Stichting Houtense Hodoniemen

Onderzoekt straatnamen, boerderijen, onroerend goed en adellijke families in Houten en omgeving

Familie Bosch van Drakestein (Van Nieuw-Amelisweerd)

Familiewapen Bosch van Drakestein. Bron: Wikipedia.Familiewapen Bosch van Drakestein. Bron: Wikipedia.

Naambetekenis

Bos(ch) met bomen begroeid terrein; = woud Bron: VanDale.nl

Bos(ch) een bundel, woud. In het Middelnederlands: busch, busk. In het Middeleeuws Latijns Bocus en de Romeinse vormen als Frans bois stammen uit het Germaans van een indogermaans basis  met de betekenis ‘zwellen’, waarvan ook het woord ‘boos’ komt.Bron: ETYMOLOGISCH WOORDENBOEK, Van Dale, 1993.

Drakensteyn (ook wel Drakestein, Drakenstein of Drakensteijn) is een kasteel en landgoed gelegen nabij Lage Vuursche, in de gemeente Baarn.

De oude geschiedenis van Drakensteyn is nauw verbonden met die van ridderhofstad Drakenburg bij Baarn die in de negentiende eeuw is afgebroken. In 1360 is voor het eerst geschreven over een hofstede Drakesteyn die in 1385 aan Frederik van Drakenburg werd beleend.

In 1634 werd Ernst van Reede de eigenaar van hofstede Drakensteyn. Zijn zoon Gerard liet in 1640 een nieuw, volledig symmetrisch achthoekig huis bouwen, mogelijk naar een ontwerp van Jacob van Campen. Het huis werd erkend als ridderhofstad en Gerard werd ridder. In die dagen werd ook het dorp Lage Vuursche gebouwd. Ridder Gerard liet een kerk bouwen met een pastorie, een school, een molen en een herberg.

In de Gouden Eeuw werd in de Laagte van Pijnenburg een groot aantal kastelen en landhuizen verbouwd en gebouwd, zoals Soestdijk, Kasteel de Hooge Vuursche, De Eult, Pijnenburg en Ewijckshoeve. Nadat Gerard van Reede in financiële moeilijkheden was gekomen, verkocht hij Drakensteyn op 20 december 1671 voor 27.300 gulden aan de Amsterdammer Joan Reynst die het als zomerverblijf ging gebruiken.

In de zeventiende en achttiende eeuw wisselde het kasteel enkele malen van eigenaar. Het huis was tot 1779 in het bezit van leden van de familie Godin. In 1780 vond een verbouwing plaats waardoor het aanzicht van het huis veranderde: de Ionische zuilen werden verwijderd. In 1807 werd Drakensteyn eigendom van mr. Paulus Wilhelmus Bosch, burgemeester van Utrecht. Het huis bleef 150 jaar in de familie, tot het in 1959 door Frederik Lodewijk Bosch van Drakestein aan prinses Beatrix werd verkocht. Zij liet het kasteel restaureren en trok er in 1963 in. Een in slechte staat verkerend ensemble van beschilderde linnen wandbespanningen, door Jurriaen Andriessen vervaardigd in 1780, werd toen verwijderd uit het interieur. Deze doeken, die lange tijd op de zolder van paleis Soestdijk werden bewaard, werden na enige tijd gerestaureerd en hangen tegenwoordig in Museum Van Loon in Amsterdam.

Een draak is een groot mythisch wezen met een slangachtig of anderszins reptielachtig lichaam. De draak speelt wereldwijd een rol in mythologieën. Het geloof in deze wezens ontstond mogelijk door de geringe kennis die oude culturen bezaten van de gigantische, prehistorische, 'draakachtige' reptielen. Het woord "draak" is afgeleid van het Griekse δράκων (drakōn), waarmee oorspronkelijk elk soort serpent werd aangeduid. Welke vorm de draak in de mythologie later ook aannam, hij bleef in essentie een slang.

Bron: Wikipedia.nl Drakesteyn

Draak (fabelachtig monster) Middelnederlands: drake. Latijns: draco wat de betekenis heeft slang of draak. Een slang wordt in het Nieuwe Testament beschreven als ‘van de duivel’, wat ook een veldteken is. Het woord slang is verwant met het Grieks: derkomai (aoristus edrakon) wat de betekenis heeft van ‘ik kijk, ik straal uit’. Een ander woord uit Grieks hopodra wat de betekenis heeft ‘van onder de wenkbrauwen uitkijkend’. Daar lijkt een element van ‘biologeren’ in die twee betekenis te zitten. Van de woorden derkomai (aoristus edrakon en hopodra. Bron: ETYMOLOGISCH WOORDENBOEK, Van Dale, 1993.

Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein

Portret van Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein. Portret bevindt zich in particulier bezit in Bussum.Portret van Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein. Portret bevindt zich in particulier bezit in Bussum.

Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein, heer van Drakestein en De Vuursche.  Hij werd geboren op 13 november 1771 te Utrecht en overleed aldaar op 17 april 1834. Paulus was advocaat, politicus en grootgrondbezitter.

Bosch was lid van de familie Bosch en een zoon van de koopman Theodorus Gerardus Bosch (1726-1802) en Cornelia van Bijleveld (1746-1823).

In 1829 werd hij verheven in de Nederlandse adel.

Hij trouwde in 1797 met Henriëtte Hofmann (1775-1839). Paulus Willem Bosch was in 1797 onder huwelijkse voorwaarden getrouwd met haar. In 1805 maakte het echtpaar Bosch-Hofmann een testament.

Uit dit huwelijk werden negen kinderen geboren.

In het begin van hun huwelijk woonde het echtpaar Bosch op de Voorstraat 85-87 te Utrecht wat Paulus op 10 februari 1799 aankocht ten overstaan van notaris Pieter Jongeneel. In dit huis werd hun zoon Johannes Gerardus Bosch van Drakestein geboren in juli 1811 (BS Utrecht G aktenr.4)

Tijdens het bezoek van keizer Napoleon Bonaparte aan Utrecht, in oktober 1811, logeerde een rekestmeester uit zijn gevolg, belast met de Bruggen, Wegen en Polders, bij Bosch op de Voorstraat H 514 (Voorstraat 83). Bron: Huizenaanhetjanskerkhof.nl

Het deel van de binnenstad waar Bosch en zijn echtgenote Hoffman woonde was tot aan het eind van de zestiende eeuw in het bezit van het Rooms Katholieke kapittel en kerk van St. Jan. Na de reformatie van 1580 kwamen de goederen in het bezit van de Staten van Utrecht. Benoemde kannuniken werden vanaf het begin van de zeventiende eeuw aangelsteld om deze onroerende goederen van landerijen, huizen en boerderijen te beheren. Pas op 21 februari 1811 kwam er een einde aan het kapittel van Sint Jan, toen bij decreet van Napoleon de kapittels werden opgeheven en de goederen van de kapittels aan de staat vervielen. Na het tekenen van het decreet werd het oude claustrale- of kanunnikenhuis in de verkoop gezet Janskerkhof H593 (Na 1890 17 en 17B). In de 'Gazette Utrecht' van 25 februari 1811 vier dagen na opheffing van het kapittel van St. Jan wordt het huis aangeboden in de volgende geciteerde zin:

'UIT DE HAND TE KOOP, op zeer voordelige Conditien , een HUIS, TUIN, STAL en KOETSHUIS, op het aangenaamst van het Janskerkhof binnen Utrecht. Nader onderricht bij den Makelaar J. van Driel, op het Oud-Munster Kerkhof, binnen Utrecht.'

In de Oprechte Haarlemsche Courant van 5 maart 1811 wordt het huis ook aangeboden. Maar zo ver hoefde makelaar Van Driel dus niet te zoeken. Kort daarna zou Paulus Bosch van Drakestein het claustralehuis hebben gekocht. Waarna hij vermoedelijk vanaf eind 1811/begin 1812 met zijn gezin tot aan zijn overlijden zou wonen in april 1834. Na het overlijden van Paulus bleef zijn oudste zoon Willem met Hoffman er nog enige jaren wonen. Tot dat ook Henriëtta overleed eind 1839. Waarna het huis Janskerkhof 17 en 17B toekwam aan zijn dochter die getrouwd was met haar neef Jan Willem Hendrik Bosch. Bron: Delpher.nl.

Paulus Wilhelmus Bosch was een telg uit een katholieke familie die door een uiterst voortvarende manier van zakendoen en een succesvolle huwelijkspolitiek zeer rijk waren geworden.

Paulus ging Romeins en hedendaags recht studeren, hij vestigde zich als advocaat en deed in 1795 met de Franse revolutie mee. Hij werd lid van de Provisionele Municipaliteit (Gemeenteraad in de Franse Tijd) en was vervolgens tot 1803 tweede secretaris van de Raad van Rechtspleging.

Daarna was hij enkele jaren lid van de departementale rekenkamer. Naast zijn openbare functies nam hij deel aan het familiebedrijf en genoot hij inkomsten uit een uitgebreid bezit aan landbouwgrond en vastgoed.


Bosch was voortdurend bezig met het opkopen van landerijen die patriciërs vanwege de ongunstige tijdsomstandigheden van de hand moesten doen. Sinds 1805 noemde hij zich, naar één van de aangeschafte ambachtsheerlijkheden, Bosch van Drakestein. Onder deze naam werd hij in 1808 lid van de vroedschap (stadscollege). Drie jaar later in 1811 werd hij adjunct-maire onder mr. A. J. W. van Dielen.

Deze overleed in februari 1812 en na maanden touwtrekken werd Bosch van Drakestein als nieuwe
maire van Utrecht aangesteld van 1812 tot 1813. Bosch was in hoge mate gepousseerd (bevorderd)  door de prefect van het departement van de Zuiderzee, graaf De Celles. Deze prees in een brief aan Lebrun de ijver en de Fransgezindheid van zijn kandidaat en adviseerde geen acht te slaan (geen gehoor te geven) op de bezwaren die tegen hem in Utrecht bestonden.

Hoe impopulair Bosch in zijn vaderstad was, bleek begin 1812 zeer duidelijk toen
hij gedeballoteerd (bij stemming afwijzen als lid) werd in de eliteclub Sic Semper. De weerzin van het Utrechtse patriciaat tegen Bosch van Drakestein had twee kanten.

1.   Ten eerste was er de afkeer van deze parvenu (Iemand met veel geld die zich beweegt in kringen waar hij door zijn komaf niet thuis hoort) die bovendien katholiek was.

2.   Ten tweede de ongeremde Fransgezindheid van de man. Anders dan zijn voorganger, die steeds had geprobeerd de Franse maatregelen zo veel mogelijk te verzachten, had Bosch van Drakestein
slechts tot doel zijn superieuren (hoger geplaatste personen) naar zijn beste vermogens te dienen. Soms ging hij daarin zelfs verder dan vereist was. (Zijn vermogen meer te laten zien aan hogere personen dan eigenlijk voor die tijd noodzakelijk was.)

Paulus was van 1814 tot 1830 lid van de Provinciale Staten van Utrecht. Ruim 4 jaar later in april 1834 overleed Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein op 62-jarige leeftijd.

Bronnen: Stilte na de storm: Utrecht in de eerste helft van de negentiende eeuw, Prof. Dr. R.E. de Bruin en Wikipedia.nl

Begraafplaats Soestbergen

Gansstraat 167 te Utrecht, Tolsteeg

Op Online-begraafplaatsen.nl kwam onze stichting er recentelijk achter dat Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein op begraafplaats Soestbergen in een familiegraf is bijgezet na zijn overlijden in april 1834. Op 3 januari 1840 werd zijn echtgenote Henriëtta Hoffman bijgezet in Graf 21 in de Taart of Rotonde van Zocher (tuinarchitect).

Begraafplaats Soestbergen te Utrecht is in 1829 aangelegd op besluit van Koning Willem I. Die in heel Nederland verordenen dat overledenen niet meer in de kerk begraven mocht worden. Na dit besluit werd net buiten de vele steden en dorpen een begraafplaats aangelegd. Bij de aanleg van Soestbergen moest een deel van het Houtense Zandpad een stukje verlegd worden in oostelijke richting. De begraafplaats is aangelegd op de grond van de vroegere tuin van Landgoed Soestbergen. De begraafplaats was de eerste gemeentelijk openbare begraafplaats door de gemeente Utrecht aangelegd vanaf 1829. Bij besluit van het college van burgemeester en wethouders van Utrecht werd rond 1930 de naam en volgorde van de Utrechtse begraafplaatsen vastgesteld. Soestbergen was dus de 1e Algemene begraafplaats, Begraafplaats Kovelswade de 2e Algemene begraafplaats aangelegd in 1900-1901, Begraafplaats Tolsteeg de 3e Algemene begraafplaats aangelegd in 1930. En als laatste de 4e Algemene begraafplaats Daelwijk gelegen in Utrecht Overvecht aangelegd in de jaren zestig van de twintigste eeuw.

Begraafplaatsen Soestbergen, Kovelswade en Tolsteeg zijn beide aan de oostelijke en zuidelijke kant van Utrecht aangelegd. Rondom de spoorlijn Utrecht-''s-Hertogenbosch, Utrecht-Arnhem, Waterlinieweg, Gansstraat en Koningsweg.

