaal weteringetje en stroompje dat door het Schalkwijkse landschap meandert. * Militaire Verbindingsas: Het riviertje vormde in het verleden de verbindende schakel tussen twee belangrijke militaire verdedigingswerken van de Stelling van Honswijk: Fort Honswijk aan de Lekdijk en het noordelijker gelegen Lunet aan De Snel. Met de vaststelling van de naam 'Snelpad' op dinsdag 3 juli 2012 werd deze eeuwenoude waterloop opnieuw op de kaart gezet. De Omgeving en Het Werk aan de Korte Uitweg Het Snelpad vormt als strakke kadestructuur een belangrijk onderdeel van de cultuurhistorische en natuurlijke omgeving op het Eiland van Schalkwijk, waar waterbeheer en militaire strategie al eeuwenlang hand in hand gaan. Direct langs de kade van het Inundatiekanaal bevindt zich het Werk aan de Korte Uitweg (vaak verkort tot WKU). Dit defensieve werk werd tussen 1873 en 1877 aangelegd als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Het fortje had als specifieke taak om de Korte Uitweg – een van de weinige droge doorgangen (dassendijken) door het komgebied – en de waaiersluis in het Inundatiekanaal te verdedigen tegen vijandelijke troepen. Tegenwoordig vormt de omgeving van het Werk aan de Korte Uitweg en de kade van het Snelpad een geliefd en rustig recreatiegebied. Wandelaars die over het voormalige Bokkenpad en Paardenlaantje lopen, volgen een strakke kadelijn met zicht op het Inundatiekanaal, liniedijken en de natte polderweiden. Het Snelpad herinnert daardoor niet alleen aan het kleinschalige, agrarische gebruik door de Schalkwijkse gemeenschap, maar maakt als wandelroute tevens integraal onderdeel uit van het UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies. |
Ten westen van het noordelijke deel van het Snelpad ligt het Fort Het Werk aan de Korte Uitweg. Het Snelpad is in 2011 helemaal gerenoveerd. Doordat eerder het pad in verwaarlozing was geraakt en al enige decennia diende als ontsluiting voor de ernaast gelegen landerijen. In 2011 is aan het zuid einde van het Snelpad een brug geplaatst die een eerdere brug die al jaren eerder was weggehaald verving. Na de oplevering van het pad moest er een verkeersbesluit genomen worden door het college van BenW van de gemeente Houten. Maar daar was de eerdere burgemeester, de heer Lamers niet zo gecharmeerd van. Van de toenmalige naamgeving zoals die in de Tull en 't Waalse volksmond werd gebruikt. Daarom werd er besloten om dit pad een officiële naam te geven. Dit werd de naam 'Snelpad', naar het riviertje De Snel, die naast het fort Lunet aan de Snel ligt (vandaar ook deze fortnaam). |
9. Straatje van Vermeer - Het Straatje van Vermeer: Een Kunstzinnige Doorgang op Fort Honswijk Een Bijzondere Blikvanger in het Torenfort Op het historische terrein van Fort Honswijk in Tull en 't Waal bevindt zich een opmerkelijke passage met een poëtische naam: het Straatje van Vermeer. Deze bijzondere benaming verwijst niet naar een traditionele straat in een Hollandse binnenstad, maar naar een specifiek architectonisch onderdeel van het machtige, cirkelvormige torenfort. De Locatie binnen het Militaire Bolwerk Het Straatje van Vermeer bevindt zich in het hart van de bomvrije woontoren op het fortterrein. Het betreft het open middenterrein van het torenfort, dat gekenmerkt wordt door een imposante reeks halfronde bogen en gemetselde muren. Wanneer het zonlicht door de openingen valt en op het robuuste baksteenwerk schijnt, ontstaat er een sfeervol spel van licht en schaduw. Voor de legering van de manschappen bood deze binnenruimte niet alleen beschutting en toegang tot de omliggende vertrekken, maar