In de jaren die volgde werden andere familieleden van Henriëtta Hoffman bijgezet in het graf. Volgens het grafregister is het familiegraf vanaf 18 augustus 1877 voor onbepaalde tijd gesloten. De volgende familieleden Bosch van Drakestein en Hoffman zijn in het graf bijgezet:

Rechthebbende op graf 21: Jhr. Willem Bosch van Drakestein,

1.   Begraven: 1832-08-28 J.C. Hofman, 2.   Begraven: 1834-04-22 P.W. Bosch van Drakestein, 3.   Begraven: 1835-05-24 H.H. Hofman, 4.   Begraven: 1837-05-16 J.A. Hofman, 5.   Begraven: 1840-01-03 H. Hofman Wed. P.W. Bosch van Drakestein, 6.   Begraven: 1847-11-11 H.P. Hofman Wed. C.F. van Aken, 7.   Begraven: 1858-08-28 C. Hofman.

Bron: Het Utrechts Archief Archief 1376 (88).

Aankoop landgoederen Nieuw-Amelisweerd en

Oud-Amelisweerd

Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein kocht op zaterdag 24 augustus 1811 ten overstaan van de Utrechtse notaris Van Ommeren de landgoederen Nieuw-, en Oud-Amelisweerd van mr. Jan Pieter van Wickevoort Crommelin.

Jan Pieter had Nieuw-, en Oud-Amelisweerd daarvoor in 1810 van Koning Lodewijk Napoleon gekocht. Waarschijnlijk om hem van dienst te zijn om destijds snel van zijn onroerend goed vermogens in de Nederlanden af te komen. Jan Pieter heeft in de periode dat hij Nieuw-, en Oud-Amelisweerd in eigendom had nog geprobeerd de landhuizen te verhuren. Dit is naar alle waarschijnlijkheid niet gelukt. Zo te zien is aan zijn korte eigendomsstaat.

Jan Pieter van Wickevoort Crommelin was President der Nationale Conventie; kanselier van het Koninkrijk Holland en lid van de 1ste Kamer der Staatsraad.

Hij was gehuwd met Catharina van Lennep te Heemstede (Noord-Holland) op 24 oktober 1790.

Het echtpaar had 3 kinderen: Jan Pieter Adolf van Wickevoort Crommelin, Henri Samuel van Wickevoort Crommelin, Maria Catharina van Wickevoort Crommelin.

Handtekeningen van Jan Pieter Wickevoort Crommelin en Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein onder de notariële akten voor notaris van Ommeren te Utrecht om de koop te bevestigen van Nieuw-, en Oud-Amelisweerd op 26 augustus 1811. Bron: Het Utrechts Archief 34-4 Notarissen in de stad Utrecht U320b010 1811 Blz. 288 Aktenummer: 64.Handtekeningen van Jan Pieter Wickevoort Crommelin en Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein onder de notariële akten voor notaris van Ommeren te Utrecht om de koop te bevestigen van Nieuw-, en Oud-Amelisweerd op 26 augustus 1811. Bron: Het Utrechts Archief 34-4 Notarissen in de stad Utrecht U320b010 1811 Blz. 288 Aktenummer: 64.

Bosch van Drakesteinlaan


Het Utrechtsch Nieuwsblad van 26 november 1953. Bron: krantenbank Het Utrechts Archief.Het Utrechtsch Nieuwsblad van 26 november 1953. Bron: krantenbank Het Utrechts Archief.

In 1953 en 1954 werd ten westen van het fort Lunet I aan de Koningsweg het uitbreidingsplan Krommerijn gerealiseerd.

In deze naoorlogse stadsuitbreiding werden diverse appartementen en huizenblokken gebouwd. Al in de jaren dertig van de twintigste eeuw was Utrecht al
in gesprek met het ministerie van Oorlog om in de omgeving van 'De Vier Lunetten op de Houtense Vlakte' te kunnen bouwen. Maar door de wet op de Verboden Kringen
uit midden negentiende eeuw was het bijna onbegonnen werk en verboden om binnen bepaalde afstanden van de Nieuwe Hollandse Waterlinie forten te bouwen.

Pas na het opheffen van de Kringenwet in 1952 kon Utrecht beginnen met zijn zo gewenste stadsuitbreiding aan de oostkant van de stad. Dit betrof dus het uitbreidingsplan
Krommerijn.

Op 18 november 1953 werd bij besluit van de gemeentesecretaris J. de Lange en burgemeester Jhr. C.J.A. de Ranitz van de
gemeente Utrecht de diverse straatnamen van het uitbreidingsplan Krommerijn vastegsteld. Het betrof de volgende straatnamen: Adriaen van Ostadelaan, Tamboersdijk, Kranenburgerweg, Kozakkenweg, Fransestraat, Bosch van Drakesteinlaan en het Lodewijk Napoleonplantsoen.

Het Utrechtsch Nieuwsblad van 26 november 1953 schreef over de nieuwe straatnamen van de stad het volgende:

STADSNIEUWS

Straatnamen in Krommerijnplan

Burgemeester van wethouders van Utrecht hebben namen gegeven aan een aantal straten in het uitbreidingsplan Krommerijn.
De straat gelegen in het verlengde van de Adriaen van Ostadelaan, tot het punt waar deze afbuigt en zich voorzet evenwijdig aan de Rijksweg nr. 22
(Waterlinieweg) wordt eveneens Adriaen van Ostadelaan. De straat gaande van het einde van de Adriaen van Ostadelaan zoals hierboven omschreven, in ongeveer
zuidwestelijke richting evenwijdig aan de Rijksweg nr. 22 tot aan de Koningsweg, wordt Tamboersdijk. De straat, die van de Koningsweg, getekend van de spoorwegovergang af de eerste zijnstraat zal zijn in ongeveer noordoostelijke richting, wordt Kranenburgerweg.
De straat, die ten zuidoosten van de Kranenburgerweg evenwijdig daaraan zal lopen zal Kozakkenweg heten.

De straat, die gerekend van de Koningsweg af de eerste verbinding zal vormen tussen de Kranenburgerweg en de Kozakkenweg, evenals op deze
straat uitkomende toegangspaden tot woningblokken wordt Fransestraat.
De straat, die ten noorden van de Fransestraat evenwijdig daaraan zal lopen, wordt Bosch van Drakesteinlaan.

De straten en de toegangspaden tot woningblokken aan te leggen op het terrein, begrensd door de Kozakkenweg, de Krommerijn, de Tamboersdijk en de Koningsweg,
krijgen de naam Lodewijk Napoleonplantsoen. De namen Tamboersdijk en Kranenburgerweg zijn historische benamingen; de eerste is gelijkduidend aan de in de volksmond
bekende benamingen van een ongeveer daar gelegen landweg, terwijl de Kranenburgerweg is genoemd naar de buurtschap en  molen, vanouds bekend onder de naam
,,Kranenburg". Met de overige benamingen wordt de herinnering levendig gehouden aan de Franse tijd. Op 28 november 1813 kwamen de Kozakken te Utrecht en verlieten de Franse troepen de stad.
Jhr. mr. P.W. Bosch van Drakestein was burgemeester van Utrecht in de jaren 1812-1813. Lodewijk Napoleon was Koning van Holland van 1806-1810.

Gezicht op de Kromme Rijn te Utrecht, vanaf de spoorbrug in de Oostspoorlijn, na het verbreden van de rivier en het aanbrengen van nieuwe beschoeiing. Op de achtergrond de Waterloobrug omstreeks 1970-1971. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 45976.Gezicht op de Kromme Rijn te Utrecht, vanaf de spoorbrug in de Oostspoorlijn, na het verbreden van de rivier en het aanbrengen van nieuwe beschoeiing. Op de achtergrond de Waterloobrug omstreeks 1970-1971. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 45976.

Bron: Krantenbank Het Utrechts Archief, archief straatnaamcommissie, gemeente Utrecht, Alice Oosterhoff.

Geschiedenis Landgoed Nieuw-Amelisweerd

Koningslaan 1, 3 en 5

Het witgepleisterde in classicistische stijl opgetrokken buitenhuis, gelegen in het parkbos Amelisweerd is gebouwd tussen 1684 en 1707. Omstreeks 1860 heeft het huis het huidige aanzien gekregen. Bij het huis staan het koetshuis dat omstreeks 1750 is gebouwd en een schuurtje uit ca 1900.

Geschiedenis

Nieuw-Amelisweerd is in oorsprong een middeleeuws huis gebouwd op de waarden van de Kromme Rijn. Kort voor 1227 krijgt ridder Amelis van Werden (of de Insula), een stuk grond in leen ter ontginning van het kapittel van Oud-Munster te Utrecht. Naar deze ridder wordt het landgoed genoemd dat al in de 14de eeuw wordt gesplitst in Oud- en Nieuw-Amelisweerd. Nieuw-Amelisweerd wordt ook Groenewoude genoemd naar Ernst van Groenewoude die in 1380 met het goed wordt beleend. In 1538 wordt Nieuw-Amelisweerd tot ridderhofstad verklaard. Deze ridderhofstad was een vrij bescheiden omgracht middeleeuws huis van een bouwlaag op een hoge kelderverdieping. Het had een L-vormige plattegrond met 3 door schoorstenen bekroonde zijtopgevels en enige aanbouwen in de binnenhoek. De toegang werd gevormd door een houten brug over de gracht.

Huize Nieuw-Amelisweerd in 1965 net na de verkoop aan de gemeente Utrecht.Huize Nieuw-Amelisweerd in 1965 net na de verkoop aan de gemeente Utrecht.


In het rampjaar 1672 werd Nieuw-Amelisweerd door de Franse troepen verwoest. Tussen 1682 en 1716 is Hendrik baron van Utenhove, kolonel der infanterie de nieuwe eigenaar. Hij liet tussen 1684 en 1707 een nieuw huis bouwen, van een verdieping op een onderbouw met een zadeldak tussen tuitgevels. De brede frontgevel werd gedomineerd door een verhoogde middenpartij met pilasters. In plaats van een opvallende midden ingang had het huis twee eenvoudige deuren aan weerszijden van de middenpartij. Het omgrachte terrein met de fundamenten van de middeleeuwse ridderhofstad bleef voor het nieuwe huis liggen. Vermoedelijk liet Van Utenhove voor en achter het huis de eerste bossen aanleggen. In de loop van de 18de eeuw werd het huis met een lage etage verhoogd.

In 1768 erfde Maria Jacoba gravin van Efferen Nieuw-Amelisweerd van haar man Hendrik van Utenhove. Zij hertrouwde in 1771 met Henri Maximilien de St. Simon, markies de Sandricourt. Na dit huwelijk ging Nieuw-Amelisweerd bij testamentaire beschikking van Hendrik van Utenhove, over op zijn neef Maurits Carel van Utenhove. Maria Jacoba van Efferen en haar tweede echtgenoot mochten op Nieuw-Amelisweerd blijven wonen. De markies de Sandricourt was een groot plantenliefhebber. Hij liet in het park o.a. de Sneeuwklokjeslaan aanleggen en zorgde voor de vroeg-landschappelijke parkaanleg, die nog ten grondslag ligt aan de huidige.

De tot nu toe bekende uitgezochte gegevens door Stichting Houtense Hodoniemen van grond aankopen door Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein tussen 1798 en 1832. Let op gallerij wordt van tijd tot tijd aangevuld met meer kaarten van grondaankopen. Kaarten: HISGIS.nl Utrecht

In 1808 werd door Maximiliaan Louis baron van Utenhove, zoon van Maurits Carel, Nieuw-Amelisweerd verkocht aan koning Lodewijk Napoleon. Van 1808 tot 1810 was Lodewijk Napoleon eigenaar van zowel Oud- als Nieuw-Amelisweerd. Nieuw-Amelisweerd was bestemd voor zijn manschappen, zelf verbleef hij op Oud-Amelisweerd. Bij beide buitenhuizen werden wijzigingen in Empire-stijl aangebracht, o.a. in de roedeverdeling van de vensters. Voor de tuinen werden door Alexandre Dufour allerlei grootse plannen ontworpen, die echter nooit zijn uitgevoerd. De koning kwam er nauwelijks, hij verbleef meestal op ‘t Loo.

In 1810 werden Oud- en Nieuw-Amelisweerd openbaar verkocht. Koper was J. P. Wickevoort Crommelin, mogelijk om de afgezette koning van dienst te zijn. Een jaar later verkocht hij beide Amelisweerden voor ƒ145.000,- aan Paulus Willem Bosch van Drakestein, burgemeester van         Utrecht. Na diens dood in 1834 werden beide verdeeld onder zijn zoons. Zijn kleinzoon Henricus Cornelis Bosch van Drakestein liet omstreeks 1860 het huis wit pleisteren volgens de laatste mode en met twee vleugels aan de achterzijde uitbreiden. In het park werden belangrijke wijzigingen aangebracht. In 1964 is Nieuw-Amelisweerd eigendom van de gemeente Utrecht geworden.

De markies de Sandricourt was een groot plantenliefhebber. Hij liet in het park o.a. de Sneeuwklokjeslaan aanleggen en zorgde voor de vroeg-landschappelijke parkaanleg, die nog ten grondslag ligt aan de huidige, en werd het park voor publiek opengesteld. Het hoofdgebouw is in 1984 geschikt gemaakt voor zgn. Van Dam wooneenheden.

Het Parkbos

Nieuw-Amelisweerd lag in de 17de en begin 18de eeuw temidden van wei- en bouwland. Van de oorspronkelijke oerbossen en hei was door ontginning en houtkap niet veel overgebleven. Er lag aan de zuidzijde naast het hoofdgebouw een moestuin. Vermoedelijk omstreeks het midden van de 18de eeuw is hier het koetshuis annex tuinmanswoning en oranjerie neergezet. Hendrik van Utenhove is waarschijnlijk begonnen met de aanleg van de eerste bossen. Een beschrijving uit 1772 vermeldt de aanwezigheid van boomaanplant, waartoe het sterrebos behoorde, gelegen voor het huis aan de overzijde van de Kromme Rijn, tegenwoordig het Markiezenbos genoemd naar Markies de Sandricourt.

Deze aanleg met zijn 3 lanen die in een punt samenkomen (zgn. patte d'oie-ganzevoet), behoort tot de geometrische periode in de tuinkunst. Een van deze lanen was gericht op de Domtoren. De middelste laan, de oorspronkelijke oprijlaan, die langs de zijkant van de oude ridderhofstad en langs het latere nieuwe huis voerde, werd gehandhaafd als toegangsweg. Parallel aan deze laan werd een zichtlaan toegevoegd in de as van het nieuwe huis. Dit is de nog bestaande Sneeuwklokjeslaan.

Kort na 1771 werd door Markies de Sandricourt het park uitgebreid met boomgroepen en bloemdragende heesters in de landschapsstijl die in opkomst was. De voor het huis gelegen vierkante gracht met fundering van de oude ridderhofstad werd gewijzigd in een ronde viskom, die in de 19de eeuw zou worden gedempt. Uit deze periode dateren waarschijnlijk ook de ronde vijver in het bos achter het huis met restanten van naar verschillende kanten uit waaierende paden en de slingervijver, evenals het eilandje (oorspronkelijk 3 naast elkaar) in de Kromme Rijn ten zuidwesten van het huis. De Saint Simon is waarschijnlijk ook degene geweest die de wilde hyacinten, sneeuwklokjes e.d. heeft geïntroduceerd, die we aantreffen in het parkbos. Omstreeks 1860 werd in opdracht van H .P.C. Bosch van Drakestein de tuin verder in landschapsstijl aangepast.

De oprijlaan werd iets naar het noorden verlegd, zodat men met een bocht bij het huis uitkwam. De oude brug werd vervangen door de huidige en voorzien van decoratieve gietijzeren balustrades. D oor het graven van een sloot tussen de Kromme Rijn en het Keukenwater ontstond een belangrijke zichtas op de Kromme Rijn en een eilandje waarop een tuin in landschappelijke stijl werd aangelegd. Een brug gaf toegang tot dit eilandje. Vanuit het huis waren naar alle zijden uitzichten mogelijk. Omstreeks 1889 ontwierp de tuinarchitect L. Springer nog een uitbreiding voor het park ten zuiden van het huis, aan weerszijden van de Kromme Rijn. Het ontwerp werd niet letterlijk uitgevoerd.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het bos ernstig beschadigd. Het huis werd door de Duitsers ontruimd en de gietijzerenbrug opgeblazen. Later zou deze weer worden hersteld. In 1945 werd het gebied onder water gezet, waardoor een groot aantal beuken dood zijn gegaan. Bij de aanleg van de RW 27 door het westelijk deel van het parkbos is een deel gekapt en is de hoofdingang met de portierswoning (in 1978 gesloopt) komen te vervallen. De Sneeuwklokjeslaan is recentelijk hersteld en vormt de belangrijkste zichtas op het hoofdgebouw. Ten noorden van het parkbos ligt een weide-gebied met aan de Kromme Rijn de monumentale 17de eeuwse krukhuisboerderij ’De Boeije‘, oorspronkelijk een pachtboerderij bij Nieuw-Amelisweerd. Vanaf de boerderij loopt een pad naar het hoofdgebouw.

Beschrijving

Het U-vormige, witgepleisterde herenhuis ligt met de voorzijde naar de Kromme Rijn. De symmetrisch ingedeelde voorgevel is acht traveeën breed en voorzien van een licht risalerende middenpartij met twee brede schuifvensters, waarvoor een houten veranda is geplaatst. De veranda heeft een zwart/rode tegelvloer en dubbele houten ionische zuiltjes die roedenbovenlichten en een kroonlijst versierd met een tandlijst, dragen. Aan weerszijden van de veranda zijn twee schuifvensters, waartussen openslaande deuren met bovenlichten. Op de verdieping zien we acht 4-ruitsschuifvensters. Alle vensters zijn voorzien van Louvre-luiken. De voorgevel krijgt extra nadruk door het sierpleisterwerk in de vorm van strekken, paneellisenen als hoekmarkering en een paneelfries onder de overkragende houten dakgoot die gedragen wordt door voluut-klossen. De achtergevel is a-symmetrisch en heeft 2 uitgebouwde hoekvleugels waarvan de linker smaller en minder diep is dan de rechter. In het midden van de achtergevel is een ingang gemaakt. Op de verdieping is ter hoogte van het trappenhuis een drielichts venster aangebracht.


Ten zuid-oosten van het hoofdgebouw staat het koetshuis, annex koetsiers- en tuinmanswoning. Aan de ene korte zijde van het rechthoekige gebouw bevindt zich de symmetrische witgepleisterde voorgevel van het koetshuis met 2 dubbele koetshuisdeuren in een toogveld. Hierboven is een dakhuis aangebracht met een zolderluik naar de hooizolder. Het dakhuis dat door de daklijst heen breekt is voorzien van een topgevel en een overkragend zadeldak, gedragen door houten schoren. Aan de andere zijde bevindt zich de symmetrische voorgevel van de tuinmanswoning met een centraal geplaatste ingang geflankeerd door een 18de eeuws roeden schuifvenster. De linker lange zijgevel wordt onderbroken door de witgepleisterde voorgevel van de koetsierswoning voorzien van imitatie vakwerk en een door de daklijst heen brekende topgevel met een zadeldak haaks op het hoofddak.

De ingang tot de woning die onderkelderd is, ligt hoger in een inpandig portiek en is via een trapje te bereiken. Tegen de rechter zijgevel was oorspronkelijk de oranjerie, die in 1929 is gesloopt, aangebouwd. In het metselwerk van beide lange zijgevels zijn nog oude raamtracéringen zichtbaar. Vlakbij het koets- 'huis staat grenzend aan de voormalige moestuin een bergschuurtje opgetrokken in gele baksteen met horizontale banden in rode baksteen. Langs de rand van het zadeldak zijn gestoken windveren aangebracht. Het is deels in gebruik als schaft lokaal voor de tuinlieden en deels als schapenstal.

Bron: Bunnik Geschiedenis en Architect, Saskia van Ginkel-Meester, 1989, Kerckebosch Uitgeverij.

Bewoners Landgoed Nieuw-Amelisweerd in de zomer van 1849

Gemeente Rhijnauwen

Huisnummer: 10 ... Landgoed Nieuw-Amelisweerd

1.   Jhr. Willem Bosch van Drakestein ... 51 jaar (M) ... Lid van de gemeenteraad van Utrecht.

2.   Joanna Sara ten Hagen ... 47 jaar (V) ... (Geen).

3.   Jhr. Henricus Paulus Cornelis Bosch van Drakestein ... 10 jaar (M) ... Schoolleerling.

4.   Gerrit Verhoef ... 30 jaar (M) ... Koetsier.

5.   Alijda Schouten ... 25 jaar (V) ... Keukenmeid.

6.   Johanna Woudenberg ... 25 jaar (V) ... Werkmeid.

7.   Johanna Antonia van Rossum ... 23 jaar (V) ... Gouvernante of Bonne.

8.   Johanna Hermina ten Hagen ... 26 jaar (V) ... (Geen).

Huisnummer: 11 ... Landgoed Nieuw-Amelisweerd

1.   Antonnis van Kesteren ... 30 jaar (M) ... Tuinbaas.

2.   Johanna van Zijl ... 27 jaar (V) ... (Geen).

3.   Jacobus van Kesteren ... 3 jaar (M) ... (Geen).

4.   Geertruida van Kesteren ... 1 jaar (V) ... (Geen).

Bron: RHC Zuidoost Utrecht, Wijk bij Duurstede. Toegang 218 Gemeentebestuur Rhijnauwen 1816-1857 (1919) (51).

Jhr. Henricus Paulus Cornelis Bosch van Drakestein

Jhr. Henricus Paulus Cornelis Bosch van Drakestein. Geboren 31 december 1839 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik, Utrecht en overleden 17 augustus 1914 te Huize Nieuw-Amelisweerd te Bunnik, Utrecht.

Henricus was de zoon van Jhr. Willem Bosch van Drakestein geboren op 15 augustus 1798 te Utrecht en overleden op 1 september 1853 op Huize Nieuw-Amelisweerd, Rhijnauwen Bunnik, Utrecht. Willem was de oudste zoon was Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein.

Henricus moeder was Joanna Sara ten Hagen geboren op 11 juli 1802 te Utrecht, Utrecht en overleden 8 maart 1863 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik, Utrecht.

Henricus woonde met zijn ouders Willem en Johanna Sara Ten Hagen op Minrebroederstraat 11.

Henricus was de kleinzoon van Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein .

Henricus was lid van de Eerste Kamer der Staten Generaal en kamerheer in buitengewone dienst van koningin Wilhelmina.

Hij werd opgeleid in Katwijk aan de Rijn. Hij was hoogheemraad van 1870 tot 1901 en dijkgraaf van 1901 tot aan zijn overlijden van het Hoogheemraadschap de Lekdijk Bovendams.

In 1880 werd hij gekozen tot lid van de Provinciale Staten van Utrecht en op 11 november 1901 vaardigde dat college hem af naar de Eerste kamer der Staten Generaal. Hij werd benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw en hij bezat het onderscheidingsteken van de Orde van Sint-Gregorius de Grote.

Henricus trad de eerste keer in het huwelijk op 30 april 1861 te Utrecht met zijn nicht Henriëtta Carolina Cecilia Bosch van Drakestein. Geboren 8 juli 1838 te Utrecht, Utrecht. Overleden 28 juli 1870 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik, Utrecht. Zij werd 32 jaar.

Henricus en Henriëtta kregen 5 kinderen:

A.   Jhr. Willem Frederik Carel Bosch van Drakestein. Geboren 24 juni 1864 te Utrecht, Utrecht. Overleden 16 juni 1865 te Utrecht, Utrecht.

B.   Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein Zie voor verdere uitleg op deze pagina.

C.   Jkvr. Cecilia Henriette Leonie Marie Bosch van Drakestein. Geboren 24 februari 1867 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik, Utrecht. Overleden op 1 november 1930 te Arnhem, Gelderland. Zij werd 63 jaar. Cecila trouwde in 1889 met Jhr. Paulus Jozefus Aloysius Anacletus Maria van Nispen Tot Sevenaer. Geboren 13 juli 1856 te Arnhem, Gelderland. Overleden 30 november 1944. Paulus was vrijheer van Kessenich en heer van Hunsel. Hij was lid van de Gedeputeerde Staten van Gelderland. Zij kregen 5 kinderen.

Een van hun zonen en diens zoon (achterkleinzoon van Henricus, Jhr. Paulus Carolus Ignatius Gerardus Maria van Nispen tot Sevenaer) vererven na het overlijden van Henricus in augustus 1914 alle losse landerijen en onroerende goederen van het landgoed Nieuw-Amelisweerd.

D.   Jhr. Hendrik Frederik Bosch van Drakestein. Geboren 4 augustus 1868 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik, Utrecht. Overleden 3 april 1869 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik, Utrecht.

E.   Jkvr. Caroline Augusta Bosch van Drakestein. Geboren 9 juli 1870 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik, Utrecht. Overleden 10 oktober 1870 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik, Utrecht.

Jhr. Hendricus Bosch van Drakestein en zijn moeder Johanna Sara ten Hagen bleven na het overlijden van vader Jhr. Willem Bosch van Drakestein in 1853 op de Minrebroederstraat 11 wonen. Ruim 8 jaar later zou Johanna tezamen met haar dienstbode Wilhelmina Wisman op 16 mei 1861 definitief verhuizen naar Landgoed  Nieuw-Amelisweerd.

Henricus zou na het vertrek van zijn moeder nog iets meer dan twee jaar in het huis blijven wonen. Hij verhuist uit de Minrebroederstraat 11 op 2 juni 1863 om bij zijn moeder op het landgoed Nieuw-Amelisweerd te gaan wonen. Ruim 25 dagen later zou Henricus vrouw (nicht) Henriëtta Bosch van Drakestein waar hij mee op 30 april 1861 is het huwelijk trad verhuizen op 27 juni 1863 van de Minrebroederstraat 11 naar het landgoed Nieuw-Amelisweerd. Waar het nieuwe echtpaar zich definitief zou gaan vestigen.

Na deze tijd bleef het huis nog ruim 11 jaar dienst doen als dienstwoning voor het landgoed personeel.

Een beschrijving van twee dienstbodes die er gewoond hebben aan de Minrebroederstraat 11:

1.   Willemijntje Wisman komend geboren op 13 oktober 1838 te Zeist, Utrecht, gekomen op 21 mei 1863 en vertrokken op 12 december 1865 naar huis G444 heden Keizerstraat 4 te Utrecht om daar in dienst te treden als dienstbode.

2.   Elizabeth Engelina Simons geboren 19 november 1827 te Utrecht, Utrecht, gekomen op 22 april 1864 en vertrokken op 9 juni 1864 naar huis C863 in wijk C een vroegere volksbuurt van Utrecht.

Het laatste dienstpersoneel dat uit de Minrebroederstraat 11 vertrok, vertrok  op 16 april 1874.

Hierna verkocht Hendricus Bosch van Drakestein het pand in 1874 aan Jacob Gerard Rutgers die er zich vestigden op 15 mei 1874 met zijn gezin.