ook een verrassend esthetisch aanzicht binnen het verder zo strenge en functionele verdedigingswerk. Een Eerbetoon aan de Hollandse Meester De benaming is een rechtstreekse en creatieve verwijzing naar het beroemde zeventiende-eeuwse schilderij 'Het straatje' van de Delftse meester Johannes Vermeer. De combinatie van de aloude bakstenen bogen, de doorgangen en de besloten sfeer van het open binnenstuk in de toren deed de gelegerde militairen en bewoners denken aan het schilderachtige Hollandse stadsgezicht. Dankzij de herplaatste bordjes is deze informele volksmondnaam bewaard gebleven. Het Straatje van Vermeer vormt een prachtig voorbeeld van hoe cultuurhistorie en militaire architectuur op Fort Honswijk samenkomen. |
10. Velperplein - Het Velperplein: Het Bruisende Hart van Fort Honswijk Een Bijzonder Knooppunt op Militair Terrein Op het indrukwekkende terrein van Fort Honswijk, verscholen achter de zware aarden wallen en de gracht langs de Lek, bevindt zich een opmerkelijke plek met een verrassende naam: het Velperplein. Wie over het historische fort complex in Tull en 't Waal dwaalt, verwacht waarschijnlijk uitsluitend militaire termen zoals bastions, kazematten of contrescarpen aan te treffen. Toch heeft de geschiedenis op deze defensieve locatie van de Nieuwe Hollandse Waterlinie ook ruimte gelaten voor menselijke humor en informele naamgeving. De Strategische Ligging in het Hart van het Fort Het Velperplein bevindt zich in het midden van het fortterrein, exact tegenover de karakteristieke fortwachterswoning. Het vormt de plek waar van oudsher alle wegen en wandelpaden over het terrein bij elkaar kwamen. Wanneer gelegerde soldaten, fortwachters en ambachtslieden zich over het terrein verplaatsten—van de machtige centrale woontoren naar de omringende remisegebouwen of het poortgebouw—kruisten hun paden elkaar steevast op dit centrale punt. Een Knipoog naar de Arnhemse Dynamiek De benaming 'Velperplein' is in de loop der tijd door de bewoners en militairen op het fort gegeven als een ludieke verwijzing naar het bekende, drukke stadsplein in Arnhem. -Logistiek Middelpunt: Zoals het echte Velperplein in Arnhem fungeert als een voornaam knooppunt van verkeersstromen, zo vervulde deze plek op Fort Honswijk precies dezelfde rol op kleinere schaal. - Ontmoetingsplek: Het was de centrale spil van het dagelijks soldatenleven, waar instructies werden gedeeld, appèls plaatsvonden en manschappen elkaar ontmoetten. Levend Erfgoed Hoewel Fort Honswijk de overstap heeft gemaakt van een streng afgesloten verdedigingswerk naar een voor publiek toegankelijk rijksmonument, blijft de herinnering aan deze historische spil levendig. Met de herplaatste straatnaambordjes blijft de unieke sfeer van het vroegere soldatenleven op Fort Honswijk tastbaar voor elke bezoeker. |
Straatnamen Overig
Oude Dorp |
|
3. Lint- en Liniepad - |
4. Rijndeltapad - |
5. Vuylcoppad - |
Windpark Houten
1. De Poldermolen - |
|
2. De Windacus - |
3. De Zuidwester - |
Contro 4 namen en welke molen welke naam heeft. |
Gemeente Vijfheerenlanden (Vianen)
Gijsbert uten Goye wordt 1245-1270 in oorkonden vermeld. Hij was heer van Hagestein en heer van Houten en 't Goy. Voor beide heerlijkheden was hij leenman van de heer van Cuijk. Zijn hoofdburcht was het kasteel Ten Goye bij Houten; zijn huis te Hagestein droeg hij in 1251 in leen op aan de graaf van Gelre. In 1252 laat hij een zegelring maken samen met zijn broer Wouter en Gijsbrecht IV van Amstel, waarschijnlijk in Utrecht. Gijsbrecht verzoende zich in 1252 met het kapittel van St. Marie, dat hij ruim tien jaar had gehinderd in het bezit van de tienden te Houten en 't Goy. Al in 1227 had Gijsberts vader afstand van zijn aanspraken moeten doen, maar Gijsbert meende er kennelijk toch nog rechten op te hebben. |