Jhr. Henricus zittend in zijn kamer op Landgoed Nieuw-Amelisweerd te Bunnik tezamen met zijn tweede vrouw Marguérite Marie Elisabeth Jeanne Ghislaine van de Vin. Foto: Familie Bosch van Drakestein.Jhr. Henricus zittend in zijn kamer op Landgoed Nieuw-Amelisweerd te Bunnik tezamen met zijn tweede vrouw Marguérite Marie Elisabeth Jeanne Ghislaine van de Vin. Foto: Familie Bosch van Drakestein.

Henricus trad voor de tweede keer in het huwelijk op 28 mei 1872 te Brussel, België met    Marguérite Marie Elisabeth Jeanne Ghislaine van de Vin. Zij werd geboren op 3 december 1846 te Brussel, België en overleed op 20 augustus 1929 te Arnhem, Gelderland zij was toen 82 jaar oud.

Tot op de dag van vandaag hebben de nazaten van Henricus en Henriëtta Bosch van Drakestein, dus hun kleinkinderen, achterkleinkinderen en de kinderen daar weer van in de meeste gevallen in hun roep-, of doopnaam de naam Ghislain of Ghislaine bijschreven gekregen in het bevolkingsregister. Verwijzend naar de doopnaam van de tweede vrouw van Henricus Marguérite Marie Elisabeth Jeanne Ghislaine van de Vin

De naam heeft een Franse betekenis, en betekend 'belofte'.

Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein

Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein omstreeks 1915.Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein omstreeks 1915.

Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein. (zoon van Henricus) is geboren op 22 november 1865 te Bunnik op huize Nieuw-Amelisweerd. Van beroep was hij kunstschilder.

Joahannes overleed op 9 november 1929 te Bunnik, op huize Nieuw-Amelisweerd, hij werd 63 jaar oud.

Johannes trouwde op 14  februari 1900 te 's-Hertogenbosch met Jkvr. Lucie Adèle Cornélie Marie Serraris. Lucie werd geboren op 30 mei 1873 te 's-Hertogenbosch, Noord-Brabant.  Zij overleed op 9 augustus 1952 te Wassenaar, Zuid-Holland. Lucie werd 79 jaar oud.

Johannes en Lucie woonde vanaf 1900 tot 1924 in Huize Groenwoude, Mereveldseweg 1A (1900 Houten  - Utrecht 1978). Huize Groenewoude was onderdeel van het landgoed Nieuw-Amelisweerd. (zie verderop deze pagina). Groenewoude kwam na een grenswijziging per 1 janauri 1954 in de gemeente Utrecht te liggen en kreeg het adres Mereveldseweg 1A. Voor die tijd was het huis gadresseerd aan de Mereveldseweg O102 te Houten.

Jkvr. Lucie Adèle Cornélie Marie Serraris. Echtgenote van Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein.Jkvr. Lucie Adèle Cornélie Marie Serraris. Echtgenote van Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein.

Johannes en Lucie kregen in totaal 8 kinderen. Zij zouden na het overlijden van Johannes vanaf 1929 tot 1965 het landgoed in eigendom vererven.

Johannes en Lucie zijn beide begraven op de R.K. Begraafplaats aan de Christiaan Huijgenslaan te Soesterberg, Utrecht. Bron: Online-begraafplaatsen.nl

Lucie haar grootvader Jean Theodore Serraris (1787-1855) trad als militair in Franse dienst, vanaf 1815 in Nederlandse dienst en werd generaal-majoor. Hij werd in 1813 verheven tot Chevalier de l'Empire en bij Koninklijk Besluit van 8 oktober 1842 verheven in de Nederlandse adel.

1.   Jhr. Henri Alexandre Ghislain Theodore Bosch van Drakestein. Geboren 27 mei 1901 te gemeente Houten, Huize Groenewoude. Overleden 25 januari 1967 te Breda, Noord-Brabant. Hij werd 65 jaar. Trouwde de eerste keer in 1951 met Gerardina Aletta Vreeswijk (1913-1981). Zijn tweede huwelijk was in 1961 met Antonia Sophia Henriette de Beer. Geboren 3 april 1902. Overleden 21 september 1987. Zij werd 85 jaar. Henri en Antonia zijn beide begraven op de R.K. Begraafplaats aan de Christiaan Huijgenslaan te Soesterberg, Utrecht. Bron: Online-begraafplaatsen.nl, Genealogieonline.nl

2.   Jkvr. Yvonne Caroline Marguerite Marie Ghislaine Bosch van Drakestein. Geboren 13 april 1903 te gemeente Houten, Huize Groenewoude. Overleden 1 augustus 1994 te Combermere, Canada. Zij werd 91 jaar. Ze werd begraven te Combermere, Canada. Fucnties Yvonne: Oud-presidente van de Graal in Engeland, Vrouwe van Nazareth. Bron: Delpher.nl 03-08-1994.

3.   Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein. Geboren 20 december 1904 te gemeente Houten, Huize Groenewoude. Zie voor verdere uitleg op deze pagina.

4.   Jhr. Louis Ignace Corneille Ghislain Marie Bosch van Drakestein. Geboren 8 mei 1906 te gemeente Houten, Huize Groenewoude. Overleden 26 janauri 1982 te Huis ter Heide, Utrecht hij werd 75 jaar. Louis trouwde op 14 janauri 1947 te Bloemendaal met Johanna Francisca Maria Everard. Bron: Uwstamboomonline.nl. Geboren 11 maart 1913 te Bloemendaal, Noord-Holland - Overleden 31 december 2003 te Zeist, Utrecht. Zij werd 90 jaar. Bron: Geneaweb.nl. Functies Louis: directeur VVV Zeist, reserve majoor cavalerie. Bron: Genealogieonline.nl. Louis en Johanna zijn beide begraven op de R.K. Begraafplaats aan de Christiaan Huijgenslaan te Soesterberg, Utrecht. Bron: Online-begraafplaatsen.nl.

Kinderen:

A.   Jhr. Paul Gislain Lucien Bosch van Drakestein. Geboren 9 augustus 1952 te Huis ter Heide, Utrecht.

B.   Jhr. Lodewijk R. Bosch van Drakestein. Geboren in 1956.

Bronnen: A en B Delpher.nl NRC Handelsblad 28-01-1982 A Delpher.nl Algemeen Handelsblad 11-08-1952 B Volkskrant.nl

 

5.   Jkvr. Jeanne Monica Ghislaine Bosch van Drakestein. Geboren 1 september 1907 te gemeente Houten, Huize Groenewoude. Zie voor verdere uitleg op deze pagina.

6.   Jkvr. Caroline Beatrice Ghislaine Marie Bosch van Drakestein. Geboren 15 juni 1910 te gemeente Houten, Huize Groenewoude - Overleden op 9 juli 1989 te Vugt, Noord-Brabant zij werd 79 jaar. Caroline ging in ondertrouw in maart 1940 met Jhr. Everard Willem Jacob van Weede van Dijkveld te Dordrecht. Bron: Het Utrechts Archief.nl Utrechtsch Nieuwsblad 30-03-1940. Geboren 14 juli 1912 te Zeist, Utrecht - Overleden 30 maart 2000 te Baarn, Utrecht. Hij werd 87 jaar. Het paar trouwde op 19 april 1940 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik, Utrecht. Bron: Burgerlijke Stand, gemeente Bunnik, Het Utrechts Archief.nl. Functies Everard: directeur N.V. 's-Hertogenbossche Brandwaarborg Mij. van 1841. Bron: Genealogieonline.nl. Caroline en Everard liggen begraven op het R.K. kerkhof van de Heilige Hartparochie. Mr. Loeffplein te Vugt, Noord-Brabant.

Kinderen:

Koetsier met leden van de familie Bosch in de koets omstreeks 1900.Koetsier met leden van de familie Bosch in de koets omstreeks 1900.

A.   Jkvr. Lucia Adele Ilona Elisabeth Maria van Weede van Dijkveld. Geboren 1941 - Overleden 1941.

B.   Jkvr. Lucie I.B.H.M van Weede van Dijkveld. Geboren 15 oktober 1943 te 's-Hertogenbosch - Overleden 18 februari 2014 te Beesterzwaag.

C.   Jhr. Maurits van Weede van Dijkveld

D.   Jkvr. Ilona R.A.M.G. van Weede van Dijkveld

E.   Jhr. Winfried S.P.M. van Weede van Dijkveld. Geboren in 1944. Bron: TW

F.   Jhr. Steven R.K.M van Weede van Dijkveld

Bronnen: A - Genealogieonline.nl B, C, D,  E, F Delpher.nl NRC Handelsblad 10-07-1989 B, D, E, F Mensenlinq.nl Leeuwarder Courant.

Tekening Tekening 'Bomen in Nieuw-Amelisweerd', 1931: O.I. inkt op papier door Patrick Bakker (1910-1932). Patrick bracht graag zijn uren door op het landgoed Nieuw-Amelisweerd en was een goede vriend van Jhr. René Bosch van Drakestein. Tekening bevindt zich in privé bezit. Foto: Wikipedia.

7.   Jhr. Maurice Auguste Marie Ghislain Bosch van Drakestein. Geboren 22 september 1912 te gemeente Houten, Huize Groenewoude - Overleden op 15 mei 1984 te Utrecht, Utrecht hij werd 71 jaar. Maurice verloofde zich in juni 1942 met Hilde M.J. Möller. Bron Delpher.nl De Limburger Koerier 26-06-1942. Geboren 13 janauri 1920 te Nijmegen, Gelderland - Overleden 11 oktober 2004. Zij werd 84 jaar. Bron: brigittegastelancestry.com. Hij ging met haar in ondertrouw in juli 1944. Bron Delpher.nl Nieuwe Tilburgsche Courant 01-08-1944. En trouwde uiteindelijk met haar in augustus 1944. Bron: Delpher.nl De Nieuwe Tilburgsche Courant 22-08-1944. Functies: econoom in 1954, 2 secretaris Vereniging Het Grondbezit, Gratie- en Devotieridder Malthezer Orde. Bron: Genealogieonline.nl. Maurice en Hilde zijn beide begraven op de R.K. Begraafplaats aan de Christiaan Huijgenslaan te Soesterberg, Utrecht. Bron: Online-begraafplaatsen.nl

Kinderen:

A.   Jhr. Lodewijk Bosch van Drakestein. Geboren in 1946 Bron: Google, FB, familie informatie.

B.   Jhr. Maurits C.H. Bosch van Drakestein.

C.   Jkvr. Ghislaine Jeanne Adrienne Bosch van Drakestein - Stratenus. Geboren 1 juli 1949 te Utrecht, Utrecht. Bron: Kloek-genealogie.nl

D.   Jkvr. Reneé M.L.Th. Bosch van Drakestein - Lith de Jeude. Bron: Regionaal Archief Rivierenland te Tiel, archief 0415, 686 en FB

E.   Jkvr. Cecile Bosch van Drakstein. Geboren 4 januari 1951 - Overleden 25 december 2011. Bron: Online-familieberichten.nl

8.   Jkvr. Marguérite Maria Mathilde Octavia Ghislaine Bosch van Drakestein. Geboren 6 mei 1915 te gemeente Houten, Huize Groenewoude - Overleden op 2 oktober 2003 te Zwolle, Overijssel ze werd 88 jaar. Marguérite trouwde op 21 januari 1947 te Peking, China met Baron. Mr. Constant Wilhelm van Boetzelaer, Heer van Asperen. Geboren 22 juni 1915, Batavia - Overleden 28 juli 1996 hij werd 81 jaar. Functies: ambassaderaad, consul-generaal der Nederlanden te Frankfurt am Main, gevolmachtigd minister te Londen, chef directie Vo.

Kinderen:

A.   Coenraad Carel Vincent Baron van Boetzelaer. Geboren 11 maart 1948 te Naking, China - Overleden 11 maart 1950 te Den Haag, Zuid-Holland.

B.   Floris Baron van Boetzelaer van Asperen. Geboren 4 januari 1951 te Washington, US.

C.   Pieter Alexander Baron van Boetzelaer. Geboren 8 juli 1952 te Washington, US.

D.   Drs. Odilia Dorothée Barones van Boetzelaer. Geboren 15 oktober 1953 te Washington, US.

Bronnen: onlinegenealogie.nl, brigittegastelancestry.com

Marguérite en haar echtgenoot Constant met hun jongste zoon Coenraad liggen begraven op begraafplaats Den en Rust, Frans Halslaan te Bilthoven, Utrecht. Bron: Online-begraafplaatsen.nl.

Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein

Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein. Bron: gemeentearchief Bunnik (RHC Zuidoost Utrecht te Wijk bij Duurstede), jachtvergunningen.Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein. Bron: gemeentearchief Bunnik (RHC Zuidoost Utrecht te Wijk bij Duurstede), jachtvergunningen.

Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein (Zoon van Johannes). Hij werd geboren op 20 december 1904 te Houten.

René trouwde in april 1955 te Beesel met Mevr. Maria-Anna Brouwers. Zij kwam tussen 17 en 19 maart 1955 op het landgoed wonen.

Het echtpaar kreeg een zoon. Jhr. Jean-Marie Maurice François Ghislain Bosch van Drakestein geboren op  17 maart 1956 te huize Nieuw-Amelisweerd te Bunnik.

Hun tweede zoon Jhr. René Ghislain Marie Paul Nicolas Bosch van Drakestein werd geboren eind maart 1957.