Gijsbert werd omstreeks 1253 tot ridder geslagen. In 1265-1266 is hij maarschalk van het Sticht. Daarna trekt hij zich uit het wereldlijk leven terug en wordt hij broeder van het Duitse Huis te Utrecht. In 1270 is hij commandeur van deze orde. Hij overlijdt 16 maart 1271. Hij is dan ongeveer 60 jaar oud. Gijsbert werd begraven in de Sint-Annakerk van het oude Duitse Huis buiten de stadsmuren. In de zestiende eeuw is een portret van hem gemaakt als landscommandeur van de Duitse Orde. Gijsberts vader was de 'nobilis' of edelvrije Wouter, graaf van Goye, die wordt vermeld 1208-1232. Graaf Wouter stamde af van Waldger (verm. 898-928), graaf van Teisterbant en graaf in IJssel en Lek, Nifterlake (Utrecht) en Upgoye. Zijn moeder was Rixa van Amstel, zelf van onvrije of ministeriale afkomst, waardoor ook haar kinderen in deze stand werden geboren. Zoon Gijsbert heeft kennelijk nog geprobeerd de titel 'graaf' te voeren; zijn zegel uit 1252 laat zien dat daarop een woord is uitgestoken, waar deze titel vermoedelijk stond vermeld. Als ridder zegelde Gijsbert met een groot ruiterzegel, waarop hij als ridder te paard staat afgebeeld. |
1. Gijsbrecht van Utengoyeplein - Bij besluit van college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vianen vastgesteld op donderdag 20 december 1962. |
Gijsbert was tweemaal getrouwd. Zijn eerste vrouw was [Berta] van Woerden, een dochter van Herman IV van Woerden. Omstreeks 1260 huwde hij met Mabelia, een zuster van Jan I van Arkel.Van Gijsbert zijn ten minste vier kinderen bekend:
|
Alverade en Mabelia zijn zussen, dochters van Herbaren II en zussen van Jan I van Arkel. Gijsberts tweede vrouw Mabelia overleed na 12 september 1288, toen zij haar testament maakte. Zij bezat een huis te Utrecht, in de immuniteit van de Dom, dat zij naliet aan het Domkapittel. Dit huis was een van de zgn. Vier Steenhuizen (Domplein 10-17), die waren gebouwd op de plek waar voordien het keizerlijk paleis Lofen had gestaan. Zijn tweede vrouw, Mabelia, die een dochter was van hr. Herbaren van der Lede, was eerder gehuwd geweest met Godschalk van der Merwede (ovl. na 2 november 1258). Uit dit huwelijk had zij zeker twee zonen: Daniël II van der Merwede (vermoedelijk de stichter van het Huis te Merwede) en Jan. Getuigen bij het testament waren haar zoons en Jan II van Arkel. Het Vijheerenlanden dankt zijn naam aan de heren van Arkel, Ter Leede (rondom het huidige Leerdam), Hagestein, Everdingen en Vianen, die in 1284 gezamenlijk maatregelen namen tegen de wateroverlast vanuit de Gelderse Betuwe. |
Gemeente Beverwijk (Noord-Holland)
1. Burgemeester Scholtensstraat - |
Gemeente Utrechtse Heuvelrug (Driebergen-Rijsenburg)
1. Alfred Tepepad - De Alfred Tepehof in Driebergen-Rijsenburg: De Utrechtse Meester-Architect van de Neogotiek Een Straatnaam voor een Groots Bouwmeester In de wijk Park Boswijk in Driebergen-Rijsenburg herinnert de straatnaam Alfred Tepehof (in de volksmond soms aangeduid als het Alfred Tepepad) aan een van de belangrijkste en meest invloedrijke Nederlandse architecten van de negentiende eeuw: Wilhelm Victor Alfred Tepe (1840–1920). Tepe gold als de onbetwiste leider van het St. Bernulphusgilde en was, samen met Pierre Cuypers, de bepalende vormgever van de katholieke kerkenbouw in Nederland gedurende de negentiende-eeuwse katholieke herleving. De Houtense Verbinding: De Onze-Lieve-Vrouw-Tenhemelopnemingkerk Voor de geschiedenis van Houten is de erfenis van Alfred Tepe van onschatbare waarde. Hij is namelijk de architect van het meest beeldbepalende katholieke monument van het dorp: de Onze-Lieve-Vrouw-Tenhemelopnemingkerk aan de Loerikseweg in het Oude Dorp.
Oeuvre en Betekenis voor de Stichtse Lustwarande Naast zijn beeldbepalende kerk in Houten heeft Alfred Tepe in de provincie Utrecht een enorm oeuvre achtergelaten. In Driebergen-Rijsenburg zelf verrees onder zijn leiding de Sint-Petrus' Bandenkerk (1883), eveneens een zuiver voorbeeld van zijn neogotische vakmanschap.
Van Driebergen naar Houten De Alfred Tepehof in Driebergen-Rijsenburg is dan ook meer dan zomaar een straatnaam in een woonwijk; het is een eerbetoon aan een bouwmeester die het katholieke religieuze erfgoed in het Sticht voorgoed zijn gezicht gaf. Wie door deze straat wandelt en vervolgens de Houtense Onze-Lieve-Vrouw-Tenhemelopnemingkerk aanschouwt, ziet de directe, monumentale lijn tussen beide Utrechtse plaatsen. Bron: Samengesteld met Google Gemini AI. |
2. Van Wulvenhof - De Van Wulvenhof in Driebergen-Rijsenburg: De Oeroude Utrechtse Sporen van het Geslacht Van Wulven Een Straatnaam met Middeleeuwse Grandeur In de wijk Park Boswijk in Driebergen-Rijsenburg ligt de rustige straat Van Wulvenhof. Op het eerste gezicht lijkt het een moderne woonlocatie, maar de straatnaam herbergt een van de oudste en meest invloedrijke verhalen uit de Utrechtse ridder- en kastelengeschiedenis. De straat ontleent haar naam rechtstreeks aan het machtige riddergeslacht Van Wulven. Deze aloude ministerialenfamilie vond haar oorsprong op het Stamslot Wulven en het nabijgelegen kasteel Oud-Wulven in de gemeente Houten. Vanuit hun Houtense thuisbasis groeide het geslacht in de dertiende eeuw uit tot een bepalende factor in de ontginning en verdediging van het Sticht. De Houtense Oorsprong en de Kastelen in Langbroek Toen het Kromme Rijngebied en de Langbroekerwetering in de dertiende eeuw grootschalig werden ontgonnen, speelden de zonen en takken van de familie Van Wulven een vooraanstaande rol bij het stichten van woontorens en versterkte huizen. Zij stonden aan de wieg van meerdere prominente kasteelterreinen langs de Langbroekerwetering:
Verwante Takken: Van Hardenbroek, Van Heemstede en Hondmarkt
Van Houtens Erfgoed naar het Straatbeeld van Driebergen Met de benaming Van Wulvenhof in Driebergen-Rijsenburg blijft de herinnering levend aan een geslacht dat zijn wortels had in het Houtense polderland en van daaruit het gezicht van de Stichtse Lustwarande en het Langbroeker kasteellandschap voorgoed heeft gevormd. Straatnaam Van Wulvenhof is vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrechtse Heuvelrug op vrijdag 12 oktober 2012. Samengesteld met Google Gemini AI. |
Gemeente Amstelveen (Noord-Holland)
|
1. Heemstede - De Straatnaam Heemstede in Amstelveen: Geïnspireerd op de Houtense Ridderhofstad De Kastelenbuurt in Amstelveen Westwijk In het zuidelijke deel van de wijk Westwijk (Westwijk-Zuid) in Amstelveen ligt de straat Heemstede. Wie naar de omliggende straatnamen kijkt, ontdekt al snel de stedenbouwkundige thematiek van deze buurt: de straten zijn vernoemd naar historische Nederlandse kastelen, buitenplaatsen en ridderhofsteden. Zo wordt de Heemstede omringd door straatnamen als Drakensteyn, Sterkenburg, Lunenburg, Weerdesteyn, Cannenburgh en Loevestein. Binnen deze uitgesproken "kastelenbuurt" heeft het Utrechtse erfgoed een zeer prominente plek gekregen. Eerbetoon aan Kasteel Heemstede in Houten Waar de naam op het eerste gezicht zou kunnen doen denken aan de Noord-Hollandse plaats Heemstede, verwijst de straatnaam in deze specifieke buurtcontext direct naar het vermaarde Kasteel Heemstede (de voormalige ridderhofstad en buitenplaats Heemstede) in de gemeente Houten.