René was rentmeester van landgoed Nieuw-Amelisweerd en Oud-Amelisweerd, fruitteler en jager.
Hij is overleden op 3 april 1974 te Venlo, hij werd 69 jaar oud. René is begraven op de R.K. Begraafplaats aan de Christiaan Huijgenslaan te Soesterberg, Utrecht. Bron: Online-begraafplaatsen.nl

René was na het overlijden van zijn vader Johannes tezamen met zijn broers en zussen de beheerder van het landgoed Nieuw-Amelisweerd. Als rentmeester over het landgoed beheerden hij het bos en runde het fruitbedrijf en deed regelmatig aan de jacht.

Bron: Delpher.nl Trouw 20-04-1955.Bron: Delpher.nl Trouw 20-04-1955.

Sinds de jaren veertig van de twintigste eeuw had René ook het beheer over landgoed Oud-Amelisweerd. Het beheer voerde hij uit voor familie Bosch van Oud-Amelisweerd.  René deed dit omdat hij al permanent op Nieuw-Amelisweerd woonde en de situatie en de omgeving goed kende.  De laatste in familielijn die landgoed Oud-Amelisweerd in eigendom had was Jkvr. Maria Thérèse Bosch van Oud-Amelisweerd, zij trouwde op 20 april 1922 met Felix Hubert Maria Michiels van Kessenich.

Bron: Delpher.nl De Volkskrant 20-03-1956.Bron: Delpher.nl De Volkskrant 20-03-1956.

De familie woonde na Tweede Wereldoorlog niet meer op Landgoed Oud-Amelisweerd.

Vanaf 1946 huurde de familie De Wijs woonruimte in huize Oud-Amelisweerd. Die situatie bleef ook zo na de verkoop in 1951 aan de gemeente Utrecht zelfs tot 1989. In dat jaar overleed de weduwe mevr. Theodora de Wijs.
Het huis komt dan vier jaar in beheer van de Stichting Oud-Amelisweerd. Deze Stichting wist te voorkomen dat bij de boedelverkoop van de meubels van de laatste bewoonster, niet het zeldzame Chinese behang per opbod verkocht werd. Bron: Kasteleninutrecht.eu

Bron: Delpher.nl De Telegraaf 03-04-1957.Bron: Delpher.nl De Telegraaf 03-04-1957.

Voor die tijd had de gemeente Utrecht al landgoed Rhijnauwen weten te verwerven in 1919-1920.

Van 1772 tot 1933 woonde de familie Strick van Linschoten van Rhijnauwen op landgoed Rhijnauwen.


Gezicht op de Achterdijk te Bunnik en Vechten, met links het huizenblok Achterdijk 10-lager op 17 november 1996. Gezien vanaf de spoorwegovergang in de Rijnspoorweg Utrecht - Arnhem. De huizen waren tot 1951 het eigendom van familie Bosch van Oud-Amelisweerd en waren in beheer bij Jhr. René Bosch van Drakestein

Gezicht op de Achterdijk te Bunnik en Vechten, met links het huizenblok Achterdijk 10-lager op 17 november 1996. Gezien vanaf de spoorwegovergang in de Rijnspoorweg Utrecht - Arnhem. De huizen waren tot 1951 het eigendom van familie Bosch van Oud-Amelisweerd en waren in beheer bij Jhr. René Bosch van Drakestein. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 838509.

René woonde vanaf midden twintigste eeuw met zijn gezin en zijn zus Jkvr. Jeanne Monica Ghislaine Bosch van Drakestein en haar man Jhr. Reyndert Wittert van Hoogland op Nieuw-Amelisweerd.

Jkvr. Jeanne Monica Ghislaine Bosch van Drakestein

'Te Utrecht is het huwelijk tusschen Jhr. mr. Wittert van Hoogland en jonkvrouwe Bosch van Drakestein plechtig ingezegend, - Het bruidspaar verlaat de Sint Martinuskerk, gevolg door de bruidsmeisjes, Jkvr. C.B.M.G Bosch van Drakestein en mej. F. Eyck van Zuylichem, en de bruidjonkers Jhr. H.J.M. van Asch van Wijck en jhr. O. Wittert van Hoogland, beiden in uniform. Daarachter jhr. P.J.A.A.M. van Nispen tot Sevenaer, oud-lid der Gedeputeerde Staten van Gelderland, die de bruid de kerk binnenleidde.' Bron Delpher.nl De Telegraaf 20-05-1932.

Jkvr. Jeanne Monica Ghislaine Bosch van Drakestein werd geboren op 1 september 1907 te Huize Groenewoude te gemeente Houten. Zij overleed op 17 mei 1989 te Valkenswaard (Noord-Brabant) ze werd 81 jaar.

Op 18 mei 1932 trouwde Jkvr. Jeanne Monica Ghislaine Bosch van Drakestein op 24 jarige leeftijd met Jhr. Reyndert Willem Carel Godard Adriaan Wittert van Hoogland. Geboren 1 januari 1906 te 's-Gravenhage, Zuid-Holland. Overleden op 19 november 2004 te Valkenswaard, Noord Brabant. Hij werd 98 jaar.

Functies Reyndert: Oud-chef Vliegdienst K.N.I.L.M. te Batavia, Oud-hoofdinspecteur K.L.M., oud-commandant. Vliegbasis Twente, Luitenant Kolonel Vlieger. Bron: Genealogieonline.nl

Het echtpaar kreeg 5 kinderen:

Portret van Jkvr. Ghislaine Genevieve Marie Wittert van Hoogland. Bron: RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Jkvr. Ghislaine Genevieve Marie Wittert van Hoogland. Bron: RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.

A.   Jhr. Godard Frederik Reyndert Oscar Wittert van Hoogland, geboren op 24-03-1933 te Utrecht. Overleden op 9 juli 2009 te 's-Gravenhage, Zuid-Holland. Hij werd 76 jaar.
B.   Jhr. Lodewijk Everard Reyndert Godart Wittert van Hoogland, geboren op 26-11-1934 te Utrecht.
C.   Jkvr. Reyndert Monica Lucia Christina Wittert van Hoogland, geboren op 01-07-1936 te Utrecht. Overleden op 13 juni 1999. Zij werd 62 jaar.
D.   Jkvr. Reyndert Wilhelmina Renee Yvonne Maria Wittert van Hoogland,  geboren op 20-01-1938 te Utrecht.
E.   Jkvr. Ghislaine Genevieve Marie Wittert van Hoogland, geboren op 18-09-1941 in Batavia.

Bron: Historischcentrumleeuwarden.nl Parenteel van Cammingha, Pieter van (Heer van AMELAND/grietman Leeuwarderadeel en Tietjerksteradeel/olderman van Leeuwarden/als Pieter Kaminga op de lijst van edelen van Leeuwarderadeel op 05-01-1505) en Genealogieonline.nl

Jeanne Monica en haar echtgenoot Reyndert en hun oudste dochter Monica Lucia liggen begraven op de R.K. Begraafplaats aan de Christiaan Huijgenslaan te Soesterberg, Utrecht. Bron: Online-begraafplaatsen.nl


Portret van Jhr. René Bosch van Drakestein (1931) - Pastel. Door Patrick Bakker (1910-1932). Patrick was een goede vriend van René. Patrick schilderde graag op het landgoed Nieuw-Amelisweerd.Portret van Jhr. René Bosch van Drakestein (1931) - Pastel. Door Patrick Bakker (1910-1932). Patrick was een goede vriend van René. Patrick schilderde graag op het landgoed Nieuw-Amelisweerd.

Vanaf midden jaren zestig besloten de Ghislaines hun landgoed ook te verkopen aan de gemeente Utrecht. Waarschijnlijk zal één van de redenen zijn geweest dat de meeste van de kinderen van Ludovicus al ruim in de zestig waren in die tijd. René was tezamen met zijn broers en zussen tussen 1900 en 1910 geboren. De laatste reden was ook dat de gemeente Utrecht zat te azen op het laatste stuk grondgebied aan de oostkant van de stad.

Voor het jaar 1954 behoorde de Lanen van Nieuw-Amelisweerd toe tot het grondgebied van de gemeente Houten, Oud-Wulven/Maarschalkerweerd.

Vanaf 1 janauri 1954 werd om de stad een grote grond annexatie uitgevoerd. Zo werd het noordelijk deel van de gemeenten Jutphaas en Houten bij Utrecht gevoegd. En werd de gemeente Zuilen opgeheven en ook bij de stad gevoegd. Utrecht wilde voor die tijd al heel graag uitbreiden naar de oostkant. Maar werd hierdoor ook belemmerd door het ministerie van Oorlog.

De vier Lunetten op de Houtense Vlakte die liggen aan de Koningsweg en het Houtensepad hadden vanaf de negentiende eeuw tot midden twintigste eeuw te maken met de Verboden Kringen Wet. In deze wet stond dat erin van dat soort kringen rondom forten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie niet, nauwelijks tot beperkt gebouwd mocht worden. Voor het geval de vijand uit het oosten kwam moest het landschap leeg gemaakt worden qua huizen en bosschage, zodat er een ruime vlakte was om de vijand te beschieten of te zien aankomen.

Gemeente Utrecht was al in de jaren dertig voor de Tweede Wereld Oorlog in gesprek met het ministerie van Oorlog om verdere uitbreiding aan de zuidoost kant van de stad te verwezenlijk. In de omgeving van de Gansstraat en Koningsweg in Utrecht Tolsteeg.

De 4 Lunetten op de Houtense Vlakte omstreeks 1900.De 4 Lunetten op de Houtense Vlakte omstreeks 1900.

In de diverse dossiers die zijn opgebouwd over de aankoop van het landgoed staat te lezen dat Nieuw-Amelisweerd werd aangekocht door de gemeente Utrecht in het kader van de volkshuisvesting. Iets was in die jaren daarna niet echt is gebleken. Omdat er bijna geen huizen op het grondgebied van het landgoed werden gebouwd. Wel werd de rijksweg A27 erop aangelegd vanaf 1982. Iets wat zeer veel protest opleverde.

Tot op heden wordt door groenwerkers van de gemeente Utrecht die werken op de landgoederen. Maria Bosch van Oud-Amelisweerd. genoemd als de 'Freule'.

Verkoop Landgoed Nieuw-Amelisweerd in 1964

Landgoed Nieuw-Amelisweerd in 1964 vlak voor de gemeente Utrecht het landgoed voor 2,5 miljoen gulden van familie Bosch van Drakestein (Ghislaine) kocht met alle percelen en vastgoed. Rode vlakke waren de landerijen in het bezit van de gemeente Utrecht. Groen werd aangekocht van de familie.

Exploitatie- en jaarrekening van Landgoed Nieuw-Amelisweerd

In het voorjaar van 2019 heeft Stichting Houtense Hodoniemen via een veilingwebsite stukken uit het familiearchief van Bosch van Drakestein Ghislaine weten aan-te-kopen. Het betreft twee kaartjes van het landgoed tussen Utrecht aan de westkant (links) met in het midden het Houtense Maarschalkerweerd/Oud-Wulven en (rechts) in het oosten de gemeente Bunnik en Vechten/Rhijnauwen. Een kaartje is origineel zoals je hieronder ziet. Het tweede kaartje is van overtrekpapier en laat het eerste kaartje zien maar dan met potlood ingetekende lijnen.

Bij de aankoop zat een geschreven exploitatierekening met toelichting en een jaarrekening alle over het jaar 1953 met daarin de pachten van opbrengst en andere vaste lasten. Met aan het eind erin opgemaakt de Winst en Verliesrekening. De kaartjes en documenten werden geschreven en opgemaakt  door de rentmeester van Nieuw-Amelisweerd, Jhr. René Bosch van Drakestein.

Kaartje van het landgoed Nieuw-Amelisweerd uit 1953 ingetekend door Jhr. René Bosch van Drakestein. Ingekleurd met potlood en stift. Diverse gebieden hebben ook namen. De rijkssnelweg A27 was in 1953 ook alvast even ingetekend om te kijken hoe deze in de achtertuin van NIeuw-Amelisweerd kwam te liggen. De oranje U letters verwijzen naar het Sectie gedeelte van Kadastraal Utrecht. Het grondgebied wat in 1954 bij Utrecht ging horen voordat deze bij het grondgebied van Houten toe behoord had. Kaart: Archief St. Houtense Hodoniemen.

Kaartje van het landgoed Nieuw-Amelisweerd uit 1953 ingetekend door Jhr. René Bosch van Drakestein. Ingekleurd met potlood en stift. Diverse gebieden hebben ook namen. De rijkssnelweg A27 was in 1953 ook alvast even ingetekend om te kijken hoe deze in de achtertuin van Nieuw-Amelisweerd kwam te liggen. Kaart: Archief St. Houtense Hodoniemen.

Stempel van familie Bosch op de acterkant van het kaartje. Diverse archiefstukken in de 20ste eeuw werden door de familie Bosch gestempeld met hun naam. Zowel van de Drakestein Nieuw-Amelisweerdse tak als de Bosch van Oud-Amelisweerd tak. In Het Utrechts Archief zijn nog stukken te vinden bestempeld door leden van de Oud-Amelisweerdse tak.

De oranje U letters verwijzen naar het Sectie gedeelte van Kadastraal Utrecht. Het grondgebied wat in 1954 bij Utrecht ging horen voordat deze bij het grondgebied van Houten toe behoord had.

Stempel van familie Bosch op de acterkant van het kaartje. Diverse archiefstukken in de 20ste eeuw werden door de familie Bosch gestempeld met hun naam. Zowel van de Drakestein Nieuw-Amelisweerdse tak als de Bosch van Oud-Amelisweerd tak. In Het Utrechts Archief zijn nog stukken te vinden bestempeld door leden van de Oud-Amelisweerdse tak.

Fragment van de exploitatierekening van Landgoed Nieuw-Amelisweerd uit 1953.Fragment van de exploitatierekening van Landgoed Nieuw-Amelisweerd uit 1953.

In de 'Medelingen van het Dagelijks Bestuur' van Nieuw-Amelisweerd wordt over het jaar 1953 het volgende geschreven:

Dat er sinds de zomer van 1952 vijf familie bijeenkomsten zijn geweest met notaris Graafland. Dat buitenstaanders onder U des te meer rede afvragen waarom zij van enige bericht gespeend zijn gebleven. Over de kwestie die momenteel in het brandpunt van de belangstelling staat het lot van Nieuw-Amelisweerd. Echter waren erop dat moment geen nieuwe ontwikkelingen te vertellen.

Kaart van de zuidoostelijk hoek van Landgoed Nieuw-Amelisweerd in 1898 werd door Henricus Bosch een ontwerp gemaakt met bomen voor in de lege weilanden tussen de Koningslaan en de Kromme-Rijn. Ontwerp L. Springer. Bron: Amelisweerd en Rhijnauwen Cultuurhistorisch onderzoek Albers Adviezen Historische Parken Utrecht. Kaart: Familiearchief Bosch van Drakestein.Kaart van de zuidoostelijk hoek van Landgoed Nieuw-Amelisweerd in 1898 werd door Henricus Bosch een ontwerp gemaakt met bomen voor in de lege weilanden tussen de Koningslaan en de Kromme-Rijn. Ontwerp L. Springer. Bron: Amelisweerd en Rhijnauwen Cultuurhistorisch onderzoek Albers Adviezen Historische Parken Utrecht. Kaart: Familiearchief Bosch van Drakestein.

Konden ze op de vorige familievergadering nog mededelingen doen over de verhuur of eventuele verkoop met Veilig Verkeer (Heren Roëll en Wijngaarden van Rees (W. v. R.)). Sinds die tijd waren we in gesprek met de notaris en W. v. R.. Van Rees gaf aan dat hij eerst een begroting moest maken voor de eventuele verbouwing en inrichten (met centrale verwarming) van het landhuis. De begroting moest opgemaakt worden voordat Van Rees budget kon aanvragen bij de Koninklijke in Engeland om daar een poging te wagen om het benodigde geld los te krijgen. Begin december zouden we hierover bericht krijg. Alleen hebben we dat tot op heden niet ontvangen. Via de notaris en later via een advertentie in Elsevier werden andere bronnen aangeboord. Ook met deze reflectanten voerde we gesprekken. Tot een bod en dus tot een rede om u in te lichten is het nog steeds niet gekomen.

Van een serieuze reflectant een zekere Muntz uit Rotterdam verwachten we per 31 mei een bod. Zo staan nog steeds de zaken op Nieuw-Amelisweerd.

Nieuw-Amelisweerd 1. Pachten

In december jl. ontvingen de Grondkamers  richtlijnen waarin  de normen voor de hoogste toelaatbare pachtprijzen aanzienlijk werden verhoogd. Door Woutje werd per 1 Mei herziening van de pachtcontracten van Zomer en Van Wiggen aangevraagd en hoewel de officiele uitslag herziening  nog niet is ontvangen, kan er wel op worden gerekend, dat beiden samen ruim F. 2500,-  meer pacht zullen moeten gaan betalen.

2. Opbrengsten fruit

Deze was in totaal rond F. 2000,- lager dan in 1952. Volgens mededelingen van Wout, heeft de koelcelvoorraad in 1954 een zeer behoorlijke prijs opgebracht en belooft ook overigens 1954, vooral daar enige nieuwe stukken (land v. Zomer) nu gaan opbrengen, een goed jaar te worden.

3. Hout

Deze post is ruim F. 7000,- hoger dan in 1952 dat jaar was uitzonderlijk laag. Omdat er geen grienden gehakt waren. Ook 1954 zal weer een behoorlijke opbrengst geven, daar een aanzielijk aantal kaprijpe reuzen het veld moesten ruimen voor reeds ingepote jeugd (uit eigen kweek).

Zeeland 4. Pacht

Ook hier konden we de pachtcontracten aanzienlijk worden verhoogd. Stallaert kwam van F. 4500,- op F. 6000,- en de rest van F. 4550,- op F. 6250,-. In het voorjaar werd door Louk en Wout een inspectie langs het Zeeuws bezit gemaakt en in overleg met rentmeester Staal konden enige nodige voorzieningen (voortvloeiend uit de watersnood 1953) worden geregeld.

Algemeen 5. Opbrengst effecten

Dit betreft de opbrengst van vóór de verdeling; Inmiddels heeft Louk de familieportefeuille, die hij destijds met lede ogen zag plunderen, weer tijdelijk kunnen vullen met van de belasting terugontvangen gelden.

6. Taxatiekosten Nieuw-Amelisweerd en Zeeland

Dit betreft de taxatie door Staal en de commissie Grijns ten behoeve van de successie (conform het advies van de notaris op de laatste familie vergadering).

Belastingen

In de belastingzaken begint een klein beetje schot te komen. Per 1 april 1954 had Louk definitieve aanslagen (waarop overigens weer bezwaarschriften zijn ingediend) tot een bedrag van F. 14.000,-.

Toelichting op de Mededelingen volgens SHH:

Na het overlijden van Jhr. Johannes Bosch in 1929 woonde zijn weduwe Jkvr. Lucie Adèle Cornélie Marie Serraris tot 1951 met haar kinderen in het landhuis Nieuw-Amelisweerd. Uit de vetrek en inkomens staten van de gemeente Bunnik is op te maken dat diverse leden van de familie regelmatig vertrokken of weer inkwamen wonen in het landhuis. Lucie vetrok op 12 april 1951 uit het landhuis waarna ze naar Zeist verhuisden om aan de Ruysdaellaan 7 te Huis ter Heide te gaan wonen. In 1952 te Wassenaar kwam ze te overlijden.

In punt 5 van de Opbrengsten Effecten maakt de familie Bosch duidelijk dat na het overlijden van Lucie de verdeling van de diverse roerende goederen van het huis in 1952 in gang is gezet. De Belastingdienst was zoals het staat beschreven in punt 6 niet mals in de te innen successie na het overlijden van Lucie met daarbij de taxatiewaarde van Nieuw-Amelisweerd en de onroerende goederen in Zeeland.

Ook is duidelijk op te maken dat de broers en zussen na het overlijden van hun moeder waren begonnen het Landgoed Nieuw-Amelisweerd te verkopen. Na ruim 22 jaar van familiebeheer (1929-1951). Toch zou het nog tot 1964 duren voordat het landgoed aan de gemeente Utrecht zou worden verkocht. Wat erop neer kwam dat na ruim 35 jaar er een einde kwam van het familie bezit Bosch van Drakestein Ghislaine van Nieuw-Amelisweerd. In totaal had de familie Bosch het landgoed Nieuw-Amelisweerd ruim 153 jaar in bezit gehad (1811-1964).

De Lanen van Nieuw-Amelisweerd in 1955. Linksonder Huize Groenewoude. Bron: Kadaster.De Lanen van Nieuw-Amelisweerd in 1955. Linksonder Huize Groenewoude. Bron: Kadaster.

Landgoed Oud-Amelisweerd werd in 1951 verkocht aan de gemeente Utrecht. Vermoedelijk dat Jkvr. Maria Thérèse Bosch van Oud-Amelisweerd al zag dat haar vroegere buurvrouw naar Zeist vetrok en haar kinderen het landgoed Nieuw-Amelisweerd te koop zetten in hetzelfde jaar. Maar waarom het nog ruim 13 jaar heeft geduurd voordat de gemeente Utrecht de portomonee trok en ook Nieuw-Amelisweerd kocht voor 2,5 miljoen gulden. Dat moeten we nog uitzoeken?

Landgoed Oud-Amelisweerd en Rhijnauwen

Diverse landerijen op landgoed Oud-Amelisweerd en Rhijnauwen en het soort gebruik. Boomgaarden, bos, weiden of akkers.

Landgoed Oud-Amelisweerd en Rhijnauwen omstreeks 1950 het grondgebruik in kaart gebracht van beide landgoederen. Bron: Het Utrechts Archief.Landgoed Oud-Amelisweerd en Rhijnauwen omstreeks 1950 het grondgebruik in kaart gebracht van beide landgoederen. Bron: Het Utrechts Archief.

Fectio Vechten terrein te Bunnik en boerderij De Klomp

Het Fectio Vechten terrein gelegen aan de Marsdijk in Bunnik en Vechten behoorde in diverse periodes door de tijd heen bij het onroerend goed van boerderij De Klomp (Oude Mereveldseweg 2-4, Houten). Boerderij en het Fectio Vechten terrein waren een erfpachtgoed van het Utrechtse kapittel van Sint Jan. Boerderij Slagmaat, gelegen aan de zuidkant van de Marsdijk was als heerlijkheid of gerecht een lange tijd in eigendom van dit kapittel.

Op 15 december 1819 werd boerderij De Klomp aangekocht door Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein van de Nederlandse Domeinen. Bij de aankoop kocht Paulus de erfpachtcanon af van het kapittel van Sint Jan.

Op zaterdag 11 november 1826 om 17:00 uur in de namiddag kocht Paulus als vastgoed de boerderij fysiek aan met het bijbehorende onroerend goed. Ten overstaan van notaris Pabst Achter de St. Pieter te Utrecht.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 Notarissen in de stad Utrecht U319a016 1826 nov.-1827 mei. Blz. 714 Aktenummer: 331.

De vroegst bekende kaart waarop boerderijen Slagmaat en De Klomp uit 1605 staan ingetekend aan de Marsdijk. Rechts De Klomp waarbij staat geschreven Jan van der Vegt in de boomgaart.  Linksonder de Kerkweg van het Fectio Vechten terrein richting de Koningsweg.  Vanaf 1744 zou de stamvader van alle Nederlandse familieleden Sturkenboom zich op De Klomp vestigen.  Een zekere Hendrik Harmense Sturkenboom, ook bekend als Heinrich Störckenbaum, ook bekend als Hendrik van Storkenboom die afkomstig was uit Duitsland.  De tweede generatie van de familie Sturkenboom vestigde zich op de Houtensewetering in Houten.  De Marsdijk (is vermoedelijk) van Romeinse oorsprong. Brug bij De Klomp over de Waijensewetering werd in de zeventiende eeuw de Weydensebrug (Waijensebrug) genoemd.  Pas in de loop van de achttiende/negentiende eeuw kwam de naam Klompbrug in gebruik.  Bron: Het Utrechts Archief, kapittel St. Jan 222 328 32.De vroegst bekende kaart waarop boerderijen Slagmaat en De Klomp uit 1605 staan ingetekend aan de Marsdijk. Rechts De Klomp waarbij staat geschreven Jan van der Vegt in de boomgaart. Linksonder de Kerkweg van het Fectio Vechten terrein richting de Koningsweg. Vanaf 1744 zou de stamvader van alle Nederlandse familieleden Sturkenboom zich op De Klomp vestigen. Een zekere Hendrik Harmense Sturkenboom, ook bekend als Heinrich Störckenbaum, ook bekend als Hendrik van Storkenboom die afkomstig was uit Duitsland. De tweede generatie van de familie Sturkenboom vestigde zich op de Houtensewetering in Houten. De Marsdijk (is vermoedelijk) van Romeinse oorsprong. Brug bij De Klomp over de Waijensewetering werd in de zeventiende eeuw de Weydensebrug (Waijensebrug) genoemd. Pas in de loop van de achttiende/negentiende eeuw kwam de naam Klompbrug in gebruik. Bron: Het Utrechts Archief, kapittel St. Jan 222 328 32.

Nazaten van Willem van 't Schip de laatste bewoner. Landbouwer die 10 oktober 1757 was geboren te Vleuten en overleed op 18 oktober 1817 op De Klomp. Willem was voor zijn overlijden voor de helft eigenaar van de boerderij. De andere helft behoorde toe aan het kapittel van St. Jan. Zolang Willem en zijn voorgangers de erfpachtcanon maar betaalde aan het kapittel bleef de boerderij als zodanig in hun bezit. Althans voor de helft. Als zij de erfpachtcanon niet meer betaalde of konden opbrengen kwam de het land of boerderij weer voor in zijn geheel in het eigendom van kapittel van St. Jan.

Boerderij De Klomp linksonder. Met links van het midden het Fectio Vechten terrein ten noorden van de Marsdijk. Met daarboven de rijskweg A12. Fotografie Henk Bol in opdracht van de Provincie Utrecht op 18 oktober 2002 1399 4523.Boerderij De Klomp linksonder. Met links van het midden het Fectio Vechten terrein ten noorden van de Marsdijk. Met daarboven de rijskweg A12. Fotografie Henk Bol in opdracht van de Provincie Utrecht op 18 oktober 2002 1399 4523.

Na deze aankoop door Paulus behoorde de boerderij met het bijbehorende land vanaf 1819/1826 tot 1914 bij het onroerend goed van landgoed Nieuw-Amelisweerd.

Paulus Willem Bosch van Drakestein overlijd op 17 april 1834. Zijn oudste zoon Jhr. Willem Bosch van Drakestein erft het landgoed Nieuw-Amelisweerd in het Houtense Maarschalkerweerd/Oud Wulven en Bunnikse Vechten/Rhijnauwen.