Woonomgeving en Architectuur De bebouwing aan de Heemstede in Amstelveen is gerealiseerd in de periode 2013–2016. De woningen combineren het comfort van hedendaagse nieuwbouw met stedenbouwkundige principes die zijn geïnspireerd op de klassieke, ruim opgezette jaren '20-architectuur. Samengesteld met Google Gemini AI. |
Gemeente Pijnacker-Nootdorp (Zuid-Holland)
1. Freule Wttewaall van Stoetwegensingel - Freule Christine Wttewaall van Stoetwegen: Een Markante Oranje Freule uit een Eeuwenoud Geslacht Een Familie met Diepe Regionale Wortels De familienaam Wttewaall – die traditioneel wordt uitgesproken als 'uutewaal' – kent een rijke en vertakte geschiedenis binnen het Nederlandse patriciaat en de adel. De tak Wttewaall van Stoetwegen ontleent haar dubbele naam aan de voormalige ambachtsheerlijkheid Stoetwegen, gelegen in de omgeving van Zeist. Naast deze bekende Stoetwegen-tak bestaat er binnen de familiehistorie de tak Wttewaall van Wickenburgh, die nauw verbonden is met het gelijknamige landgoed Wickenburgh in 't Goy. Waar de tak van Wickenburgh haar sporen achterliet in het Utrechtse polderlandschap, verwierf de tak Wttewaall van Stoetwegen landelijke bekendheid via het politieke en maatschappelijke parket in Den Haag. Van Leids Student tot Bepalende Politica Jonkvrouw Christine Wilhelmine Isabelle Wttewaall van Stoetwegen werd geboren in Amsterdam op dinsdag 1 januari 1901 als dochter van jhr. Henri Alexander Wttewaall van Stoetwegen (1867–1941) en jkvr. Catharina Cornelia van Swinderen (1871–1930). Pionier voor Vrouwenrechten en Gevangeniswezen In de Tweede Kamer viel de freule op door haar onafhankelijke en vooruitstrevende standpunten:
Landelijke bekendheid verwierf zij tevens tijdens een verward, nachtelijk Kamerdebat op 26 november 1970. Toen er chaos ontstond over uiteenlopende moties en zij per ongeluk verkeerd stemde, stelde zij kordaat voor de zitting te beëindigen met de historische en relativerende woorden: "...dit is gekkenwerk!!" Vertrouwelinge van het Koningshuis Freule Wttewaall van Stoetwegen onderhield een zeer warme en persoonlijke band met het Huis van Oranje-Nassau. Zij was een goede vriendin van koningin Juliana, en binnen de koninklijke familie stond zij bij de prinsessen liefdevol bekend als "Tante Bol" (terwijl vrienden en familie haar vaak "Bob" noemden). Haar bijnaam in de volksmond varieerde van "de oranje freule" tot "de rode freule", vanwege haar vooruitstrevende sociale standpunten. Halverwege de jaren zestig, tijdens de maatschappelijke spanningen rond het huwelijk van prinses Beatrix en Claus von Amsberg, nam de freule een uitgesproken positieve houding aan en noemde Claus openlijk "een zegen voor het land". Haar Laatste Jaren en Erfenis Na haar afscheid van de politiek publiceerde zij in 1973 haar autobiografie onder de typerende titel De freule vertelt. De freule woonde haar latere leven in het bekende flatgebouw Oldenhove aan de Laan van Meerdervoort in Den Haag. Christine Wttewaall van Stoetwegen overleed op 85-jarige leeftijd op donderdag 15 oktober 1986 in Den Haag. Zij werd begraven op de Algemene Begraafplaats Kerkhoflaan te Den Haag. Haar nagedachtenis leeft voort als die van een kleurrijke, onafhankelijke politica die traditie, adeldom en maatschappelijke vernieuwing op unieke wijze wist te verenigen. Born: Wikipedia Commons, samengesteld met Google Gemini AI. |



