Hij noemt zich dan ook wel jonkheer Willem Bosch van Drakestein van Nieuw-Amelisweerd. Willem legt op 15 juli 1835 de eerste steen voor de nieuwe boerderij De Klomp. Dit staat te lezen op de nog altijd aanwezige gevelsteen die linksonder in de voorgevel van de boerderij is ingemetseld.

Na het overlijden van Willem Bosch op 1 september 1853 erft zijn zoon Jhr. Henricus Paulus Cornelis Bosch van Drakestein het landgoed Nieuw-Amelisweerd bij het bezit van het landgoed behoorde ook boerderij De Klomp  tezamen met het Fectio Vechten terrein.

Op 17 augustus 1914 overlijd Henricus en erft zijn dochter Jkvr. Cecilia Henriette Leonie Marie Bosch van Drakestein (1867-1930) de boerderij en alle losse onroerende goederen in de omgeving van Bunnik en Vechten, Houten en Oud-Wulven. Zij is getrouwd met Jhr. Paulus Jozefus Aloysius Anacletus Maria van Nispen tot Sevenaer (1856-1944).

Na het overlijden Paulus van Nispen in 1944 vererft de boerderij en het Fectio Vechten terrein op hun dochter en zoon. Jhr. Carolus Henricus Josephus Ignatius Maria van Nispen tot Sevenaer (1893-1972) en Jkvr. Margaretha Maria Josephina Carolina Eusebia van Nispen tot Sevenaer (1896-1973).

Jhr. Carolus Henricus Josephus trouwt in 1927 met Adelaïde Alfreda Isidora Maria Antonia Vos de Wael. Na van haar te zijn gescheiden. Carolus trouwt in 1933 voor de tweede keer met Anna Leonarda Huberta Maria van Baar. Uit dit huwelijk komen twee zonen voort waaronder in 1935 Jhr. Paulus Carolus Ignatius Gerardus Maria van Nispen tot Sevenaer.

Jkvr. Margaretha Maria Josephina Carolina Eusebia van Nispen tot Sevenaer. Trouwt in 1921 met Jhr. Lodewijk Ernst Egon Antonius Maria von Bönninghausen tot Herickhave (1893-1947)

Nadat  Jhr. Carolus Henricus Josephus Ignatius Maria van Nispen tot Sevenaer in 1972 overlijd vererven de landerijen in Bunnik en Houten voor de helft aan hun zoon Jhr. Paulus Carolus Ignatius Gerardus Maria van Nispen tot Sevenaer. Na het overlijden van Carolus zijn zus Margaretha in 1973 vererven de landerijen van Bunnik en Houten zich naar hun kinderen. Voor 1/6 deel volmacht aan aan hun zoon Jhr. Paul Joseph Lodewijk Maria von Bönninghausen tot Herickhave geboren 23 februari 1923. En dochter Jkvr. Cecilia Gisela Margaretha Louisa Maria geboren 26 mei 1924 zij is gehuwd met A.M. Kostense.

Voor 1/96 volmacht deel krijgen ook de 8 kinderen von Bönninghauzen tot Herinckhave van Jhr. Paul Joseph hun aandeel in de landerijen. Waarvan 4 zonen en 4 dochters.

Voor 1/60 volmacht deel krijgen de 5 kinderen Kostense van Jkvr. Cecilia Gisela hun aandeel in de landerijen. Waarvan 2 zonen en 3 dochters.

In oktober 1979 vind er een scheiding van onroerende goederen plaats bij de notaris. De volgende objecten komen in het eigendom van Jhr. Paulus Carolus Ignatius Gerardus Maria van Nispen tot Sevenaer.

Boerderij De Klomp in Houten en Bunnik met een grote van 38 hectare, 27 are en 70 centiare met een waarde van 825.000 gulden.

Het Fectio Vechten terrein omstreeks 1940 ingetekend in het kadaster van Bunnik.Het Fectio Vechten terrein omstreeks 1940 ingetekend in het kadaster van Bunnik.

Boomgaard "De Nieuwe Burght", gelegen op het Fectio Vechten terrein met een grote van 4 hectare en een waarde van 100.000 gulden.

En een landje aan de Koningslaan in Bunnik 19 are en 25 centiare met een waarde van 25.000 gulden.

Op 24 december 1981 verkoopt Jhr. Paul van Nispen tot Sevenaer wonende te Den Haag boerderij De Klomp aan Johannes Reinier Klever voor 230.000 gulden. Tot op de dag van vandaag woont de familie Klever nog steeds op de boerderij.

Op 16 februari 2009 wordt het Fectio Vechten terrein te Bunnik verkocht door Jhr. Paul van Nispen tot Sevenaer aan het Bureau Beheer Landbouwgronden te Utrecht.

Op 27 januari 2015 werd het Fectio Vechten terrein tezamen met vele andere landerijen in Utrecht overgenomen door de Provincie Utrecht van het Bureau Beheer Landbouwgronden. Dit bureau werd opgeheven en maakte onderdeel uit van Staatsbosbeheer Utrecht en Zuid-Holland.

Tot op heden is de provincie de eigenaar van het terrein.

Van de zestiende- tot de negentiende eeuw werd het Fectio Vechten terrein 'Op den Burcht, De Burg of Wiltenburg' genoemd. Naar de laatste Romeinse restanten van het oude Castellum. Die ruim 2000 duizend jaar geleden op deze plek stond langs de oude oever van de Rijn.

  • 20181118_140445
  • 20181118_140548
  • 20181118_141109

Het Fectio Vechten terrein te Bunnik in november 2018. Foto's: Sander van Scherpenzeel.

In 2016 is het vroegere Romeinse Castellum Fectio wat in de grond al ruim 2000 jaar bewaard is gebleven in het plaveisel van het oppervlak gereconstrueerd met beton en grindpaden door de provincie Utrecht.

Paul van Nispen tot Sevenaer heeft zijn laatste stukje land wat hij in bezit had in Bunnik wat ooit bij het onroerend goed van het landgoed Nieuw-Amelisweerd behoorde op 31 december 2018 verkocht aan een particulier en zijn echtgenote die wonen aan de Koningslaan 34 te Bunnik.

Houten woonhuis, Koningslaan 34, gebouwd in 1924 voor T. Veenbrink in ca. 1980. Het huis moest in hout worden uitgevoerd omdat het in de Verboden Kringen van Fort Bij Vechten lag. (wet uit 1853, opgeheven in 1951). Bron: RHCzuidoostutrecht.nl, beeldbank, identificatienummer	F006 (055463).Houten woonhuis, Koningslaan 34, gebouwd in 1924 voor T. Veenbrink in ca. 1980. Het huis moest in hout worden uitgevoerd omdat het in de Verboden Kringen van Fort Bij Vechten lag. (wet uit 1853, opgeheven in 1951). Bron: RHCzuidoostutrecht.nl, beeldbank, identificatienummer F006 (055463).

Het betrof een braakliggend terrein tussen het fietspad langs de Koningslaan en de Rhijnspoorweg van Utrecht naar Arnhem naast het betreffende huis aan de Koningslaan. Het stuk land Bunnik kadastraal D36 was in oktober 1979 nog 25.000 gulden waard.

Utrecht Lunetten in 1839 nog Houten/Oud-Wulven/Maarschalkerweerd. Op deze tekening staat de nieuwe Rhijnspoorweg ingetekend die een kleine 5 jaar later actief zou worden. Rechts van boerderij De Ketel het land van Jhr. Willem Bosch van Drakenstein van Nieuw-Amelisweerd.
Bron: Het Utrechts Archief 954 1147.

In 1966 verkoopt de familie Van Nispen tot Sevenaer en Bönninghausen tot Herinckhave het enige stuk land in Utrecht Lunetten aan de gemeente Utrecht. Zij zijn de nazaten van Jhr. Willem Bosch van Drakestein van Nieuw-Amelisweerd. Bron: Het Utrechts Archief 1007-3 13465.

Herkomst naam Vechten en Vleuten

De naam van het castellum werd in de 7/8e eeuw vermeld in de Ravennatis Anonymi Cosmographia
als Fictione tussen Matellionem (de Leidse wijk Roomburg) en Evitano (bij Wijk bij Duurstede).
Op een in 1869 bij het castellum teruggevonden votiefsteen staat het in de inscriptie met de naam
Fectione. In verband met een ander naburig castellum met de naam Fletio (Vleuten) dat op de
Peutinger kaart (Tabula Peutingeriana) staat vermeld, zijn lange tijd de namen (voor) Fectio en Fletio
met elkaar geïdentificeerd. Wat meer duidelijkheid is er gekomen met de vondst in 1869 van de
votiefsteen bij dit castellum, maar nog altijd is er enige discussie over.
Volgens 'Het plaatsnamen boek, De herkomst  en betekenis van Nederlandse plaatsnamen' Geschreven door Gerald van Berkel en Kees Samplonius uit 1989. Zijn de toponymische betekenissen voor de plaatsen Vechten en Vleuten als volgend:
1.   Vechten - hangt samen met het Nederlands 'Stoeien, zich levendig bewegen'. Betekenis: plaats bij het zich levendig bewegende water?
2.   Vleuten - stromen, vloed 'waterstroom'. Betekenis: plaats bij een (rivier)stroom of stijgende (rivier)stroom.

Jhr. Hendrik Willem Bosch van Drakestein van Oud-Amelisweerd en de vondsten van Vechten

 

INVENTARIS

van de collectie oudheden, gevonden te Vechten, aan de stad Utrecht gelegateerd

door Jhr. H. W. Bosch van Drakestein

van OUD-AMELISWEERD,

vervaardigd door

Dr. W. Pleyte en Th. M. Roest

"De bodem van het naburige Vechten heeft sinds de herleving der letteren een onderwerp van nasporing uitgemaakt, omdat men van tijd tot tijd bij toevallige ontdekking of bij opzettelijk onderzoek er de overblijfselen vond van het verblijf der Romeinen. De verzameling van het Provinciaal Utrechtsch Genootschap is aan een opzettelijk onderzoek te danken ; die van het Rijk te Leiden is voor den dag gekomen bij den bouw van de nieuwe fortificatiewerken. De heer Bosch van Drakestein kwam van tijd tot tijd in het bezit van enkele voorwerpen, die hij aankocht van werklieden , en die hij eerst bestemde voor het Museum te Leiden , later voor dat van de stad Utrecht. De verzameling , ofschoon klein , bevat twee zeer merkwaardige stukken, en geeft een overzicht van hetgeen doorgaans in de Romeinsche nederzettingen in de provinciën buiten Italië wordt gevonden."

Bron: Het Utrechts Archief, 811 Archief van de Gemeentelijke Archief- en Fotodienst te Utrech, 486 Catalogus van de collectie oudheden afkomstig uit Vechten, aan de stad gelegateerd door jhr. H.W. Bosch van Drakestein van Oud-Amelisweerd, samengesteld door W. Pleyte en Th. M. Roest, [1884]. Gedrukt. Met twee exemplaren waarin de financiële waarde van de voorwerpen bijgeschreven is, 1889.

Kaart waarop staat aangeven van de aan te kopen landerijen en de Marsdijk van de gemeente Bunnik in 1867. Door het ministerie van oorlog voor de aanleg van het Fort bij Vechten. Bron: RHC Zuidoost Utrecht Gemeente archief Bunnik 206 329C.Kaart waarop staat aangeven van de aan te kopen landerijen en de Marsdijk van de gemeente Bunnik in 1867. Door het ministerie van oorlog voor de aanleg van het Fort bij Vechten. Bron: RHC Zuidoost Utrecht Gemeente archief Bunnik 206 329C.

Jhr. Hendrik Willem Bosch van Drakestein, Heer van Oud-Amelisweerd was de jongere broer van Jhr. Willem Bosch van Drakestein, Heer van Nieuw-Amelisweerd. Hij bezat voor de aanleg van het Fort bij Vechten het oostelijk deel van het Fectio Vechten terrein waar het vroegere Romeinse Vicus (dorp) lag. Het terrein waarop nu Fort bij Vechten is gebouwd vanaf 1869.

Villa Groenewoude

Bron: Online krantenbank RHC Zuidoost Utrecht te Wijk bij Duurstede.Bron: Online krantenbank RHC Zuidoost Utrecht te Wijk bij Duurstede.

Villa Groenewoude ooit gelegen in Utrecht aan de Mereveldseweg 1A. Werd gebouwd in het jaar 1900 in opdracht van Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein (1865-1929). De villa was onderdeel van het landgoed Nieuw-Amelisweerd. De villa was een ontwerp van de Schalkwijkse architect Wentink. De jonkheer liet de villa bouwen om er met zijn vrouw Jkvr. Lucie Adèle Cornélie Marie Serraris (1873-1952) er te gaan wonen. Waar in de jaren na de bouw van de villa hun 8 kinderen ter wereld kwamen.

In de jaren die volgde hadden de jonkheren en jonkvrouwen (Ghislaine of Ghislain) ieder hun bestemming in de maatschappij gevonden. Totdat Johannes de villa ging verhuren. In een advertentie in de Wijksche Courant te Wijk bij Duurstede staat in een advertentie te lezen in februari 1924 dat Johannes voor 4 jaren een huurder zoekt voor zijn villa. Gegadigde konden zich bij notaris Van Heyst melden voor 20 februari 1924 des 12 uren in de middag. Om in aanmerking te komen om de villa te bewonen.

In 1929 overlijd Johannes Bosch en komt het landgoed in het beheer van zijn kinderen. Waarvan zijn zoon René Bosch van Drakestein de rentmeester was van al het onroerend goed, boomgaarden en weilanden.

In november 1963 verhuurd René de villa nog aan de heer en mevrouw Heijmans van den Bergh - Wories. Hier wordt hun dochter Laura Marecelle Heijmans van den Bergh geboren. (Bron: Delpher.nl De Telegraaf 13-11-1963)

Leden van de familie Heijmans van den Bergh in Utrecht hadden hoge functies binnen de Universiteit Utrecht en het Academisch ziekenhuis Utrecht. Het zal waarschijnlijk ook het laatste gezin zijn geweest die de villa heeft bewoond onder het eigendom van familie Bosch. Want in 1964 koopt de gemeente Utrecht landgoed Nieuw-Amelisweerd van familie Bosch.

In de jaren die volgen zoekt de gemeente Utrecht nog naar nieuwe huurders voor de villa. Bedrijven en instanties worden aangeschreven. Maar weinig personen hebben nog interesse in de villa. Totdat de villa in 1978 onder de slopershamer komt vanwege de aanleg van de rijksweg A27 langs het landgoed.


Na ruim 78 jaar kwam er een einde aan het tijdperk van villa Groenewoude. De naam Groenewoude is een oudere benaming voor Nieuw-Amelisweerd.

Het perceel waar de villa ooit op stond was in 1832 van een zekere J.W. van Cleef een vermogend man die in Utrecht woonde en zeer veel onroerend goed in Maarschalkerweerd in eigendom had. In de loop van negentiende eeuw via onder andere in het eigendom van familie Rappard te zijn geweest. Kocht Jhr. Henricus Bosch de vader van Johannes het perceel grond ten oosten van de Mereveldseweg aan in 1885. Ruim 15 jaar later zou Johannes de villa erop laten bouwen.

De tegels die ooit tot 1978 op de voorgevel van Villa Groenewoude waren bevestigd. Foto: Frans Landzaat.De tegels die ooit tot 1978 op de voorgevel van Villa Groenewoude waren bevestigd. Foto: Frans Landzaat.

Bewoners Huize Groenewoude in 1921 Mereveldseweg O76 na 1930 Mereveldseweg O102

1.   1900 t/m 1924 Jhr.  J.L.P. Bosch van Drakestein, 2.   1924 - ... J.G.P Pals, 3.   ... - ... J.L.M. Wijers

4.   ... - ... J.L.M. Wijers, 5.   1930 - ... A. Ceuse, 6.   ... - ... C. Fossen, 7.   ... - ... C.P. Labougere, 8.   <1953 - ... Onbewoond, 9.   1954 - ... Bewoond, 10.   Fam. Heijmans van den Bergh - Wories 1963 - ... .

Bronnen adressering: RHC Zuidoost Utrecht, Wijk bij Duurstede. Toegang 109 Gemeentebestuur Houten (1803) 1811-1961 (1964) (833-834)

Land van Koning Lodewijk Napoleon aan de Oud Wulfseweg

Vele duizenden florensen, fieters, wandelaars en autmobilisten komen er dagelijk langs op weg naar werk of school over de Oud Wulfseweg richting Utrecht. Op zich een doodgewoon stuk polderland in de polder Vechter- en Oud Wulverbroek. Maar de drie percelen ten oosten van deze weg en naast de Oud Wulfsewetering herbergt een koninklijke historie. Sinds eind zeventiende eeuw (1680) tot 1883 behoorde de drie polder kavels bij het landgoed (Oud-)Amelisweerd.

Traceekaart van de Staatslijn H van Utrecht - Traceekaart van de Staatslijn H van Utrecht - 's-Hertogenbosch naar Boxtel via Houten. Plankaart voor het spoorwegtracé in Houten/Oud-Wulven ingetekend in 1843. Ruim 25 jaar later zou de spoorlijn actief worden. Bron: Het Utrechts Archief Rijkswaterstaat Utrecht 248-2 108.

Al vanaf 1680 waren deze percelen het eigendom van de familie Utenhove van Amelisweerd. Na diverse andere eigenaren te hebben gehad via Van Efferen, Henri Maximilien de St. Simon, markies de Sandricourt komen de drie percelen in 1808 in het eigendom van Koning Lodewijk Napoleon. Nadat hij Nieuw-, en Oud-Amelisweerd verkoopt in 1810 aan Jan Pieter Wickevoort Crommlin komt het land vanaf augustus 1811 in eigendom van Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein.

Kadasterkaart van percelen grond langs de Oud Wulfseweg omstreeks 1930. Met daarom ook percelen die van Koning Lodewijk Napoleon zijn geweest. Bron: RHC Zuidoost Utrecht, Beeldbank.Kadasterkaart van percelen grond langs de Oud Wulfseweg omstreeks 1930. Met daarom ook percelen die van Koning Lodewijk Napoleon zijn geweest. Bron: RHC Zuidoost Utrecht, Beeldbank.

Na zijn overlijden op 17 april 1834 vererft zijn zoon Jhr. Hendrik Willem Bosch van Drakestein landgoed Oud-Amelsiweerd. Waarna hij vele jaren de eigenaar is van de landerijen aan de Oud Wulfseweg.

Paulus koopt in 1831 nog de erfpachtrechten op de 3 percelen af aan de Utrechtse Buurkerk.

Midden twintigste eeuw is het land nog van familie Van Nispen to Sevenaer. Dezelfde die ook het Fectio Vechten terrein en boerderij De Klomp in eigendom hadden. Eind jaren tachtig van de twintigste eeuw is het land nog eigendom van de Utrechtse Verzekeringsmaatschappij AMEV die het verpachten aan boeren in de omgeving.

Bronnen: Ad van Ooststroom HISGIS Utrecht en Kadaster (1832-1987).

De Boerderijen van familie Bosch van Drakestein

Al enige tijd houd ik mij bezig met het onderzoeken van 3 boerderijen in de gemeente Houten. Deze stonden ooit binnen de grenzen of buiten de vroegere gemeente grenzen van de gemeente Houten en waren ooit in het bezit van familie Bosch van Drakestein.

Een korte uitleg van deze desbetreffende boerderijen lees u hieronder:

Boerderij De Koppel

Boerderij De Koppel omstreeks 1930-1940. Reconstructie tekening Peter Koch.Boerderij De Koppel omstreeks 1930-1940. Reconstructie tekening Peter Koch.

Boerderij De Koppel ooit gelegen aan het einde van de Koppeldijk en aan het begin van het Rijndijkje. Was gelegen tegen de grens van het Utrechtse Tolsteeg aan. Boerderij De Koppel was eeuwenlang het eigendom van het Utrechtse kapittel ten DOM. Op 15 december 1819 kocht Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein op een veiling te Utrecht de boerderij aan van de Nederlandse Domeinen van het Rijksdomeinen kantoor te Amerongen.

Na het overlijden van Paulus in 1834 erft zijn zoon Willem Bosch van Drakestein boerderij De Koppel. Zijn nazaat Paulus Titus Marie Jozef Bosch van Drakestein verkoopt de boerderij in 1896 aan veehouder Michiel van Zijl.

Per 1 januari 1954 komt de boerderij op Utrechts grondgebied te liggen na de grote grondannexatie van die tijd. Het Houtense Maarschalkerweerd werd ook bij de gemeente Utrecht gevoegd.

Een nazaat van Michiel van Zijl verkoopt de boerderij in 1964 aan de gemeente Utrecht voor de toenmalige stadsuitbreiding van Utrecht Lunetten. Kort daarna is de boerderij gesloopt.

De tot nu toe enige bekendste foto van boerderij De Koppel in de periode 1930-1940. Foto: Collectie Peter Sneltjes. Historische Kring Lunetten Utrecht.De tot nu toe enige bekendste foto van boerderij De Koppel in de periode 1930-1940. Foto: Collectie Peter Sneltjes. Historische Kring Lunetten Utrecht.

Boerderij De Grote Geer

Boerderij De Grote Geer, Snoeksloot 62-64. Foto: Peter Koch.Boerderij De Grote Geer, Snoeksloot 62-64. Foto: Peter Koch.

Boerderij De Grote Geer ooit gelegen aan de Binnenweg kwam in 1985 te liggen aan de Snoeksloot 62-64 nadat om de boerderij in die periode de wijk De Sloten werd gebouwd.

Tot 1798 was de boerderij eigendom van Jan van Vianen. In dat jaar overlijd hij en laat een vrouw en dochtertje achter. Zijn vrouw Engeltje Smit krijgt enkele jaren later een relatie met Jan Nagel. Hij trouwt met haar waardoor hij De Grote Geer in eigendom verkrijgt. In de verpondingslijst uit 1806 (belasting) staat geschreven dat Jan Nagel in dat jaar een compagnon heeft een zekere J. de Munnik. De heer Nagel en De Munnik verkopen boerderij De Grote Geer op zaterdag 26 augustus 1815 ten overstaan van notaris Theodorus Koppen te Utrecht. Koper is Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein. Hij geeft De Grote Geer met het bijbehorende land gelijk door aan zijn moeder Cornelia van Bijleveld. Om uit de pachtopbrengsten in haar oude dag te voorzien.

Bij de koop in 1815 behoorden ook diverse boerderijen en landerijen in Oostveen. In het tegenwoordig dorp Maartensdijk. Cornelia krijgt daar ook divers onroerend-, en vastgoed van haar zoon Paulus geschonken. Waarna zij tot aan haar dood in 1824 de eigenaresse blijft van De Grote Geer en de objecten in Oostveen.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 Notarissen in de stad Utrecht U270a035 1814-1815 Blz. 383 Aktenummer: 790.

Boerderij De Grote Geer linksboven ingetekend in het kadaster van Houten in 1982. De rode lijnen zijn de contouren van de nieuw aan te leggen oostelijke Rondweg in die tijd. De laan naar de boerderij is nog deels bestaand in de huidige infrastructuur alszijnde fietspad en rondwegtunnel aansluitend op de Binnenweg in het oosten.Boerderij De Grote Geer linksboven ingetekend in het kadaster van Houten in 1982. De rode lijnen zijn de contouren van de nieuw aan te leggen oostelijke Rondweg in die tijd. De laan naar de boerderij is nog deels bestaand in de huidige infrastructuur alszijnde fietspad en rondwegtunnel aansluitend op de Binnenweg in het oosten.

De man van Cornelia is Theodorus Gerardus Bosch die in 1802 al overlijd had voor die tijd al wat gronden in eigendom in het Houtense 't Goy. Na het overlijden van Cornelia in 1824 erft haar zoon Paulus de boerderij weer terug. Na zijn overlijden op 17 april 1834 komt de boerderij in handen van zijn zoon Jhr. Gerard Willem Bosch van Drakestein. Tot 1927 zou de boerderij in het bezit blijven van familie Bosch van Drakestein. Via de nazaten van Van Nispen tot Pannerden en Helmich verkoopt deze laatste familie de boerderij in 1973 aan de familie Van Wijk die er al reeds tiental jaren erop pachten. In hetzelfde jaar laat de familie Van Wijk de boerderij bij openbare veiling veilen en koopt de gemeente Houten boerderij De Grote Geer met de bijbehorende landerijen.

Boerderij Schoneveld

Boerderij Schoneveld tot 2003 gelegen aan de Leedijk tegenwoordig Leedijkerhout 15-17. Foto: Peter Koch.Boerderij Schoneveld tot 2003 gelegen aan de Leedijk tegenwoordig Leedijkerhout 15-17. Foto: Peter Koch.















Gerlach Theodorus Baron van der Capellen, heer van Houten en Gerlach Theodorus Baron van der Capellen, heer van Houten en 't Goy, Schonauwen en Mijdrecht.

In een groot deel van de 18e eeuw behoord boerderij Schoneveld bij de onroerende goederen van kasteel Schonauwen. De onroerende goederen zijn eigendom van Gerlach Theodorus Baron van der Capellen, heer van Houten en 't Goy, Schonauwen en Mijdrecht. De baron overlijd in 1805 en laat alles na aan zijn weduwe Frederika Johanna van Hangest d’Yvoy. Zij overlijd in 1812. Doordat het echtpaar geen kinderen heeft en bovendien nog een grote schuld heeft openstaan bij een zekere jonkheer Nepveu van 18.000 gulden zien de nazaten van Frederika familie Van Hangest d'Yvoy zich genoodzaakt alles te laten veilen om de nog opstaande schuld te vereffenen. De veiling geschied op woensdag 26 oktober 1812 voor notaris Gerardus Hedrikus Stevens te Utrecht. Achter de St. Pieter, Wijk F, n. 363.

Mevrouw Frederika Johanna Hangest d’Yvoy, echgenoot van Gerlach Theodorus van der Capellen.Mevrouw Frederika Johanna Hangest d’Yvoy, echgenoot van Gerlach Theodorus van der Capellen.

Bij de veiling werd boerderij Schoneveld gekocht door Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein die deze gelijk aan zijn moeder Cornelia van Bijleveld schenkt. Om van de opbrengsten van de pacht in haar oude dag te voorzien. Na haar overlijden in 1824 erft haar kleinzoon Jan Willem Hendrik Bosch van Drakestein de boerderij, hij is de neef van Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein. Via verschillende verervingen door de familie Bosch werd Schoneveld uiteindelijk verkocht bij een veiling in 1931 aan de toenmalige pachter P.J. van Wijk. Nazaten van deze P.J. van Wijk wonen tot op de dag van vandaag nog op de boerderij.

Rond 1900 is de boerderij ook een periode in eigendom geweest van Paulus Jan Bosch van Drakestein. De vroegere Commissaris van de Koning(in) van Noord-Brabant.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 Notarissen in de stad Utrecht U324c004 1812 Aktenummer: 1696.