.jpg/picture-200?_=19f60379484)
.jpg/picture-200?_=19f60378d0f)













.jpg/picture-200?_=17d4996f268)

.jpg/picture-200?_=19f6037a03d)












.jpg/picture-200?_=19f83e46660)










.jpg/picture-200?_=19fc7d5680d)
.jpg/picture-200?_=19fc7d585d3)
.jpg/picture-200?_=19fc7d56a65)





.jpg/picture-200?_=19f6037a450)






.jpg/picture-200?_=17d4997d110)
.jpg/picture-200?_=180d3af80a5)
.jpg/picture-200?_=180d3af78e3)


.jpg/picture-200?_=180d3af70ff)
.jpg/picture-200?_=180d3af6751)







































(1).jpg/picture-200?_=19f5cb99b11)



























































.jpg/picture-200?_=17ebbc240a8)
















.jpg/picture-200?_=19f6037a849)
.jpg/picture-200?_=19f6037ac2d)



.jpg/picture-200?_=17d393d9160)

























.jpg/picture-200?_=19f83e495e9)




















.jpg/picture-200?_=17d38a14d78)





.jpg/picture-200?_=17d4996e2c8)
















.jpg/picture-200?_=19eeea3a160)

.jpg/picture-200?_=19eeea3a816)

.jpg/picture-200?_=19eeea3a39c)
.jpg/picture-200?_=19eeea3a5d6)

_across_the_Amsterdam_Rhine_canal_at_Houten-Nieuwegein_-_panoramio.jpg/picture-200?_=19ef0bc3b6a)










.jpg/picture-200?_=19ef42cdc1b)

.jpg/picture-200?_=19ef42cd816)
.jpg/picture-200?_=19ef42ccece)



.jpg/picture-200?_=19ef42cd42c)
.jpg/picture-200?_=17eca63286d)
.jpg/picture-200?_=17d392ca170)








.jpg/picture-200?_=17d392c9d88)






























.jpg/picture-200?_=1a00b729629)
.jpg/picture-200?_=1a00b729117)

%2C_from_the_Villa_Torre_de_Palma_near_Monforte%2C_3rd-4th_century_AD%2C_National_Archaeology_Museum_of_Lisbon%2C_Portugal_(12973806145).jpg/picture-200?_=1a00b727d6f)
.jpg/picture-200?_=19fc7d57918)

.jpg/picture-200?_=1a00b729394)
.jpg/picture-200?_=1a00b728ebd)










.jpg/picture-200?_=17d38a68180)


.jpg/picture-200?_=19f6037907f)
.jpg/picture-200?_=19f603789cc)
















































.jpg/picture-200?_=17d53e33d08)










































.jpg/picture-200?_=17e6ef74188)












.jpg/picture-200?_=17d53e344d8)


.jpg/picture-200?_=17d53e344d8)